Een dokter op de Italiaanse weg. Eikenhof

home
Hans Braakhuis

  Laatste update: oktober 2017     
Aanleiding:

  In het dagboek van de heer Driessen, bewoner van het Jagershuis te Doorwerth: "Onze dagen, van 17 september tot 6 october 1944" lees ik: "Dinsdagochtend (19 september 1944) komt er veel as en verbrand papier overwaaien uit de richting Arnhem; vele half verbrande papieren zijn nog leesbaar. Ik ga met de kinderen op de Duno kijken. Wij ontmoeten er den op Eikenhof geëvacueerden dokter * die te vertellen weet dat de landing zich zeer gunstig ontwikkelt, maar dat te Arnhem hard wordt gevochten. Tegenover mijn taxatie dat er 5000 man, ten hoogste 10000 man, zouden zijn geland, beweert hij met klem dat het cijfer dichter bij de 30 dan bij de 20.000 zal liggen".
(* Hier en verder zijn namen weg gelaten. T. Driessen)
Een dokter waarvan de naam niet genoemd zal worden ???

  In totaal wordt de dokter 7 keer genoemd in het dagboek van Driessen. Als je het dagboek zo leest, dan vallen meerdere zaken op:

  - de dokter is altijd thuis, moet hij niet werken of praktijk doen voor inkomsten?
 - de dokter spreekt kennelijk Nederlands;
 - de dokter is goed geïnformeerd over de Duitse en Engelse oorlogshandelingen.

  Eens speuren!
1901 - heden

\Huize de Eikenhof of Forrest Hill, stond in Doorwerth samen met het toen nog bestaande Woudlust, op de hoek Dunolaan en Italiaanseweg in Doorwerth. Zeg maar de westelijke ingang van de Duno. Actueel adres (ook tijdens de WWII): Italiaanseweg 6 te Doorwerth.
 
Gebouwd in 1890 volgens de BAG (of dit klopt?). Straatman (p.132) geeft aan dat Scheffer deze woning in 1901 heeft gebouwd. Scheffer heeft meerdere dienstwoningen laten bouwen voor het hogere kader van zijn modelboerderij. Forest Hill, een naam de de landschapsarchitect Joris Voorhoeve steeds gebruikt voor Huize Eikenhof, was destijds een van de mooiste dienstwoningen. De woning ligt aan de westelijke toegang van de Duno aan de Italiaanse weg. Aan de andere kant van de toegangsweg naar de Duno stond een kleiner evenbeeld Woudlust (later Beukenhof?) genaamd. De Voorhoeve naam daarvan was Pretty Home.
 Scheffer laat in de jaren 1901 - 1909 nog meer woningen bouwen: de Viersprong (later Jacoher), Zorgvlied (of Zorgvliet) (andere naam De Vijverberg en de latere Christelijke (Nationale) Lagere School Heveadorp), de Vrede, de Vreugd, de Zaaier (naam sinds 1937), Post en Enk, de Pauw, de Bloem en de Vrucht.
 In 1914 gaat de heer Scheffer, op dat moment woonachtig in Scheveningen, naar de notaris E.D. de Meester, notaris te Arnhem, standplaats Heteren. In de acte staat dat de gehele Duno, inclusief Forest Hill te koop komt. Forest Hill wordt op dat moment bewoond door de heer Witte. Door de uitbraak van de WW I gaat de veiling niet door. In 1917 verkocht J.W.F. Scheffer de Eikenhof aan de Verenigde Rubberfabrieken. Jan van der Wal noemt in zijn boek uit 2000: "Langs het tuinpad ...." op pagina 14; oktober 1918 als verkoopdatum. In 1922 werd Odo van Vloten de eigenaar van de Duno. Van Vloten liet de Eikenhof en het landgoed de Duno in 1932 na aan de stichting Het Geldersch Landschap.

Het Geldersch Landschap heeft de woning verhuurd en later verkocht waarbij de grond in erfpacht is gegeven.

  eigen opname uit 2015
 
De naam Forrest Hill komt bij Samuel Voorhoeve voor. Op zijn ontwerptekeningen van de Duno staat steeds Forrest Hill. Tegenwoordig is er een duidelijke gevelsteen, zichtbaar in de uitbouw aan de voorzijde als je er voor staat. Daar ontleen ik dan de naam Eikenhof aan. Of deze gevelsteen tot aan de oorlog op een andere plek aan het gebouw gezeten heeft? Geen idee. Op oude ansichtkaarten is de gevelsteen niet te zien. Recent is de naam Forrest Hill boven de voordeur aangebracht. De steen met de "Eikenhof" zal rond 1968 zijn aangebracht.

De Eikenhof heeft oorlogsschade geleden in september, begin oktober 1944. En daarna is het pand gerestaureerd, doch de vormgeving is anders. Kijk naar de twee foto's hieronder.
  Het pand Woudlust, naast de Eikenhof heeft te veel oorlogsschade geleden en is niet herbouwd. De aan de zuidzijde gelegen panden op het landgoed Jagershuis zijn totaal verwoest in de WWII en zijn om meerdere redenen in het geheel niet herbouwd. 
ansichtkaart uit 1910
Een ansichtkaart uit 1910 met links Woudlust en rechts de Eikenhof.

Kennelijk dezelfde ansichtkaart als hiernaast, nu ingekleurd.
De hoofdpersoon van dit verhaal kennen we met meerdere namen:

  Friedrich Moritz Levisohn

F.M. van Dijk (vanaf 1939)

Frederik Maria van Rijn (Pseudoniem in het verzet)

Friedrich Maria Lenig (Fritz) (na 1946)
Friedrich Moritz Levisohn, geboren op 24. April 1905 in Gelsenkirchen; † 28. März 1955, was een praktiserend arts, met praktijk aan de Klosterstrasse in Gelsenkirchen. Na de Kristallnacht vlucht hij en zijn gezin naar Nederland. Woont op meerdere lokaties. Vanaf 1941 tot aan de evacuatie in oktober 1944 bewoont Dr. Med. Friederich Moritz Levisohn (1905-1955) de Eikenhof te Doorwerth.
1905 - 1939

Friedrich Moritz Levisohn
, geboren op 24 april 1905 in Gelsenkirchen; overleden 28 maart 1955.
  Friedrich Moritz Levisohn (Fritz) was de zoon van Joodse, in Gelsenkirchen werkzame arts Arthur Levisohn en zijn vrouw Rosa Bloch. Zijn ouders hadden in 1907 een eerdere praktijk aan de Bahnhofstrasse 6 te Gelsenkirchen. Levisohn werd geboren op 24 april 1905, en studeerde later geneeskunde en geschiedenis. Zijn vader hield de praktijk aan de Bahnhofstrasse aan tot 1915 en verhuisde toen naar een zijstraat: de Klosterstrasse, Gelsenkirchen.
Dr.  Fritz  Lenig,  geboren  1905  als  Friedrich  Moritz  Levisohn,  war  ein  in  der  Gelsenkirchener  Klosterstraße praktizierender jüdischer  Arzt."

Na zijn promotie aan de Universiteit van Heidelberg nam Levisohn de praktijk van zijn vader over. Levisohn was kennelijk ook mede-directeur het metaal bedrijf Seppelfricke uit Gelsenkirchen. In dit bedrijf was Levisohn ook financieel betrokken. Levisohn heeft waarschijnlijk al snel in de gaten gehad dat Joden in het Duitsland het moeilijk zouden krijgen. Al in 1930 werd het echtpaar Levisohn lid van de Katholieke Kerk. Hij beschreef zichzelf later als "half-Jood met een katholieke geloof". Hun enige zoon is in 1930 geboren. In dat jaar huwde Levisohn ook de moeder van zijn zoon: Gertrud Mönig.

 Politiek was Fritz actief, zelfs voordat aan de NSDAP aan de macht kwam. Hij was lid van de Duitse Democratische Partij (DDP), waar later de Duitse Staat Partij (DSTP) uit voort kwam. Beide partijen waren nationalistisch gericht en de DDP was ook anti-communistisch. In 1933 was Fritz kandidaat als voorzitter van DSTP voor de gemeenteraadsverkiezingen. In mei 1933 werd hij opgepakt en verhoord door de NSDAP. Levisohn werd beoordeeld als Jood en derhalve als gevaarlijk gewaardeerd ook al gold hij als "tussen een half en een kwart Jood". Hij werd officieel erkend als een Jood, waarop de discriminerende maatregelen van de "Derde Rijk" zouden worden toegepast.  In 1938 werd zijn vergunning om als arts te werken, ingetrokken. Daarna werkte hij als arts in een Joods gemeenschapshuis, doch dat pand ging op in een vlammenzee tijdens de Kristallnacht van 9 op 10 november 1938. Met vele andere Joodse mannen werd Levisohn  vervolgens vastgehouden in 1938.

gevonden met een zoekmachine op het www
 

  Der Grundbesitz von Dr. Fritz Levisohn war im Dezember 1938 von der Familie Seppelfricke fair gekauft worden. Da der Verkauf nicht genehmigt wurde, erwarb die Stadt Gelsenkirchen den Besitz, den sie nach dem Krieg anstandslos an Levison zurückgab, der im niederländischen Exil überlebt hatte.
Uit: http://www.hsozkult.de/conferencereport/id/tagungsberichte-2453

    Friedrich Moritz Levisohn, Dr. med. Bahnhofstraße 6, genannt in Register-Telefon-Adressbuch 1914-1915, später hatte er seine Praxis in der Klosterstraße. Diese Praxis übernahm sein Sohn, der ebenfalls Friedrich Moritz Levisohn hieß, und der eine interessante Biografie hatte.
 http://www.gelsenkirchener-geschichten.de/wiki/Fritz_Lenig

Friedrich Moritz Levisohn, Dr. med. Bahnhofstraße 6, genannt in Register-Telefon-Adressbuch 1914-1915, später hatte er seine Praxis in der Klosterstraße. Diese Praxis übernahm sein Sohn, der ebenfalls Friedrich Moritz Levisohn hieß, und der eine interessante Biografie hatte. link

  De woning van Dr. Fritz Levisohn in Gelsenkirchen was in december 1938 gekocht door de familie Seppelfricke. Aangezien de verkoop niet werd goedgekeurd, kocht de stad Gelsenkirchen het pand, dat ze na de oorlog zonder aarzeling teruggaven aan Levison, die de Nederlandse ballingschap had overleefd. Link

  Gelsenkirchen 30.01.2013. Diese Namen stehen auf der Gedenktafel an der Tausend-Freunde-Mauer: Paul Eichgrün, Franz Nathan, Fritz Levisohn/Lenig, Ernst Alexander, Arthur Herz, Leo Sauer, August Kahn, die Familien Katzenstein und Goldblum. „Es ist unsere Verpflichtung, die Erinnerung wachzuhalten. Der FC Schalke 04 hat sich während der Zeit des Nationalsozialismus nicht schützend vor seine jüdischen Mitglieder, Förderer, Funktionäre und Spieler gestellt." Link.
1939 - 1944

Na zijn vrijlating vlucht Levisohn op 6 januari 1939 naar Nederland, zes maanden later gevolgd door zijn vrouw en zoon.


Uit de  Arnhemsche courant van 28-10-1939.

Op
28-9-1940 vestigd zich zijn zoon Arthur Richard Levisohn zich op de Italiaanseweg 6, te Doorwerth. Hij was volgens het gereconstrueerde Renkumse bevolkingsregister afkomstig uit de gemeente St. Michielsgestel. Zie ook in Delpher de Arnhemsche courant van 26-09-1940.

Levisohn Doorwerth
Uit de  Arnhemsche courant van 26-09-194.

1176 Handelsregister Arnhem 1921-1969:
 10813 fawa metaal nv - Wageningen    Standplaats: Arnhem    Bedrijfsnaam: fawa metaal nv    Vestigingsplaats: Wageningen, (Noorderplantsoen 4 A)    Inschrijfjaar: 1939    Uitschrijfjaar: 1949 (ambtshalve)    Dossier nummer: 10813    Toegangsnummer: 1176
bron Gelders Archief, KvK.

E. Hamer woonde aan de Utrechtseweg 440 te Heelsum. Op 6 juli 1940 treed hij uit als mede-vennoot.
Fritz Levisohn woonde destijds op de Van der Molenallee 51 te Doorwerth.
Christiaan Schwenke, Van Ostadelaan 48 te Naarden is de procuratiehouder.


Op 14 februari 1941 gaat F.M. Levisohn (zich noemende en schrijvende Van Dijk) wonen op Huize Eikenhof, Italiaanseweg 6 te Doorwerth.
De firma Fawa-Metaal N.V. i.o. gaat in liquidatie op 1 januari 1941. Schwenke is de vereffenaar (tegenwoordig curator).
Op 19 april 1941 gaat het kantoor naar het adres van Schwencke in Naarden. En wordt Israel Samson, Rembrandtlaan 67 te Naarden de nieuwe eigenaar, vennoot. Samson zet echter geen handtekening omdat hij betwist eigenaar, vennoot te zijn.
Op 1 april 1942 betwist Levisohn dat Samson eigenaar zou zijn. En er volgen enkele rechtszaken. Uiteindelijk gaat Fawa in liquidatie in 1943, en eindigt in maart 1944. Bij de Kamer van Koophandel eindigt het geheel in 1949 met een ambtelijke doorhaling. 


Uit de  Arnhemsche courant  Arnhemsche courant van 08-03-1941.

Levisoh had in Nederland al contacten in het kader van zijn werkzaamheden voor de firma Seppelfricke.
Als vluchteling kreeg Levisoh geen toestemming om door te reizen naar de Verenigde Staten. In Wageningen kreeg hij toestemming en met hulp van de familie Seppelfricke om een metaalfabriek (handelsmaatschappij) op te zetten. Hij gebruikte hiervoor een pseudoniem: Dr. F.M. van Dijk. Na de Duitse bezetting van Nederland trad hij (volgens eigen zeggen) toe tot het Nederlandse verzet in Gelderland, Ede onder de naam Dr. Frederik Maria van Rijn. Hij was (naar eigen zeggen) actief voor verschillende illegale bladen: De Zwarte Omroep, De Kleefse Koerier. Deze bladen gingen na de oorlog vanaf 10 juni 1945 verder als de Renkumse Koerier en vanaf 1946 ging de Koerier op in de al bestaande Hoog en Laag. Enkele uitgaven van de "Zwarte Omroep" zijn te lezen via Delpher, gebruik de aanhaaltekens in de zoekopdracht.
Levisohn uit Volk en vaderland weekblad der Nationaal Socialistische Beweging in Nederland 2003-11-1939
Uit: Volk en vaderland: weekblad der Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland 03-11-1939.

In 1942 werd Levisohn gearresteerd en opgesloten in kamp Amersfoort, hij kon vandaar echter ontsnappen. In 1944 tijdens de Slag om Arnhem (17 - 25 september 1944) liep hij over de Duno naar de Hemselsberg in Oosterbeek om daar gewonden te helpen. Er moet een uitspraak zijn van een Engelse soldaat van de luchtlandingstroepen, die zegt dat hij geholpen is door een Duitse arts, "in burger"? Gedurende de oorlogsjaren werd hij wekelijks financieel ondersteund door Alois Seppelfricke (wonende Wilhelminenstrasse 27 te Schalke bij Gelsenkirchen), ook een van de directeuren van de Seppelfricke fabrieken.

Levisohn in Amersfoort
Voor de leesbaarheid verbeterd. Op 2 augustus 1942 wordt Levisohn door de Arnhemse politie (A.S. Kornelis) overgedragen in Amersfoort.  In Amersfoort droeg hij kampnummer 3019.
Als geheel Doorwerth op 4 oktober 1944 moet evacueren, is niet duidelijk waar hij dan verblijft. Meerdere evacuatie-gemeenten hebben naamlijsten gepubliceerd van oorlogsevacuees. De naam van Dijk - Levisohn komt daarin niet voor. Bij Jan van der Wal is meer over een verblijf in de gemeente Ede te lezen.

Voor zijn betrokkenheid in het verzet, heeft hij nog een bedankbrief ontvangen van de destijds Nederlandse commandant van de strijdkrachten en latere Prinsgemaal Bernhard. Levisohn ontving in 1948 de toen uitgereikte medaille voor leden van de Nederlandse verzetsbeweging: Nederlandse Verzetskruis ??.
 (zie hieronder)

foto uit het boek: Goch, Stefan + Norbert Silberbach: „Zwischen Blau und Weiß liegt Grau“, Essen 2005, pagina 227.
  Na de oorlog keerde Levisohn terug naar zijn vaderland en nam in 1945 zijn activiteiten als arts en directeur van Seppelfricke Metallwerke weer op. Seppelfricke ging kachels en ovens produceren. Levisohn heeft in november 1946 zijn naam veranderd in Friedrich Maria Lenig, en kreeg hiervoor toestemming van het kabinet van de nieuwe deelstaat Noordrijn-Westfalen. Omdat Levisohn in 1939 gevlucht was uit Duitsland was hij in Duitsland statenloos. Daarom verwierf hij in 1950 het Nederlands staatsburgerschap. Lenig was na de oorlog actief in de Vereniging van Slachtoffers van het nazi-regime. Hij gaf een maandblad uit voor filatelisten: Merkur. Merkur bestaat nog steeds. Hij was bestuurslid van de Borkenberge Society. De Borkenberge-Gesellschaft e.V bestaat ook nog steeds.

Op 25 mei 1946 werd Levisohn benoemd als eerste na-oorlogse voorzitter van de ook toen al grote voetbalclub FC Schalke 04.
Hij verv
ulde deze functie tot 22 februari 1947. Het zou kunnen dat de voetbalclub met zijn benoeming wilde bewijzen niets tegen Joden te hebben. Of om andere clubleden te sparen bij de denazificatie.

Veel gegevens uit dit stuk komen uit: https://de.wikipedia.org/wiki/Fritz_Lenig en zijn aangevuld met verder onderzoek, zie de literatuur opgave.

Het bevolkingsarchief van Ede is in 1942 verbrand, het bevolkingsarchief van Renkum in 1944.
Uit: Zes dorpen in oorlog en verzet; Henk Erkens (redactie) e.a. Oosterbeek 1984

"Eveneens aan de Italiaanseweg woonde een Duitse arts, een christen-jood, met zijn niet-joodse vrouw en zoon. Zij waren uit Duitsland gevlucht, toen hij, om zijn jood-zijn door de nazis werd afgezet als directeur van een r.k.-ziekenhuis. Otto kwam bij hen over de vloer. Zo felle anti-Duitsers, als deze Duitsers waren, was hij niet eerder tegengekomen. Deze arts was een grote voorvechter van de annexatie van het land van Kleef bij Nederland en had daarover contact met o.a. de onderwijzer Hans Alferink uit Oosterbeek, die in het verzet zat en die een illegaal blad uitgaf. Daaruit - de Zwarte Omroep - is de Kleefse Koerier ontstaan, die na de evacuatie uitkwam. Het was merkwaardig dat deze blondrossige jood, op wiens uiterlijk het stempel van zijn ras drukte, zich betrekkelijk Vrij wist te verplaatsen, gebruik makende van valse papieren en persoonsbewijzen. Toen hij tenslotte toch werd gevangen genomen en in het kamp Westerbork werd geïnterneerd, wist hij te ontvluchten. Na een tijd afwezig te zijn geweest, durfde hij zich weer in zijn huis te Vestigen en dook als 't ware onder in zijn eigen woning en bleef er zo lang mogelijk."

"In 1939 gaat Levisohn eerst in Ede wonen, daarna woont hij op Van der Molenallee 51 te Doorwerth.
 Vanaf 1940 woont hij op de Italiaanseweg 6 in Doorwerth waar hij de heer Driessen van het Jagershuis regelmatig als buurman (Berghuis en Jagershuis) tegenkomt. In 1942 verbleef hij enige tijd in het concentratiekamp te Amersfoort en weet vandaar weer te onvluchten. Alsof er niets aan de hand is, Levisohn gaat gewoon weer in Doorwerth op de Eikenhof wonen".
"Toen de meeste kelderbewoners uit Doorwerth vertrokken waren naar veiliger oorden, bleven alleen het gezin van vijf personen en de tuinman met zijn echtgenote over. Zij meenden steeds dat de Tommies zouden terug komen en de Rijn zouden oversteken. Ze hadden geen enkel contact met de buitenwereld. Na al dat geschiet en gebombardeer, vonden zij het langzamerhand welletjes en dat het tijd werd hun bevrijders te mogen begroeten. Rondom het huis lagen gesneuvelden. Doorwerth en Heveadorp waren al geëvacueerd. Alleen zij en hun buurman, de joodse arts en zijn gezin waren nog aanwezig. Zij spraken af dat zij elkaar om de dag zouden bezoeken om elkander een hart onder de ilem te steken. Wat de voedselvoorziening betrof konden zij 't, na 't een en ander ingezameld te hebben, nog wel een tijdje uitzingen. De volgende dag ging Otto naar de dokter en zijn gezin met een tas vol weckflessen om ook hen van een recente verovering mee le laten profiteren. Op de Italiaanseweg lagen veel Duitsers; het leek dat ze sliepen. Bij nadere bestudering bleken ze allen dood te zijn. Merkwaardig was dat aan de lijken, op het eerste gezicht, geen verwondingen waren te zien. De granaten, die de Engelsen gebruikten waren dermate scherp afgesteld, dat ze bij de minste aanraking van een heel klein takje al ontploften. De militairen zouden, volgens buurman-dokter, wel overleden zijn aan het dichtklappen van hun longen tengevolge van de luchtdruk van de ontploffende projectielen. Een paar dagen hielden de beide gezinnen nog stand, elkander opbeurende, maar eigenlijk zichzelf voor de gek houdende. Tenslotte werden ze door de Duitsers het huis uitgezet. Deze hadden allang in de gaten dat van dit pand een machtige bunker was te maken. Gepakt en gezakt, Otto met een volgeladen kruiwagen, trokken ze naar het grote onbekende. Dag huis, dag inboedel, dag kunstschatten, dag Doorwerth, tot ziens, tot betere tijden."
"Een grote zoon van Gelsenkirchen herinnerde zich Dr. Susanne Franke, voorzitter van het FC. Schalke Fan Initiatief tegen Racisme en oprichter van de School zonder Racisme, in haar lezing over de joodse arts en ondernemer Dr. Friedrich Moritz Levisohn. Na een ondervraging door de Gestapo werd zijn licentie als arts ingetrokken en vluchtte Levinsohn naar Nederland. Werd daar hoofd van een verzetsgroep.In 1942 werd hij gearresteerd en overgebracht naar het concentratiekamp Amersfoort. De Gelsenkirchener wist te ontsnappen. En wat doet de man dan na de oorlog? Wat was hem aan gedaan? Hij komt terug naar Gelsenkirchen. Hij noemde zich Fritz Lenig, wordt weer opnieuw arts, en keert ook weer terug bij het bedrijf van Seppelfricke. Op 4 mei 1946, wordt Levisohn de eerste naoorlogse voorzitter van de FC Schalke. Hij kon vergeven! Hij is een voorbeeld voor mij. Ik heb geen hoeden genoeg om voor hem af te nemen!"
  Bewerkt uit: link  
"Wie daar over kan meepraten is het uit Gelsenkirchen afkomstige gezin Levisohn. Aan de universiteit van Heidelberg heeft Fritz Levisohn een studie geschiedenis en geneeskunde gevolgd. Na promovering in 1931 in laatstgenoemde studierichting volgt hij zijn vader op in diens praktijk aan de Klosterstrasse 21 in Gelsenkirchen. Daarnaast is hij financieel betrokken bij Metallwerke Gebrüder Seppelfricke GmbH. Na de geboorte van een zoon huwt hij Gertrud Mönig en nemen beiden de rooms-katholieke gezindte aan. Zijn politieke aspiraties ziet hij bij verschillende Duitse partijen telkens geblokkeerd vanwege zijn etniciteit. Tijdens de Kristalnacht van 9 op 10 november 1938 gaat zijn dokterspraktijk in vlammen op en, samen met andere joodse mannen, komt hij terecht in een politiecel. Na zijn vrijlating vlucht hij op 6 januari 1939 naar Nederland. Halverwege dat jaar laat hij ook zijn vrouw en kind overkomen'. Na diverse omzwervingen, waarbij de gezinsleden elkaar tijdelijk zelfs uit het oog verliezen, vestigen allen zich net buiten de buurtschap in villa "Eikenhof" aan de Italiaanseweg 6, en wekt, is dat Levisohn de durf heeft om zich met zijn bloed-rossige haar en duidelijke joodse neus in de openbaarheid te blijven vertonen. Ook na 1 oktober 1940, als iedereen een persoonsbewijs moet dragen, waarbij hij vertrouwt op zijn valse papieren zonder letter "J"9. Maar Levisohn kan nu eenmaal moeilijk stil zitten. Zo is hij betrokken bij de oprichting van het Wageningse bedrijf FAWA-Metaal N.V. aan het Noorderplantsoen 4a, een handelsmaatschappij van warmgeperste metalen".
  Uit Jan van der Wal: Anderhalve Kilometer in Oorlogstijd; Een buurtschap aan de Oude Oosterbeekseweg in bange dagen - Deel 1; gepubliceerd door in het blad Schoutambt en Heerlijkheid van Heemkunde in 2016.
Klopt het?

Levisohn verteld dat hij een verzetsmedaille heeft ontvangen.

Het Verzetskruis 1940-1945 is op 3 mei 1946 ingesteld en werd aan slecht 95 personen uitgereikt. Op één na was een ieder die dit kruis kreeg al overleden. Levisohn staat niet bij de dragers genoemd.

Het Verzetsherdenkingskruis is ingesteld op 19 december 1980. Levisohn kan dat kruis nooit ontvangen hebben in 1948.

Links:

 https://de.wikipedia.org/wiki/Fritz_Lenig
  www.gelsenkirchener-geschichten.de/wiki/Fritz_Lenig
  boek; West- und Nordeuropa Juni 1942 – 1945
Blauer Brief, clubblad van Schalke 04, link

Websites:

de BAG

Delpher

Bron:

Eddy van der Pluijm Kamp Amersfoort
Literatuur:

Goch, Stefan + Norbert Silberbach: „Zwischen Blau und Weiß liegt Grau“, Dr. Fritz Levisohn/Lenig, pagina 226 e.v.. pagina 351 e.v.; Essen 2005, ISBN 3-89861-433-6.  Een samenvatting van het Goch - Silberbach boek is te vinden onder de titel: „Schalke im Nationalsozialismus“ op de website van de voetbalclub FC Schalke 04.

  Karl Ritter von Klimesch: Köpfe der Politik, Wirtschaft, Kunst und Wissenschaft. Augsburg: Naumann, 1953. Band 2, pagina 666
Geert van der Straaten, Willem Scheffer en modelboerderij "Het Huis ter Aa", 2016.

 Jan van der Wal; Langs het tuinpad van mijn voorvaders, 2000.

Artikelen van Jan van der Wal in het blad Schoutambt en Heerlijkheid, van Heemkunde Renkum; jaargang 29, nummer 4, december 2015; jaargang 30, nummer 2, juni 2016; jaargang 30 nummer 4, december 2016. En jaargang 31, nummer 3, september 2017. Jan van der Wal heeft een veel uitvoeriger onderzoek gedaan, ontdekt ook tegenstrijdigheden, en er blijven nog meer vragen over: wie was nu Frits Levisohn?

Michael H. Kater, Doctors Under Hitler, Chapel Hill: University of North Carolina Press, 1989.

B3Kat (Bibliotheksverbund Bayern, Berlin, Brandenburg) Fritz Lenig, deutscher, später niederländischer Arzt und Unternehmer; Widerstandskämpfer.

 Goetz Aly + Wolf Gruner; Die Verfolgung und Ermordung der europäischen Juden durch das nationalsozialistische Deutschland, 1933-1945; Muenchen: Oldenbourg, 2008, pagina 463 en 465; Brief van Levisohn aan de Aartsbisschop van Utrech
t. (link)
Er blijven veel vragen open. Heeft u aanvullingen, opmerkingen, graag: