bijzondere huizen, e.d. in Doorwerth, Heelsum, Heveadorp, Oosterbeek, Renkum en Wolfheze.
home
Hans Braakhuis

laatste update: augustus 2022
Deze alfabetische lijst is lang. Soms is een bijzonder huis bekend als herberg, bouwing, boerderij, soms staat het huis in een gebied dat als geheel beschreven wordt.

Kijk ook bij:

Landgoederen in de gemeente Renkum

Hotel en pensions in de gemeente Renkum

Boerderijen in de gemeente Renkum

Het Wilhelminapark in Heelsum
Fluitersmaat Renkum

Begraafplaatsen in de gemeente Renkum

Kerken, kloosters en pastorieen in het Renkumse

Huize Eikenhof te Doorwerth

Sonnenberg te Oosterbeek

Duno te Doorwerth

Jagerhuis te Doorwerth

Huize Doorwerth te Heelsum
Enigszins alfabetisch, de huizen, kastelen, buitens, in de gemeente Renkum.
Voormalig Huis ter Aa, dat in de naam de herinnering bewaarde aan het z.g. Gat van der Aa, waarin het staat, is rond 1927 verdoopt in Valkeniershuis. Het Gat van der Aa, "daar sigvolgens de in 1712 tot stand gekomen grensregeling tusschen het richterambt Arnhem en Veluwezoom en de heerlijkheid Doorwerthhet beekje in den Rhijn lost."  Dit nog heden ten dage bestaande beekje, een weinig westelijk van de Westerbouwing te Oosterbeek, werd toen „tot aen desselfs source in der Landschaps Elshegge" als grens aangenomen. Ter betere oriŽnteering zij hier nog aan toegevoegd, dat het Gat van der Aa later meer bekend werd door de daar verrezen Hevea-fabriek, welke in de plaats is gekomen van de vroegere modelboerderij Huis-ter-Aa van wijlen den Heer Scheffer, die op de Duno woonde.
Adriana State, Valkenburglaan 4, Oosterbeek.

Ander naam in 1941: Weide-Blik

BAG: 1927

Het huis is in 1927 gebouwd door de van origine Friese vrijmetselaar, handelaar en importeur van leder, de heer Haring Tulp. Op dit huis heeft tot de oorlog een windvaan gestaan in de vorm van een Haring met een tulp in zijn bek.

Tulp

"Heden overleed mijne geliefde Echtgenoote, "JANNA WIGERSMA, in den ouderdom van 64 jaar. H. TULP. Oosterbeek, 22 April '28. Valkenburglaan 4. De begrafenis zal plaats hebben te Oosterbeek op de Nieuwe Begraafplaats"

De heer Haring Tulp is overleden op 16 nov 1937

Door de heer Haring Tulp van Vrijmetselarij Loge De Friesche Trouw, en diens vrouw Wigersma, werd ten tijde van de Louisa State de Tulp Wigersma Stichting gestart om extra hulp aan daar verzorgde kinderen te bieden. Het vermogen van de Tulp Wigersma Stichting werd na de sluiting van het internaat Louisa State in 2002 toegevoegd aan het vermogen van de Louisa Stichting.
De heer Haring Tulp en zijn vrouw Janna Tulp-Wigersma zijn al voor de oorlog beiden overleden. Het kinderloze echtpaar heeft hun vermogen nagelaten in de Tulp-Wigersma stichting voor hulpbehoevende kinderen. Deze stichting bestaat in de vorm van de Louisa Stichting, anno 2014 nog steeds. Adriane State is genoemd naar de moeder van Haring Tulp.

"Heden overleed, tot mijne diepe droefheid, in den ouderdom van ruim 83 jaar, mijne beste Vriendin LAMMIGJE ROELINK. Oosterbeek, 5 Sept. 1939. Valkenburglaan 4. C. BOSMAN. Op verzoek van de overledene geen bloemen. Geen bezoek." Uit  De Nederlander 06-09-1939.

Oosterbeek

"Mevr. Punselie, Valkenburglaan 4, Oosterbeek, vr. een net meisje v. d. en n. Loon naar bekwaamheid. Melden 6—8 uur. T 1475" Arnhemsche c 1948

"Wegens huwelijk van tegenwoordige huishoudelijke hulp, wordt gevraagd: een meisje v.d.e.n., tegen half sept. of 1 okt. bij Mevr. Donk, Valkenburglaan 4, Oosterbeek. Tel. 2275 klein gezin, modern huis, eigen kamer met str. water. T 4—02493" Trouw 24 aug 1957
Info bij Oud Oosterbeek.
De Airbornebuurt in Renkum.

Stichting van woningen aan de Markweg in 1935

De Airbornebuurt dankt haar naam aan de geallieeerde luchtlanding op 17 september 1944 die plaatsvond op de weilanden ten westen van de Airbornebuurt. Latere luchtlandingen vonden plaats op het huidige golfterrein, bij Wolfheze en bij Ede op de Ginkelse heide.

Ontwikkeling Markweg Renkum
De heer Rutgers is namens beide partijen aanwezig. Veelal zie je de koper en de verkoper genoemd. Dat is dus hier ťťn en dezelfde persoon!

De BAG geeft 1932 tot 1935 voor deze woningen.
Airbornebuurt Renkum
uitbreidingsplannen in 1943 van de gemeente Renkum.

airbornebuurt Renkum

De woningen aan de Hicksweg, Hackettweg en Airborneweg zijn gebouwd tussen 1956 en 1960. John Hackett was brigadegeneraal van de 4e Britse parachute brigade tijdens de slag om Arnhem. Tom Hicks had het tijdelijke bevel over de gehele Airborne divisie.
Villa Anna, Nieuweweg 19-21 Renkum.

Een gemeentelijk monument. Gebouwd door en voor Scherrenburg, tevens de bouwer van de 3 oude boerderijtjes op de lagere huisnummers.
Villa Anna Renkum, bron Wikipedia
Ooit bewoond door de bekende schilder Thťophile Emile Achile de Bock (1851 – 1904). Op het eind van de jaren ’80 is de Bock aan het werk vanuit de oranjerie van Kasteel Doorwerth, zijn ‘zomerresidentie’. Hij schildert er in de omgeving en legt het kasteel meerdere malen op het doek vast. Uiteindelijk verkiest hij als definitieve woonplaats het toen nog landelijke boerendorp Renkum boven het deftige Oosterbeek, dat door de toenemende villabouw haar aantrekkingskracht op de kunstschilders grotendeels had verloren. Mede door de komst van De Bock en zijn gezin naar Renkum in 1895 gaan ook andere schilders zich in Renkum e.o. vestigen. In een koetshuis behorend bij Villa Anna aan de Nieuweweg, trekt De Bock met zijn grote antiekverzameling veel kunstverzamelaars aan. De Bock verhuisd in 1902 naar Haarlem.

Met en voor het Historisch Genootschap Redichem en vele bewoners van de Nieuweweg is in 2018 een ruim 180 pagina's dik boek gemaakt, waarin Villa Anna uitgebreid aan bod komt.

Al jaren (sinds 2013?) is er een kleinschalig restaurant.
Voormalige Albert Schweitzerschool, Van Ingenweg 2, Renkum.

BAG = 1926

Gebouwd in 1925-1926 als de Openbare School. In 1929/1930 uitgebreid met vier lokalen. De gebruikte bouwstijl is een karakteristieke mengstijl van de Nieuwe Haagse School en de Amsterdamse School. Het herstel van de WWII schade heeft enige tijd geduurd. In 1963 een nieuwe naam: Dr. Albert Schweitzerschool. Als school in gebruik tot en met 1978. De school zelf verhuisd in 1979 naar de Goudsbloemstraat 2 te Renkum. Tot 2016 was de voormalige Albert Schweitzerschool bekend als Lijn 50 een jongerencentrum. Leegstand begin 2017. In 2018 verbouwd naar een Kinderopvang.

De Openbare School was aanvankelijk gehuisvest aan de Nieuweweg nr. 3. Toen dit gebouw niet meer voldeed, werd in de twintiger jaren van de vorige eeuw een nieuwe school gebouwd aan de Van Ingenweg. Op 15 maart 1978 werd het nieuwe pand aan de Goudsbloemstraat toen nog de Keijenbergseweg in gebruik genomen.

Een gemeentelijk monument.
Albert Schweitzerschool Van Ingenweg Renkum
De villa „Aleema", Mariaweg 50 (dit huisnummer bestaat in 2018 niet meer) te Oosterbeek
Actueel Mariaweg 68.

Op de Kadaster Veldwerkkaart C 1551 met dienstjaar 1901 is de kavel 1551 leeg, er is nog niet gebouwd.

Aleema
Op deze veldwerkaart uit 1903 wordt er gebouwd

Aleema is in 1923 te koop met erf en tuin, bevattende: beneden 3 kamers, waarvan 2 en suite met serre, keuken, bijkeuken, W.C., kelder; 1ste ťtage: 3 slaapkamers, badkamer, zolder met vliering. De villa is voorzien van gas, waterleiding en electrisch licht.

Villa Aleema Oosterbeek
Aleema
Het oude Aleema wordt gesloopt en maakt plaats voor nieuwbouw in 1951.

Aleema
Amro-bank, Utrechtseweg 147, Oosterbeek

BAG = 1971

Naar een ontwerp van de architecten Ahrens en Kleijer uit 1968. Klaar in 1973

Het ABN AMRO kantoor is gesloten in 2018.
ABN AMRO Oosterbeek
Villa Anoniem, ook wel Huize Frida, Schelmseweg 4, Oosterbeek.
Eerder villa Cleova
Tegenwoordig Schelmseweg 6 + 8.

BAG nr 6 = 1923. Nr 8 = 1910

Anoniem
hulpkaart van C 1685 en 1684, kavels uitgemeten rond dienstjaar 1903

Anoniem
Op Kavel C 2037 staat in 1910 ťťn pand

Het veldwerk geeft een beter inzicht:
Anoniem
In de kantlijn is in 1910 (dienstjaar 1911) geschreven: splitsing van 1684 en 1685, de oudere kavelnummers.
Anoniem
In 1923 zijn er 2 panden. Bij Veldwerk C 2623 staat in 1923 geschreven: splitsing voor verkoop.

De verkoopadvertentie verschijnt al in 1921:
Anoniem

Verkoop of huur villa Cleova, Schelmseweg 4. In de Oosterbeeksche Courant  25-11-1933

Verkoop villa Cleova met schuur, erf en tuin Schelmseweg 4 kad. Sectie C no. 2621
groot 6 are. Oosterbeeksche Courant 30-10-1937

Rond 1956 woont er Notaris Brouwer.

Villa Anoniem Oosterbeek
Villa Arti, Jan van Embdenweg 2 Oosterbeek

gebouwd tussen 1896-1900.

Bernardus Arps woonde ťťn jaar in Oosterbeek in 1898. Verbleef daarna in Den Haag. In 1901 kocht Bernardus ťťn van de woningen van een dubbelpand aan de
Utrechtscheweg 111-113, huize Bernanco op nummer 111. Direct er naast, op de hoek met de Van Embdenweg, bouwde de architect nog een huis in dezelfde bouwstijl, waarvan Arps de eerste eigenaar werd. Hij noemde dit huis villa Arti. Het pand op nummer 111 werd het woonhuis van familie Arps-van Rossem en kreeg de naam Bernanco, afgeleid van de namen van zijn vrouw en zijn kinderen. Hij heeft er, met een onderbreking van een periode van vijftien jaar in ’s-Gravenhage (1906-1921), tot zijn dood gewoond. 

 Villa Arti werd door Arps  hoofdzakelijk gebruikt als atelier en voor de opslag van schilderijen. De panden Bernanco en Arti hebben de Tweede Wereldoorlog vrijwel onbeschadigd overleefd en zijn vermeld op de lijst van gemeentelijke monumenten van de gemeente Renkum.

Bron: Bernadus Arps (1865-1938) - Schilder van stillevens en van landschappen langs de zuidelijke Veluwezoom. Biografie in een notendop. Door Charles E.S. Arps

Rijksmonument Volgens deze info, is Bernanco en Arti hetzelfde pand, anders dat Charles E. Arps hierboven vermeld.

Villa Benarco, Utrechtseweg 111, Oosterbeek, rijksmonument
Arti Utrechtseweg van Embdenweg Oosterbeek
Voormalig Atelier Bellevue 3 Renkum

Gebouwd op de Bellevue te Renkum, opdrachtgever tot de bouw was mevrouw Le MaÓtre – Buse. Het gebouw bestond uit diverse vertrekken, waar tientallen en soms zelfs honderden kunstschilders met hun leerlingen werkten.
Meer info over de geschiedenis bij Voormalig cafť Bellevue. Bellevue 3 te Renkum op de site over hotels, cafť's e.d

Tegenwoordig bekend als Chin Ind Rest. Happy Garden
Voormalige villa Avondrust, Utrechtschestraatweg 109, later Utrechtseweg 109 en  Utrechtsestraatweg 132 Renkum

"Voordat villa Avondrust gebouwd werd door de heer Slezer, stond op deze plaats een oude boerderij, welke in 1870 tot de grond toe afbrandde door blikseminslag. Omstreek 1910 werd de villa bewoond door ir. van der Burgh, een architect en directeur van de pas opgerichte N.V. Bouwmaatschappij Heelsum. Vanaf 1913 werd de leegstaande villa ter beschikking gesteld van Belgische vluchtelingen, terwijl het na de le wereldoorlog in bezit kwam van D.J. Uitenboogaard. Deze liet het restaureren, waarna het in bezit kwam van W. Middeldorp die het verbouwde tot hotel/pension, en het de naam gaf "kleen Kwadenoord" (later "klein Kwadenoord"). In de oorlogswinter 44/45 werd de villa dusdanig beschadigd dat tot afbraak moest worden overgegaan". Bron Cees Burgsteyn, Bomen over Renkum, pagina 50
In de jaren 1870-1871 werd het meerdere keren verbouwde boerenhuis van oorspronkelijk Willem Stevens afgebroken en vervangen door een nieuwe hoeve, iets westelijker dan de oude boerderij. Ook het herenhuis werd vervangen (dit wordt dan het pand Avondrust I, zie hieronder). In 1873 kocht Clausing van de erfgenamen van Johannes (Jan) Kuyn en Trijntje van Zadelhoff een stuk grond aan de overkant van de Utrechtsestraatweg. Jan Kuyn was de eerste tolpachter van de tol in Renkum, en zodoende komt ook het Tolhuis bij het landgoed Avondrust. Hendrik Clausing komt te overlijden in 1875 en zijn weduwe Anne Marie HenriŽtte Huberte de Booy overleed in 1904. Er zijn geen kinderen en de wettige erfgenamen verkopen Avondrust in 1904.

De heren van den Burgh en van Walchren verenigden zich in 1905 in de N.V. Bouwmaatschappij 'Heelsum'. In 1908 verkocht de heer Jacob Portielje, zonder beroep, wonende te Bloemendaal, aan de de Bouwmaatschappij Heelsum een stuk bosgrond, ter grootte van 1 ha, 84 a, 90 ca. De heer Portielje had deze kavel in eigendom verkregen van dr. Marx. In 1907 was de Bouwmaatschappij ook eigenaar geworden van de woning en de grond van Steven Willem Kuyn, tegenover 'Avondrust'. De Bouwmaatschappij gaat daarna de gronden verkavelen en bebouwen met huizen voor zichzelf (in 1905-1906 landhuis 'Den Bongerd' in 'Villapark Heelsum', nu Lindelaan 12, voor Van den Burgh, en in 1910 Utrechtseweg 91 'Lindenhof voor Van Walchren.

Huize 'Avondrust' en de boerenwoning verhuurden zij waarschijnlijk. Ook was het Herenhuis enige tijd pension (advertentie in de NRC van 26-03-1910) (adresboek 1914: Utrechtsche Straatweg C 5, C. Wijngaarden-Goyer, pensionhoudster; N. Boerkool, smid).

Wes Beekhuizen vermeldt in 'Groen was mijn dorp', blz. 227 en 228, dat tijdens de mobilisatie 1914-1918 Belgische vluchtelingen werden opgevangen in het oude Posthuis aan de Dorpsstraat, en dat een twintigtal onderdak vond in de onbewoonde grote villa 'Avondrust', tegenover het pad naar de Noordberg.

Na de bewoning door de Belgische vluchtelingen tijdens de Eerste Wereldoorlog was
'Avondrust' sterk in verval geraakt.

De familie Verleur, heeft vanaf 1918 enige tijd in 'Avondrust' gewoond. Andries Verleur had zijn huis aan de Nieuweweg in dat jaar verkocht, en kon dus omzien naar andere woonruimte. Villa 'Avondrust' stond toen leeg en werd gehuurd van de Bouwmaatschappij Heelsum.

Toen de heer Daniel Louis Uyttenboogaart in 1921 eigenaar geworden was van het herenhuis en de boerenwoning, liet hij de villa geheel restaureren in 1923. De woning werd voorzien van een muziekzaaltje en achter het huis werd een paardenstal gebouwd.

Huis van Maria
Diemstjaar 1923. De kavel 2430 is hier leeg. Ook de oudere kavel 2210 uit dienstjaar 1915 is leeg. In 1914 verschijnt wel de Cooperatieve bakkerij Werkmansbelang hier zichtbaar links van de lege kavel. Kan zelf niet verder terug in de tijd met de Kadasterviewer.

Huis van Maria
uitsnede Renkum C 2498 in 1922 met Daniel Louis Uyttenboogaart
In 1934 vertrekt D.L. Uyttenboogaart, zonder beroep, van de Utrechtseweg 109, Renkum naar Heemstede.

J. Zabilijnski, zonder beroep. Vertrekt in 1936 van de Utrechtseweg 109, Renkum weer naar Amsterdam, waar hij ook vandaan kwam.

De beide percelen werden omstreeks 1937 verkocht aan Willem Middendorp. Deze liet 'Avondrust' verbouwen tot een familiehotel - pension onder de nieuwe naam 'Kleen Quadenoord'. De heer J.W.L. Brandts werd hotelhouder. Het bedrijf was geen lang leven beschoren, want in 1938 stond de gehele inboedel van 'Pension Kleen Quadenoord' (Utrechtscheweg 109) te koop wegens faillissement (Oosterbeeksche Courant, 10 september 1938). Lees hier meer over bij hotels en pensions.

Huis van Maria
Veldwerk C 3511 dienstjaar 1938 Huis van Maria en omgeving

Renkum Kleen Quadenoord

In 1939 gaat de tandarts Brandt er wonen, en kennelijk gebruikt hij een andere naam voor Avondrust, namelijk Kwadenoord. Barents begint zijn nieuwe praktijk in februari 1939.

Huize Kwadenoord, in september 1944 nog bewoond door tandarts Jac. A. H. Barents. Barends was gehuwd met N. van der Linden.

Kwadenoord Renkum

In de oorlog is 'Avondrust' verwoest, en daarna niet meer herbouwd.

In dienstjaar 1956 is de kavel C 3993 leeg. Er wordt door Willem Middendorp een kavel verkocht aan Theun Timmermans.
In dienstjaar 1967 verschijnt op kavel C 4868 een nieuwe bungalow, de huidige Utrechtseweg nummer 113.

Andere bronnen:
Schoutambt en Heerlijkheid van de Stichting voor Heemkunde in de gemeente Renkum: Truus Boekhoudt:
Tolhuis naar Heidestein, december 2002 Van Tolhuis naar Heidestein, aflevering 2, nr 3 2003
  Nogmaals Avondrust, deel 3 December 2004
Van Tolhuis naar Heidestein, wonen aan de Utrechtseweg in het Renkumse deel 4
, december 2004 Van Tolhuis naar Heidestein, wonen aan de Utrechtseweg in het Renkumse afl 4, deel 2, december 2005 Nogmaals Avondrust, Truus Boekhoudt. maart 2006.

Lees meer op de landgoederen website over het landgoed Avondrust.
De heren van Baer, afkomstig uit Oosterbeek, hadden rond 1200 de helft van Oosterbeek (ook Velp) in hun bezit, als leen van de bisschop van Utrecht. Daarnaast een gebied tussen Rheden - Westervoort - Dieren, aan weerszijden van de IJssel. Frederic II heeft wel lef, in

 1280 verdrijft hij Hendric van Doorenwerd uit het net in steen nieuw opgetrokken kasteel (Doorwerth): '… ende met bernen en toe-tasten quadt huys gehouden'. "...gelijk dan de oude handvesten omtrent het jaer 1280 gedenken van eenen Heer van Baer, die Hendrick van de Doorenweerd syn Slot af gewonnen ende met bernen en toe-tasten quadt huys gehouden..." Het kasteel Bear werd verwoest in 1495. Link.
wapen Heren van Baer
Het verdwenen landgoed Bato's Wijk, Oosterbeek.
Lees meer op de landgoederen website.
Villa Bato's Zicht,  In 1873 is er op kavel D2063 de Stichting Rust en vakantie.
84, Oosterbeek.

De BAG geeft 1925 als zijnde oorspronkelijk bouwjaar.

Een gemeentelijk monument uit 1885.

Bato's Zicht Oosterbeek
 links de winkel van de kruidenier Aalbers, rechts daarvan Bato`s Zicht.
Bato's Zicht

Info Oud Oosterbeek
Info Heemkunde Renkum
Voormalig Huis Beata aan de Theophile de Bockweg, Renkum, destijds de met grind verharde  Kurhauslaan. Aanvankelijk was het adres: Kurhausweg C 23 later Theophile de Bockweg 5.

Dit was de woning van Xeno MŁnninghof.

Gehuwd 3 december 1906: Xeno MŁnninghof met Mathilde Jacoba van Vliet

In 1909 verkoopt Hendrik Willem van Scharrenburg, een Wageningse landbouwer aan Xeno MŁnninghof, de kunstschilder de kavel Renkum Sectie D no. 710 groot 4 are. Er staat daar op de Groenendaalseweg een schuur. MŁnninghof laat het slopen en verkoopt het dan weer aan Frans van Scherrenburg en die gaat er de villa’s bouwen die er nu nog staan.
(lees de PDF over de Nieuweweg van het HGR)
"Petrus Marius Van Walchren was mede-oprichter van de kunstenaarsvereniging ‘Pictura Veluvensis’. Van Walchren handelde in onroerend goed, al voordat de bouwmaatschappij Heelsum opgericht werd. Zo liet hij onder meer een huis (1903) met atelier (1905) bouwen aan de Kurhausweg, waar vanaf 1906 het schildersechtpaar Xeno MŁnninghoff en Tilly van Vliet gewoond heeft. (Dit huis werd door MŁnninghoff in 1912 vervangen door een nieuwe villa. Op deze plaats staat nu nieuwbouw, Thťophile de Bockweg nrs. 3 t/m 9)". Truus Boekhoudt. Uit  Schoutambt en Heerlijkheid, jaargang 18, nummer 4, 2004)

Beata
klik voor een grotere foto. No 1927 Meno Munnikhof kooper in 1907

Beata
In 1909, uitbreiding van het atelier. Het huis had ťťn groot atelier in een prachtige tuin.

Uit de Oosterbeeksche courant van 5 augustus 1911: Woning van MŁnninghoff in Renkum-dorp brandt uit. Vandaar de nieuwbouw zoals hierboven vermeld.

MŁnninghof verhuisd naar Oosterbeek: Rond 1920 verhuist dan ook het gezin MŁnninghoff – inmiddels uitgebreid met twee dochters: Felicia (1909) en Rhoda Elisabeth Aline (1914) - naar Oosterbeek. Men gaat wonen aan de Bato’sweg, in het huis Heerdstede, door hen ook wel ‘t Landhuis genoemd.
Beata

Beata

In 1924 gaan de erven van de accountant Th.J. van Oostveen het pand te koop aanbieden.

Beata

Op de Kadaster veldwerkkaart Renkum C5182 is te lezen dat het pand in 1972 gesloopt is. Op het huidige nummer 5 staan 2 nieuwe panden uit 1972. De BAG heeft het dan over 1973. En dat  lijkt dan te kloppen. Echter op de Kadaster C 4860, met dienstjaar 1967, staan al de twee huidige panden ingetekend.
Voormalig 'Beau Sťjour', destijds in de Eng (later Bildersweg) Oosterbeek.

Van Eeghen kocht in 1870 'Beau Sťjour', het Joodse pension, dat daarna naar de Utrechtseweg verhuisde, terwijl het oude huis werd afgebroken. 
Zie voor meer info bij hotels, pensions
Voormalige villa huize ter Beek, Utrechtseweg 54 te Heelsum.
Oud adres Utrechtsche Straatweg 54 Heelsum, Utrechtscheweg 54.
Naast hotel Schoonoord in Heelsum.

In 1859 zijn de kavels Renkum C 714, 715, 716 en 717 in handen van Neuy Pannekoek, inclusief de omgeving, de papierfabriek. Op deze kavels wordt later Schoonoord en Ter Beek gebouwd.

Bewoont door de dames Enderlein; Jeanne Josephine Louise (Phine/Fien) 1853-1949 en Louise Jacqueline (Wies) 1858-1939.

De zusters Enderlein woonden tot 1939 in “Ter Beek”, wanneer zij daar zijn gaan wonen is nog onbekend, ergens  tussen 1919-1928. Zij stelden hun zaal ter beschikking voor de vergaderingen van de verenigingen en organisaties uit directe omgeving. Ook werden op “Ter Beek” culturele avonden georganiseerd.
Ter Beek
Voormalig bejaardenhuis het Beekdal, Utrechtseweg 60, Heelsum

Op de oudere locatie Aan de Beek 1, het voormalige Vakantie Kindertehuis aan de Beek, zie aldaar.

vakantiehuis
In 1938 ligt het kinderhuis nog ver van de Utrechtserweg op kavel 1714 Uitsnede van Rkm C 2509.

De bouw van het verzorgingshuis door de Stichting Katholiek Bejaardenhuis Deus Procidebit 'Beekdal', was in de jaren van 1961 tot 1968.

De zusters van de congragatie verbleven van 1947 tot begin 1967 in Stella Duce in Doorwerth.
De congregatie (Oblaten van O.L. Vrouw Assumptie ) had zich in 1967 uit Stella Duce in Doorwerth teruggetrokken om in Heelsum het nieuwe bejaardenhuis Het Beekdal te leiden. De zusters bewoonden een aparte vleugel van het gebouw. In 1975 verhuisden enkele zusters naar Oosterbeek om het werken en wonen te scheiden. Hun plaats in Heelsum werd ingenomen door bejaarde medezusters, waardoor Heelsum de bejaarden-communiteit van de congregatie in Nederland werd. Gebruikte literatuur: Zuster AngŤle, "Een stukje geschiedenis van de Zusters Oblaten van de Assumptie-missiezusters. Een klein stekje geplant door de Oblaten van NÓmes op Nederlandse bodem"

Later verpleeghuis, later zorgcentrum, tegenwoordig een woonzorgcentrum van Vilente

Beekdal Heelsum

Aan de westzijde van Beekdal ligt het appartementencomplex 'de Koningshof'. Aan de oostelijke zijde van Beekdal zijn meerdere woningen, met daarachter, tot aan de beek, een volkstuincomplex.

Er kwam een complete nieuwbouw in de jaren 2016 - 2019.

Beekdal Heelsum

De parkeerplaats Aan de Beek lijkt wel veel op de oudere kavel van het Vakantie Kindertehuis Aan de Beek.
Voormalige villa Beekhof, Weverstraat 103, Oosterbeek

Aan de oostzijde van de Weverstraat werd rond 1840 Beekhof gebouwd, gelegen aan de westkant van de Zuiderbeek met de ingang aan de Weverstraat.
Dr. Sietske Abrahamsz was gehuwd met Dr. Georg Julius Wienecke, gepensioneerd arts in het Nederlandsch Oostindisch Leger, en woonde van 1877-1900 in huize Beekhof.
In 1902 kwam het in handen van Evert Cornelis Ekker die er met zijn vrouw Lucie van Dam - van Isselt tot hun scheiding in 1907 woonde. Beekhof was ook lange tijd woonhuis van de huisarts Isaac Brevee. In WOII werd het zwaar beschadigd en daarna afgebroken. De huidige villa “Nieuw Beekhof” is op het verkavelde erf gebouwd, niet op dezelfde plek.
Huize Beekhof Renkum
'De Beekhof' is de villa in Renkum waar Lucie met haar eerste man Evert Ekker en hun 2 zoontjes woonde vanaf 1900 voor een aantal jaren. Zowel Lucie als Evert hadden hier hun eigen atelier. In de monografie "Een leven in stillevens" wordt hierover geschreven.
De villa De Beekhof groeit in deze periode uit tot een ontmoetingscentrum van diverse beoefenaars van de schone kunsten. Het culturele leven van de plaats, dat de bloeitijd al achter zich had, leefde nog even op. Uit deze tijd (1905) dateren ook een tweetal prachtige portretten van Lucie door Jan Toorop. Ook de jonge kunstcriticus Albert Plasschaert moet er regelmatig te gast zijn geweest.
Villa Beekhuis Renkum
Het aangrenzende Zonneheem is in 1907 gebouwd als zomerhuis bij Beekhof, door Evert Cornelis Ekker.
De voormalige boerderij van Beekhuizen, destijds Dorpsstraat 126 te Renkum.

Dorpsstraat
Kadasterkaart uit 1951

Dorpsstraat
Dorpsstraat
Kadasterkaart uit 1963; Geheel links villa Rozenhage, met nrs 1725 later 1939, later 2381 en tegenwoordig een garage.

Twaalf harten
Kadasterkaart met dienstjaar 2006. In het bauw de oude woningen, in het rood de nieuwbouw van een parkeergarage, appartementen en een kruidenier. Sloop en later nieuwbouw.

"RENKUM - Het dorp Renkum brokkelt steeds verder af, vinden veel bewoners van deze gemeente. Oude gebouwen vallen ten prooi aan de slopershamer, historie wordt met de grond gelijk gemaakt. De afgelopen week werd deze slopershamer ingezet om aan de Dorpsstraat verschillende historische woningen te verwijderen voor de nieuwbouwplannen van Albert Heijn." Veluwepost, 25 augustus 2005. Krantenfoto.

Tegenwoordig staat hier het gebouw "de Twaalfharten" waar een kruidenier de begane grond gebruikt. Zie meer bij boerderijen.
Landgoed de Beken, Nieuwe Keijenbergseweg 170 - 172, Renkum, "vanouds een boerderij, was in 1712 al bekend onder de naam Langenbroek. Het is een van de vijf boerderijen waarvan bekend is dat zij al in het begin van de zeventiende eeuw deel uitmaakten van de buurschap 'Harten'. Deze vijf erven waren ongeveer even groot. Dat is eeuwen zo gebleven, vijftig morgen land had iedere boer ter beschikking, dat komt met veertig hectare overeen". link

De Beken was ooit een onderdeel van de Keijenberg. In 1798 werd de Keijenberg verkocht aan Jhr. Cornelis Munter. De verkopers Jan van Donselaar en Eva Thomas, lieten voor zich zelf een woning bouwen tussen de wegen naar Quadenoord en de veldweg naar Planken Wambuis. Deze woning noemden ze 'Bellevue'. Bellevue I brandde omstreeks 1840 af en werd vervangen door de huidige boerderij langs de Nieuwe Keijenbergseweg, dat tegenwoordig de naam "De Beken" heeft. Munter gaf zijn landgoed de naam "De Beken" vanwege de drie beken die door het landgoed stromen. Deze beken waren: de Oliemolenbeek, de Afgebrande beek en de (Papier)Molenbeek. Ten noorden van de boerderij liet hij een "slingerbos" aanleggen uit liefde voor zijn zus Margaretha Johanna. In het bos werd een steen geplaatst met een plaquette met daarop een gedicht over vriendschap. De originele plaquette is verloren gegaan maar het gedicht is herplaatst. Tot 2014 was in de schuur van de boerderij een informatiecentrum van Staatsbosbeheer. Het Natuurinformatiecentrum De Beken is nu gehuisvest in de schuur naast de boerderij. Van 2014 tot 2016 werd De Beken totaal gerenoveerd voor zorg en een restaurant. link.

Vanaf het het informatiecentrum is een wandelroute uitgezet naar meerdere lokaties waar kabouters wonen.
Informatie Centrum de Beken, Renkum
  Film over de Tribune infocentrum Renkums Beekdal.

Lees meer op de landgoederen website.
Bella Vista, Benedendorpsweg, Oosterbeek

UITZOEKEN Er zijn 2 Bella Vista's in Oosterbeek: Kneppelhoutweg en Benedendorpsweg.
Volgens de Bag is het oorspronkelijk bouwjaar 1873

Bella Vista

Arnhemsche courant 1890: Te huur of te koop: te Oosterbeek de villa Bella Vista, bevattende zeven kamers met badkamer provisiekamer enz., mooien tuin met fontein, groententuin, prachtig uitzicht. Villa Bella Vista werd in 1904 afgestaan aan het bestuur van de Nederlandse Bond voor ziekenverplegenden. Oosterbeeksche Courant 3-9-1904.

Bella Vista
"Dinsdag 2 Augustus 1904. Rusthuis voor Zusters Door een dame die onbekend wenscht te blijven, is aan den „Ned. Bond voor Ziekenverpleging een geheel gemeubileerde villa Bella Vista te Oosterbeek voor den tijd van 2 en een kwart jaar met een completen inventaris afgestaan, om die te doen dienen als „Rusthuis voor Zusters". Het hoofdbestuur heeft zich gehaast, dit aanbod te aanvaarden, daar nu de wensch van zoovelen om een Rusthuis van den Bond te bezitten, zoolang onbereikbaar geacht, voor het grijpen was. Er is plaats voor zes zusters, die een verblijf buiten, na herstel van ziekte, rust na afmattenden arbeid noodig hebben, of daar hare vacantie wenschen door te brengen. Door een en ander heeft het hoofdbestuur wel is waar geldelijke verplichtingen op zich genomen, daar naar matige berekening jaarlijks een tekort van ƒ600 op de exploitatie rekening to wachten is, na mogelijke bijdragen uit Bondskas en kas van de Ondersteuningscommissie en een toezegging van f 440 gedurende twee jaren van vriendelijke particuliere zijde. Binnen eenige dagen wordt het Rusthuis geopend. Toegang hebben daar de zusters, leden van den Bond en bij wijze, van overgangsmaatregel tot 1 Januari 1906, ook verpleegsters, niet leden van den Bond. De pensionprijs bedraagt ƒ1 per dag. Voorloopig zijn aanvragen tot plaatsing te richten tol den keer J. VV. van Hoogstraten te Edam, secretaris van de commissie voor het Ondersteuningsfonds, welke commissie zich met hot toezicht en beheer van het Rusthuis heeft willen belasten."
Uit het  Algemeen Handelsblad 02-08-1904

In 1906 eindigd het huurcontract. Vanwege het grote succes gaat het rusthuis verder in Buitenrust. Zie aldaar.

Bella Vista
Villa Libra in 2022.
Voormalig Huize Bellevue, Renkum.

Jan van Donselaar en Eva Thomas bouwen in 1798 het huis Bellevue I. Gelegen op de kruising tussen de Weg naar de Keijenberg, en de Weg naar het Plankenwambuis. Bellevue I brand in 1840 geheel uit, en wordt gelukkig weer herbouwd tot Bellevue II. Ook dit pand wordt weer afgebroken en komt er Bellevue III.

Tegenwoordig kennen we de naam Bellevue nog als naam voor een straat, met 2 scholen een Chinees restaurant (het gebouw is uit 1922) en een appartementsgebouw en enkele winkels, woningen
Bellevue

de ligging van huize Bellevue II op een kadaster veldwerkkaart uit 1844.
Het Berghuis, aan de Italiaanseweg, Doorwerth.

Vernield in september - oktober 1944. Niet terug gebouwd.
Gebouwd en in het bezit geweest van dhr. Th. Driessen, ook eigenaar van het Jagershuis.
Zie voor meer info hier bij het Jagershuis.
Voormalige Villa Bergoord, Fangmanweg 25 Oosterbeek. Verkoop villa "Bergoord" met stalling, schuur, berg en tuinmanswoning Zweersdal groot 1 ha 67 aren 1 centiare; wijk Bk 216/217 kad. Sectie D 1494, 1495, 1502, 1503, 1504, 2106, 2107. Huisbewaarder Willem Kamps. Renkumsche Courant 03-05-1890
Huize de Berk, Kasteelweg 4, Doorwerth

Artikel in Op de hoogte jrg 34, 1937, no 3, dd 01-03-1937

Wie komt er wonen: 1931, te Doorwerth: G. Taats en gezin., Kasteelweg 4 van Dodewaard.
In 1944 woont er de fam Kuiper- van Rossum.
In 1947 woont er Jeanne Willemina Taats.

De Berk
Berk
Voormalige villa Bergoord, Oosterbeek, aan de de Kerkhofweg, tegenwoordig de Fangmanweg ter hoogte van de nummers 23 en 25.
Tussen 1798-1890 (boerderij) en 1885 - 1944 (Bergoord)

De eerste boerderij zoals getekend door Maria Vos:
Bergoord Oosterbeek

Rond 1864-65 tekent Maria Vos een boerderij  waar later Bergoord kwam.

In 1871 overleed de 89 jarige hoofdbewoner, de heer Charles Girod.

"Het huisje is in 1856 gebouwd, een typische landarbeiderswoning genesteld onder de bomen van een groot terrein dat later bekend zou worden als Bergoord. Generaties schilders hebben het huisje vastgelegd, omdat het zo pittoresk was, maar ongetwijfeld ook omdat schilderijen van het huisje zo geliefd waren bij zowel vakantiegangers als Oosterbekers. Na 1911 werd het huisje weinig meer bewoond, maar veelal als logeergelegenheid gebruikt voor gasten van het huis Bergoord. Tussen 1920 en 1960 hebben Oosterbeekse kinderen het huisje als speelterrein gebruikt. Het heeft de 2e Wereldoorlog overleefd en verkeert, anno 2007, weer in uitstekende staat dankzij de zorg van zijn tegenwoordige eigenaar" Uit Schoutambt en heerlijkheid. Heemkunde 2007 nummer 3 pagina 2 geschreven door Sandra Niessen.

Bergoord II was een kleine buitenplaats in het Zweiersdal te Oosterbeek, gesticht tussen 1835 en 1843 door de Arnhemse stadsgeneesheer Salomon Pieter Scheltema. Het landhuis stond boven op een heuvel, genaamd `de Heetberg’ (heideberg).

Het herenhuis van Salomon Pieter Scheltema stond later in de adresboeken geregistreerd als
Fangmanweg 27. Het huis heeft in de loop der tijd de naam “Bergoord” gekregen.

Op 15 april 1877 overlijd de volgende bewoner: de heer Josephus Leonardus Leefers , weduwnaar van Wilhelmina Ida van Alphen.

In 1885 is er een veiling met een inzet van Hfl.9.635,=. In 1887 begint M. Hoogwinkel er een pension met ruime kamers, grote tuin, goede tafel, altijd verse melk, boter en eieren, billijke prijzen. Het pension wordt geen succes want al in 1888 staat de villa weer te koop. Weinig gegadigden en op maandag 11 augustus 1890 is er weer een veiling met notaris J. Karseboom en wordt de villa Bergoord in het koffiehuis van dhr. D.A.D. van Gils geveild. De inzet komt op Hfl.5.435,=. De inzet wordt tijdens de veiling verhoogd naar Hfl.7.800,=. In 1890 gekocht door Hermina Janssen, die trouwde met agrariŽr Derk Hooijer. In 1910 komt de villa weer te huur. De tuin blijft door de eigenaar onderhouden. Huur ƒ425. In 1942 overlijdt op Bergoord eerst mw. J.C.J. van Loon en binnen een half jaar haar man, de rustend arts Lykle de Jong.
Verkoop villa "Bergoord" met stalling, schuur, berg en tuinmanswoning Zweersdal groot 1 ha 67 aren 1 centiare; wijk Bk 216/217 kad. Sectie D 1494, 1495, 1502, 1503, 1504, 2106, 2107. Huisbewaarder Willem Kamps. Renkumsche Courant 03-05-1890

Bergoord
Kavel 2106 met huis en schuur in 1895

"Na verschillende eigenaren te hebben gehad, werd “Bergoord” en het land eromheen in 1890 door Hermina Janssen (1858-1939) gekocht. Zij trouwde met Derk Hooijer (1860- 1932) en zo kwam het in het bezit van deze boerenfamilie. Het huis bestond uit twee delen, een luxe voorhuis en een achterhuis. Het voorhuis werd altijd door de Hooijers verhuurd; de boerenfamilie zelf woonde in het achterhuis en bewerkte de grond eromheen. In 1944 woonde de familie Hogerzeil in het voorhuis, en de twee boerenzoons Jan en Willem Hooijer in het achterhuis. Zij hadden “Bergoord” van hun ouders geŽrfd." Uit Schoutambt en heerlijkheid. Heemkunde 2007 nummer 3 pagina 15 geschreven door Sandra Niessen.

Bergoord

"Het negentiende-eeuwse landhuis Bergoord op een met beuken begroeide helling met uitzicht over het Zweiersdal raakte in de loop van de middag meer en meer beschadigd door granaatinslagen en rondvliegende scherven. Die ochtend was de beroemde blinde pianist Johan Verster, die kamers in het huis huurde, stug en uitdagend Beethovens Pianosonate nr. 27, opus 90 blijven spelen. Later werd hij echter naar een veilige voorraadkelder buiten het huis gebracht, samen met de bewoonster Cornelia Catharina Hogerzeil-de Jong en haar tienerzoon. De drie kwamen uiteindelijk in de Beekhof terecht, hethuis van de voormalige gemeentearts Isašc Brevťe, verderop aan de Fangmanweg". Uit Tony Sheldon; de verschrikking van de nacht 2015.
Rust en Herstellingsoord Hemeldal op Hartenstein Lees meer over Hartenstein hieronder.
Over het Hemeldal gaat dit gedeelte van de website
Villa Beukenhorst, voormalige Bovenweg, Oosterbeek

Beukenhorst Oosterbeek

in 1890 woont er de familie C. J. van Rappart - Schimmelpenninck.

Er is een familie mr. A.G.A. ridder van Rappard die woont aan de Utrechtsche straatweg E 394. Advocaat en procureur. Te vinden in het Oosterbeekse Adresboek uit 1900.

Beukenhorst Oosterbeek
"Wegens vertrek naar het Buitenland verzoekt W. L. F. C. Ridder VAN RAPPARD, Villa Beukenhorst , Oosterbeek , inzending van alle zijne Rekeningen vůůr 15 November e. k."
Arnhemsche courant 02-11-1893


Beukenhorst Oosterbeek
Waar is de Bovenweg in Oosterbeek in 1891? Ken wel uit die tijd de Arnhemsche Bovenweg, in de buurt van station Oosterbeek Hoog.

Liggende op de hoek van de Utrechtsen Straatweg en de Pieterbergschenweg. Hotel Schoonoord staat aan de ene kant en aan de westelijke kant stond volgens mijn gegevens een veel kleinder pand.
BeukenhorstNog wel leesbaar Beukenhorst op de gevel. De Beukelaan is zo in Oosterbeek niet te vinden, de Beukenlaan is er wel, doch die is weer niet in de buurt van de Pietersbergseweg.

BeukenhorstHier een Beukenhorst op de Beukenlaan in Oosterbeek.
Het Joan Beuker monument, hoek Utrechtseweg, Groeneweg Renkum.

Joan Beuker 1862 - 1925

Dit monument staat er sinds 1928.

Het bronzen portret is gemaakt door August Falise.

Renkum Nieuws
Renkum Nieuws
Joan Beuker monument
Villa Bobeldijk, Nassaulaan 8, Oosterbeek

De BAG geeft als bouwjaar 1932.

De villa van dhr  Bobeldijk, destijds de gemeente-opzichter Oosterbeek, is door hem zelf ontworpen en gebouwd rond 1937 - 1938


De heer heer M. Bobeldijk uit Hoorn werd in 1927 benoemd tot gemeente-opzichter te Oosterbeek. Hij was gehuwd met J. Kuiper. I 1948 is Bobeldijk ook de plaatsvervangend commandant van de brandweer in Oosterbeek.
1963: Tot ridder in de orde van Oranje-Nassau is benoemd M. Bobeldijk, adjunct-directeur van gemeentewerken van Renkum, wonende te Oosterbeek
Uitkijktoren Boersberg, Doorwerth.

Gebouwd in 2008 als een hommage aan meerdere uitkijktorens met name op of bij de Duno. De bouw in 2008 was een initiatief van de Lionsclub Renkum en Staatsbosbeheer. De toren is gemaakt van gietijzer en is 8 m hoog. Bovenop heb je een fantastisch uitzicht over de Nederrijn, de Betuwe en Nijmegen. Bij helder weer kun je zelfs op 30 km afstand het Reichswald zien liggen. Omdat enkele wegwijzers door vandalen zijn gemolesteerd is de toren moeilijk te vinden. Als je er naar toe loopt, zie je de toren eerst als je er vijf meter voor staat. Het bladerdak onttrekt de toren aan het zicht. Met de auto, parkeer op de Spechtlaan bij de Kapelleboom en ga de Holleweg af. Na 150 meter, vlak voor het punt waar de Holleweg echt steil naar beneden gaat, naar rechts. Pad tussen de twee weiden links in. Op dit pad bij de kruising weer naar rechts, en dan de bocht naar links volgen. Rechtdoor. Dit pad is slecht met vele watergaten, maar kent vrijwel geen stijging of daling. Vanaf Kasteel Doorwerth, loop je terug naar de Fonteinallee. Bij de splitsing ga je naar links en binnen 10 meter zie je een bordje naar rechts, de Boersberg op. Dit pad is geschikt voor gevorderden. link
Uitkijktoren Doorwerth
Het Renkumse Bommengat.

Het bommengat is ontstaan doordat een Engels vliegtuig in de WWII twee bommen "verloor". De Engelse jager werd achtervolgd door een Duitse jager en om sneller te ontkomen heeft de Engelse vlieger z'n vrachtje los moeten laten. Een ooggetuige beschrijft dat de bommen recht tegenover Schaapsdrift nummer 16 in de Molenbeek vielen. Nou ja, ťťn viel er in de beek en de andere viel zo'n 100 meter zuidelijker. Beide bommengaten zijn vrijwel direct dichtgemaakt. Een bom die in de beek valt, vernielt de lemen bodem van de beek, en de beek verliest veel water. De papierfabriek van van Gelder, die afhankelijk was van dit beekwater, zal herstel vrijwel direct hebben uitgevoerd. Kun je in een bommengat zwemmen?  Het zit er vol met bomscherven!
Een bommengat heeft echter wel wat romantisch: "In het zogenaamde ‘bommengat’ van de Keijenbergse beek kon er naar hartenlust worden gesprongen". De Molenbeek was op deze locatie vroeger (tot 2014) veel breder, er werd, met name in de na-oorlogse jaren gezwommen, verfrissing gezocht. Ook in de Molenbeek zijn meerdere plassen, die door Renkummers bommengat worden genoemd. Zo is er een ten zuiden van de ijsbaan waar een vliegtuig is neergestort. Het (verdwenen) strandje aan de Renkumse Riviťra, aan de voormalige Bennekomseweg, wordt ook wel eens bommengat genoemd.
Bommelstein, Dunolaan 36, Heveadorp Uit de Trouw van 1-2-1983:  "Het voormalig directiekantoor van het rubberconcern Vredestein in Heveadorp Is vorige nacht vrijwel volledig verbrand. Volgens de politie is de brand aangestoken. Het gebouw stond bekend als Huize Bommelstein. Onlangs ontruimde een groep krakers het gebouw".
Landhuis Den Bongerd, Lindelaan 12, Renkum.

Volgens de BAG betrokken in 1925.

"De Notarissen G. D. C. VALEWINK te Oosterbeek en F. H. KOOYMAN te Velp, zullen op Woensdagen 5 en 19 Mei 1937, telkens des n.m. ten 3 ure in het Cafť van den Born aan de Kerkstraat te Renkum, ten verzoeke van den heer J. W. Groot, bij inzet en toeslag, publiek veilen en verkoopen: Het Engelsche Landhuis De Bongerd, met garage, schuur en tuin aan de Lindelaan te Heelsum, (arch. Ir. P. J. v. d. Burgh), kad. bekend gem. Renkum, sectie C nomnier 3202, groot 40.30 Aren, bevattŤnde beneden Hall, salon, 2 kamers met betimmering, keuken, bijkeuken, kelder en W. C., boven: 3 slaapkamers, badkamer, zolder en 2 kamers. De villa is voorzien van gas, waterleiding, electrisch licht, centrale verwarming en vaste waschtafels". Uit de Arnhemsche courant van 01-05-1937 

Kennelijk was de verkoop hierboven geen succes. Tien jaar later is J.W. Groot nog steeds de verkoper: Oosterbeekse Courant; 24-04-1947; Verkoop Engels landhuis De Bongerd met garage, schuur en tuin Lindelaan kadadastrale sectie C no. 3202 groot 40 are 30 ca. (Arch. Ir. P.J. v.d. Burgh). Eigenaar J.W. Groot.

J.W. Groot was in de week van 28-4/5-5-1925 vanuit Bergen naar Renkum gekomen.  
Renkum Bongerd
uit het boek: Het moderne landhuis in Nederland; Leliman, J.H.W + Sluyterman, Karel; 1917
.
Villa de Boom, Utrechtseweg 122, Renkum

Naar een ontwerp van de architect prof. Frits Eschauzier. Bouwjaar 1924, doch de BAG noemt 1927. De opdrachtgever destijds was Ruys Lehmann de Lensfeld (1864-1929) en het adres destijds was Straatweg Heelsum.

In 1934 woont Mevr. J. H. Ruysch Lehman de Lehnsfeld er en dan is het adres Utrechtsche Straatweg 49.

Villa de Boom was de pastorie van de Gereformeerde gemeente die direkt na de oorlog was gehuurd en die begin juli 1947 voor ruim ƒ 21.000.- werd gekocht van Jeanne Henriette van Lanschot Hubrecht, weduwe van Henri Alexander Ruysch Lehman de Lehnsfeld, de predikant.

De eerste dominee die er woonde was ds. A. Plaatsman (1910-1986) van het Friese Sybrandaburen, op 29 juni 1947deed de nieuwe predikant intrede.Voor het eerste beroep dat door de kerkenraad op hem was uitgebracht had hij bedankt.

Hij nam zijn intrek in de gehuurde pastorie aan de Utrechtsestraat 122, gebouwd door architect F.A. Eschauzier; een maand later werd het huis voor fl. 21.000 door de kerk als pastorie aangekocht.
De Boom
Villa Bosch en Heide Nieuweweg 5 te Renkum

De Villa Bosch en Heide (rond 1930) was voorheen de r.k. Meisjesschool van de Wijck Conijn Stichting. Anno 1999 is het een studentenhuis.

De nieuwe eigenaar van het gebouw in een woonbuurt aan de westelijke rand van het centrum biedt sinds eind januari kamers te huur aan. Dit tot ongenoegen van de buurtbewoners. Volgens hen staat het bestemmingsplan niet toe dat er meer dan een gezin in het gebouw woont. In de villa zijn in totaal zestien kamers. Het Renkumse college van burgemeester en wethouders onderzoekt de zaak. B en W zeggen 'over enkele weken' een besluit te zullen nemen. Renkum wees vorig jaar een aanvraag van het bedrijf Van Rooij uit Hedel voor een Polenpension in de villa resoluut van de hand. Volgens een woordvoerder ligt deze zaak echter ingewikkelder.
Uit: https://www.gelderlander.nl/arnhem/opnieuw-ophef-villa-nieuweweg~accc5da7/ van 25-03-2009.

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum

Bosch en Heide
Renkum Villa Bosch en Heide

Bosch en Heide
Herstellingsoord voor longlijders Boschlust, Nieuwen Stationsweg, Oosterbeek
De Nieuwen Stationsweg is tegenwoordig de Steijnweg en Karel van Gelderlaan.

Het herstellingsoord voor minvermogenden Boschlust te Oosterbeek, dat de voortzetting is van het op 1 Juni van het vorige jaar geopende herstellingsoord te Ermeloo op de Veluwe, neemt voortaan uitsluitend mannelijke longlijders op, die in het begin-stadium der ziekte verkeeren. Er is gelegenheid tot opneming van 16 patiŽnten.(1905)

Boschlust
1905

Boschlust
1905
"Herstellingsoord „Boschlust”, Oosterbeek. Het Herstellingsoord, dat ook 's winters geopend blijft, en waar thans voor een paar personen gelegenheid bestaat opgenomen te worden, is gelegen aan den. Nieuwen Stationsweg te Oosterbeek (Hoog) op 15 minuten afstand van het station Oosterbeek (Hoog) en op 5 minuten van de halte der Ooster-stoomtram (Arnhem—Driebergen). Het biedt gelegenheid tot opneming van 16 patiŽnten. Beneden is een ruime suite beschikbaar voor bet- en zitkamer, boven groote slaapkamers met balkon, elk voor 4 patiŽnten. In den tuin bevindt zich een lighal, waarin de patiŽnten bij elke weersgesteldheid buiten kunnen liggen. Er worden alleen mannelijke personen opgenomen, die in het eerste stadium van loogtuberculose verkeeren. Opneming kan alleen geschieden na toezending van een attest, hetwelk moet worden ingevuld door den huisdokter van den patiŽnt. Formulieren voor dit attest worden door den directeur der inrichting, franco aan belanghebbenden toegezonden. Bedlegerige patiŽnten worden niet opgenomen. De verplegingskosten zijn bepaald op f 1,25 per dag. leder patiŽnt ontvangt hij aankomst een ligstoel en mag deze niet verwisselen, dan met goedvinden van den directeur. De maaltijden bestaan uit: 8 uur: ontbijt met brood (wit-, bruin- en roggebrood), boter, een ei, thee en een glas melk. 11 uur: een glas melk. 1 uur: middagmaal. Groente, vleesch, aardappelen en meelspijs. 5 uur: brood met kaas of een ei, thee en een glas melk. 8 uur: pap. Aanvragen tot plaatsing moeten gericht worden tot den directeur, J. J. Caenen, Boschlust, Oosterbeek, die gaarne bereid is alle inlichtingen te geven. Het comitť van toezicht over het Herstellingsoord bestaat uit de dames: mej. A. U. Manden, adj .-directrice Gemeente-Ziekenhuis; jhvr. H. v. Panthaleon v. Eek, Bezuidenhout; mej. Ph. Snethlage, Van Blankenburgstraat 22, allen Den Haag." Uit Het vaderland 29-11-1905

Boschlust
1906

"DRINGEND VERZOEK, Ondergeteekende, die gedurende 4 jaren het Herstellingsoord voor minvermogende Tuberculoselijders te Oosterbeek geheel voor eigen rekening exploiteerde, ziet zich door voortdurend te gering aantal patiŽnten en te weinig medewerking genoodzaakt zijne zoo nuttige instelling 15 April aanst. op te heffen. Daar hij door deze omstandigheid, geheel buiten zijn schuld, dan zonder middel van bestaan komt, vraagt hij wie genegen of in staat zou zijn, hem en zijn gezin te helpen door hem een betrekking te bezorgen. Prima referentiŽn staan hem ten dienste. J. J. COENEN, (4982) „Boschlust”, Oosterbeek". Uit Het Vaderland 17 3 1908
Voormalig Huize Boschrust, destijds aan de Hartenseweg 23, Renkum. Ouder adres: Boschrust A 244 / Harten A 244

Andere latere namen: Vakantie kinderhuis en Anna Maria Lentinckhuis.

Het per 1 Mei 1902 geopende herstellingsoord „Boschrust", dat sinds geruimen tijd door de vele aanvragen te klein bleek te zijn, is op twee minuten afstands vervangen door een nieuw en grooter gebouw, geheel naar de eischen des tijds ingericht, aan drie zijden omgeven door veranda's en balcons. Uit Nederlands tijdschrift voor geneeskunde 1909.

Boschrust
Uit het  Verslag van de Staatscommissie ingesteld bij Koninklijk Besluit van 3 Juli 1918 no. 25 blijkt dat Boschrust al in 1905 in Renkum genoemd wordt. Sanatorium Renkum is tegenwoordig bekend als Oranje Nassau Oord.

In de jaren 1904 - 1905 zijn er vele advertenties van Boschrust te vinden:
Huize Boschrust Renkum in 1904advertentie uit Het nieuws van den dag: kleine courant, 22-04-1904

Dr. Kersten komen we in de Wagenigsche Courant van 1896 tegen als arts te Renkum. Rond 1904 verhuisd hij naar Heelsum.

Ik ken zelf wel het Sanatorium voor zenuwlijders Boschrust aan de Loolaan in Apeldoorn, geopend rond 1900 en als sanatorium gesloten rond 1973. Heb er gewerkt in de jaren 1978 - 1982 en kwam er daarna regelmatig tot 2000. Het was toen een soort AZC.

Boschrust
Deze foto is gevonden bij de Gelderse Beeldbank. Is dit een eerste versie van Boschrust, of een foutje? De rondingen boven de ramen zien we later niet meer terug.

Blijft de vraag: waar was het sanatorium Boschrust in Renkum voor 1910?

Kersten
Wageningsche courant 20-3-1907

Het nieuwe Boschrust is gebouwd door de huisarts dr. Willem Kersten, die in 1907 (?) een perceel bos koopt aan de Hartenseweg van de familie Beels-Schimmelpenninck.

Boschrust
Een ansicht met de naam Boschrust duidelijk zichtbaar.


Boschrust Renkum
opname uit 1909, opnieuw is de naam Boschrust duidelijk zichtbaar.

Bij het Kadaster verschijnt met dienstjaar 1911 een eerste kaart (B1085) waar Boschrust op staat. In dienstjaar 1908 laat een oudere kaart B1070 een lege kavel zien.

Boschrust
Deze veldwerkkaart B1085 met dienstjaar 1911 geeft de functie aan: een sanatorium

Het kadaster zal dus duidelijk zijn. Dienstjaar 1911 betekend dat het gebouw is klaar gekomen in 1910 en volgens Demoed (De Westelijke Veluwezoom in oude ansichten) in het vanaf 1909 gebouwd als een  herstellingsoord voor longlijders, en genaamd "Boschrust". Vanaf 1910 laat de heer Kersten advertenties in de  Wageningsche courant verschijnen waarin hij percelen dennen te koop aanbiedt.

De Amsterdamse Vereniging Vacantie Kinderfeest (VKF) begint in 1905. Een groep Amsterdamse onderwijzers neemt dan het initiatief om Amsterdamse bleekneusjes eerst ťťn dag, later drie dagen op vakantie te sturen.

In 1907 verschijnt ook deze oproep: "Helpt ons, ze ťťn dag maar ta laten genieten van de altijd wonderheerlijke natuur in bosch en duin, op hei en strand. We vragen niet veel en.... een kind is gauw gelukkig." Reeds heeft de Amslerdamache Gemeenteraad f. 500 subsidie toegestaan". In het  Algemeen Handelsblad van 08-06-1907

Nadat Sanatorium “Boschrust” werd gesloten en dus leeg kwam, heeft de Gemeente Amsterdam het gekocht voor het Amsterdamse Kinder-Vacantiefeest, om daar een vakantie kinderhuis te beginnen. Het gaat opnieuw open op 21 april 1927. Het pand biedt plaats aan  65 kinderen.

"HET VACANTIE-KINDERFEEST. Het Tweede Kinderhuis geopend. Gistermiddag waren in het oude „Boschrust" aan den Hartenscheweg te Renkum een groot aantal genoodigden van de afd. Amsterdam van den Bond van Ned. Onderwijzers bijeen om de overdracht van het tweede Vacantie-Kinderhuis bij te wonen. De voorzitter der ontvang-commissie, de heer G.A. Aalderink, heette de aanwezigen welkom en gaf het woord aan den voorzitter van de afd. Amsterdam van den B.. v. N.0.A. Hollaar, die in korte trekken de geschiedenis van het drie-daagsche V. K. F. van 16 Mei 1925 te Nunspeet tot heden vertelde. Als a.s. Maandag ook dit huis in gebruik genomen wordt, zullen in 1927 — 160 hoogste klassen drie dagen naar buiten worden gebracht. Dat in zoon korten tijd dit mooie werk zoon vlucht heeft genomen, is voor een groot deel te danken aan de Commissie voor het V. K. F., maar ook aan den steun van verscheidene personen, die het V. K. F. zoo van harte zijn toegedaan. Onder de zeer vele sprekers was o.a. de wethouder voor het onderwijs, E d. Polak namens het gemeentebestuur, die hulde bracht aan voorzitter en secretaris van het V. K. F., de heeren A. Pols en J. W. Roskam. Vele telegrammen en bloemstukken waren ingekomen. Tenslotte werd een rondgang gemaakt door het huis, dat plaats biedt voor 65 kinderen en over het terrein, dat o.a. 19.000 m 2 bosch omvat". Uit het  Algemeen Handelsblad van 22-04-1927



Vader en moeder Cramm werden rond 1927 de nieuwe beheerders. Hun zoon Charles was toen ongeveer 8 jaar en naar hem is later in Renkum een straat genoemd, de Charles Crammweg.

W. Kersten (1866 - 1933) was gehuwd met  A.H. Kersten-Westerman (1869 - 1955). Kersten is in 1929 van zijn woning aan de Utrechtseweg 47, Renkum naar Heemstede verhuisd.

vakantie kinderhuis
kadasterkaart met dienstjaar 1933. Het kinderhuis heeft hier nog geen vleugel aan de linker- achterkant. Vanaf 1960 verschijnt die zijvleugel.

St Vakantie Kinderfeest

Vakantie Kinderhuis Renkum
Vacantie-Kinderfeest Renkum, later bekend als het Anna Maria Lentinckhuis.

In 1939 ontvangt de afdeling Amsterdam van den Bond van Ned. Onderwijzers een erfenis van de heer Lentick, met de bepaling dat het huis naar zijn in 1936 overleden echtgenote het „Anna Maria Lentinkhuis" moet worden genoemd.

De familie Cramm heeft tot eind 1959 het beheer gedaan en daarna de fam. Gademan.

Vankantie kinderhuis
Ansicht gelopen in 1972. Te zien is dat het leeg staat.

vakantie kinderhuis
kadasterkaart met dienstjaar 1977.

Vakantie kinderhuis
kadasterkaartmet dienstjaar 1990. Het oude Vankantie kinderhuis is nog te zien. In rood (stichting van een nieuw pand) verschijnt het latere Campman met een dienstwoning.

De Stichting Heemkunde Renkum heeft een uitgebreid verhaal over het Lentinckhuis op haar website staan. En hier hun verhaal over Boschrust.
Helaas, niets over de periode 1901 - 1909

Tegenwoordig staat er restaurant Campman II.
Voormalige villa Bouvardia, Dorpsstraat 167 en 165, Renkum.

Bekend van de bewoning door van de heer Mijnlieff, steenfabrikant.
 
Bouvardia Renkum
Geheel rechts het voormalige Bouvardia. Daar achter de woning van burgemeester de Beijer en daarachter zijn de contouren van De Blauwe Spar te zien.

"Achtereenvolgende eigenaren: Wilhelmus Hubert Hoedt, particulier uit Rotterdam (1882); Johanna Petronella Adams uit Renkum; Wilhelmus Hubert Hoedt, agent van buitenlandse huizen uit Rotterdam; Matthijs Sanders, fabrikant uit Renkum; Combertus Pieter Burger, hoogleraar uit Delft; Carolina Henriette Geertruida Haasloop Werner, zonder beroep uit Renkum; Jeanette Henriette Haasloop Werner uit Renkum; Bernardus Wilhelmus Kemper, horlogemaker uit Wageningen; Johanna Everdina Kemper; Hendrik Burger, arts uit Amsterdam; Gerardus Johannes Mijnlieff, steenfabrikant uit Renkum; Ned. Buurtspoormij. uit Zeist; Willem Folkert Frijlinck, notaris uit Renkum; Everhard Dirk de Meester, notaris uit Renkum; Johan Willem Berends, automobielhandelaar uit Oosterbeek; Jan van Scherrenburg, aannemer uit Renkum; Gerrit Peter Jacob van Maanen, notarisklerk uit Heelsum; Johannes Andries van Brakel, aannemer uit Renkum en Piet Nolen, agent in ijzerwaren uit Renkum. In 1919  verkopen de erven G.J. Mijnlief Bouvardia aan de Oosterstoomtram om er een station te beginnen. De Heterense oud-notaris E. de Meester en mr. Frijlink kunnen het echter aankopen in hetzelfde jaar". Bron Mw Wijnstkers, Gelders Archief.
De villa 'Bouvardia' is door notaris de Meester en Mr. Willem Folkert Frijlinck (oud notaris) gekocht van de Oosterstoomtrammij (OSM) in 1919 en de zelfde OSM koopt de villa 'Vredeoord' van de fam. Czerwinski. Er wordt gewooon van woning door de OSM geruild. De OSM had Bouvardia net gekocht om als tramwissel te dienen. Vredeoord ligt echter veel dichter bij het centrum van Renkum en was daarvoor beter geschikt.
Een ander rijtje met bewoners, eigenaren:
G.J. Mijnllieff verkoopt in okt 1919 aan de OSM
OSM verkoopt in 1919 - 1920 aan Notaris de Meester en mr. Frijlinck
  F. van Scherrenburg vraagt een dienstmeisje in 1936.
Renkum Dorpsstraat Bouvardia
 Na een 10 jaar verkoopt de Meester het pand Bouvardia weer.

Haagsche courant, 04-01-1929: "Notaris G. A. de Meester te Heteren zal op woensdagen 9 en 23 Jan. aanstaande, telkens nam. 2 uur, in cafť Van den Born te Renkum in het openbaar verkoopen de riante villa Bouvardia liggende aan den Rijksstraatweg te Renkum, met mooi aangelegden tuin waarin vele vruchtboomen, garage, zomerhuis, kippenhok en druivenkas — een en ander ter grootte ; van 34 Aren. Beneden 4 kamers, keuken, bijkeuken en kelder;  boven: 4 kamers, dienstbodenkamer, mangelkamer, zolder en is voorzien van gas en electr. licht. Aanvaarding in eigen genot op 1 April 1929".
Bouvardia

Bij de St. Heemkunde Renkum is te lezen: "Na Simple Villa (Dorpstraat 171) kwam het huis van de familie Haas Hoop Werner. Dit is gekocht door de Hr. Mijnlief en in 1913 afgebroken (“Bouvardia”). Nu staat er een nieuw gebouw op van de Hr. G. van Maanen (169)".
De huisnummers kloppen hier net niet helemaal. Op de Dorpsstraat nummer 171 is Simple Villa, of de Blauwe Spar, dan is er een vrijstaand huis met een grote voortuin op nummer 169.

En het huidige Bouvardia bestaat volgens de BAG uit 2 panden (gesplitst) met de huisnummers 167 en 165.
Bouvardia Renkum
oude opname van het huidige Bouvardia. Volgens de BAG gebouwd in 1890 vwb de linkerkant.

Renkum Bouvardia
opname uit mei 2020
Voormalig Natuurbad de Branding, Kabeljauwallee Doorwerth.

In september 1933 maakt de gemeente Renkum de weg vrij voor de aanleg van een natuurbad op een terrein van ongeveer 8 Ha.  Naar voorbeeld van een dergelijk bad in Bilthoven. Initiatiefnemers: F. H. Perk uit Oosterbeek en J. Wilke uit Bilthoven. Dhr. Perk kennen we dan ook als als directeur van de de NV Bouwmaatschappij Oosterbeek, die met name in Doorwerth veel laat bouwen.
 "Op de terreinen achter de Kievitsdel, tegenover de tennisbanen Doorwerth wordt door honderd werklieden, voor het grootste gedeelte werkloozen uit de gemeente Renkum gewerkt aan den bouw van het natuurbad-Doorwerth. Men is reeds begonnen met het leggen van den vloer van gewapend beton. Meer naar het oosten waar akkermaalshout en dennenboomen worden gekapt, is men druk bezig met het afgraven van zand. Bassin en kano-vijvers worden uitgediept en men is druk bezig met het aanleggen van een strand. Het geheele terrein wordt omgeven door aarden wallen, deze wallen worden beplant, terwijl een afrastering aan den voet ongenoode gasten zal belemmeren de wallen te beklimmen. Aan de Oostzijde komt een parkeerterrein en in de nabijheid de kleedkamers, waarvan de betonnen fundamenten reeds gereed zijn. In den Noord-Oost-hoek achter den ingang is het restaurant in aanbouw. Aan de zijde van het bad bevinden zich ruime terrassen voor een groot deel overdekt, en daarvoor waterpartijen en een vijver met fontein. Ook voor deze waterpartijen komt nog een terras. 's Avonds zijn beide terrassen verlicht, a giorno, het golfslagbad zal onder water worden verlicht. In het restaurant-gebouw komen nog een kapperssalon en ťnkele showrooms. Met een en ander blijkt wel, dat dit bad in den zomer een ideaal oord zal worden ln een stuk nog ongerepte natuur". Uit: Soerabaijasch handelsblad, 17-04-1934

"Vanaf de Kabeljauw-allee
komt men allereerst aan bij het restaurant, met aan beide zijden brede overdekte terassen. In het restaurant is de mogelijkheid voor een daktuin open gelaten. Achter de terassen is een ruime zaal waar honderden bezoekers een plaatsje kunnen vinden. Vanaf de terassen heeft men uitzicht op het brede strand, dat langzaam naar het meer afhelt. Het strand bestaat uit zand dat uit het midden van het meer is aangevoerd. Het meer krijgt in het midden een diepte van 4 meter. Er komen ook gedeelten met een diepte van 2 meter. De grootste sensatie wordt echter de golfslag installatie. Op het diepste gedeelte van het meer, juist onder de duiktoren komt de machinerie die de hoge golven zal opwekken. Deze installatie is iets nieuws voor Nederland. Met de paasdagen 1934 hebben velen de gelegenheid aangegrepen om er eens rond te kijken. En het Natuurbad hoopt met Hemelvaart open te gaan".
Naar een artikel in de Wageningse Courant van 7-4-1934.

Het Natuurbad werd op 10 mei 1934 geopend door de burgemeester van de gemeente Renkum: J. van der Molen. De architect van het geheel was  de heer Wilke uit Bilthoven. Het geheel kwam in handen van de N.V. Natuurbad Park Doorwerth.

Branding Doorwerth

Op ansichtkaarten zien we de naam Natuurbad Park Doorwerth, maar ook de naam De Branding werd vanaf 1934 gebruikt

Branding Doorwerth

Men mikte op 65.000 bezoekers per jaar. In 1944 nam W.F. Saur het hef over. De naam werd: Cafť restaurant de Branding natuurbad park Doorwerth. Sauer stopte in 1961.

Er kwam rond 1950 een groot hotel-restaurant met een terras voor 1.500 bezoekers.

In juli 1955 begint de bouw van een nieuw hotel onder architectuur van ir. N. H. Wesstra en het aannemersbedrijf G. W. J. Sanders uit Arnhem. Het hotel krijgt een inhoud van 6000 m.3, met 82 kamers en 250 bedden. Het ligt in de bedoeling om eind october klaar te zijn. Daarnaast wordt in augustus 1955 ook bekend dat de vakantiehuisjes op het terrein voor drie jaren is verhuurd aan de overheid om als opvangcentrum te dienen voor Indonesische gerepatrleerden. De Branding heeft plek voor ongeveer 500 personen.

In december 1955 vinden de eerste Indonesische repatriantengezinnen onderdak in een de zomerhuisjes.  Het verblijf in een opvangcentrum is tijdelijk, Het ministerie zoekt naar een passende huurwoning en dan kunnen de gezinnen doorverhuizen. Eind april 1959 ziet dhr. Saur de laatste repatrianten weer vertrekken. Z'n contract met het Ministerie loopt af. Sommigen gezinnen moeten eerst verhuizen naar een ander pension en krijgen binnen ťťn week een eigen huis toegewezen.
Hier het verhaal van ťťn van de repatrianten: de heer Tony Kuchel
Branding Doorwerth
Uit dagblad Trouw van 7 januari 1958

Branding Doorwerth

In april 1958 verkoopt de  gemeente Renkum Aan de heer W.F. Saur van het N.V. Natuurbad „Park Doorwerth’’, enige percelen grond Met een ioppervlakte van Ī 16310 m”. De gemeente vraagt ƒ 1,10 per m2. Op de extra gronden mag de Branding een aantal bungalows plaatsen. en komt er aan de Badlaan en de Schaapsdrift een extra uitgang voor het park.

Branding Doorwerth

Ook in  april 1960 verblijven er nog 77 repatrianten op de Branding, ze halen de krant omdat ze weigeren te vertrekken.

In november 1960 stopt de heer Saur met de pacht van de Branding. De N.V, Natuurbad Park Doorwerth wil het aandeel van Saur niet overnemen. De gehele inventaris van het restaurant komt te koop op een veiling. Het ligt in de bedoeling dat hotel, restaurant en bad wel intact blijven.

In 1962 komt er een nieuwe pachter: de 51 jarige heer De Jong, voormalig eigenaar van een distilleerderij annex wijnhandel in de Engelsestraat te Herenveen. De Branding omvat een golfslagbad, een hotel voor volwassenen, een jeugdhotel, een ruime zwemvijver, een speeltuin, een kanovijver en een kunstmatig strand met plaats voor vele duizenden. Het jeugdhotel (die naam wordt al meerdere jaren gebruikt) wordt vooral bezocht door buitenlandse jongeren, b.v. veel Amerikanen, die dit comfort zeer op prijs stellen, terwijl Nederlandse jongens en meisjes minder vaak worden gezien. Zij zoeken het nog hoofdzakelijk in de jeugdherbergen.

In 1965 een nieuwe pachter, de voormalig kapitein J.H.C (Henk) Ulrici.

In 1966 wordt ook de naam rusthuis de Branding in de kranten gebruikt.

In 1973 komt er een apart restaurant bij de ingang aan de Schaapsdrift. In 2019 is dit restaurant al jaren niet meer in gebruikt en brandt het af. Wordt dan niet meer teruggebouwd.

Golden Tulip Doorwerth

Medio 1982 moet het bad de deuren sluiten waarna het hotel in 1984 onder de vlag van Golden Tulip een doorstart kreeg.

In 2015 een nieuwe naam: Fletcher Hotel-Restaurant Doorwerth-Arnhem.
Het goed ten Broeck, onder Renkum

Geen landgoed maar meer een gebiedsomschrijving van een gedeelte van de Hartense Enk, het beken gebied tussen Renkum en Wageningen, zichtbaar vanaf de N225. De westerse helft is van ONO en de oosterse helft kent meerdere eigenaren die aan de "Onder de Bomen" in Renkum wonen.
Meerdere namen voor het zelfde gebied met de beken tussen Renkum en Wageningen. Groenland, Het Broek.
Villa Buitenlust, Utrechtseweg, Oosterbeek

Verkoop villa 'Buitenlust' met schuur, erf en tuin (Noordzijde) Utrechtseweg kad. Sectie C no. 741, 742 groot 22 are. Oosterbeeksche Courant 23-11-1901

Ida Tack
In 1908 woont er J. Lohman en echtgenoote.
Herenhuis Buitenrust, Benedendorpsweg 171-171a, Oosterbeek

Volgens de Bag gebouwd in 1849??

Het pand is gebouwd in 1829, 1850 (volgens de Rijksmonumentenlijst op Wiki) of 1873 (volgens Heemkunde, Nieuwsbrief maart 1999). Over het bouwjaar van het pand bestaat nog enige onduidelijkheid.

Buitenrust was oorspronkelijk het zomerverblijf van een Amsterdamse familie, een particuliere woning.

Vanaf 1832 op de plek waar Buitenrust thans is was het kavel bekend onder D434 eigenaar Harmen Gerritsen [legger 64]. Dit is de schoonvader van Jan van Beek [legger 438] die vanaf 1852 logementhouder/herbergier/kastelein is van Buitenrust. Later perceelnummer is D888-889 daarna wordt het D1316 vanaf 1873.

In 1852 woont de kastelein Jan van Beek er. Het huis heet dan ook wel logement.
 
Buitenrust
advertentie voor een veiling in Buitenrust in 1852

Jan van Beek overleden 31-07-1865 te Oosterbeek was gehuwd met Aaltje Gerritsen overleden 14-4-1844. Dochter Hermina Ottonia van Beek was gehuwd met Pieter van Ingen op 04-04-1862 te Renkum. Binnen 3 maanden huwelijk overlijdt zij op 31-07-1862 te Oosterbeek 28 jaar oud. Pieter van Ingen [broer van de bekende schilder H.A. van Ingen] trouwt een jaar later met Hermina Christina Gerritsen op 21-11-1863 te Oosterbeek. Pieter is dan logementhouder in Buitenrust en zij is dochter van een kastelein. [Hermen Gerritsen]

Buitenrust
1862

Pieter van Ingen overleden 14-06-1872 Oosterbeek. Advertentie vermeld dat zijn vrouw de affaire [logement] voortzet. Van Ingen was geen eigenaar, doch pachter.



In 1873 vind er verkoop plaats door familie van Beek. Verkoop o.a. perceel D889 en een gedeelte van perceel D1316 en D1317. Nieuw ontstaan perceel is D2063 eigenaar Jan Kneppelhout [particulier] uit Leiden.

Buitenrust
Uitsnede van een kadasterkaart gemaakt in 1873, Kavel E 2063, kan middels filiatie niet verder terug in de tijd. Hoek Benedendorpsweg, Kneppelhoutweg.

Buitenrust
1877

Hemsche Berg Oosterbeek
De naam op deze ansichtkaart klopt net. Links op de achtergrond is de Hemelse berg te zien. Rechts het pand Buitenrust aan de Benedendorpsweg.

Enkele jaren later in 1877 is per 1 mei 1e huur het Buitenverblijf Buitenrust, onmiddellijk grenzende aan de Wandelingen over den Hemelschen Berg, met elf Kamers, en alles geheel nieuw. Te bevragen bij den Timmerman J. Hilhorst. Ook in november 1877 is het pand nog te huur.

In 1879 is het monumentale pand, met toen als eigenaar mr. Jan Kneppelhout (of erfgenamen)  verhuurd aan de familie Prager. In 1894 komt Buitenrust te koop, of te huur voor een bedrag van f1000,=. per jaar.
Buitenrust

De schrijfster Augusta de Wit heeft er even gewoond van 1882 tot 1884 bij haar ouders. (Zij is begraven op het oude kerkhof aan de Fangmanweg.)

Buitenrust
Buitenrust Oosterbeek

In mei 1895 staat het nog steeds te koop. In 1904 woont er ene P.M. Prager

Buitenrust
In 1906 wordt Buitenrust aangekocht door het al bestaande Herstellingsoord voor pleegzusters. het pand wordt ingericht tot een rust- en herstellingsoord voor pleegzusters. Voordien verbleven deze zusters in de villa Bella Vista te Oosterbeek. Op dinsdag 18 September, des middags om 12 uur, wordt Buitenrust heropend. Het „Ondersteuningsfonds" van den "Ned. Bond voor Ziekenverpleging" heeft het rusthuis ingericht.

"Te Oosterbeek is de villa Buitenrust aangekocht om ingericht te worden tot rust- en herstellingsoord voor pleegzusters, welke inrichting tot dusver gevestigd was in de villa Bella Vista aldaar". Uit de  Nieuwe Tilburgsche Courant 10-05-1906
"Rusthuis voor Zusters. Heden is te Oosterbeek geopend het rusthuis, dat de Ned. Bond voor Ziekenverpleging daar heeft ingericht. In 1904 werd aan het bestuur van dezen Bond door een dame uit Amsterdam de villa „Bella Vista” te Oosterbeek vrij van huur en met volledigen inventaris afgestaan om daarin een proef te nemen of er behoefte bestond aan een huis voor zusters, dat Ťn in den winter Ťn in den zomer haar de gelegenheid zou geven, zich te ontspannen gedurende een poos van haren dagelijkschen afmattenden arbeid. De proef slaagde voortreffelijk er was weldra gebrek aan ruimte. Dit bewoog bedoelde dame, aan het Hoofdbestuur aan te bieden, thans in eigendom, eene villa aan den Benedendorpsweg te Oosterbeek, aan den voet van den Hemelschen Berg. Verschillende belangstellenden stelden het bestuur in staat de noodige verbouwing te doen plaats hebben, een centrale verwarming aan te brengen en het huis verder geheel in te richten. De bedoeling van de Inrichting is een „rusthuis”, een gelegenheid, waar de zusters hare vacantie kunnen doorbrengen en dus niet een ziekenhuis. In deze inrichting is geen plaats voor zenuwpatiŽnten of ernstige zieken, wel voor herstellenden. Het huis bevat beneden huiskamer, eetzaal, binnenlighal, bureaus der directrice, . ziekenkamer, keuken en bijkeuken; boven slaapkamers voor een en twee personen en een badkamer. Verder is bij het huis een groote lommerrijke tuin, waarin een lighal met ruimte voor 10 stoelen. Uit Het vaderland 18-09-1906

Buitenrust werd aangeschaft voor f 9000,=

"Hedenmiddag te 12 uur had te Oosterbeek de opening plaats van het ..Rusthuis voor zusters van den Nederl. Bond van Ziekenverplegers". Een enkel woord over de wordingsgeschiedenis van dit huis moge aan het verslag der opening voorafgaan. Aan het ondersteuningsfonds, onderafdeeling van genoemden Bond is voor twee jaar de villa „Bella-Vista", geheel vrij van huur en met volledigen inventaris ten gebruike afgestaan door eene dame uit Amsterdam, die onbekend wenscht te blijven. De bedoeling was om een proef te nemen, of er behoefte bestond voor zusters om gedurende den winter en den zomer de gelegenheid te hebben om tegen vergoeding van f 1 daags volledigen kost en inwoning en medische hulp te genieten. Gedurende de twee jaar van het bestaan was er doorgaans meer aanvraag dan plaats. Toen de resultaten zoo schitterend bleken te zijn, heeft dezelfde dame door een vorstelijke gift het hoofdbestuur van den Nederlandschen Bond voor Ziekenverpleging in staat gesteld (althans voor een groot deel) het op heden geopende nieuwe Zusterhuis, gelegen aan den voet van den Hemelschen Berg, aan te koopen. Door giften van andere belangstellenden en bijdragen van het H. B. is men in staat gesteld de noodige verbouwingen, een noodzakelijken bijbouw, badkamer, centrale verwarming enz. aan te brengen. Zoowel voor het H. B. als voor de directrice, mevr. Rueck—van Dijk, die van de oprichting af aan het hoofd van de inrichting heeft gestaan en steeds met groote toewijding de belangen der aan haar zorgen toevertrouwde zusters heeft behartigd, is het een groote voldoening door veler medewerking in staat te zijn gesteld aan meer aanvragen te kunnen voldoen en door eene inrichting, meer beantwoordende aan de eischen des tijds, het den zusters in het rusthuis zůů te kunnen maken, dat het huis geheel aan de bedoeling beantwoordt. Die bedoeling is voor de zusters een rusthuis te scheppen, een plaats waar zij hunne vacantie kunnen doorbrengen, waar zij, die zoo vaak te midden van ziekte en ellende leven, in een vroolijke, rustige omgeving zich kunnen ont spannen. Daarom ook heeft het bestuur gemeend in dit huis zoomin zenuwpatiŽnten als einstige zieken te moeten opnemen, overtuigd dat de inrichting daardoor niet zou zijn wat men er — blijkens de opgedane ervaringen — van, verwachten mag. Wel kunnen uiteraard zusters die na een ernstige ziekte behoefte aan een rustige gezonde omgeving hebben, hier opgenomen worden, maar in een ziekenhuis mag eene inrichting als deze nimmer ontaarden. Het huis bevat beneden vijf kamers: huiskamer, groote eetkamer en een vertrek dat gebruikt kan worden als een lighal binnenshuis, wanneer het weer niet toelaat van de buitenlighal gebruik te maken. Verder bevindt zich beneden de zitkamer (tevens bureau) van de directrice en de ziekenkamer, die blijkens de opgedane ondervinding ook in eene inrichting als deze niet mag ontbreken. Benedenvloers bevinden zich ook nog de keuken en bijkeuken, beide op de meest doelmatige wijze ingericht. Boven zijn de slaapkamers, die alle ingericht zijn zoodat zij in hooge mate aan hygienische eischen beantwoorden: de ramen kunnen van boven en beneden geopend worden, licht en lucht hebben vrijen toegang; ook de badkamer bevindt zich op deze verdieping. Bij het huis is een lommerrijke tuin, op het Zuiden gelegen. Daarin bevinden zich de lighal met een ruimte voor 10 stoelen en een hut. Ook is daar een gelegenheid om rijwielen te bergen. Het geheel maakt een zeer prettigen indruk alles ziet er even frisch en doelmatig ingericht uit, zoodat zij die hun goede zorgen aan de inrichting hebben besteed, met voldoening op hun werk mogen terugzien. In tegenwoordigheid van freule Jeltje de Bosch Kemper, eerelid van den Bond, dr. van Welij, lid van het hoofdbestuur, de voltallige commissie voor het ondersteuningsfonds (behalve prof. Nijhoff), de Burgemeester en de wethouders van Oosterbeek en dr. Busch Adriani, geneesheer van het Rusthuis, had in de fraai versierde binnenlighal de opening plaats. Dr. A. C. H. Moll, uit Arnhem voorz. van de ondersteuningscommissie, heette de aanwezigen welkom, ging na wat de Bond doet voor de ontwikkeling der zusters en toonde de noodzakelijkheid van een Rusthuis aan. Uitvoerig zette hij de beteekenis ervan, zoowel voor de zusteis als voor de zieken, uiteen, en constateerde dat de proef die 2 jaren geleden begonnen was, uitnemend is geslaagd. Hij bedankte voorts de geefster, mevr. Rueck-van Dijk de directrice, de geneesheeren te Oosterbeek en allen, die tot de totstandkoming hebben bijgedragen en beval het Rusthuis aan in den steun en medewerking van allen die er de beteekenis van inzien en inzonderheid van B. en W. Dr. van Welij, uit den Haag, de commissie van het Ondersteuningsfonds en de directrice dankzeggende, aanvaardde namens het Hoofdbestuur het Rusthuis; een der aanwezige Zusters vertolkte in een vers de gevoelens der verpleegsters, waarna de aanwezigen het huis bezichtigden"
. Uit de Arnhemsche courant van 18 9 1906

Buitenrust voor verpleegsters geopend. Oosterbeeksche Courant 15, 22-9-1906.

"Te Oosterbeek is den afgeloopen nacht ingebroken in de villa ,,Buitenrust", bewoond door mevrouw Rueck. De dief of dieven braken eenige schrijfbureaus open doch vonden geen geld. Zij namen 2 certificaten Arnhemsche Hypotheekbank mede, benevens een aantal zilveren vorken en lepels". Uit  Algemeen Handelsblad 31-10-1906.

"Gods beste zegen wordt aan alle Vrienden en Bekenden toegewenscht bij de intrede van dit Nieuwejaar door J. LOHMAN en Echtgenoote, Oosterbeek, Villa Buitenrust". Het nieuws van den dag : kleine courant 01-01-1907.

Buitenrust Oosterbeek

Onduidelijk is dan wie er nu precies woont. In 1908 gebruikt zuster  T. Dona, Buitenrust als adres voor te werven personeel voor het Burgerweeshuis te Amsterdam (St.-LuciŽnsteeg).
In 1911 zoekt mevrouw Rueck een keukenmeid voor Buitenrust.

"Oosterbeek. Herstellingsoord Ŗuitenrust, uitgaande van den Nederlandschen Bond voor Ziekenverpleging "Uit het boek: Het aandeel der vrouw in het maatschappelijk werk ten onzent verricht 1910.

"Nederlandsche Bond voor Ziekenverpleging, gev. te Amsterdam, met Vacantie- en Herstellingsoord „Villa Buitenrust”, te Oosterbeek" Uit  Gids voor armenzorg en maatschappelijken steun in Nederland samengest. in opdracht van de Algemeene Armencommissie 1919

In 1936 gaat een zuster zich kennelijk omscholen. Ze biedt zich aan als Verpleegster - huishoudster, met alle voork. werkz. op de hoogte, liefst in inrichting of rusth., v. g. g. v. Br. A. Paternotte, Rusthuis Buitenrust, Oosterbeek.

We zien meerdere namen, zoals: het Rust- en vacantiehuis van de Ned. Bond voor Ziekenverpleging, Buitenrust in 1939.

 In 1960 zoekt Rusthuis Buitenrust v. d. Nederlandse Bond v. Ziekenverpleging, Benedendorpsweg 171, Oosterbeek, een hulp in de huishouding zo spoedig mogelijk. Sollicitaties a.d. directrice.

 Buitenrust
Op deze Kadaster veldwerkkaaart D 3849 met dienstjaar 1962 is de directrice van Rust en Vacantie aanwezig bij het veranderen van de erfgrens.

Oosterbeek D 6986 tehuis met tuin. Dj 1971 verkoop D7597.

Het huis werd onder andere bewoond door de schrijfster Augusta de Wit. (lees meer over haar in dit artikel)

Meer informatie Heemkunde Renkum

Buitenrust is een Rijksmonument.
Villa Buitenrust, Bennekomseweg 2 te Heelsum gebouwd in 1907.

  Bennekomseweg 2 Heelsum
Op deze Kadaster hulpkaart is de kavel 1907 in dienstjaar 1906 nog leeg.

Bennekomseweg 2 Heelsum
In 1907 is de oude kavel gesplits en staat er op kavel 1943 de woning Bennekomscheweg 2 Heelsum
Mees, Mej. M.H., Villa "Buitenrust" Heelsum

In 1905 woont Mej. M.H. Mees in de villa "Buitenrust" te Heelsum (telefoonboek).

Buitenrust
uit de Naamlijst voor den elefoondienst in 1915, 1921

Op de Bennekomseweg nummer 2 was de familie Beelaerts van Blokland een van de bewoners.

 In 1936 komt de Wed. A.M.C. Beelaerts van Blokland - Snoeck, de weduwe van Jhr. Dr. W. A Beelearts van Blokland, er vanuit Den Haag wonen. Ook haar zoon: Jhr. mr. Johan Anthony Beelaerts van Blokland woont er. In 1937 bezoekt hij het Christelijk Lyceum in Arnhem.

In  oktober 1936 vertrekt Jvr. Johanna Maria Beelaerts van Blokland, naar Wassenaar.

In 1948 woont er de Douair. Jhr. W.A. Beelaerts van Blokland - Snoeck.

De DouariŤre Willem Adriaan Beelaerts van Blokland geboren Jkvr. Adriana Maria Catharina Snouck, overlijdt er in 1951, ze is dan 70 jaar.

Uit 1951 kennen we als bewoners: J. C. Beelaerts van Blokland en H. Beelaerts van Blokland.

Sonnevanck Heelsum
Buurtschap de Buunderkamp, Wolfheze. Meer over de Buunderkamp.
Buurtschap de Zalmen en alle bebouwing (woonhuizen, boerderijen, hotel) op de Fonteinallee.

Ook wel Doorwerth-Laag genoemd. Tot 1944 was dit eigenlijk gewoon Doorwerth en bestond er geen Doorwerth-Hoog. In het Doorwerth aan de Fonteinallee en rond de Zalmen woonden de neringdoenden van het kasteel. met cafť en bakker, geen kerk, de kerk stond in Heelsum. 
Op de Fonteinallee stonden boerijen met bijzondere namen: Westerbouwing, Oosterbouwing. Lees hier meer over bij boerderijen.
De Fonteinallee gaat van de Noordberg in het Westen tot het Tolhuis, Fonteinallee 1 te Heveadorp. Vrijwel geheel verwoest in 1944-45, vrijwel niets is herbouwd. Van het Jagershuis zijn nu nog enkele resten terug te vinden.
Villa Campina, Utrechtseweg 102, Renkum

Campina Renkum

Campina is een rijksmonument. Volgens deze link gebouwd tussen 1920 en 1930.
De BAG geeft echter 1957 aan.
In het boek Monumenten in Nederland. Gelderland (2000) van Sabine Broekhoven, Chris Kolman, Ben Olde Meierink, Ronald Stenvert, Marc Tenten, is te lezen: Utrechtseweg 102 (1928-'29), is gebouwd naar plannen van A. Kraaijenvanger voor dhr. A. Visser.

Visser
Deze mw Visser verhuisd later naar Campina

Campina

De familie Visser woonde voordien aan de Utrechtse straatweg 36 in Heelsum. In 1929 vertegenwoordigd A. Visser enkele erven van de "Java”, Zaandam, Oostzijde 261—263, puddingen en ouwelfabriek. In 1924 is bij Kon. besluit aan A. Visser, te Heelsum, verlof verleend tot het aannemen van het officierskruis der Orde van de Ster van RoemeniŽ.

Dhr Visser is vermoedelijk Adriaan Visser (1877 -1933), partner van Honora Winifred Eckersleij (1891-?)

Mw. Paula Maria Vogts Walls, een Duitse architecte en historica geboren in Bremen, bezat Villa Campina tussen 1930-1967. Zij heeft er behalve enkele jaren gedurende de WWII in Campina gewoond. Na het overlijden van haar man bleef Vogt Walls er wonen. Na de oorlog keerde hij terug naar Campina, vond het bijna verwoest en verkocht de helft van het land om het te renoveren. Pablo Harms. Bron

Advertentie:  L. C. de Vos van Nederveen Cappel. Heelsum. 21 Sept. 1946. Utrechtschestr. 102.

Mevrouw De Vos woont in haar antiekwinkel Mevrouw P. M. de Vos van Nederveen Cappel-Vogts, antiquaire, klein van stuk en opgeruimd van karakter, vloeiend Engels, Duits, Frans en Spaans sprekend, opgegroeid in Rotterdam en na een veeljarig verblijf in Buenos Aires, neergestreken in het Gelderse Heelsum, is even verzot op antiek als een bij op honing. Daarom begon zij na de oorlog in haar als een Engelse cottage gebouwd landhuis een handel in deze steeds meer gewilde koopwaar. Maar zij richtte er geen speciale winkel voor in. Zij stouwde haar hele huis vol met antieke voorwerpen. Hal, gang en zes kamers staan er nu propvol mee. „Ik heb geen nieuw stuk in huis", zegt zij. „Alleen de keuken en de badkamer zijn modern ingericht. Voor de rest is het allemaal antiek". Dan blijft er toch geen ruimte over om in te leven, zult u zeggen. Maar maakt u zich niet ongerust: mevrouw De Vos bewoont het huis normaal — zij leeft temidden van haar met prijskaartjes voorziene koopwaar. Als zij gasten te dineren nodigt, vraagt mevrouw De Vos hen altijd in welke kamer zij willen eten. En dan hebben de gasten de keuze uit een Hollandse kamer, een Biedermeier kamer, een Empire kamer, een Franse kamer en de Ridderzaal. De gasten mogen zelf kiezen of zij willen aanzitten aan een oude Zaanse, een Biedermeier of een Renaissance tafel. Na afloop van het diner kan een van hen met een gerust hart zeggen: „Mevrouw De Vos, deze tafel bevalt me prima. Voor zoveel gulden wil ik hem kopen". Als de prijs redelijk is, zegt mevrouw De Vos zonder ooggeknipper: „Okay, de tafel is van u". Het is enorm hoveel in deze branche wordt bedrogen", zegt mevrouw De Vos van de antiekhandel Campina in Heelsum. „Elke scharrelaar in tweedehands goed mag zich antiquair noemen. Of hij kennis heeft van antiek of niet, doet er niet toe. Toen ik mijn zaak begon, moest ik een examen afleggen. Maar omstreeks 1955 kwam die eis te vervallen. En daarmee kregen de beunhazen vrij spel. Het verkopen van antiek is een kwestie ran vertrouwen. Maar er wordt enorm veel misbruik gemaakt van de goedgelovigheid van het publiek. Op alle mogelijke manieren wordt geprobeerd ondeskundige kopers er in te laten lopen. Zo zijn er fabrieken die nieuwe kasten naar boerderijen brengen. De boer en zijn gezin mag ze gratis gebruiken. Hoe ruwer hij er mee omspringt, hoe beter het is, want dan lijkt de kast gauw lekker oud. Na verloop van tijd komt dan een antiquair met een klant naar de boerderij gereden. De laatste wil graag een antieke kast kopen en toevallig weet de antiquair er nog eentje te staan — ergens op een boerderij. Hij kan hem zo uit de kamer wegkopen. Is het een wonder dat een leek, afgaand op goed vertrouwen, er in loopt? De „antiquair" wrijft zich heimelijk de handen. Hij heeft op een gemakkelijke manier een aardig winstje opgestreken. Het zijn mensen zonder liefde voor antiek" aldus mevrouw De Vos van Nederveen-Cappel-Vogts.:  Uit de  Friese koerier; onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden, 15-08-1964

Campina
Telefoongids 1947, 1948, 1950: Vogts, P. M. A.

Gezocht voor A'dam een NET MEISJE, goed kunn koken en werken in gezin m. 2 kind. Hoog loon en goede behand. Zich te melden bij mevr. Kalter, Heelsum, Utr.weg 102, Huize Campina. Uit de  Arnhemsche courant van 27-08-1949

Campina

Campina
Campina
Een huisje voor de verhuur door P.M. de Vos - Vogts.

Paula Maria Vogts, overleden Heelsum  21-10-1967

"Openbare kunst-, antiek- en inboedelveiling in huize ‘Campina’, Utrechtseweg 102, Heelsum, uit de nalatenschap van Mw. P.M. de Vos van Nederveen Cappel"  Artikel in de Hoog en Laag van 09-05-1968

35 jaar in antiek; Mw. P.M. de Vos Nederveen Cappel - Vogts (Huize Campina), artikel in de Hoog en Laag van 09-10-1980

In 1982 is de villa Campina geveild door notaris J. van der Staay uit Oosterbeek.

De foto hierboven is uit de jaren 50 en zelf herinner ik me dat het erf veelal vol stond met antieke kitsch. In een telefoonboek van 1980 vind ik nog: Campina Antiques Heelsum.

In de Telegraaf uit 1980: GRENENLAND. Waar echt antiek grenen koninklijk verzorgd te vinden is: Huize Campina, Utrechtseweg 102 te Heelsum/ Renkum. 08373-2573 (4 baans te bereiken).

In 1981 is er een opruimingsuitverkoop geweest. Een directiekeet, een Engelse telefooncel, alles ging weg. De bewoner had zijn terrein volgezet met onder andere pipowagens, schuurtjes e.d. Het terrein is in de jaren na 1980 gesplitst en de kavels, ook aan de Voorstreven, zijn later verkocht en daar staan nu villa's en woningen.

Campina
Het Kabouterhuisje, een huisje van Vogts. Jaartal niet bekend.

Het Kabouterhuisje was te huur 75 gulden voor een week in augustus en 50 gulden in september. Het huisje stond aan de Heidesteinlaan. Na de rotonde richting de stoplichten van N225. Aan rechterkant. In de BAG is het huisje nog terug te vinden: Heidesteinlaan 2 A Renkum Oorsp. bouwjaar 1950. Documentnummer 92614. Heb het idee dat het huidige pand uit 2010 een ander bouwjaar heeft. Een mysterie.
Campina

Andere info bij Heemkunde Renkum en hun bron: Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Campina Renkum
De verdwenen Camping Wilhelminapark, Heelsum zie Wilhelminapark Heelsum.
Cardanusbossen, Doorwerth.

Genoemd naar de N.V. Exploitatie Maatschappij Cardanus  die vanaf 1925 met de ontwikkeling van het huidige Doorwerth is begonnen. Cardanus heeft de landschapsarchitect Tersteeg, gevraagd het Doorwerth-complex en een golfterrein te ontwerpen. 
De Cardanusbossen zijn ten noorden en zuiden van de Van der Molenallee in Doorwerth. Vanaf Doorwerth tot de Westerbouwing. Aan de noordzijde is de N 225 te vinden. Aan de westzijde ligt het gehucht Kievitsdel. In het bos aan de van der Molenallee, staat een transformatorhuisje dat een rijksmonument is.

Wikipedia.
Verdwenen villa Casa Blanca, Wolfheze 2, Wolfheze

Op de plek waar in 1931 een witte villa, de directeurswoning van het Ziekenhuis Wolfheze, wordt gebouwd stond daarvoor een boswachterswoning - ontginningsboerderij. De boerderij wordt afgebroken als ook de kliniek Neder-Veluwe voor het Ziekenhuis Wolfheze wordt gebouwd.
Voor de bouw van de nieuwe afdeling geronto-psychiatrie van het ziekenhuis in 1986 werd  deze markante villa afgebroken.

Neder-Veluwe en Casa Blanca
Kliniek Neder-Veluwe en rechts Casa Blanca. Op de voorgrond de Heelsumseweg.
Later werd de villa gebruikt om personeelsleden te huisvesten.

Casa Blanca
Verdwenen villa Casa Cara, Heelsumsestraatweg, Renkum
Ook wel Utrechtseweg 126

nieuwe eigenaar na de veiling in 1877: J.C. Schotel

Casa Cara Renkum

Casa Cara Renkum
Renkum Casa Cara

"Pension Casa Cara" (Heelsum, post Renkum). Pracht, uitz. op Rijn en Noordberg. Uitst. ref. Week-end ƒ 12. Pens. pr. v.a. ƒ3. L. v. Beneden—Uitterdijk." Algemeen Handelsblad 14-05-1933

In 1936 wordt de inschrijving in het Handelsregister gewijzigd.

1941: tegen belooning terug te bez. Casa Cara, Mevr. Teek, Renkum. T 1599

1947: Heden overleed, na een langdurig, geduldig lijden, zacht en kalm, in de leeftijd van 68 jaar, onze lieve Zuster, Behuwdzuster en Tante Petronella Catharina Hovens Greve—Peck, Renkum, „Casa Cara".
Casa Rusticana. Utrechtseweg 35 Heelsum zie meer bij hotels
Casa Nuova, Heelsum

Lees meer bij Casa Nuova
Villa 'Casa Nuova'. Gebouwd in 1881, in opdracht van de heer J.G.H. van der Dussen (overleden op 8 mei 1891). In zijn testament staat het pand vermeld met de naam Churchill
Villa Cassi, Utrechtsestraatweg 179, Oosterbeek "Wed. J. C. M. Hanewinckel, wonende aan de Boschweg 71 te Apeldoorn verzoekt in 1946 het adres van de dames E. Heybroek en mw. Visser gewoond hebbende te Oosterbeek in de Villa „Cassi", Utrechtsestraatweg 179, Oosterbeek."
Uit de Nieuwe Apeldoornsche courant van 31-10-1944


 De voormalige Renkumse Caecilialaan, niet ťťn leuk huis, maar een straat vol leuke huizen.

Fabrieksstraat
hoogtekaart met bebouwing uit 1947. Alle woningen aan de Fabrieksstraat staan er op.

De Caecillialaan veranderd (rond 1913) in de Fabrieksweg, en tegenwoordig een stukje niet te bezoeken fabrieksterrein. Er staan nu nog twee van de zes historische arbeiderswoningen. Met de adressen Fabrieksstraat 5 en Veerweg 1. Volgens de BAG zijn ze voor het eerst betrokken in 2000. Voor het adres Veerweg 1, de vroegere receptie, kent de BAG zelf een woonfuctie! Deze twee panden zouden in de zomer 2018 worden afgebroken.

Renkum Caecilialaan
Waar? In de Dorpsstraat, tussen Delsink en de parkeerplaats ligt de fabrieksweg. Een straat zonder naambordje. 2 van de woningen zijn nog te zien vanaf de N225 (fietspad).
Fabrieksstraat Renkum in 2017
De twee nog aanwezige huizen van de voormalige Caecilialaan zijn nog goed te herkennen in 2017. De voorste woning doet oa. dienst voor de bedrijfsbrandweer, de achterste woning werd gebruikt door de portier van de fabriek. Het "hier melden" loket is nog te zien.
Wes Beekhuizen heeft het in zijn boek: Groen was mijn dorp over de "credietlaan" als de Cealialaan rond 1913 naar Fabriekslaan wordt hernoemd. Heel bijzonder; in de BAG hebben beide panden, Fabrieksstraat 5 en Veerweg 1 als bouwjaar 1999 !?!

Fbrieksstraat
Het BAG bedoeld met Oorsp. bouwjaar ťťn jaar eerder, niet 2000 maar 1999. In 2000 gaat de belastingdienst het pand als eigendom aanmerken en gaat de gemeente WOZ heffen.
Villa Christina, Schelmscheweg, Oosterbeek.
Concertzaal Rozensteeg 3, Oosterbeek.

In 1867 kocht de hier vaker genoemde Jan Kneppelhout een stukje grond in Oosterbeek om daar een atelier met een koffiekamer te bouwen. Bedoeld voor de vele kunstenaars uit de Renkumse dorpen en de gemeente Doorwerth. Kneppelhout fungeerde als mecenas en de ontmoetingsruimte was een van zijn instrumenten. In 1886 werd de ontmoetingsruimte omgebouwd tot concertzaal en verenigingsgebouw. De concertzaal was met name bedoeld voor de violist Jan de Graan. Kneppelhout was helemaal weg van deze jongeman, die toen tijdelijk in Parijs verbleef. Voordat de concertzaal klaar was overleed Jan de Graan, veel te jong dus. Kneppelhout vermaakte de concertzaal aan de Gemeente Renkum bij zijn overlijden. En vandaar dat de zaal er nog steeds is.

Meerdere verenigingen maken er gebruik van.

Sinds 2012 is het beheer in handen van Jan van Hooidonk, die daarvoor de oude brandweerkazerne c.q. het koetshuis van Hartensteijn tot een toprestaurant had gemaakt.

In 2016 is er een verbouwing en komt er een nieuwe naam: EventTheater. Een paar jaar later weer veranderd naar Concertzaal.

Concertzaal Oosterbeek, tekening: Dick Caderius van Veen
De Concertzaal in Oosterbeek; bron (met toestemming): Dick Caderius van Veen.
Het verdwenen verenigingsgebouw Concordia. Was gelegen aan de Utrechtse Straatweg in Heelsum, iets ten oosten van de Kastanjelaan, ten noorden van het Koloniehuis. Tegenwoordig is hier een oprit naar De Koningshof.

Op 7 januari 1898 werd  de Doorwerthse burgemeester Ph. F. A. J. Baron van Brakell van Wadenoyen van Doorwerth, gehuldigd bij zijn zevende herbenoeming als burgemeester van de gemeente Doorwerth. De burgemeester bood als tegenprestatie een praktisch geschenk aan: een gebouw waar de verschillende verenigingen gratis terecht zouden kunnen: Concordia. In juni 1898 Concordia geopend, waarbij het “Doorwerthse Mannenkoor” enkele liederen liet horen.

Het Kerkje op de Heuvel was van de Baron van Brakell, en Concordia dus ook. Ten gerieve van de zangvereniging "Doorwerths Mannenkoor" liet  de baron het verenigingsgebouw “Concordia” plaatsen. Onder het dirigentschap van de heer Mantel vonden daar de repetities en de uitvoeringen plaats. Eerst werden een tiental nummers gezongen en na de pauze werden toneelstukjes opgevoerd. Ze zongen op concoursen en dat was voor het kleine koortje, dat uit eenvoudige mensen bestond, al een hele prestatie. Meestal wonnen ze wel een prijs, als stond soms in het rapport van de jury: “Een klein koortje dat zich groot wil voordoen” of “Hang de lier maar aan de wilgen en ga naar huis, mijne heren”. .... De baron was beschermheer van de zangvereniging; hij vulde eventuele tekorten aan.
Uit: De eenvoud van het geluk, zie literatuur.

Gedurende dezen winter zal door de afdeeling (Renkum-Doorwerth der Geld. Overijselsche Maatschappij van Landbouw, J. W. F. Scheffer) een cursus in paardenkennis worden gegeven door den heer ten Sande, rijks-veearts te Oosterbeek, waarvoor zich 18 deelnemers hebben aangemeld. Door den Burgemeester dezer gemeente, den heer Ph. F. A. J. baron van Brakell Doorwerth, is het lokaal ęConcordiaĽ geheel kosteloos, verwarmd en verlicht, voor dit doel ter beschikking gesteld. Uit de Arnhemse courant van 13-10-1900

"Gisterenmorgen (27-07-1905) ging de Zangvereeniging „Concordia", een gezelschap van 28 personen, directeur de heer Mantels, uit Heelsum, haar jaarlijksch uitstapje houden. Men ging naar den Haag en Scheveningen, dank zij de groote gulheid van den eigenaar van de „Duno", die f 300 heeft gegeven om deze Vereeniging een aangenamen dag te bezorgen. Gisterenavond kwamen de leden met den laatsten trein te Arnhem binnen, om vervolgens de reis naar huis te aanvaarden". Uit de Arnhemse courant van 28-7-1905

Plattegrond Heelsum circa 1930 bron Gelders Archief
Op deze plattegrond (met toekomstwensen) van Heelsum uit 1930 staat het Verenigingsgebouw aan de Utrechtse Straatweg precies in het midden van de kaart. Open de plattegrond in een eigen venster voor een grotere weergave, of bezoek de bron van het Gelders Archief.

Concordia werd ook door een kerkelijke gemeente gebruikt als parochie-gemeente-huis, voor samenkomsten. 0p 15 maart 1944 brak er brand uit en was op een kleine ruimte na, het stenen gebouw geheel verzwolgen.
Dalzicht, aan de Utrechtsestraatweg 112 op de hoek met de Weverstraat te Oosterbeek.

Gebouwd in 1855 door Jan van Embden, Renkums burgemeester van 1866 tot 1892. Na zijn overlijden, bericht in 1897 notaris A. Moll dat het buiten „Dalzicht", met Koetshuis, Tuin en verdere Bijgebouwen, op een veiling is ingezet voor hfl 25,499. Een jaar later, in 1898 begint cuisinier F.N. Heinsius er een pension, dat echter in de winter gesloten is. Hij stopt met het pension in januari 1939. Het pand wordt dan gesloopt en er zijn plannen voor de bouw van zes winkels aan de Utrechtseweg en aansluitend 11 winkels op de Weverstraat. Tijdens de Slag om Arnhem gingen die in vlammen op. G. Robers uit Arnhem mag van B+W voor hfl 2.300,= een weg aanleggen op het terrein van voormalig Dalzicht. De oorlog gooit roet in het water en daarna wordt veel anders. De huidige winkels zijn er in de jaren 50 gebouwd.
Pension Dalzicht Oosterbeek
Ansichtkaart van Dalzicht, rond 1920.
Voormalig Dalzicht, Utrechtseweg 52, Heelsum

Dalzicht
Stond naast het Beekdal. Foto van H. Smit rond 1980 voor de sloop. De nieuwbouw is gereedgekomen rond 1983.

Dalzicht

In 1956 in gebruik bij Chemische. Industrie Sauer & Co., Utrechtseweg 52, Heelsum
In 1866 opent er een Dames-Kostschool (Inrigting voor opvoeding en onderwijs) in Renkum aan de Dorpsstraat 67 (oud adres)

dames kostschool
Bij Manasse kun je er een ansichtkaart van kopen. 

"De villa's Dorpsstraat 83-85 van de fam. Ploem, waarin mej. Ploem later haar kostschool hield (in 1913 tot dubbel winkelhuis verbouwd)". Demoed pagina 229

"In 1862 was het pand van de heer Ploem en werd het bewoond door de heer Muntendam. Hij bewoonde het hele huis. In 1870 woonde bakker Geerkema hier. In 1876 gaar het huis over in het bezit van de heer Van de Goot, die zeer rijk was. Hij woonde daar met zijn zusters en daarna had mej. Meindersma er een dameskostschool. Uiteindelijk wordt het verkocht aan Beekhuizen en Corton. (Cees Burgsteyn: De langs de woning gelegen diepe steeg voerde naar het cafť 'De Groene Jager', dat van dezelfde eigenaar was als die van de kapsalon. Na de verbouwing tot woning van de kostschool hebben hier nog jaren de dames Bekkering gewoond.") Uit : Huizen in Renkum, studie van den Born, HGR 2005
De plaatselijke Schoolcommissie van Renkum en Oosterbeek wil graag verklaren dat het Instituut van mejuffrouw A. M. M. Brouwer alle aanbeveling verdient. In 1864 opende zij al een "une maison dťducation a Baarn". In 1875 vertrekt mw. Brouwer met de gehele kostschool naar 't Buiten, voorheen het oude Kromhout te Brummen.

kostschool van eerst de dames Ploem en daarna mej. L.T. Meindersma.

"De dameskostschool was in die jaren blijkbaar goed bezet. Boven de woning van de fam. Hurkmans had men een overdekte loopbrug, die beide panden met elkaar verbond, zodat men ook de bovenverdieping van dit pand kon gebruiken. In 1912 is de kostschool
verplaatst naar Heelsum. De nieuwe eigenaren lieten het pand toen verbouwen tot twee afzonderlijke panden. In 1913 betrok de fam. Beekhuizen het linker gedeelte en had daar een meubelmakerij en een galanteriewinkel. Het rechter gedeelte werd door de fam. Corton betrokken". Heemkunde 1993 nr 2

In de winter van 1944/45 zijn deze twee panden volledig verwoest.

"Naast het winkeltje van de dames van de Helm stond dan de "Dameskostschool". Hier werden in die jaren de dochters van de welgestelden, toevertrouwd aan de dames Ploem en Meinersma. Deze kostschool had een goede naam, en dat niet alleen bij de ouders, maar ook bij de studenten uit de naburige landbouwstad Wageningen. Want na een uitbundig bierfeest, wilden deze wel eens een poging ondernemen om de kostschool binnen te dringen, om wat meer aandacht aan een jonge schone te wijden. Of dit ze ooit in werkelijkheid gelukt is, vermeld de geschiedenis niet. Zeker is wel, dat de kostschool in die jaren goed floreerde, want het toch al ruime pand werd al spoedig te klein, zodat men ook de bovenverdieping van het naburige pand hiervoor ging benutten. Om dit te kunnen realiseren, had men hiertoe over de tussengelegen steeg een loopbrug gebouwd. Deze bovenverdieping was gelegen boven de toenmalige slijterij annex winkel voor koloniale waren, van de firma Hurkmans. Na het verhuizen van de dameskostschool in 1910, was in bedoelde bovenverdieping gedurende enige tijd een zogenaamde HerensociŽteit gevestigd" Uit Bomen over Renkum, Cees Burgsteyn
"Zelfs in de Dorpsstraat mestten in die dagen tientallen bewoners een keutje en toen wij in de voormalige Kostschool woonden hielden wij er ook zo'n krulstaart op na die in het najaar geslacht werd". Wes Beekhuizen Groen was mijn dorp pagina 18
Rusthuis Dennenhoek, Stationsweg F 43, Oosterbeek
in het adresboek 1920 staat: Cronjťweg F 43

Dennenhoek Oosterbeek

Dennenhoek Oosterbeek
Dennenhoek Oosterbeek
Hoofd en eigenaar is Maria Elisabeth van den Bosch tot 1923
Huize Dennenkamp, Utrechtsestraat 135 (oud adres)

De villa heeft van 1946 tot 1966 als Gemeentehuis dienst gedaan, om het verwoeste gemeentehuis op Bato's wijk tijdelijk te vervangen. In 1945 en 1946 zetelde het gemeentebestuur tijdelijk in hotel de Bilderberg.

Dennenkamp Oosterbeek
Voormalig Huize Dennekamp, tfoto gemaakt vanaf de Utrechtse Straatweg in Oosterbeek. Tegenwoordig kun je hier parkeren en is er de weekmarkt in Oosterbeek. gemeentehuis de Dennenkamp


Vanaf 16 september 1946 trok de gemeente in de villa op het landgoed De Dennenkamp aan de Utrechtseweg. Die werd te klein. In 1952 kwam er een barak bij en die werd in
1957 weer vergroot. Ook de conciŽrgewoning werd voor ambtelijk
gebruik ingericht.
Toen op het naastgelegen deel van de Dennenkamp de bouw van een nieuw gemeentehuis was voltooid (1966) werd het oude Dennenkamp gesloopt.

gemeentehuis Dennekamp

Lees meer op de landgoederen website.
Voormalig rusthuis Dennenoord, Heelsum, oud adres Utrechtseweg B99.

Uit een advertentie van 1927: Rusthuis „Dennenoord" Utr.weg B99 -- Heelsum. Opname van rust- en hulpbehoevenden, zenuwpatiŽnten, of beginnend longlijden. Boschrijke omgeving. Deskundige verpleging. Condities: Kamers vanaf f 5.— per dag, kinderen vanaf f 2.50 per dag. Inlichtingen: Dr. G. H. O. Van Maanen, Oosterbeek. Ook zeer geschikt voor rustige pensiongasten.
Dennenooord Heelsum
Voormalige villa Dennenoord, Benedendorpsweg, Oosterbeek.

Dennenoord Oosterbeek

In 1927 bewoont door dhr. G.F. Lucardie. De familie Lucardie, die de villa in 1922 kocht, veranderde de naam Villa Nova in Dennenoord. Het huis werd als villa Nova in 1863 gebouwd door J.Fock, directeur van de Nederlandse Bank. Op het terrein stond voor die tijd een Korenmolen die door de waterkracht van de beek van de Hemelse Berg werd aangedreven. Aan een vijvertje en beek is de plek van de watermolen nog wel terug te vinden.


Dennenoord
1974

Na de oorlog in gebruik door Indische Nederlanders

Gesloopt in de jaren 70 en tegenwoordig is er een parkje met bungalows.
Sanatorium Dennenrust, Hartenseweg 50 te Wageningen (post via Renkum).

Het sanatorium Renkum, later Dennenrust is gebouwd in opdracht van dr. W. Kersten uit Heelsum, voor dr. Haverkorn van Rijsewijk, door de architect M.A. van Nieukerken in 1907. Dit jaartal komt uit een boek over deze architect. En uit het telefoonboek van 1905 haal ik:
Telefoonboek 1905

Dan zal het verhaal van de architect net niet geheel kloppen. Al in 1904 begint dr. Haverkorn van Rijsewijk met de bouw van zijn sanatorium. Iin de Oosterbeekse Courant van 25-06-1904 staat: "Bij uitspanning 'Nol in 't Bosch' wordt door Dr. Haverkorn van Rijsewijk (geneesheer-direkteur) een herstellingsoord voor longlijders opgericht." Het herstellingsoord wordt in 1905 in gebruik genomen.

Dennerust Haverkorn Renkum

"Het "Herstellingsoord Renkum voor beginnend longlijderessen" van dokter Haverkorn van Rijsewijk lag aan de Zandweg naar Bennekom even voorbij Nol in 't Bosch. Het werd gebouwd door de Renkumse aannemer Van Scherrenburg. Dokter Haverkorn van Rijsewijk kon er als eigenaar en geneesheer-directeur volgens zijn eigen inzichten behandelen. Om zich te profileren onderscheidde hij zich met zijn kleine sanatorium en zijn behandeling nadrukkelijk van het grote ONO. Bij de kleinschaligheid behoorde dagelijks bezoek en aandacht van de arts aan ieder van zijn patienten. Oranje Nassau's Oord was een tot het verplegen van tbc-lijders omgebouwd paleis. Ook de locatie werd er voor aangepast; in 1901 werd er een hele wal opgericht om de patiŽnten - die veel in de buitenlucht moesten kuren - tegen de oostenwind te beschermen. Het herstellingsoord van dokter Haverkom van Rijsewijk werd naar eigen ontwerp als sanatorium gebouwd en de lokatie was goed voor het doel uitgezocht, het lag meer beschut dan ONO. Er was plaats voor tien patiŽnten, er waren drie tweepersoonskamers en vier eenpersoonskamers en een badkamer. Er was een keuken en een kamer voor een inwonende verpleegster, een wacht- en een spreekkamer. Bij het gebouw werd bij de ingang een arbeiderswoning gebouwd (1905) voor een tuinman. Bij het nieuwe gebouw waren ruime lighallen en het gebouw had brede balkons zodat patiŽnten 'de zuivere lucht, het onmisbare medicijn met volle teugen tot zich kunnen nemen'. Met de bouw werd rekening gehouden dat licht en lucht vrije toegang hebben. Op de vloer linoleum, makkelijk stofvrij en schoon te houden. De verwarming was ideaal al. centrale warmwaterinrichting, dus zonder rook en stof. 's Avonds gasoline gloeilicht. Wes Beekhuizen beschrijft in 'Groen was mijn dorp', dat de firma Beekhuizen de inrichting verzorgde. De leiding van de kliniek zorgde voor stipte orde en reinheid. De patiŽnten kregen vijf maaltijden per dag waarvan twee warm. Het herstellingsoord Renkum werd in april 1905 geopend. ONO was een 'volkssanatorium'. Er was plaats voor zo'n 100 patiŽnten. Voor on- en minvermogenden was er een fonds waaruit de verpleegkosten betaald werden. Haverkorns herstellingsoord had dat niet, de patiŽnten komen uit de gegoede klasse. De verpleegprijzen waren hoger dan ONO al vanaf f 3,50 per dag, terwijl dat op ONO f2,20 - f4,- was (inclusief medicijnen)". Bron: Annelies Hoogmoed.

Dennenoord Renkum
Helaas, het sanatorium Dennenrust staat niet op deze ansicht. Het gaat om een dienstwoning, die ook zichtbaar is op de luchtfoto hierboven, op de hoek van de 2 paden, boven Dennenrust.

Over de bouw van het Herstellingsoord Renkum is een brief bewaard die dokter Haverkom aan zijn moeder schreef. Hij rekent haar voor hoeveel er geÔnvesteerd moet worden en wat de exploitatiekosten zijn. Hij heeft een startkapitaal nodig van f 19.000,- Dit is voor aanschaf van het terrein twee bunder bosgrond voor f 2000,-, de bouw van het herstellingsoord en lighallen, de inboedel, twee jaar salaris voor een inwonende zuster en meid en kosten elektriciteit. Hij schetst ook het slechtst mogelijke scenario: als er in twee jaar geen enkele patiŽnt komt, stoot hij de inrichting af. Het verlies zal dan f 14.000 zijn. Maar met een bezetting van vijf patiŽnten raak je uit de kosten en ieder patiŽnt meer doet de winst evenredig toenemen. Het gebouw is berekend voor 8-10 patiŽnten. Door van zijn vrouw's geld een paar duizend te lenen, kan het project van start gaan. Bron: Annelies Hoogmoed.
In 1914 was er een uitbreiding, waardoor het aantal bedden van 10 naar 15 werd gebracht. Ook werd toen de hal vergroot, er kwam een ruimere behandelkamer en een spijslift. Annelies Hoogmoed heeft een net iets andere tekst: "Het herstellingsoord werd tussen 1905 en 1916 drie keer vergroot (1907, 1913 en 1916), tot een capaciteit van 20 tot 24 personen. Niet te groot, wat dat is tegen de uitgangspunten van de dokter".
Het sanatorium voor longlijders "Herstellingsoord Renkum' werd in 1930 overgedragen aan de Vereniging Dennenrust. Gelegen in de gemeente Renkum, te midden van de uitgestrekte bossen.
"Het bestuur van de Nederlandsche Vereeniging tot het oprichten en instandhouden van Herstellingsoorden voor handels- en kantoorbedienden, handelsreizigers en handelsagenten, welke vereeniging het Herstellingsoord „Dennenheuvel" te Ossendrecht en het Sanatorium „Dennenrust" te Renkum in exploitatie heeft, bericht, dat op genoemd sanatorium thans een RŲntgen-installatie is geplaatst, waardoor het mogelijk is geworden het opnemen van longfoto's en het doorlichten van patiŽnten op het sanatorium zelf te doen geschieden. De eerste met bedoelde installatie genomen proeven zijn schitterend geslaagd". Uit  Bredasche courant, 05-09-1932.

  In 1932 kreeg men een eigen rŲngtenapparaat.

Telefoonboek 1935:  Dennenrust Sanatorium v. Handels- en kant.bed., handelsreiz. en handelsagenten (ook v. particulieren.) nummer 234.

  De groote Dennenheuvelfilm, die naast een weergave van het leven in het herstellingsoord en sanatorium, de inrichtingen en hare omgeving zelf toonde. De inhoud was zeer belangwekkend, en doordat door de geheele film een aaneengesloten verhaal liep, was er ook een zekere spanning. Op duidelijke wijze geeft de Dennenheuvelfilm een beeld van het sympathieke werk dezer vereeniging en van de mooie resultaten, die zij met haar -■arbeid weet te verkrijgen. Niet alleen- de binnenopnamen in de inrichtingen zelf, doch ook de natuuropnamen in de prachtige omgeving, waarin de huizen gelegen zijn, waren zeer goed geslaagd, zoodat deze film met groote belangstelling werd gevolgd". Uit:  Nieuwsblad van het Noorden 26-11-1937.Sanatorium Dennenrust Renkum "De Haagsche Amateur Filmclub heeft voor de vereeniging „Dennenheuvel" een film in drie delen vervaardigd van het herstellingsoord „Dennenheuvel" in Ossendrecht (N.-Br.) en het sanatorium „Dennenrust" in Renkum (Gld.)" Uit: Haagsche courant,  29-11-1937

  Begin 1940 is zuster  Molenaar de directrice van Dennenrust.

"Het bestuur van de vereeniging Dennenheuvel  bericht, dat haar herstellingsoord Dennenheuvel te Ossendrecht, dat door militairen tijdelijk was bezet, en haar sanatorium Dennenrust te Renkum, dat ook gedurende de oorlogsdagen was geopend, maar door een aantal patiŽnten was verlaten, beide weer in vol bedrijf zijn en patiŽnten zullen ontvangen". Uit: Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant, 29-06-1940.

Dennenrust Wageningen

De oorlog leverder weinig schade aan het pand men kon gewoon verder fuctioneren.
"In verband met haar vertrek naar het buitenland heeft mevr. Ch. M. Deterding -Knaack geschonken aan „ Vereninging Dennenheuvel", haar riante villa met de daarbij behorende 3,2 ha grond, gelegen aan de Soestdijkerstraatweg te Hilversum. De vereniging heeft besloten dit pand op zo kort mogelijke termijn als herstellingsoord te gaan exploiteren. Hiermede gaat zij naast het herstellingsoord „Dennenheuvel" te Ossendrecht (N.Br.) en een sanatorium „Dennenrust" te Renkum (Geld.) een derde herstellingsoord te Hilversum exploiteren." Uit De Tijd, 23-03-1955.

Dit wordt dan het Herstellingsoord Overbosch, later Dennenheuvel. In 1956 is het gedaan met de TBC. Het Rusthuis Dennenrust komt leeg te staan. "Wegens opheffing van Rusthuis Dennenrust, Hartenseweg 50, verkoop van inboedel". Uit de Hoog en Laag van 02-11-1956

Dennenrust wordt daarna een bejaardencentrum voor gerepatrieerde  bejaarden uit IndonesiŽ. Rumah Kita wordt per 1 maart 1958 opgericht onder de naam Stichting Dennenrust. Zorg werd geboden in het voormalige sanatorium, een grote villa aan ongeveer 20 bewoners. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag van ouderen werd in 1972 een nieuw gebouw geopend op hetzelfde terrein als de villa. Dit gebouw had een capaciteit van 130 plaatsen. Het bejaardenhuis groeide uit tot een verzorgingshuis met aanvullende verpleeghuiszorg. De naam Stichting Dennenrust verandert in Rumah Kita in 2008.

Tussen eind 2007 en februari 2008 gaat Rumah Kitah verhuizen naar een nieuw en modern woonzorgcomplex aan het Plein 15 Augustus 1 te Wageningen. Het ligt in de bedoeling Dennenrust af te breken en het geheel weer te doen opgaan in de natuur. Net als het naburige ITAL. Doch nood breekt wet: anno 2010 wordt Dennenrust gebruikt door het bejaardencentrum de Tollekamp uit Rhenen, zij bouwen in Rhenen op de oude locatie een geheel nieuw zorgcentrum. Op 4-7-2012 kunnen de bewoners weer terug naar Rhenen en komt Dennenrust weer leeg te staan. Later in 2012 wordt Dennenrust eigendom van een exploitatiemaatschappij (Egbert Schiphorst). Een ondernemer in de recreatieve branche, die het verzorgingshuis Dennenrust verbouwde en een bij de bestemming passende huurder vond: de stichting Jah-Jireh, een gemeenschap van Jehova’s getuigen. Men gaat verbouwen naar 85 appartementen en het moet in 2013 klaar zijn voor gebruik. Veel rumoer in de directe omgeving. Is Dennenrust gekraakt? "Jah-Jireh is op een uiterst slinkse wijze te werk gegaan, en heeft Dennenrust gekaapt." De gemeente Wageningen vindt dat de actuele bewoning van Dennenrust niet in het bestemmingsplan past. Nog meer rumoer. Er komt een oplossing en Jah-Jireh Wageningen kan blijven zitten.
Verdwenen Huize DigoŽl Sawa,

Daarna Hotel Rijnzicht, daarna Bejaardenhuis Rijnhof, Oud adres Dorpstraat 28, Renkum. Nieuw adres Dorpstraat 50

Het oude hotel werd na de WW II afgebroken en werd het een verpleeghuis. Sinds eind jaren 1980 hoorde het bij de stichting Oranje Nassau’s Oord. Afgebroken en tegenwoordig staat er het Verpleeghuis De Rijnhof - Renkum. En de nieuwbouw kwam klaar in 1998.

Meer lezen: Burgsteyn, C. Herinneringen aan DigoŽl Sawa, hotel Rijnzicht en Rijnhof, in de Veluwepost van vrijdag 20 maart 1998.
Arnhemsche courant 11-07-1925; Te Koop: "Heerenhuis „DigŲel Sawa" Renkum. Notaris G. D. C. Valewink te Oosterbeek, zal op Woensdagen 15 en 29 Juli 1925, telkens des namiddags ten 2 ure in het cafť Van den Born aan de Kerkstraat te Renkum, bij inzet en toeslag, publiek veilen en verkoopen, het Heerenhuis: „DigŲel Sava" met daarnaast gelegen afzonderlijk woonhuis, garage, stal, schuur, tuinhuisje, kippenhok, erf, boomgaard, moes- en siertuin, met warme kas en bouwterrein aan de Dorpsstraat te Renkum, kadastraal bekend gemeente Renkum, sectie D, nommers 1031 en 1032, te zamen groot 48 aren, 35 centiaren".

Lees meer over het hotel bij Rijnzicht.
Huize Doorwerth, Heelsum (niet meer als zodanig bestaand).  Een uitgebreid verhaal.
Kasteel Doorwerth, bekend sinds 1260, verwoest in 1944-45. Vrijwel geheel herbouwd, officiŽle opening in 1986, meerdere gedeelten waren eerder open. Kasteel Doorwerth en de andere 3 musea in het Kasteel.
De Gemeente Doorwerth. 1795 (1817) - 1923. We leven nu in het derde gemeente Doorwerth-loze tijdperk.  Lees hier meer over de Gemeente Doorwerth.
De Doorwerthse Waarden liggen westelijk van Kasteel Doorwerth. De Nederrijn heeft er meerdere oude stroomgeulen achtergelaten. Een geul ten westen van de A50 is ontwikkeld tot vogelreservaat als onderdeel van 'ruimte voor de rivier'. Graaf Willem Bentinck liet de Waarden vanaf 1741 nog droog pompen door de Doorwerthse windmolen voor meer grasland.

In de DoorwerthscheWaarden werd in 1901 een steenfabriek gebouwd. Deze fabriek is meerdere malen afgebroken en herbouwd, voor het laatst in 1946.
Hier bakte als laatste fabrikant Wienerberger in een moderne oven bij 1100 graden vooral straatstenen. De crisis in de bouw maakte er in 2011 een einde aan. De baksteenfabriek werd ontmanteld in 2015. De fabriekshallen worden nu gebruikt door Frank Pouwer voor opslag van historische bouwmaterialen en het Renkumse bedrijf Hooijer die er bio-brandstof (versnipperde bomen e.d.) voor oa Parenco opslaat en maakt.
Dorenbos, Boshoeve 1, Wolfheze, wordt sinds 2001 landgoed genoemd.

Waarschijnlijk is landgoed geen beschermde naam.
Landgoed Doorenbos V.O.F. staat bij de Kamer van Koophandel geregistreerd met het KVK nummer 34182027. Adres Boshoeve 1, Wolfheze.
Huize Dopheide, Bremlaan 4, Heelsum.
Oudere adressen Bennekomseweg 31 en 38 e.a

Landgoed Dopheide, was niet echt een landgoed.

Dopheide Heelsum

Heelsum Dopheide
Dit huis staat in de Bremlaan een zijstraat van de Dopheidelaan. Volgens de BAG gebouwd in 1916.

Dopheide Heelsum

Dopheide Heelsum
In een tijd van verzuiling adverteren in het Volk of een ander sociaal-democratisch dagblad.

Dopheide Heelsum

In 1947: oproep  Arnhemsche courant, dd 11-07-1947 C. A. de Neef, „Dopheide", Bennekomseweg 38 Heelsum.

Op 31-3 -1951 Arnhemse courant: De prijs van de week werd gewonnen door mevr. G. Hoogenraad-Bronsveld, „Dopheide”, Bennekomseweg 31, Heelsum.
kampeerplaats Dopheide Heelsum
Gelders Archief uit 1952

Heeslum Dopheide

Arnhemsche courant 1959: Dagmeisje gevr. van 8— 4 uur, tegen 15 okt. a.s. „Dopheide”, Bennekomseweg 39, Heelsum. T 7202 • Een veelheid aan adressen.

Dopheide Heelsum
Deze HAT eenheden staan er nog: Carel Beukerhof en hebben in de de BAG het  dienstjaar 1959. Of te wel afgebouwd in 1958, twee jaar voor het krantenbericht hier boven.

Dopheide Heelsum
Of te wel de 2 onder 1 kap woningen aan de Bremlaan, volgens de BAG 1971.

Heelsum Dopheide
Of te wel, Dopheidelaan, Magnolialaan. Deze woningen zijn daar nooit gebouwd, wel aan de Bennekomseweg staan er 2 naast elkaar.
Villa Doristeti, Lebretweg 1, Oosterbeek.

In 1905 in opdracht van jhr. Nedermeijer Ridder van Rosenthal gebouwd.

Jhr. Nedermeijer, Ridder van Rosenthal, gemeente-secretaris van 1901 tot 1907 en van 1907 tot 1917 burgemeester van Renkum, heeft er gewoond.
villa Doristeti
Dorpstraat 160 te Renkum.

De voormalige Hervormde pastorie. Volgens de BAG is het huidige pand in 1823 betrokken. Volgens Heemkunde is er op deze locatie een ouder pand (ook pastorie!) in 1823 afgebroken en zij hebben een foto van een aquarel van dit oudere gebouw.

C. Burgsteijn schrijft dat: de oude pastorie aan Onder de Bomen steeds meer klachten geeft en veel onderhoud vraagt. En daarom wordt in 1823 besloten tot de bouw van een nieuwe pastorie aan de Dorpsstraat. De bouw hiervan wordt voor een bedrag van f3775,— gegund aan de aannemer Tollemeyer uit Huissen. Dit gebouw bestaat nog, al is het sinds 1930 geen pastorie meer.

"Verkoop pastorie met tuin tussen tuin Hotel Campman en villa Redichem groot 28 are 50 centiare kad. Sectie D no. 582, 702, 703 met recht van water- en grondeigendom ged. Molenbeek groot 19 are kad. Sectie C no. 499 Sectie D no. 150,622. Eigenaar R.K.Kerkbestuur". Renkumsche Courant 04-03-1905

Pastorij Renkum
prent uit 1846. Gelders Archief

In 1930 wordt villa Overweide aan de Utrechtseweg 123 in Renkum gekocht en gaat de dominee daar wonen. De woning aan de Dorpsstraat wordt dan een dokterswoning met praktijk.

de oude pastorie, dokterswoning, Renkum

In augustus 1972 nam Dr. W.J. de Graaf de praktijk over van Dr. Kool. Daarvoor was er dr. J.F. Boerma (1908-1997) (gehuwd met A.L. Brinkman - Visser) huisarts van 1937 tot 1959. Vroeger was het tramstation er precies tegenover gelegen.

 In 1980 kwam het pand leeg te staan omdat de huisartspraktijk werd verhuisd naar de nieuwbouwwijk tussen de Hogenkampseweg en de Nieuwe Keijenbergseweg te Renkum. Daarna is het een poosje ingebruik geweest voor diverse activiteiten, zo heeft VluchtelingenWerk Renkum er kantoor gehad.

Dan komt het weer leeg te staan, later wordt het in gebruik genomen voor meerdere vormen van Begeleid Kamer Wonen tot Tehuis.

In 2016 staat het pand er weer verlaten bij.

Achtereen volgende eigenaren: Herv. Pastorie Renkum; George Hendrik FŁhri Snethlage, ingenieur uit Renkum; Jacob Folkerus Boerma, arts uit Renkum; Verkeer en Waterstaat; Willem Jacobus de Graaf, arts uit Renkum; Centrale Woningstichting Gemeente Renkum en later dezelfde Centrale Woningstichting Renkum te Doorwerth.

Het pand staat er nog steeds en begin 2020 is het weer bewoont. Siza zorg heeft er een moeder + kind huis gerealiseerd.
Villa de Draai, Bloemenlaan 1 Heelsum

Dateerd uit 1924.

De Draai

Een foto van De Draai bij het Historisch Genootschap Redichem

De Draai

De Draai
Dreierheide, Graaf van Rechterenweg 51, Oosterbeek
Voormalig Heidehof

In 1872 wordt Theodorus Sanders eigenaar van het huis en grond tussen Dreijen en de Utrechtseweg. Sanders is projectontwikkelaar en gaat vele kavels verkopen aan de Utrechtseweg, Joubertweg, Paul Krugerweg, Mariaweg, Steijnweg en de Stationsweg.
De heer F.C.G. Graaf van Rechteren Appeltern, was van 1883 tot 1885 eigenaar van het huis Dreyen.

Dreierheide Oosterbeek

"Bedolven. Maandagmiddag ongeveer 4 uur is de puttenmaker Hesseling op het landgoed Heidehof te Oosterbeek bedolven geraakt in een in aanbouw zijnde put van ongeveer 15 M. diepte. Men ging uit alle macht aan ’t graven en kreeg pas den anderen morgen om halfnegen door een buis gemeenschap met den armen man, die zich beklaagde, dat hij het benauwd kreeg. Voorzichtig ging men nu verder en diende hem door de buis een fleschje melk toe. Ook moest hij langs dezen weg lucht verkrijgen. Na onafgebroken te te hebben doorgewerkt gelukte het des snachts om kwart voor twaalf hem te verlossen. Twee en dertig uur had hij ijn toen in den grond gezeten. Honderden menschen moesten voortdurend op een afstand worden gehouden. Uit de Opregte Steenwijker courant 17-12-1910
In de villa Heidehof woonde vanaf 1911 Johannes Jacobus Eugenius Hyacinthus Maria de Bruijn (1864-1915). Hij verbouwde de villa en gaf de villa een andere naam: Dreijerheide .Na zijn overlijden bleef de weduwe Paulina Johanna Josephina de Bruijn- van Lede (1874-1969), er wonen. 

De weduwe de Bruijn - van Leder, gaf in 1915 opdracht aan Jan Toorop voor het maken van een Kruiswegstatie, welke te bewonderen is in de St. Bernulp-huskerk,in Oosterbeek. In het bijzijn van de kunstenaar zelf werd in 1919 de kruisweg in de Bernulphuskerk officieel ingewijd. bron

Later waren de nonnen van de Congregatie der Kleine Zusters van de Heilige Jozef uit Utrecht hier gevestigd. Ze werkten op de Paula.

Villa Dreijerheide was het hoofd kwartier van de 21ste Independent Parachute Company in September 1944 tijdens operatie Market Garden.

In de jaren 1990 - 1998 ? was dit pand een asielzoekerscentrum. Daarna bedacht het COA om er een Noodopvangvoorziening voor uitgeprocedeerde asielzoekers van te maken. Dit eindigde in 2010? Het pand was in 2006 al gekocht door de gemeente Renkum. Het zou afgebroken worden en zou er plek komen voor 32 woningen in de sociale sector en 8 vrije sector woningen. Gemeentelijke plannen en werkelijkheid: De villa staat er nog, er zitten kantoren in. In de tuin staan meerdere stadsvilla's. Op de plek van de tuinmanswoning staat een flat met vrije sector huur-appartementen.

info: Dreierheide
Heemkunde Renkum over Heidehof.
Huis later hotel Dreijeroord. (Graaf van Rechterenweg 2 Oosterbeek).

Maurenbecher was gehuwd Henriette Elisabeth Maurenbrecher - Swaving. Zij was testamentair erfgenaam en had een zoon uit een eerder huwelijk, Johannes Vincent Westrik (1802-1844). Hij is raadsheer bij het Gerechtshof van Gelderland in Arnhem als hij, enig kind en wettig erfgenaam, na het overlijden van zijn moeder en stiefvader Maurenbrecher een groot stuk Dreijen in eigendom krijgt. Westrik voert vanaf 1840 onderhandelingen met de nieuw aan te leggen Rijn spoorweg voor het traject Utrecht - Arnhem. 
Hij gaat akkoord met een een vergoeding van 34.206 gulden. Westrik wil met dit vele geld een leuk buiten laten bouwen op de plek van de oude boerenhoeve. Helaas overlijdt Westrik in 1844. De weduwe Catherina Elisabeth Westrik - Paradijs zet het bouwplan door en laat een nieuw huis Drijen bouwen. Twee kinderen: Johanna Paulina Elisabeth Westrik (1838-1900), dan 7 jaar oud, en Henriette Christina Westrik (1818-1890), 18 jaar oud, leggen de eerste steen op 23 oktober 1847. De eerste steen bevond zich toen aan de oostzijde van het pand maar werd met een verbouwing in de 20ste eeuw overgebracht naar de zuidmuur van het hotel. Lees meer bij hotels, cafť s, e.d.
Het Drielse veer  (1000 - heden)

Drielse Veer Oosterbeek

Dit schilderij van Paul Joseph Constantin GabriŽl gemaakt in 1863 hangt in het Dordrechts Museum  Ruw geschat bestaat het Drielse veer al vanaf het jaar 1000. Site van het actuele Drielse veer Het Drielse Veer op Wikipedia
Drielse VeerDrukte bij het Drielse veer  rond 1965. Op de voorgrond het Drielse veer met fietsers, wandelaars en o.a. een Volkswagen. Bij de steiger van de Westerbouwing ligt de “Jan Koppe” van rederij Heijmen.. Ook het Zwaanyjre vertrekt volgeladen met dagjesmensen naar de Westerbowing. En dan nog de vele touringcars. Op de achtergrond de uitkijktoren van de Westerbouwing.
 Voormalig rust- en herstellingsoord Hof, De dubbele slag, Oosterbeek Tegenwoordig is hier het bejaardentehuis Rechterenborch gelegen
Duits Kamp in Wolfheze.

Tegen het einde van de Eerste Wereldoorlog 1914-1918 kwamen er steeds meer Duitse deserteurs naar Nederland. In 1917 werd daarom een groot ‘modelkamp’ voor Duitse soldaten in Wolfheze gebouwd.
Volgens Demoed is het barakkenkamp in 1917 aangelegd: "Ten behoeve van dit kamp werd  hierop een gebied van 35 ha bos en heide ontgonnen. Hierop werden de barakken geplaatst, en een deel der gronden geschikt gemaakt voor groententeelt t.b.v. de kampbewoners. Om het kamp heen werd een straatweg aangelegd, de ons thans nog welbekende Duitse Kampweg".
Duits internerings lager
"Naar de Zutphense Courant meldt, worden er voor Duitsche; invalide krijgsgevangenen, die uit Engeland naar ons land zullen worden overgebracht, kampen te Wolfheze, Hattem en Dieren ingericht". Uit: De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad, 04-10-1917.
Tussen april en eind november 1918 bevonden zich er een 415 tot 725 geÔnterneerden in het Duitse kamp in Wolfheze (bron W.H. Tiemens 1988 Vereniging Gelre). Elders lees ik 880 soldaten. Ulbe Anema heeft het over 725 gevangenen. Dat geÔnterneerd zijn was bepaald minder dramatisch dan het klinkt, want de Duitsers die er waren ondergebracht, zaten daar op grond van een overeenkomst tussen Engeland, Duitsland en ons land. Omdat men het niet goed vond om jonge kerels doelloos achter prikkeldraad te houden, was overeengekomen dat een 14.000 militairen en 2.000 burgers, die in Engeland krijgsgevangen werden gehouden, naar ons — neutrale - land werden overgebracht. Ze zouden zich hier wat vrijer kunnen bewegen en werk kunnen verrichten of kunnen gaan studeren. Tegenwoordig herinnert de Duitsekampweg nog aan de locatie. De barakken stonden vanaf de Wolfhezerweg aan de linkerkant van de weg. Zie ook HenriŽtte hoeve.
Wolfheze Henriettehoeve
Bij een boer is nog de oude gevangenis te zien
De Duno.

Gelegen ten zuid-westen van Heveadorp.

Klik op deze link voor een uitgebreider verhaal over de Duno!
de Duno brug
De Duno brug in 2016 (witte stenen zijn extra geaccentueerd).
Huis de Eekhorst , Bennekomseweg 27, Heelsum

ontworpen door architect F.A. Eschauzier. Een verkopende makelaar (Drieklomp) vermeldt in 2019 dat: "Dit gerenoveerd landhuis is onder Engelse architectuur door een adellijke Engelse familie gesticht in 1917". De BAG geeft als bouwjaar 1916. Nog een ander bouwjaar:

Bij Heemkunde is te lezen dat: "In 1928 ontwerpt hij (prof. Frits Adolf Eschauzier (1889-1957) voor zijn schoonvader het huis “De Eekhorst”, ook in Heelsum. De omgeving van Oosterbeek kende hij dus al vanaf het begin van zijn carriŤre".

In 1934 woont Mevr. van Haren Noman, op de Bennekomscheweg 27.
Eekhorst Heelsum
Het verdwenen huize Eekland op de Zilverberg Doorwerth,  Italiaanseweg 3 te Doorwerth. Meer over landgoederen op de landgoederen website
De Eikenhof. Italiaanseweg 6 in Doorwerth.  Lees meer in het artikel over de Duno.

En lees over de Joodse huisarts die er in de oorlog woonde!
Huize de Eikenhof, Van Ingenweg 14, Renkum
Oud adres Van Ingenweg 2

Tot 1927 bewoont door de huisarts H. Brouwer.

Eikenhof
2019
Eikenhof
 
Enigheburg, Utrechtseweg 70, Oosterbeek zie villa Rechteren
Voormalig Huize Ewilca Tegenwoordig adres Utrechtseweg 131, Renkum , Utrechtseweg (Straatweg tussen Arnhem en Wageningen) Renkum (het leegstaande klooster)

Gelegen tussen de Utrechtseweg en de Groeneweg. Het erf liep aan de achterzijde door tot aan het zandpad dat later de Groene Weg werd en over dat pad was nog een bosje van eikenhakhout, dennen en lariksen dat Ploem’s bosje werd genoemd. Dit bosje liep door tot de huidige Joan Beukerweg.

Wes Beekhuizen schrijft (in 1973): "Naast het pandje van deze karakteristieke dorpsfiguur rees in een fraai aangelegde tuin het riante buitenhuis Eewilca op, daar in 1864 gebouwd door de heer Hendrik Ploem die ook in de Betuwe onder Heteren veel landerijen bezat. Zijn drie dochters heetten Eefje, Wilka en Catrien en door van die namen het eerste gedeelte aaneen te voegen had meneer Ploem de naam voor zijn villa gevonden".

Ewilca Renkum

TE HUUR, te Renkum , tegen 1 Mei 1872, het laatste HUIS aan de Arnhemsche zijde, met fraai uitzicht op Doorwerth en Betuwe, bevattende 3 beneden en 5 bovenkamers, provisie- en meidenkamer, keuken, kelder, zolder, bergplaatsen voor turf en bout, omrasterden TUIN en veranda. Te bevragen bij den Heer H.L. PLOEM, Huize Ewilca, te Renkum. Uit de  Opregte Haarlemsche Courant van 13-11-1871

Of er al of niet tijdelijk verhuurd is, is niet duidelijk, wel verschijnt in 1876 deze advertentie:
Ewilca

Op Ewilca woonde Hendrik Lodewijk Ploem. xx - 1882
Partner van Ludolphine Eelkje Adriana Pijman xx - 1885

Ewilca
Uit 1885

In deze advertentie wordt het overlijden van mw Pijman aangegeven. De weduwe van HL Ploem die op Lemgo te Renkum geboren is!! Ploem is in Lemgo Duitsland geboren. Meer bij Lemgo.
Ewilca 1885

Voor de vele bewijzen van hartelijke deelneming, ondervonden bij de ziekte en het overlijden van mijne geachte Nicht, Vrouwe L.E.A. PIJMAN, Weduwe den Weledel gestrengen Heer H.L. PLOEM, betuig ik, ook namens verdere betrekkingen, mijn oprechten dank. P.J. PLOEM. Renkum, Villa Ewilca. Het nieuws van den dag: kleine courant 05-05-1885.
Of te wel mw. Petronella Jacoba Ploem, zus van Hendrik Lodewijk Ploem, is in Ewilca gaan wonen.

Overleden nov 1920: P.J. Ploem, 81 jaar.

Ewilca Ploem

Aldus gekocht door het kerkbestuur en zij doet villa Ewilca vervolgens met de tuinen over aan de zusters voor Hfl. 30.000,-. Achter in de tuinen wordt vervolgens de meisjesschool St. Ursula gebouwd welke op 1 december 1921 in gebruik wordt genomen en nu nog steeds aan de Groeneweg 12 staat. De zusters hadden inmiddels de tot klooster ingerichte villa Ewilca betrokken en deze de naam villa St. Ursula gegeven. Ook wel het Ursulinenklooster genoemd. De gronden achter villa Ewilca bestemde de kerk voor een kerkhof, de huidige R.K. begraafplaats Mariahof aan de Groeneweg.

In 1944 raakt Ewilca licht beschadigd (volgens de schadekaart 1955). Wordt wel afgebroken en in 1949 verschijnt het nieuwe klooster aan de Utrechtseweg 131 in Renkum.

Lees meer over deze kloosters op dit gedeelte van de website  
Voormalige Villa Erica, Utrechtsestraatweg, hoek Kurhausweg C20 Renkum.

Naar een ontwerp van J.C. van Epen in 1920.
verkocht in 1910 aan R. Remmerde.

In 1920 woont er  Barend Ferwerda, als secretaris van Federatie van Ned. Beeldende Kunsten.
Villa Eureka, Oosterbeek
Villa Felicia, Heelsum. In 1926 geveild.
Villa 'Fťlicitas' ('Minore') aan de Stationsweg - Dreijenseweg te Oosterbeek.
Felixoord, Ommershoflaan 35, Oosterbeek.
 
In de negentiende eeuw werd aan de noordzijde van het dorpje Oosterbeek het kleine landgoed Ommershof gesticht in 1913 door Castendijk. Het heeft veel te lijden gehad gedurende de Slag om Arnhem. Na de oorlog gesloopt.

Ommershof
In 1950 kocht de Stichting Vegetarisch Centrum een terrein van 1 hectare, waarop toen nog de villa `Ommershof’ stond. Twee jaar later werden 5 hectare grond van het voormalige landgoed aangeschaft, waarop diverse bungalows en een biologische moestuin werden gerealiseerd. In de jaren zestig van de twintigste eeuw werd de villa afgebroken.

De nieuwbouw werd in 1968 in gebruik genomen als verzorgingstehuis voor vegetarische ouderen en kreeg de naam Felixoord, vernoemd naar Felix Ortt. Hij was mede-oprichter van de Vegetariersbond en het Vegetarisch Centrum. Felixoord is in de jaren negentig geheel gerenoveerd. Het tegenwoordige Zorgcentrum Felixoord is gelegen in een park van ruim 6 hectare met een dierenweide, verschillende vijvers en een bostuin met heestergroepen en borders.
Aan de Graaf van Rechterenweg stond ook het instituut 'Berg en Dal' dat in een fraai park gebouwd was. Dit instituut heeft een tijd dienst gedaan als kostschool (De kostschool van Westra). De villa Berg en Dal werd gesloopt in 1988. Later werd dit gebied toegevoegd bij het verzorgingstehuis voor oudere vegetariŽrs Felixoord.

Landgoed Ommershof is niet echt een landgoed.
Villa Floreal, Stationsweg 24 te Oosterbeek. Een gemeentelijk monument.
Fluitersmaat, Renkum. Een oud goed.

Gelegen aan de Fluitersmaatseweg.
Meer info over deze voormalige buurtschap.
Villa Frida, inrichting voor zwakken te Oosterbeek.
Voormalig Huize Frisia, Dorpsstraat 3, 5, 7 Renkum

Oudere naam: Gelria.

Op deze plaats werd in 1849 een huis gebouwd, dat na 1900 verschillende keren werd verbouwd en uitgebreid. (Bron: Truus Boekhoudt, 18 oktober 2005)

Frisia
Kadaster dienstjaar 1850, C 429 uitsnede. De bijgeschreven opmerking: schuur met woonkamer, voltrokken en betrokken 1842 door Antoon Dreumes ??. In die tijd was een schuur met daarin een woonkamer een vaak voorkomende bouwwijze. Dienstjaar 1850 is normaal gesproken 1849 en dat klopt dan met de gegevens van Truus Boekhoudt.

Frisia
Situatie in 1897, dienstjaar 1898. Veldwerkkaart 1649 uitsnede. Het oudere kavel nummer is 429.

Frisia
De situatie in 1904, dienstjaar 1905.

Frisia
Uit de Nieuwe-Harlinger-courant-3-2-1907
Het pension werd zo rond 1908 gerund door de dames Nanning. De naam Frisia zal vanaf dat moment gebruikt zijn. De dames Nanning kwam uit Friesland en verhuisden naar Renkum omdat een hunner een baan gevonden had op de kleuterschool.

De advertenties voor pension Frisia verschenen van 1908 tot en met 1914.

In 1908 was Frisia een pension dat werd gerund door Hermina Philippina Christina Nanning (1872-1931). De dames Nanning, Greta Jacoba en Hermina Philippina Christina, dochters van een Friese arts Christoffel Nanning, van wie er ťťn (Greta Jacoba) directrice van een bewaarschool is geweest (zie aankondiging onder), woonden in het Huis Frisia en hebben er een Pension van gemaakt.

Uit Wes Beekhuizen ;Groen was mijn dorp, pagina 38: "Het grote pand werd o.m. bewoond door de gezusters Nanning, dochters van een Friese arts, en een van die zusters was juffrouw Nanning, de directrice van onze Bewaarschool die juffrouw Oosting opvolgde. Voor het hoge huis Frisia stond een forse iep en langs de tuin liep aan de rechterkant een zandpad omhoog naar de akkers die toen in ons dorp nog overal te vinden waren en die ook daar tot aan de Groene Weg reikten".

Frisia
Afbeelding: Het laatste deel van de Dorpsstraat, voordat het postkantoor (uit 1910) gebouwd was. Links (zuidzijde) het laatste huis voor de Melkdam, dat van Ploem. Rechts de (witte) muur van pension Frisia, en achteraan, in het midden van de afbeelding, huize Rijnzicht.

Frisia
De situatie in 1909, dienstjaar 1910.

Frisia
De situatie in 1912, dienstjaar 1913

Frisia
Kadaster dienstjaar 1913, aangaande uitbouw met een serre

Verkoop Onroerend Goed voor de 'M. van Riessen-Stichting' te Renkum. Oosterbeekse courant van 17-10-1914: 1. Huize 'Frisia' met erf, bouwland en achterstaand huisje (M.v.Ingen) Dorpsstraat kad. Sectie C no. 2018, 1863 groot 33 are.

Gezien de verkoop van Huis Frisia in november 1914 zal Hermina Philippina Christina Nanning en haar zus Greta Jacoba kort daarna zijn vertrokken, Hermina naar Den Haag en Greta Jacoba is bij haar iets oudere zus Gijsberta Hermina in Dordrecht gaan wonen. Bron

Frisia
Arnhemsche-courant-8-4-1921. G.J. zal Greta Jacoba zijn. Greta is geboren op 16 juli 1880 in Harlingen.

Frisia
de situatie in 1915, dienstjaar 1916.

Frisia

Kavel C 2295 zou Frisia zijn 1916 dienstjaar 1917. 2298 is duidelijk het voormalige postkantoor en de bebouwing er tussen in kan van de slagerij van Hendrik van Kranen zijn. 2296 was het oude politiebureau, later ook gemeentehuis (dependance).
  De bijbehorende veldwerkkaart laat meer details zien:
Frisia
Veldwerkkaart C 2295 dienstjaar 1917.

"Op 17 oktober 1914 werd Huize Frisia met erf, bouwland en achterstaand huisje (M. van Ingen) verkocht in opdracht van de Martinus van Riesen Stichting in Renkum. Het huis aan G.C. Hooijer, Valburg voor fl. 4.360,- Het bouwland aan F. van Scherrenburg, Renkum voor fl. 1.350,- Overdrachtsdatum: 14 november 1914. Het huis werd in de jaren daarna gesplitst en verhuurd aan mensen die er meestal korte tijd woonden zoals, Bakkers, dienstboden, etc. Opvalt dat B. Hooijer uit Valburg vanaf 6 februari 1928 tot 18 februari 1930 woont op het adres Dorpsstraat 3 te Renkum. Hij vertrekt dan weer naar Valburg, daarna woont hij vanaf 7 juli 1934 tot 30 december 1942 op dit adres Dorpsstraat 5 te Renkum. Dan gaat hij naar Groesbeek, dat zou erop kunnen duiden dat de familie Hooijer het huis toen nog in hun bezit had. Huize/Pension Frisia was later eigendom van de aannemer Kranen bij wie mijn vader als timmerman werkzaam was. Verder woonden er toen het gezin van Jo van Swaaij (de koster van de RK kerk) en Guul Kranen (zoon van de aannemer) met zijn gezin. Het huis is waarschijnlijk in de crisistijd van de jaren '30 opgedeeld in 3 woningen". bron Fien Peelen

Frisia
"Mijn opa (Evert van den Born) trouwde met Mechlina Hooijer. Zij had samen met haar zus Gra het pension 'Frisia' in Renkum. Dat nu is verdwenen, maar was destijds vlak bij de katholieke kerk te vinden", weet Co. Uit de Hoog en Laag van 16 juni 2004.

Nu lees ik hier dat Mechlina met Albertus van den Born gehuwd is. En er worden 2 kinderen geboren in 1920 en 1922. Neem aan dat zo vanaf 1920 dan het pension door hen bestierd is.

Weet iemand wanneer het pension ophield te bestaan?

Huize Frisia Renkum
Achterdorpsstraat Pension Frisia ca 1930 Collectie Erik van den Bovenkamp (Historisch Genootschap Redichem)

Frisia

Frisia

Frisia

Frisia
rond 1950

Frisia
rond 1957

Frisia Renkum

Frisia
Opname rond 1970

Jo van Zwaaij was naast koster van de R.K. kerk ook schoenmaker en begrafenisondernemer. De famile verbleef vanaf hun trouwen in 1938 op nummer 5

"Mijn vader, Jan Peelen verhuisde op 27 april 1939 met zijn gezin naar Frisia. Mijn moeder, Pieternella Theodora (Pietje) Bos, kwam in maart 1944 naar Huize/Pension Frisia. Het gezin moest na de Slag om Arnhem evacueren naar Woudenberg. Ik (Fien) werd op 1 april 1945 in Scherpenzeel in het noodziekenhuis geboren, in juni 1945 mochten we terugkeren naar Frisia. Riet werd daar op 4 september 1948 geboren. Wij zijn in de zomer van 1953 verhuisd. Wat Huize Frisia betreft, de reden van sloop (1975) was inderdaad het doortrekken van de Europalaan, het pand Frisia was niet meer in al te beste staat. De gemeente was eigenaar van pand sinds 1964." Bron Fien Peelen

Rond 1975 werd de Europalaan aangelegd (tussen de Dorpsstraat en de Molenweg) en verdween huize Frisia in juli 1975.

Link: bos genealogie
Geelkerkenkamp, Oosterbeek

Uit Demoedl Van een groene zoom.... pag 257: "Naast deze goederen wordt op de kaart van Thomas Witteroos uit 1570 ook nog gesproken over de „struwellen van St. Jan". Dit hakhout grensde oostelijk tegen de hegge het Stenen Kruis, en is later als de Geelkerkenkamp bekend".

in 1848 zicht op het benedendorp vanaf de Geelkerkenkamp, aquarel van J.Pelgrom.

rond 1910

Geelkerkenkmap Heemkunde Renkum

Er was nog een Geelkerkenkamp: De Geelkerkenkamp, reeds in 1700 bekend, was een stuk bouwland, gelegen zuidelijk van de Utrechtseweg en oostelijk van de huidige Marienbergweg,toen nog de schaapsdrift van Rosande. Eigendom van Rosande, en in 1783 verkocht door J.F.W. Baron van Spaen, heer van Rosande, aan Hendrik de Geest.
Villa Geldersche Blom, Benedendorpsweg 106, Oosterbeek.

Na aankoop in 1831 door Antonie van Muiswinkel, koetsier bij Robidť van der Aa op “de Hemelsche Berg”, werd het oorspronkelijke huis “de Geldersche Bloem” gesloopt.
Het huidige huis “de Geldersche Blom” stamt uit 1887 en is na de oorlog in oude glorie hersteld. link. Een gemeentelijk monument.
Voormalig Huize Gelria, laatstelijk was het adres: Utrechtseweg 85 te Renkum.

Oudere namen:
Het huis gebouwd door Berend Karman in 1849 (boerderij)
later herberg Bellevue
Het Anker,
Villa Goulet,
Kurhaus,
sanatorium Lingbeek,
Gelria,
nu
Hoog Heelsum.

In 1877 kocht Wilhelmus Hubertus Hoedt, wijnhandelaar uit Rotterdam, in de gemeente Renkum, aan de Utrechtseweg, een herenhuis met tuin en daarachter gelegen bouwland, samen 1 hectare, 17 are, 72 centiare voor f I. 4.500,—. Hij liet dit herenhuis verbouwen tot de villa Goulet.
  Het herenhuis lag dicht aan de straat en werd omgeven door een pracht van een wandelpark.

In 1894 werd de villa Goulet, met huis en tuin, en een huis met erf en bouwland verkocht aan
Doctor Jan Daams, arts te Harmelen voor f I. 17.000,—.

Verkoop villa 'Goulet' herenhuis, koetshuis en tuin Utrechtseweg groot 2 ha 21 are 82 ca. Renkumsche Courant 19-03-1898

Uit de hand verkocht aan Dr. Marx Renkumsche Courant 02-04-1898

Op 29 april 1898 verkocht Doctor Daams dit bezit voor f I. 16.000,— aan Doctor Hendrik Willem Marx, gemeente-arts te Renkum. Dr. Marx liet de villa verbouwen tot een hotel en kuuroord. Er werd een eetzaal en een badhuis bijgebouwd. Onder de naam Hotel en Kurhaus

Dr. Marx laat het jaar daarop werd bij de woning een sanatorium gebouwd, hetwelk dienst deed als Kurhaus Bad Heelsum.

Kurhaus

 In 1898 vestigd dhr. dr. H.W. Marx er hotel en kurhaus Heelsum. Hij laat er een sanatorium en badruimte bij bouwen, door de aannemer Joh. Mentink in oktober 1898. Voor een bedrag van Hfl. 17.340,-. Men kon onder meer kiezen uit Russische stoombaden en Romeins-Ierse baden.
Dokter H.W. Marx liet naast de woning nog een grote villa bouwen, die werd bestemd als sanatorium, terwijl het geheel compleet werd gemaakt met een directeurswoning achter de villa.

1903: Tot directrice van het Sanatorium Kurhaus Bad-Heelsum, te Renkum, is benoemd Mejuffrouw H. Schimmel, te Amsterdam.

Kurhaus

kurhaus

Volgens de verhalen heeft het kurhaus nooit gefloreerd.

Kurhaus

"Bij vonnis der Arrondissements-Rechtbank te Arnhem, d.d. 1sten Februari 1909 is Doctor HENDRIK WILLEM MARX, geneesheer van het Sanatorium te Heelsum, verklaard in staat van faillissement, met benoeming van den E.A. Heer Mr. P. F. A. CREMERS tot Rechter-Commissaris en van den ondergeteekende tot Curator. Mr. C. DE KEMPENAER. Arnhem, 8 Febr. 1909". Uit de Arnhemsche courant 09-02-1909

Uit kranten lezen we op 13 februari 1909 in de "Renkumse courant" dat notaris de Meester uit Heteren aankondigt dat hij op 9 maart in Hotel Remmerde te Renkum publiek zal verkopen het "Kurhaus Bad Heelsum".

Er is een  faillissement en nog een doorstart.In 1915 werd het verkocht aan dr. Goswijn Willem Sanne Lingbeek (1860-1939) uit Arnhem om als herstellingsoord te worden ingericht.
"Dr. G. W. S. LINGBEEK, te Heelsum (Gid.) zoekt voor zijn begin 1910 te openen Sanatorium; eene Dame van. goede familie, doorkneed in alles wat de huishouding betreft, en eenigszins op de hoogte van ziekenverpleging, Althans takt bezittend om met zieken om te gaan, genegen en in staat om als directrice op te treden in een klein eerste klasse Herstellingsoord." Uit Het nieuws van den dag 20-11-1915

Andere naam Sanatorium Lingbeek. 

"Tot 1915 heeft het nog dienst gedaan als herstellingsoord voor long-patiŽnten, met onder andere dokter Lingbeek als directeur. Na 1915 heeft het enkele jaren leeg gestaan. De gebouwen begonnen al snel in een zekere staat van verval te geraken, totdat het gehele bezit werd aangekocht door de Amsterdamse Bank". Uit Burgsteyn, Bomen over Renkum pagina 73

Lingbeek

Dr. G.W.S. Lingbeek verkocht het sanatorium op 31 oktober 1921 aan de Amsterdamsche Bank, die het voormalige kurhaus/sanatorium als vakantie- en herstellingsoord voor het eigen personeel wilde inrichten. De exploitatie ging berusten bij de Vereeniging “Amsterdam”, die onder de leden een prijsvraag uitschreef voor een geschikte naam. De heer Regtering ontving de eerste prijs voor zijn idee om het Hoofdgebouw de naam ‘Gelria’ te geven en de dependance ‘Klein-Gelria’ te noemen.

Heelsum Gelria

Gelria

"Het pension bleek eigendom te zijn van een groote Amsterdamsche bank, en bestemd als vacantieoord voor haar employe's ; de hoogeren mochten 't eerst veertien dagen kiezen, dan de gehuwden, die met hun vacantie nemen afhankelijk waren van de schoolgaande kinderen, dan de ongehuwden in voor- en naseizoen, tot eind October toe, en reeds in Maart aanvangend. Zoo was het vrijwel 't heele jaar door open. Van November tot en met Maart werd het grootste deel van het personeel ontslagen. Een klein gedeelte bleef voor de schoonmaak en allerlei werkzaamheden, die er den korten tijd dat er geen gasten waren, te doen bleven". Uit: G.J. Peelen; De ongerepte uitzet, 1934. Pagina 87, dit gedeelte gaat over de periode 1918 - 1923.

Gelria Renkum

Deze nieuwe eigenaar liet het verbouwen en inrichten tot herstellings- en vakantieoord voor haar personeelsleden. De naam "Kurhaus" op de voorgevel van de grote villa werd veranderd in "Gelria". Zo brak een nieuwe glorie-periode aan. In 1938 werd er zelfs nog een grote vleugel aangebouwd, die de villa en het bijgebouw met elkaar verbonden. Jarenlang was de directeur van dit vakantie-oord de heer Dams.
Gelria

Gelria

Kurhaus

Gelria

In 1934 is dhr. G. Heukelom er directeur.

Kurhaus

Heelsum Gelria

Huize Gelria Renkum

Kurhaus bad Heelsum

Gelria Heelsum

Geria Heelsum

Gelria Renkum

Gelria

In 1944 werd het gebouw grotendeels verwoest. In 1949 werden de restanten gesloopt.

In 1969 wordt er een grote flat gebouwd dat in 1970 open gaat als de verzorgingsflat Hoog Heelsum.
Vanaf 2006 gaat Mooi-land Vitalis meerdere koopappartementen van Hoog Heelsum omzetten naar huurappartementen. De Serviceflat Hoog Heelsum staat er nu nog steeds.
Tijdelijk gemeentehuis in Apeldoorn

Na de evacuatie in oktober 1944 van de gehele Renkumse bevolking komt er een secretatie van de gemeente Renkum aan de Paschlaan 16 te Apeldoorn.
gemeeentehuis Renkum
Voormalig Gemeentehuis, Utrechtseweg 107, hoek van Embdenweg. Oosterbeek.

Volgens de BAG gebouwd in 1865. De aanbesteding is echter een jaar later:

Gemeentehuis Oosterbeek

"Dinsdag werd door den burgemeester J. v. Embden te Oosterbeek de eerste steen gelegd van het gemeentehuis. Alleen het oudste raadslid, mr. v.'s Gravenweert, was bij de plegtigheid opgekomen". Arnhemsche courant 17 aug 1866. Die dinsdag was het dus de 14de augustus 1866.
Van 1823 tot 1851 vergaderde het gemeentebestuur in de Koude Herberg. Na 1851 ging men ombeurten vergaderen in de herberg De (Vergulde) Ploeg, Benedendorpsweg, te Oosterbeek, of De Bok in Renkum. Ook genoemd cafť v.d. Velden aan de Utrechtseweg in Oosterbeek. Ten tijde van Jan van Embden (1823 -1896) burgemeester van de gemeente Renkum van 1866 tot 1892 werd er in 1866 een gemeentehuis gebouwd op de hoek van de later naar hem genoemde weg en de Utrechtseweg. Na de verhuizing van het gemeentehuis naar huize Bato's Wijk komt er een politiebureau van 1928 tot 1973, zoals op de ansichtkaart hierboven is te zien. Daarna bureau gemeentewerken, vervolgens de Muziekschool Canterhijn. In 2002 begint er de huidige bewoner: kunsthandel Albricht.

Renkums eerste echte "gemeentehuis" (1866) heeft 60 jaren dienst gedaan. Bouw van nieuwe gemeentehuis Renkum. Arnhemsch Dagblad. 25-8-1959. Helaas gaat de krant voorbij aan het gemeentehuis op Bato's wijk (zie aldaar)

Gemeentehuis Oosterbeek

Tegenwoordig de kunstgalerie Albricht
Gemeentehuis van Renkum, te Oosterbeek.

Architect A. Staal heeft in 1946 - 1947 in het kader van een prijsvraag twee ontwerpen voor Park Dennenkamp gemaakt. Het plan bevat onder andere een monumentaal stadhuis, een kerk en sportvelden. Een stadhuis met een kerk, bijna had Oosterbeek een echt centrum gehad.

Prinses Margriet opent het Renkums gemeentehuis op 20 mei 1966, bron

In 1966 werd het huidige gemeentehuis aan de Generaal Urquhartlaan 4 te Oosterbeek in gebruik genomen.

Op de foto hiernaast is huis de Dennenkamp nog te zien. Ook een poos Gemeentehuis.

Na de WWII werd (een gedeelte van) hotel de Bilderberg het eerste Renkumse gemeentehuis.
gemeentehuis, Oosterbeek
Voormalig pension v. Gijtenbeek, Ottoweg 1 te Heelsum.  voor zomer- en winterverblijf
huis de ‘Geldersche Bloem’, Benedendorpsweg 106 (toentertijd Benedendorp C96) in Oosterbeek Van 1915 tot 1919 woonde hier Antoon Markus. Het pand wordt op 2 oktober 1919 door brand beschadigd, reden voor Markus om te verhuizen.
De Villa „Geroldsheim" op de hoek van de Emmaweg en Beukenlaan te Oosterbeek komt in 1924 samen met 2 aangrenzende bouwterreinen, elk groot pl.m. 15 A. te koop.
Huize "GlŁck auf", Fangmanweg 1 Oosterbeek

Ouder adres: Kerkhofweg.

Op de hoek met de Van Toulon van der Koogweg. Het pand en het adres bestaat niet meer.

Gluck Auf
Rond 1902
Gluck Auf

Gluck Auf
rond 1977
Goltstein's oord. Hogenkampseweg 95, Renkum

Goltstein's oord Renkum

Volgens de BAG is het pand oorspronkelijk gebouwd in 1900 ????

Goltstein's oord Renkum
klik op de foto voor een groter exemplaar, geldt ook voor sommige andere foto's

De naam Goltstein's Oord en Goltsteinpad zouden kunnen wijzen op een boerderij op een voormalig gebied van Baron van Goltstein. Doch dat is met een Kadaster dat dankzij de Franse bezetter in eerst 1813 begint en vanaf 1832 in te kijken is, niet traceerbaar.
 
Welke Goltstein's woonden op Grunsfoort:
Evert Jan Benjamin van Goltstein (1665 - 1744) Burgemeester te Zutphen, eerste Raad- en Reken-meester in Gelderland, Curator der Academie, Landcommandeur Duitse Orde Balye van Utrecht. Na het overlijden van Anthonie van Lijnden, heer van Grunsfoort zijn er veel schuldeisers en komt Grunsfoort in handen bij de erven van burgemeester Ham. Zij worden met Grunsfoort beleend op 14 mei 1728. Deze familie draagt het dezelfde dag nog over aan Evert Jan Benjamin van Goltstein (lees meer bij Demoed op pagina 187 e.v.)
Philip Hendrik Van Goltstein Tot Grunsfoort (1715-1775 of 1776). burgemeester van Wageningen; trouwde in 1745 met Judith Margaretha van Essen, vrouwe van Vanenburg.
In 1777, doet de weduwe Judith Margaretha van Essen verschillende eigendommen van de hand. Zo verkoopt zij  het in 1731 aŠngekochte bouwland in de Renkumse
Enk, de Doornboom genaamd en een „bosch off enig houtgewas- in de Fluitersmaat. Dit laatste wordt aan W. A. Baron van Pabst verkocht, eigenaar van de Kortenberg.
Daarna is er nog een bewoner van Grunsfoort, doch deze heeft geen bezittingen meer in de omgeving van de huidige Fluitersmaat waar Goltstein's oord staat.
Jhr. Evert Jan Benjamin van Goltstein, Heer van Grunsfoort, Appel en Vanenburg, (1751 - 1816) Gecomiteerde Duitse Orde, ambtsjonker van Nijkerk  en Renkum, drost te Hedel , burgemeester van Wageningen , gecomm.  ter Generaliteitsrekenkamer, bewindhebber O. L. Compagnie. , lid raad van State. Gehuwd met Frederica Everdina Anna van der Capellen, (1759 - 1847)

Goltstein's oord Renkum
Op deze prent uit HisGis zien de in het rood de kavels van verschillende eigenaren en ook in het rood een in 1832 aanwezige schapenstal aan de  Schaapsdrift.

Het het uit de  vroege negentiende eeuw daterende onverharde Goltsteinpad verdient wel een monumenten status, loop er eens over heen. Je loopt door een hard verdwijnend Renkums heggen landschap.
Goltsteinpad Renkum

Goltsteinpad Renkum
Het Goldsteinpad, zoals de gemeente dit pad noemt, in plaats van Goltstein, een laatste stukje van een historisch Renkums heggenlandschap, is hier nog te zien.
"Het is tussen 1734 en 1740 als baron van Goltstein (kasteel Grunsfoort) zijn bezitingen in de Fluitersmaat vergroot met verschillende aankopen. Deze percelen kregen de naam "Goltsteinkampen". De naam van het Goltsteinpad is hieraan nog een herinnering. Deze percelen bestonden uit heidegronden, percelen akkermaalshout en bouwland".
Uit: De Veluwezoom, Ir. N.P.H. Roorda van Eysinga.

Goltstein's oord Renkum
Een eerste traceerbare eigenaar volgens HisGis in 1832. Het gaat om heide. Het gebied in de rode driehoek is in de prent hierboven ook te zien. Kadaster kavel Renkum C 182.
In het grijs, de actuele 2019 situatie.

Anthonie Bakker, hierboven genoemd, verkoopt (legger 181) aan Jan Willem v. Dielen.

Van Dielen verkoopt aan den Berg.

Goltstein's oord Renkum
In 1877 is kavel 1084 nog leeg bouwland.

Van den Berg verkoopt later weer aan Matser.

En Matser gaat in 1912 een hoeve bouwen.

Goltstein's oord Renkum
Het Kadaster laat met een veldwerk kaart weten dat in 1913, het pand  op kavel 1084 (Hogenkampseweg 95) gesticht is.

Goltstein's oord Renkum
De eerste steenlegging is gedaan door G. Matser op 16 april 1912. Veelal een kind van de eigenaar.

Met een eerste steen in 1912, en een stichting in 1913 (dan is het afgebouwd) klopt weer het Dienstjaar 1914, het jaar dat een eigenaar ook belasting gaat betalen vanaf 1 januari.

Goltstein's oord Renkum
In 1973 wordt kavel 1084 vernummerd naar kavel 5866. Te zien is ook de de rooilijn iets opschuift.

Goltstein's oort Renkum
Op 22 februari 1961 was eigenaar J.A. Matser aanwezig, (veldwerk kavel 1084). Er vindt een hermeting plaats.

Latere eigenaars: privacy
Actueel Kadaster: RKM00, Sectie C, Perceel 5866

Bronnen:
genealogieonline.nl/stamboom-baris
Meerdere boeken van de vereniging Gelre, te Arnhem, tussen 1898 en 1998.
Demoed; Van een groene zoom aan een vaal kleed, boek 1953
Kadaster, HisGis en Topo Tijdreis.
Woning Graaf van Rechterenweg 11 Oosterbeek

bouwjaar volgens de BAG 1927.

Mw Johanna Maria -Barones Beelaerts van Blokland, geboren 06-07-1912 te Wassenaar, gehuwd te Renkum in 1936 met met Hendrik Nicolaas baron Schimmelpenninck Van Der Oije, geboren 25-12-1917 te Wassenaar. Beiden zijn overleden. De dochter hiernaast wordt geboren in Oosterbeek. Uit dit huwelijk zijn nog 3 andere kinderen geboren, doch niet in de gemeente Renkum. Deze famile zal tussen 1939 en 1944 in Oosterbeek gewoond hebben. 
Schimmelpenninck Beelaerts Oosterbeek
Villa Grada, Fangmanweg 43 Oosterbeek. Later Maerland
Ouder adres: Fangmanweg 33, Oosterbeek en Zweiersdal.

In 1869 kochten Maria Vos en Adriana Johanna Haanen (schilders) van Jan Winterink veertienhonderd vierkante meter grond aan de oostelijke dalzijde van het Zweiersdal. Ze lieten er de Zwitserse "Villa Grada" op bouwen. Deze was klaar in 1871.

Grada
Mr Cornelis Zaaijer (1873 - 1919), was gedurende een tweetal jaren burgemeester van Renkum (1917-1919). Hij woonde in het huis Villa Grada, welke naam hij, vanwege zijn afkomst uit Den Briel, in ,,'t Maerland" veranderde.

In het boek Oosterbeek, Doorwerth, Heelsum en Renkum in de negentiende eeuw van H. Romers staat een prent.

Maarland
Villa Grindhorst, Utrechtseweg 21, Heelsum,
Grindhorst Heelsum
Volgens de BAG gebouwd in 1904.

Lees meer info bij hotels, pensions, uitspanningen hier.
de Grindhorst, Benedendorpsweg 26, Oosterbeek 1951: Mevr. de Cocq, Benedendorpsweg 26, Oosterbeek, vraagt in gezin, goede hulp i.d. huish. v.d.e.n., zelfst. kunn. werken en koken.
Villa de Grindhorst, Oosterbeek, Jhr. Nedermeijer van Rosenthalweg 16 , Oosterbeek Oosterbeek villa Grindhorst
't Groenland, geen landgoed maar meer een gebiedsomschrijving van een gedeelte van de Hartense Enk, het beken gebied tussen Renkum en Wageningen, zichtbaar vanaf de N225. De westerse helft is van ONO en de oosterse helft kent meerdere eigenaren die aan de "Onder de Bomen" in Renkum wonen. Een andere naam voor hetzelfde gebied: Het Broek.
Groot Geluk, Ottoweg 2, Heelsum Met een tuin, die in V-vorm uitloopt, het voormalige woonhuis van architect G.C. Rothuizen.
Voormalig Kasteel Grunsfoort. (Grensfort) (Grensvoort) Renkum en Wageningen.

Tussen de Wageningse Berg en de Noordberg bij Renkum liggen de Renkumse beken in een dal. Een brede, groene strook, waaruit de bossen van Oranje Nassau Oord oprijzen. In dit dal stond eens het kasteel Grunsfoort, genoemd naar een groene voorde, een inkerving in de heuvels en bossen van de Veluwe zuidzoom. De voorde was een groene, drassige beemd, die het water omsloot en in de winter stroomde de Nederrijn er binnen en beschermde de burcht.Anderen zegendat een voerde, een voorde of een doorwaadbare plaats, nabij de Nederrijn is. In de vallei tussen Utrecht en Gelre gelegen, was Grunsfoort een machtige voorpost in de strijd tussen de elkaar beoorlogende Utrechtse (bisschop) en Gelderse edelen. We weten niet wanneer Grunsfoort begint. Maar Kasteel Doorwerth, de kerk in het verdwenen Wolfheze, de kerk in Oosterbeek. Zijn of zouden gesticht kunnen zijn rond het jaar 1000. Gesticht met de naam Grensfort door Hertog Eduard in 1364. In 1371 sterft Hertog Eduard van Gelder, alsmede zijn oudste broer, Hertog Reinoud de derde. Het kasteel groeit, eigendom van enkele hertogen van Gelre, gebouwd door de hertog van Gelderland om zich te verdedigen tegen de Utrechtenaren. De Gelderse hertogen verbleven er meerdere keren per jaar. De laatste bewoner, in 1773, de burgemeester van Wageningen, was de Heer Philip Hendrik, Baron van Goltstein. Het kasteel was een Landsheerlijk bezit, en daardoor belangrijker dan Kasteel Doorwerth.
Het kasteel Grunsfoort is in afgebroken in een periode dat bewoning van burchten op een drassige grond aan de Nederrijn minder in trek was. Het klooster van Onze Lieve Vrouwe van Renkum, het Seelbeekklooster, het Wildforstershuis te Wolfheze, kasteel Rosande, het klooster MariŽndaal waren reeds voorgegaan. Alleen Kasteel Doorwerth hield stand. De sporen van de verdwenen bouwwerken van Grunsvoort waren bij opgravingen in 1936-38 nog zichtbaar. Op de ene plaats duidelijker dan op de andere. In het kader van de werkverschaffing werd er onder leiding van de heer A.E. van Giffen, directeur van het Archeologisch-Biologisch Instituut te Groningen, gegraven. Ook de heer Holwerda wordt genoemd. Zware muren van rode baksteen geven de omtrekken aan van torens en bastions, een bolvormig gemetseld gewelf is wellicht het overblijfsel van een waterput binnen de burcht, rode estrikken-vloeren tekenen hal of keukens, andere zware muurstukken zijn misschien de fundamenten van schoorstenen. Met een hoogte kaart op het internet zijn ook nu nog de lagere delen van de oorspronkelijke gracht zichtbaar. Rond 1780 gesloopt. Tegenwoordig is het oude Grunsfoort nog zichtbaar door palen op de plek van de fundering. De naam Grunsfoort is later (1881) ook gebruikt voor de voorloper van het aangrenzende Oranje Nassau Oord. Aan de Beukenlaan staat een informatiepaneel over het kasteel.
kaart van Grunsfoort bron Gelders Archief

In de Gelderse Almanak van 1883 wordt breedvoerig de geschiedenis van Grunsfoort verteld. Het artikel werd destijds geschreven naar aanleiding van de aanschaf van het landgoed ONO door koning Willem III. Het hele artikel was in 1882 geschreven door De heer H.M. Werner en beslaat 53 pagina's plus nog eens 3 pagina's correctie van de heer Sloet.

Grunsfoort Renkum in 2020
De locatie van Grunsfoort is aangegeven met enkele palen in het beekdal. De opname is in 2020 gemaakt vanaf de Beukenlaan en de palen zijn hier licht blauw-groen gearceerd.

"Eindelijk geloof ik, dat nu dit oudadelijk goed onlangs in handen van Z. M. onzen geŽerbiedigden Koning is overgegaan. Allereerst iets over de naamsafleiding: Grunsfoort, beduidt eenvoudig voerde, worde, doorwaadbare plaats, alzoo Grunsfoort; eene doorwaadbare plaats in den Rijn.... Historisch staat vast: dat Grunsfoort in Februarij 1372 door Jan van Chastillon, Graaf van Slois, enz. werd ingenomen en den 24en Maart 1379 door hem en zijne vrouw Mechteld v. Gelre, weder ingeruimd werd aan Willem, Hertog v. Gulik en zijne vrouw Maria v. Gelre, Mechtelds zuster, en aan hun zoon den jongen Willem, Hertog v. Gelre.... Vůůr dien tijd vindt men van Grunsfoort geen gewag gemaakt. En dat Grunsfoort daarna Hertogelijk domein was en bleef van genoemden Hertog Willem v. Gelre, die daar meer dan eens 26 27 vertoefde en er zeker in April 1396 eene zamenkomst had met Frederik v. Blankenheim, Bisschop v. Utrecht. Wij zullen nu de geschiedenis van Grunsfoort opvatten bij den dood van Willem, Hertog v. Gelder en Gulik, die den 16™ Febr. 1402 te Arnlietn, overleed.... Onder de regeering zijns broeders Reinoud v. Gelder bleef Grunsfoort Hertogelijk domein, en ook deze vorst heeft daar af en toe verblijf gehouden. Naauwelijks toch had hij het bestuur in handen genomen of hij begaf zich derwaarts, namelijk op Maandag daags na St. Peter en bleef daar tot des goidesdages (woensdag) daaraanvolgende, toen hij 's avonds weder naar Roosendaal (zijn gewoon en geliefkoosd verblijf) reed. Maandag na Allerheiligendag van hetzelfde jaar 1403 reed hij weder van Roozendaal naar Grunsfoort, maar het huysgesinde bleef te Roosendaal. Ook in 1408 begaf de Hertog zich herhaalde malen naar Grunsfoort, eens in gezelschap van den Heer van den Berghe en overnachtte daar. In 1410 vertoefde hij daar eveneens en toen o. a. Jacob, Heer v. Gaasbeek, Abcoude, Putten en Strijen, Erfmaarsohalk v. Henegouwen, zijne goederen, namelijk liet slot te 'Duurstede en de stad Wijk, met haar regtsgebied .van hem als leen ontvangt, komt deze naar Grunsfoort, om aldaar den Hertog als Leenheer de verschuldigde hulde te doen en wordt de daarop betrekking hebbende oorkonde ook den 28en Nov. 1410 te Grunsfoort gezegeld. In het volgende jaar ging Hertog Reinoud herhaaldelijk naar Grunsfoort en bleef daar soms dagen achtereen. Zelfs nam hij eens zijn geheele huysgesynde van Roosendaal mede en bleef 9 nachten te Grunsfoort, gedurende welken tijd hij daar die Joncheer van Groesbeeck ende anders vuel guede lu ende anvals ontving, terwijl middelerwijl zijne Raide en Vriende te Wageningen kwamen, weshalve men van Grunsfoort wijn, enz. derwaarts zond, zoodat de geheele verteering in die dagen (behalve provande in providencia) bedroeg: 403 gl. 53 gr. 3).  Grunsfoort
Een leuke tekening, maar Grunsfoort heeft er nooit zo uitgezien.

"Het kasteel is via de Van Stepraedts in het bezit van de Van Lijndens gekomen. Een Reinier van Stepraedt, heer van Ewijk en Doddendaal was in 1581 nog in het bezit van Grunsfoort. Hij was getrouwd met Johanna van Rechteren, genaamd Voorst. Twaalf kinderen werden uit dit huwelijk geboren, waarvan de oudste, Johan na de dood in 1586 van zijn vader, in 1593 met Grunsfoort werd beleend. De weduwe hertrouwde na 1586 met Assuerus die Jeger van Hoekelum (bijBennekom). Uit deze verbintenis werd onder andere een zoon, Reinier, geboren. Hij overleed na 1650 op kasteel Grunsfoort bij zijn halfzuster Sadrina (zie verderop). Johan van Stepraedt kreeg ruzie met zijn jongere broers enzusters om de bezittingen, met name om Grunsfoort. Uiteindelijk kwam het kasteel en omgeving in bezit van een van Johans zusters, Alexandrina (Sadrina), die op 23 october 1611 in het huwelijk trad met Anthonie (I) van Lijnden. De plechtigheid vond plaats op kasteel Doddendaal bij Ewijk. De bruid was katholiek, de bruidegom gereformeerd. Beloofd werd dat de eventuele kinderen een niet-katholieke opvoeding zouden krijgen. De zeker vijf kinderen (drie zonen en twee dochters) werden in de kerk van Loenen a/d Vecht door de predikant gedoopt. Anthonie (I) van Lijnden was Heer van Cronenburg, Loenen en Teckop, heerlijkheden, die hij erfde van zijn moeder. Het gezin woonde afwisselend op Cronenburg en op Grunsfoort. Anthonie, geboren in 1583. overleed op 7 oktober 1626 en werd begraven in de kerk van Loenen. Sadrina , lid van de militant katholieke familie Stepraedt, begon haar kinderen, ondanks de belofte van het tegendeel, in het katholieke geloof op te voeden. Met instemming en hulp van haar oudste zoon Frans, die in 1627 zijn vader als Heer van Cronenburg was opgevolgd, zorgde Sadrina, dat de katholieken van Loenen en omgeving gelegenheid kregen hun Godsdienst uit te oefenen. Er ontbrak echter een eigen kerkgebouw. In 1652 werd door haar toedoen een schuurkerk gebouwd op Slootdijk, gelegen tussen Loenen en Loenersloot. Frans trouwde in 1645 met de achternicht van zijn moeder, Margaretha (ook Maria) Sophia van Stepraedt, Vrouwe van Indornick. Twee zonen en een dochter vormden het gelukkige bezit van dit echtpaar. Over de oudste, Anthonie (II) volgen verderop bijzonderheden. Sadrina deed in Renkum hetzelfde wat ze deed voor katholiek Loenen en omgeving. Rondtrekkende priesters konden op Grunsfoort terecht". Naar  A.G. Steenbergen. Van slotkapel naar parochiekerk, in Katholiek Renkum - Heelsum door de eeuwen heen. 1975.
In het jaar 1415 vinden wij wederom tot twee malen toe gemeld, dat de Hertog eene nacht op Grunsfoort doorbragt. Ook in 1417 vertoefde hij daar en in het volgende jaar wordt er o. a. een halve gruenen (d. i. versch geslagte, ongezoute) os gezonden tot Gruensfoirde pro Domino Duce Doch zijn opvolger Arnoud v. Egmond, die na Reinouds kinderloos overlijden (25 Junij 1423) op 13-jarigen leeftijd tot Hertog v. Gelderland verheven werd en wiens geheele regeering zich gekenmerkt heeft door voortdurende twisten en oorlogen, die nu hier dan daar zijne tegenwoordigheid vereischten, had weinig tijd om kalm op een of ander domein de genoegens des levens te smaken, en hielt zich meestal, wanneer de krijg hem eenige verademing schonk, te Roozendaal op. De zwakke Hertog Arnoud was inmiddels van het tooneel getreden en door zijn zoon Adolf— die zijn vader in 1465 deed opligten en op het Kasteel te Buren gevangen zetten - in het bestuur over Gelderland vervangen. Daar Hertog Adolf ook geen plan scheen te hebben, om zelf op Grunsfoort verblijf te gaan houden en de vrees voor Karel een Stoute, Hertog van BourgondiŽ, die als een kat op de loer lag, ten einde het gunstige oogenblik waar te nemen, waarop hij zijn prooi magtig kon worden, hem ook geenszins in de gelegenheid stelde, om hier of daar rustig zijne dagen te slijten, zoo gaf hij tevens aan de door hem nieuw benoemden Landdrost v. Veluwe, Dirk van der Horst wegens trouwe diensten, toe het Huis Grunsfoort tot woonplaats mit redelichen noitdrufft van brande, koilgarden, boumgarden s duyffhuyse ind visscheryen dair toe geboerende, dus, zouden wij zeggen: met vrij brand, moesgroenten , fruit, gevogelte en visch. Voorts kreeg hij nog voor zijne paarden jaarlijks 200 malder (mudden) haver en 4 morgen hoyss (het hooi, dat op 4 morgen weiland groeit), en verder voor ęijnen dagelixschen cost ind gehalt (onderhoud) voor hem en zijn knecht jaarlijks 300 Postulaat guldens. Eindelijk mogt hij nog reis- en verblijfkosten in rekening brengen, als hij van huis ging om op de Velwoe te gaan rigten, en kreeg hij voor de waarneming van zijn ambt de 10de penning van de eerste 500 Rijnscne guldens der broicken ind opkomingen (boeten, enz.), dus 50 R. guld. 's jaars. Zoolang Hertog Adolf aan het bewind bleefĽ bleef ook Dirk v. d. Horst op Grunsfoort zijn gewigtig ambt waarnemen, en ook nadat deze door Karel den Stoute gevangen genomen was en zijn vader Hertog Arnoud zoogenaamd de teugels van het bewind weder in handen nam, bleef hij nog Drost v. Veluwe. Zoo vinden wij dan, dat Dirk v. d. Horst in 1471 op 72 viermaal ging ommerichten (rondreizen door de Veluwe, om dan hier, dan daar regtspraak te doen) op last der Gedeputeerden tot het landsbestuur, en toen bijgestaan werd door 9 gewapenden. Nauwelijks heeft Karel de Stoute Nijmegen ingenomen en is hij daardoor meester van Gelderland geworden, of Dirk v. d. Horst wordt aangesteld tot Burggraaf in het Rijk v. Nijmegen, 31 Jul. 1473 2), en wordt hij als Drost v. Veluwe vervangen door Willem v. Bouchorst, Ridder. Zolang Karel de Stoute, die alle redenen had om de gunstelingen en raden van den voormaligen Hertog Arnoud welwillend gezind te zijn, het land regeerde, werd Gerrit v. Rijswijck in het rustig en ongestoord bezit van Grunsfoort gesteld, doch toen na Karels dood in 1477, Hertog Adolf, uit de gevangenis ontslagen, op nieuw tot Hertog v. Gelderland werd uitgeroepen, moest ook Gerrit v. R. voor anderen plaats maken. Zooals bekend is, sneuvelde Hertog Adolf nog in Junij van hetzelfde jaar 1477 bij Doornik tegen de Franschen, en zijne zuster Katharina,, die inmiddels als Landvoogdes het bestuur over het land op zich genomen had en dit voorlopig in naam der kinderen van den overleden Hertog in handen hield, verpachtte Grunsfoort in 1478 voor 6 jaren aan Hendrik Sentinck. Deze was Heer tot Aet Loo, Berenkamp, enz. Doch naauwelijks is Aartshertog Maximiliaan v. Oostenrijk meester van Gelderland geworden en overal als Hertog gehuldigd en geŽerbiedigd, of Gerrit v. Rijswyck wordt weer in zijn voormalig bezit hersteld en doet in 1481 wegens Grunsfoort op nieuw den leeneed. Toen evenwel de ryksch- Bourgondische heerschappij met de komst van den beroemden Hertog Karel v. Egmond in Gelderland voor geruimen tijd weder vernietigd was, kreeg ook Grunsfoort andere heeren. Volgens het Geld. Leenregister beleende Karel v. Gelder met het huis Grunsfoort te Redinchem -. Arend en Albert van Lawyck, fratres (gebroeders), en zulks bij transport van Gerrit v. Ryswijck en zijne vrouw. Zij kregen dit van den Hertog voor hun leven, zoomede het gedeelte, waar Johan v. Gelre, bastaard, Conventuaal te Mariendael regt op had, en bovendien nog een uiterwaard bij Leexken aan het veer, 3 Jun. 1492. Ten opzigte hiervan moet ik opmerken: dat, ofschoon het tegendeel uitdrukkelijk in het Leenregister gemeld wordt, Arend en Albert v. Lawyck geen broeders, doch verre neven waren; dat deze beleening geene eigenlijke .beleening was, doch eene verpanding van het leen tot goedmaking van, door genoemde heeren van Lawyck aan den Hertog voorgeschoten gelden, om de regten van Gerrit v. Rijswijck en Johan, bastaard v. Gelre af te koopen; Toen Hertog Karel dit domein van zijn hypothecaire schuld bevrijd had door de overeenkomst met Arndt v. d. Lauwick in 1499, beleende hij er onmiddelijk zijn bastaardbroeder Reinier v. Gelder mede en wel ten Zutphensche regte, gelijk Johan v. Gelre dat bezat. Ook gaf de Hertog hem nog 12 morgen lands in de Moft (een uitgestrekt bosoh) te Grunsfoort, 2 Mrt. 1502 In 1522 stierf hij, (Reinier) en, ofschoon hij zijne kinderen een roemrijken naam naliet, geldelijk schijnt hij er niet op vooruit te zijn gegaan, want den 9en Jan. 1523 verzekert de Hertog aan zijne weduwe Aleid Schenk v. Nijmeygen het voortdurend bezit eener rente van anderhalf hondert golden rijns gulden van gewichte. Die schulden waren bij Reiniers dood nog volstrekt niet afgelost, en Karel scheen daartoe vooreerst ook nog niet genegen en in staat, want eerst den lOen Dec. 1535 legde Aleid Schenk v. Nijmeygen eene verklaring af, dat zij geheel voldaan was wegens hetgeen de Hertog aan wijlen haar man Reinier v. Gelder, bastaard was schuldig gebleven. Doch voor die welwillendheid te haren opzigte moest Aleid ook iets opofferen. Zij moest namelijk het huis Orunsfoort aan den Hertog afstaan, met dien verstande, dat hij het mogt bewonen, vertimmeren en verbouwen naar zijn goeddunken, waarvoor de rentmeester van Grunsfoort hem bovendien jaarlijks uit de renten en goederen tot dit goed behoorende 60 golden gulden van gewiekte moest uitbetalen. Daar Aleid het vruchtgebruik van Grunsfoort had en ook behield,... Dat Hertog Karel aanvankelijk na 1523 Grunsfoort bewoond heeft, althans daar af en toe vertoefde — want van een rustig onafgebroken wonen was gedurende zijne geheele, zoo onrustige regeering ook voor hem wel geen sprake — blijkt daaruit, dat hij den 3™ Dec. 1524 en den 14™ Aug. en 25en Sept. 1525 bevelschriften uitvaardigde, die te Grunsfoort door hem geteekend en bezegeld zijn. Het schijnt dat Aleid Grunsfoort nu aan zich gehouden heeft en dat dit later na haar dood (20 Dec. 1555) aan hare dochter Catharina gekomen is, die in 1559 daarmede beleend werd. Haar zoon Dirk v Gelder komt althans niet meer als Heer van Grunsfoort voor. Hij stond in 1555 en 1565 vermeld op de twee eerste Riddercedulen (notitie bij een document) van het Overkwartier en trouwde Frederica v. Heeckeren. Ofschoon zij zeven kinderen verwekten, schijnt dit huwelijk later niet zeer gelukkig te zijn geweest, althans sedert 1561 leefden de echtgenoten geheel gescheiden en begaf Frederica, zich naar Enghuizen te Hummelo, waar zij in 1577 stierf, terwijl Dirk in 1564 onder curatele gesteld werd, en zelfs na het overlijden zijner vrouw aan zijne zoons Reinier v. Gelder en Wijnolt volmagt gaf, om zijne dochters Frederica , gehuwd met Deert v. der Schueren, Catharina, Agnes en Anna, die de zijde der moeder schijnen gehouden te hebben, met geweld uit haar sterfhuis Enghuizen te verdrijven. Na zijn dood in 1580 liet zijn zoon Reinier v. Gelder zich dan ook met Grunsfoort belenen, hij had evenwel niets geen regt op dit goed, doch beweerde dit slechts, denkelijk voorgevende, dat, wijl zijn vader voorheen daarmede beleend was geweest, het hem nu als zijn erfgenaam toekwam. Hij nam Grunsfoort dan ook wederregterlijk in bezit en weigerde het aan den regten eigenaar Reijner v. Stepraedt, Heer tot den Doddendael, hoewel onder dreigementen van lijfstraf, weder in te ruimen, weshalve de Raden van het Vorstendom Gelder den Richter van Wageningen Arent de Koek v. Delwijnen gelastten, met toezegging van behoorlijke handsterking, zich met ettelijke schutten voor Grunsfoort te begeven, en het met krijgsvolk en geschut zoodanig aan te tasten, dat hij zich van Huis en de bezetting aldaar kon meester maken, 1580 . Het verloop dezer belegering wordt ons medegedeeld door den heer Goossen, die bij deze gelegenheid tevens het slot Grunsfoort zoowel uit-als inwendig beschrijft. Reinier v. Gelder dolf echter het onderspit, want op order van de Landschap wordt nog in hetzelfde jaar zijn broeder (Wijnand v. Gelder stierf zonder kinderen, 1582) met geweld uit Grunsfoort gezet en naar Wageningen gebragt Verder vindt men noch in het Leenregister, noch elders iets meer vermeld omtrent het geslacht v. Gelder in betrekking tot Grunsfoort. Na haar overlijden in 1570 wordt haar 2e zoon (de oudste, Dirck v. St. stierf plotseling kort na zijn vader in 1558, ongehuwd) Reinier v. Stepraedt met Grunsfoort beleend. Van hem is reeds hier boven gesproken, als zijnde, volgens het gevoelen der Raden van Gelderland, in 1580 de wettige eigenaar van Grunsfoort. Hij bleef' dan ook in het bezit daarvan, niettegenstaande al de moeite, die zijn neef Reinier v. Gelder aanwendde, om te bewijzen en wettig te doen uitmaken, dat zijne moeder en dus ook hare erven slechts regt hadden op den zoogenaamden derden voet in het leen en dus het Huis Grunsfoort zelve niet mogten bezitten, of zich met het leen doen beleenen. Grunsfoort schijnt tijdens hij het bezat, en wel in het begin van 1584, door den vijand bezet te zijn geweest. In brieven van 21 Jan.en 4 Febr. van dat jaar, geschreven door de stad Wageningen: • aan de stad Arnhem, en het kwartier v. Veluwe, verzoekt Wageningen ontslagen te worden van het ruitergarnizoen, dat de stad en den omtrek uitplundert, en vermeldt voorts, dat Grunsfoort door den vijand bezet is • Wagenaar zegt o. a.: Op de Veluwe, alwaar de Koningschen in Louwmaand (1584) wederom een feilen stroop gedaan hadden. Waarschijnlijk hadden zij bij dien strooptogt ook het Huis Grunsfoort bemagtigd en hielden het eenigen tijd bezet. Zijn oudste zoon Johan van Stepraedt werd Graaf Indornick, Heer v. Ewijjck en Doddendael, waarmede hij, even als met Grunsfoort, in 1593 beleend werd. In 1599 had hij proces met zijne jongere broeders en zusters over het huis Doddendael, de heerlijkheid Indoornick en de leengoederen Grunsfoort en daarbij gelegen landerijen. Wat Grunsfoort betreft verklaarde het Hof v. Gelderland den 9e Nov. alle broeders en zusters gezamenlijk regt hebbende. Eene der genoemde broeders en zusters was Sandrina, die den 23en Oct. huwde met Antonie v. Lijnden, Heer v. Cronenburg, Op deze Sandrina en haar echtgenoot ging langzamerhand het geheele leen Grunsfoort over. 206 Sandrina had reeds den l-en Mei 1619 haar man in hare toenmalige bezitting van Grunsfoort getogt (in bruikleen gegeven), en werd nu, den 26en Maart 1629 met het geheele goed op nieuw beleend. Grunsfoort kwam zoodoende in het bezit van het geslacht van Lijnden en Antonie v. L, wordt dan ook in de genealogie van dat geslacht als Heer v. Grunsfoort gemeld. Is het zeer waarschijnlijk, al kan ik het niet met zekerheid zeggen, dat de Stepraedts het kasteel Grunsfoort nimmer bewoond hebben, de Lijndens daarentegen bewoonden het wel. Antonie v. Lijnden was verschreven in de Ridderschap v. Holland en West-Friesland, 1618 en stierf in Oct. 1626. Zijne weduwe behield Grunsfoort tot aan haar dood en haar 2e zoon Reinder werd daarmede na haar overlijden beleend, 4 Nov. 1667".
bron: Gelderse Almanak van 1883

Grunsfoort
Een leuke tekening, maar Grunsfoort heeft er nooit zo uitgezien.

Bewoners
Vanaf 1364. tot 1371 Hertog Eduard van Gelder en zijn Hertog Reinoud de derde.
Vanaf 1379 was het kasteel een landsheerlijk kasteel van de hertogen van Gelre. De hertogen Willem en Reinald IV verbleven veel op het slot.
Hertog Willem gaf Grunsfoort voor bewezen diensten, aan Henrick van Hacfort, voor de duur van zijn leven.
In 1388 gaf Willem het kasteel, onder dezelfde voorwaarden, aan Henric van Steenbergen, proost van Oudmunster te Utrecht.
In 1397 kreeg Kersten van Rijswijck Grunsfoort voor de duur van zijn leven in zijn bezit en in 1419 verkreeg zijn zoon Willem het slot.
Hertog Arnold gaf het kasteel in 1464 aan zijn zoon Johan voor levenslang gebruik, op voorwaarde dat hij het in leen terug zou ontvangen. Johan ging later in het klooster, zodat het huis min of meer vacant was.
Hierdoor kon, in 1468, hertog Adolf de drost van de Veluwe, Dirk van der Horst, op het kasteel plaatsen.
In 1437 werd Gijsbert van Rijswijck daadwerkelijk met het kasteel beleend.
Na die tijd was het dus geen landsheerlijk kasteel meer, maar een leen. Gijsbert hield het kasteel in zijn bezit tot 1492, met uitzondering van de jaren 1477 tot 1482 toen het kasteel werd verpand aan Hendrik Bentinck.
Reiner van Gelre, de bastaard broer van Karel, was de volgende die Grunsfoort in leen had. Hij stierf in 1522. Karel ruilde het kasteel met de erfgenamen van Reiner, zijn vrouw, Aleid Schenk van Nijdeggen en minderjarige kinderen, voor de inkomsten uit het ambt Kriekenbeek, met de voorwaarde dat als de inkomsten uit Kriekenbeek zouden wegvallen, de erfgenamen van Reiner weer vrije beschikking over het kasteel zouden krijgen. In 1528 werd de oudste zoon van Reiner, Derk, die toen nog steeds minderjarig was, met het huis beleend. In 1537 kocht Karel het slot Grunsfoort terug voor een inkomst van 150 goud guldens per jaar. Hierdoor werd Grunsfoort weer een eigen kasteel van Gelre. Na de dood van Karel, in 1538, werden de 150 guldens per jaar waarschijnlijk niet meer betaald, zodat het huis weer terug kwam aan Aleid Schenk van Nijdeggen. Haar dochter, Catharina van Gelre, erfde het kasteel na haar dood in 1555. Zij werd in 1559 met Grunsfoort beleend. Na de dood van Catharina kwam het slot in bezit van haar zoon, Reinier van Stepraet. Reinier van Gelre, de broer van Catharina, eigende zich Grunsfoort wederrechtelijk toe in 1580.
Al in 1582 werd hij weer uit het kasteel gezet en als gevangene naar Wageningen afgevoerd, zodat het kasteel weer in het bezit kwam van de Van Stepraets.
Daarna kwam Grunsfoort achtereenvolgens, nog in handen van de familie Van Lijnden in 1619,
de familie Ham in 1728,
de familie Van Goltstein in datzelfde jaar
en de familie Pabst in 1777.
Het kasteel werd uiteindelijk in 1780 afgebroken.

Andere leenmannen of eigenaars die genoemd worden zijn:
de Bentinck's (kasteel Doorwerth)
de Van Lawic'ks
de Stepraeds
de Van Arssen's
de Van Lijnden's en
de Van Goltstein's. De Van Goltstein's krijgen Gurnsfoort in bezit op 16 februari 1778 (Phillip Hendrik van Goltstein. Van Goltsein laat het kasteel in 1780 afbreken. (bron artikel uit xxx, niet te achterhalen)
Huize Grunsfoort, Nieuweweg 31, Renkum. Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Villa Goulet, Utrechtsche Straatweg Heelsum Goulet
Gebied de Hank, Renkum

Het gebied de Hank ligt ten oosten van het Renkums beekdal, tot aan de Bellevue, Waterweg, Kerkstraat en Molenweg. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Renkum grotendeels vernield. Na de oorlog was er behoefte aan woningen. In de jaren vijftig werden in de Hank meerdere woningen gebouwd, zoals aan de Waterweg. In de jaren zestig aangevuld met woningen aan de Hankweg, Frans Campmanweg, Ds. Gewinweg en Meester Poldermanweg. In 1964 komt er een personeelsflat voor de firma Van Gelder en Zonen. In de jaren zestig komen er meerdere goedkope flats aan de Bergerhof.
Portiekflats met grote groene ruimtes tussen de gebouwen. Tussen enkele flats aan de Bergerhof werden speelvoorzieningen aangelegd zoals het basketbalveld en zandbakken. Rond 1982 is de woningbouw in de Hank voltooid. Rond 2010 wordt de Bergerhof geŁpgraded, of te wel: minder goedkope sociale woningbouw. Meerdere flats worden afgebroken. In 2013 zijn de eerste woningen van de nieuwbouw opgeleverd waarbij grotendeels laagbouwwoningen en twee appartementencomplexen zijn gerealiseerd.
De Harten, (Hatten - Hatte) een oude buurtschap uit 1500 - 1600.

Op Het Kwartier van Arnhem van 12 februari 1815, de Staat van de bevolking in de Provincie Gelderland, valt Harten nog onder Wageningen. Wageningen bestaat dan uit Wageningen, de Kortenberg, Harten en de Heerlijkheid Wolfswaard. Op Harten wonen dan 9 personen onder de 18 jaar. 5 personen zijn tussen 18 en 50 jaar en is er 1 persoon ouder dan 50 jaar. In totaal heb je het dan over 15 personen van het mannelijk geslacht. Daarnaast zijn er ook 10 vrouwen, zodat de totale burgerbevolking op 25 personen uit komt. Er woonden 25 Gereformeerden, andere geloofsrichtingen waren niet op Harten.

Tegenwoordig kennen we in Renkum nog de Hartenseweg en de begraafplaats Harten. De voormalige buurtschap De Harten was gelegen aan de Hartensebeek, zo tussen de Keijenberg, Bennekomseweg, Hartenseweg en de Kortenburg. De beek overstroomde daar minder bij hoogwater op de Nederrijn. En er was door de beek een goede watervoorziening. Volgens Ruud Schaafsma was er al de Willibrordkapel in de 9e eeuw te Harten.  
Rond 1570 waren er op De Harten boerderijen, water- papier- en graanmolens. De huidige boerderij De Beken van Staatsbosbeheer, staat op de plek van een van de Hartense boerderijen. De graanmolen hoorde bij het Onze-Lieve-Vrouwenklooster in de uiterwaarden bij Renkum gelegen te hoogte van de huidige Dorpsstraat. Het klooster Sancta Maria wordt rond 1574 tijdens de Reformatie gesloopt.

In het begin van de 20ste eeuw wordt de buurtschap rond de stoomolieslagerij van W. Sanders, later Seumeren; het koffiehuis van Verwaaijen; de korenmolen, de Gelderse Stoomwasserij vanaf 1890, gebouwd op de fundamenten van de de stoomolieslagerij, van M. Sanders en  G.C. Spengler; huize Zandenburg van Arnoldus Gerritsen; de boerderij van W. Klomp; de boerderij van W. Smits. Tegenwoordig ziet het er hier allemaal heel anders uit. Je hebt het over de bebouwing rond de kruizing Dorpsstraat westelijke zijde met de N225.
Zie meer over de boerderijen op Harten bij de boerderijen.
Verdwenen Herenhuis Harten. Beukenlaan Renkum
toenmalig -1914- adres: Onder de Boomen A 233

Gelegen bij de papierfabriek

De situatie in 1832 volgens HisGis met de actuele BRT achtergrond:
Harten

Er staat aldus volgens HisGis in 1832 al een huis horende bij de papierfabriek van Pannekoek.

 Abraham Pannekoek nam in 1798 de papierfabriek over van de gezusters Herx.
 In 1852 erft  Woutertje Adriana Pannekoek dochter van Abraham Pannekoek, samen met haar man Dirk van Schuppen de molen. Aart Berends zat toen als pachter op de molen en deze werd de pacht opgezegd.

Renkum Herenhuis Harten
advertentie 1852


In 1852 kreeg deze molen een nieuwe eigenaar (Willem Sanders) die een grote vernieuwing teweeg bracht in de papiermakerij. Vanaf dit jaar wordt er gesproken van papierfabriek en niet meer papiermolen. Aanvankelijk werd nog gebruik gemaakt van de waterraderen maar in 1855 werd overgestapt op stoomkracht. De uitbreiding van deze fabriek heeft ervoor gezorgd dat de watermolens op het terrein verdwenen.

Joan Beuker en Frederik H. van Moorsel, (papierfabrikant en scheikundige), worden in 1881 compagnon van de firma Willem Sanders Tzn.
De heer Sanders had, geen goede opvolger en zijn bedrijf floreerde ook niet goed. Met de komst van de heren Beuker en van Moorsel worden de zaken voortvarend aangepakt. In 1882 wordt een firma opgericht waarvan Joan Beuker directeur wordt. Hij woonde in de villa bij de fabriek. Joan Beuker (1862-1925) was gehuwd met Jkvr. AbigaŽl Anna Martha de Lannoy (1867- 1913). Hun kinderen: Carel Frederik David Beuker (1891) en Jan Marie Bernhard Beuker (1889) worden hier in de villa Harten geboren.

De Beuker
Een ansichtkaart van E.M Manasse uit 1910 - 1915
Onderschrift bij deze foto: "Renkum Beukenlaan 1925. De opgang naar de Bergerhof. Boven op de hoge kant van de Hank staat een rij woningen, welke de bijnaam had van 'Mussenkeet'. Rechts voor aan de woning van de heer Joan Beuker directeur van de papierfabriek en zijn echtgenote jonkvrouw De Lannoy. Links kunt U nog een gedeelte van de z.g. overtuin zien, welke bij de villa behoorde. Een tuin aangelegd in z.g. Engelse stijl". bron Schoutambt en Heerlijkheid van de St. Heemkunde Renkum, december 1999.
Burgsteyn; Bomen over Renkum; pagina 81: "De opgang bij de Bergerhof. Boven op de hoge kant van de Hank staan de 10 woningen bijgenaamd "de Mussenkeet ". Rechts de woning van de heer Beuker, het latere kantoorgebouw van de oude papierfabriek. Links (aan de overkant van de weg) de zogenaamde overtuin welke bij de villa hoorde."

Sanders Moorsel Beuker

"Ter voldoening aan de bepaling van art. 30 van het Wetboek van Koophandel maken de ondergeteekenden bekend, dat blijkens onderhandsche akte, de tweede ondergeteekende Frederik Hendrik Van Moorsel, fabrikant, wonende te Renkum, is getreden uit de vennootschap onder de firma W. Sanders Tz., gevestigd te Renkum, en zulks te rekenen van af 1 Januari 1892. Na 1 Januari 1892 worden de zaken der vennootschap onder de firma W. Sanders Tz., op den bestaanden voet en voorwaarden voortgezet door de ondergeteekenden Jan Marie Bernard Beuker, fabrikant, wonende te Amsterdam, en Joan Beuker , fabrikant, wonende te Renkum, die beiden bevoegd zijn de genoemde firma op de bestaande wijze te gebruiken en te teekenen. De duur der vennootschap is thans verlengd met een tijdvak van vijf jaar, te rekenen van af 1 Januari 1892, met bepaling dat wanneer door geen der beide vennooten vůůr primo Juli 1896 eene schriftelijke opzegging zal hebben plaats gehad, de vennootschap geacht zal worden op den bestaanden voet en voorwaarden te zijn verlengd voor den tijd van ťťn jaar en zoo vervolgens van jaar tot jaar. Amsterdam/Renkum , 1 Januari 1892. J. M B. Beuker. F. H.. Van Moorsel." Uit de  Nederlandsche staatscourant 04-01-1892

In 1907 nam de Amsterdamse firma N.V. Van Gelder en Zonen de papierfabriek over.

In 1981 werd de Gemeente Renkum eigenaar.
Later werd op deze lokatie aan de Beukenlaan 2 door de b.v. "t Laaksche Hoogh" op kavel C 7090 een kantoor gebouwd voor de Bilderberg groep. De BAG geeft aan dat het oorspronkelijk bouwjaar 1948 is. Dit pand staat er nu nog en wordt voor kantoren verhuurd.

Bronnen:
Molendatabase
Hartense papiermolen
Papier geschiedenis
Villa Harten. Gelegen in het voormalige Harten, tegenwoordig  Hartenseweg 20 en 22 Renkum.

Volgens de BAG voor het eerst betrokken in 1907. Villa Harten is ouder dan de BAG aangeeft. De neoclassicistische bouwstijl doet denken aan een bouwperiode rond 1880. Hartenseweg 20. Een voormalige eigenaar wist het beter: 1882.
Rond 1980 stond het pand in het bestemmingsplan aangemerkt als landgoed.

Waarschijnlijk (november 1916) ook bekend als villa Honswijck, met 9 grote en kleine kamers, badkamer, kelder, keuken, warande. Bij Honswijck hoort een tuin van 38 are (met huis samen 88 are) en aan de overzijde een bouwland en bosch van 83 are. In de directe omgeving is er nog 103 H.a. Na de veiling in 1916 zien we dat A. Beijer er rond 1917-1924 een dependance van Hotel - Pension "Nol in't Bosch"  in heeft.
Hartenmolen, Renkum.   Lees hier meer over bij de pagina over molens.
Het landgoed Hartenstein. Utrechtseweg 232, Oosterbeek.
Oud adres Utrechtseweg 191. Later 206.
Meer over Hrtenstein op de landgoederen website.
Woonhuis Hartensteinlaan 7, Oosterbeek

De BAG vermeld als bouwjaar 1946.

Architect S. van Ravesteyn, 1948, 1949

In september 1948 werd met de bouw begonnen. Op 25 mei 1949 betrokken door Machteld Ruychaver Honig en Martinus Jan Ruychaver.
Hartensteinlaan OosterbeekHartensteinlaan Oosterbeek
Het Hazeleger, Wolfheze.

Grondeigenaren in het verleden: Fam. van Mesdag. Daarna de fam. van Zanen. Daarna verschillende projectontwikkelaars waaronder Hazeleger.

In 1952 had de gemeente het Hazeleger al bestemd als bungalowterrein. Het plan werd goedgekeurd door Gedeputeerde Staten op 12 juni 1963, onder voorwaarde dat er voor 2% bebouwd zou worden. De gemeente wilde er oorspronkelijk een campingbedrijf neerzetten met recreatiebungalows, een dagverblijf, een  kantine, een kampwinkel en een dienstwoning voor de beheerder. De PvdA in de gemeenteraad gaat om, een camping kan ook door de gewone burger gebruikt worden. In 1972 Op 20 oktober 1972 deed Barend Hazeleger een bod van ƒ500.000 voor de ongeveer 17 hectare. Kuipers Bouwbedrijf kreeg een gemeentelijke vergunning om 150 bungalows met een oppervlakte van 65 m2, te bouwen. De koopprijs zou ƒ121.000 zijn.

In 1973 worden de eerste bungalows gebouwd. Dan volgt een periode juridisch getouwtrek. De bouw wordt stilgelegd. Geen 150 maar slechts 50 huisjes. De huisjes die er al staan worden in 1974 betrokken. Voor de woningen op 't Hazeleger is in 1975, met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, een bouwvergunning verleend voor de bouw van 9 houten en 77 stenen recreatiewoningen. Deze recreatiewoningen zijn in de periode 1976-1978 gebouwd. Namen uit die periode: Campus NV, Renkum Vastgoed BV en De Sleutel, Almelo BV.

Hazeleger Oosterbeek
Een lege kadastertekening uit 1977.
Hazeleger Wolfheze

In 1979 werd het laatste houten huis bewoond en in 1985 kwam het laatste stenen huis klaar.

Het Hazeleger werd een vrijplaats voor zaken waarvan gemeenten nachtmerries krijgen: bouwen op gronden met een bestemmingsplan bos, bouwen van woningen zonder omgevingsvergunning (v/h bouwvergunning), en permanente jaarrond-bewoning daarvan in strijd met het vigerende bestemmingsplan (camping). Na jaren gesteggel gaat de gemeente Renkum de permanente bewoning gedogen, met de bedoeling dit gedoogbeleid door middel van een bestemmingsplanwijziging formeel te maken. En daar gaat dan de provincie Gelderland er voorliggen, door geen goedkeuring aan dit plan te hechten.

Later worden ook Provinciale besluiten weer (gedeeltelijk) ongegrond verklaard door de Raad van State. In het Streekplan Gelderland 1996 is op de bladzijden 110 en 111 vermeld dat permanente bewoning van recreatiewoonverblijven en van andere niet voor permanente bewoning bestemde ruimten en bouwsels in het landelijk gebied niet is toegestaan. In 2004 krijgen enkele bungalows een woonbestemming. Of te wel, je mag er dan het hele jaar wonen en je kunt je inschrijven bij de gemeente. Maar dat gaat dan niet op voor alle bungalows. Is een schuur bij een bungalow nu een schuur, kantoor of gastenverblijf, veel gesteggel. Veel vakantiehuisjes zijn geheel onderkelderd, er is massaal verbouwd en het aantal huizen in het park was illegaal uitgebreid. Na jaren gesteggel gaat de gemeente om, in 2008 wordt alles "wit" gewassen.

 Hazeleger Wolfheze
Villa de Heemse, Utrechtseweg 273 ( later De Twee Zuilen) vroeger de Utrechtsestraatweg 273.

Stond in 1931 aan de Heuvellaan / Breedelaan 2 (ouder postadres Bilderberg 2). De Heuvelaan begon toen op de Utrechtseweg. De Bag  geeft 1909 aan voor het jaar van eerste bewoning. Heuvellaan heet tegenwoordig Zonneheuvellaan.
HP Krull Heemse Oosterbeek

De villa werd met bijbehorende boerderij in 1931 verkocht vanuit de nalatenschap van H.P. Krull (overleden 1930). Oosterbeeksche Courant  09-05/16-05-1931.

Die boerderij staat nu op de Bredelaan 2 en is volgens de BAG ook in 1909 voor het eerst bewoond.

Ook bijzonder, een niet meer gebruikt gedeelte van de Heuvellaan is veel breder dan de Bredelaan.

Dr. H. P. Krull was de oudste zoon van dr. E. Krull, die zijn gehele leven geneesheer in Kiel - Windeweer. H.P. Krull heeft de periode voor Oosterbeek, in Velp gewoond. Bij de begrafenis sprak prof. dr. J. A. van Hamei, gewezen Hooge Commissaris van den Volkenbond voor Danzig in het Fransch, een woord van afscheid als vriend van de familie. Ook de schoonzoon, de heer Emin Favi Bey, bracht diep bewogen nog een laatsten groet. H.P. Krull was gehuwd met mw. Aldershof. Dokter Krull had zijn praktijk in Velp. In 1922 verhuisd hij naar Westerheide te Arnhem.
Krull Oosterbeek

Eerst in 1928 koopt de heer Krull de bouwgrond bij de Bilderberg. En in de week voor 28-03-1930 verhuisd H.P. Krull van Arnhem naar het dan nieuwe huis de Heemse.

2 Zuilen Oosterbeek Heemse
Het huis 'De Twee Zuilen' (voorheen 'De Heemse') te Oosterbeek.

In 1944 woont de familie Hoefnagels op de Heemse. Zij werden door Duitsers gefusileerd.

Na de oorlog woont mw.Joanna van Rietschoten - Kleijn (21 november 1861 Rotterdam - 16 november 1959 Renkum) weduwe van Jan van Rietschoten, samen de voormalige bewoners van Huize Eekland op de Heemse.
Huize Heerdstede, aan de Van Toulon van der Koogweg, hoek Bato'sweg, Oosterbeek.
Andere naam: 't Landhuis".

Rond 1920 verhuist dan ook het gezin MŁnninghoff – inmiddels uitgebreid met twee dochters: Felicia (1909) en Rhoda Elisabeth Aline (1914) - naar Oosterbeek. Men gaat wonen aan de Bato’sweg, in het huis Heerdstede, door hen ook wel ‘t Landhuis genoemd.

Een van de bewoners was Xeno Augustus Franciscus MŁnninghoff (1873 - 1944) een kunstschilder, wiens landschappen in brede kring worden herkend en gewaardeerd. 
Als directeur van de gemeentelijke tekenschool te Renkum heeft hij bij velen kunstgevoel en kunstvaardigheid versterkt. Zijn echtgenote Mathilda Jacoba (Tilly) van Vliet (1879-1960) maakte stillevens, bloemen en portretten. Na de septemberdagen 1944 moest het gezin, als veel Oosterbekers, naar de gemeente Barneveld evacueren. Daar is Xeno op 31 oktober van dat jaar overleden.

link Facebook
Heidehoeve, Utrechtschestraat 1, Heelsum. ROKUS DE JONG Architect en CAROLINA W. L. TERLAAK hebben de eer kennis te geven van hun voorgenomen huwelijk waarvan de voltrekking zal plaats hebben op Vrijdag 8 December te Arnhem. Heelsum, Utrecht.str.weg 454. Arnhem, Hulkesteinscheweg 7. 16 November 1933. Gťťn ontvangdag. Het toekomstig adres is Heide Hoeve, Utrechtschestraat 1, Heelsum.
Huize Heidestein, Utrechtseweg 67 Heelsum. Oud adres: Utrechtseweg 35 en 63
zie de info op de Heidestein pagina
Voormalig bejaardencentrum Heidestein, Bart Crumstraat 18 Heelsum.

Volgens de BAG gebouwd in 1967. In 1968 werd op het westelijke gedeelte van het landgoed Heidestein het bejaardencentrum Heidestein gebouwd.

Woonzorg Heidestein heeft op de Bart Crumstraat 16 in 1995 een nieuwe accomodatie gebouwd.

In  2015 komt het oorspronkelijke bejaardencentrum leeg te staan. Vanaf 2018 zijn er apartementen en studio's te huur.

Heelsum Heidestein
Heidestein Heelsum

De flat staat er nog en er worden kleine appartementen verhuurd
Huize Heidehof te Oosterbeek, rond 1909 bewoond door F.G.J. Brouwers.
Lees meer over Heidehof bij Dreierheide..
Lees bij Heemkunde Renkum over de Graaf van Rechterenweg
Helle Colck. Doorwerth

Op de Fonteinallee zijn meerdere vijvers te zien. Waaronder de tegenwoordige Fonteinvijver, genoemd naar de Fontein die er rond 1794 tot aan september 1944 gewerkt heeft. Op een oude kaart van Doorwerth door Bernhard Kempinck uit 1602 komt deze vijver al voor en wordt dan de “Helle Colck” genoemd. Ook de naam Duivelskolk komt voor. Vroeger dacht men dat plekken waar water spontaan uit de grond opborrelde doorgangen waren naar de onderwereld.
De Fonteinallee als naam bestond al voordat er een spuitende fontein werd aangelegd (eind 19e begin 20e eeuw). De Fonteinallee is naar de bron genoemd, niet naar een fontein zoals we die nu kennen. De fontein in de middelste vijver in het cascadedal heeft geen pomp, doch werd natuurlijk gevoed door een spreng met voorraadvat. Deze bevindt zich bijna boven op de helling, rechts achter de Fonteinvijver, als je er voor staat. Het ronde voorraadvat met een doorsnede van 5 meter staat nog steeds vol. De leiding naar de fontein zou vervangen moeten worden.
Villa HenriŽtte, Utrechtseweg 115. Oosterbeek.

Bouwjaar 1870. Actueel: in 2015 stond de villa te huur voor wonen en kantoor. De villa werd betrokken door de firma Noordenwind en later Hollandsche Wind. Een jaar later vermoedde de FIOD naast Wind ook Gebakken Lucht. De FIOD heeft in december 2015 voor 'vele tonnen' beslag gelegd op de bankrekeningen. In maart 2016 werd er ook beslag gelegd op een viertal andere panden.

De villa is een gemeentelijk monument.
Villa HenriŽtte Oosterbeek
HenriŽtte hoeve, Duitsekampweg 25, Wolfheze

Op de foto niet de hoeve, doch het restant van een gevangenis uit de periode rond de WWI. Tussen 1915 en 1917 was er in verband met de Eerste Wereldoorlog een kamp voor Duitse geÔnterneerden aan de huidige Duitsekampweg. link

De buitenzijde van het gebouwtje bevindt zich nog grotendeels in oorspronkelijke staat; het platendak, de deuren en vensters zijn ooit een keer vernieuwd.
Hnriettehoeve Wolfheze
De villa Heerdstede, destijds aan de Bato’sweg nummer 3, later 41
heden Van Toulon van der Koogweg 96, Oosterbeek

Volgens de BAG voor het eerst betrokken in 1875.

In 1920 gaat hier het echtpaar Xeno Mķnninghof - Mathilde Jacoba (‘Tilly’) van Vliet, hier wonen. De aankoop geschied met enige  financiŽle ondersteuning van Tilly’s moeder. Het huis ligt tegenover het park Bato’swijk met een prachtig uitzicht op het park, de Benedendorpsweg, de uiterwaarden, de achterliggende Betuwe en Nijmegen en omstreken. In september - oktober 1944 is het pand zwaar beschadigd. De Mķnninghofs evacueerden naar Barneveld en dat was net teveel voor Xeno. Hij overleed er. Begraven om de hoek op de begraafplaats aan de Fangmanweg.

Munninghof
Kavel D 5735 in 1938.

Munninghof

Zie ook huis Beata in Heelsum.

Zie ook de HGR publicatie over de Nieuweweg daar heeft MŁnninghof ook gewoond.

Zie de info bij MŁnninghof
Huize Heideveld, Ginkelseweg 1 Heelsum

Paaslicht

Heideveld Heelsum
Deze ansicht heeft de naam van de St. Paaslicht en Klein Heideveld.
Kijk je nu bij de BAG naar de Ginkelseweg 1 Heelsum, dan zie je bouwjaar 1921 en als je er langs loopt dan zie een huis van na de WWII.

Neem dus maar aan dat Heideveld op een gegeven moment Klein Heideveld is geworden.
Heideveld Heelsum

Klein Heideveld Heelsum
Huize Heijborgh, Utrechtseweg 96, Heelsum. Oud adres
Utrechtsestraat 96

De BAG vermeld 1895 als zijnde eerste jaar van bewoning. Dat zal wel weer niet kloppen:
Heijborg
De Kadaster veldwerkkaart Renkum C 1899 uit 1907. De kavel 1899 waar Heijborg komt te staan is hier nog een boomgaard. Ook in 1912 C 2063 lijkt de kavel nog leeg. In 1913 is C 2136 nog leeg.

Heijborgh
Een veldwerkkaart C 2135 uitsnede met dienstjaar 1913. Vermoedelijke bouw van Huize Heijborg door Feismann c.q. Feijsman

Heijborg
Op deze kadaster hulpkaart met dienstjaar 1935 is Heijborg nog kavel C 2135. De tweede kavel van links.


Heijborg Heelsum
Zelfde foto uit 1915 bij het HGR

Bij het Gelders Archief is bij bovenstaande foto te lezen: "Huis van de heer J.M.B. Beuker, directeur van de Van Gelder Zonen papierfabriek, Utrechtseweg 96 te Heelsum. Datering: 1910-1920".
in 1912 woont er B.H. Feismann, misschien dezelfde persoon die ook genoemd wordt bij Kleen Harten. (Kadaster veldwerk C 2135) In 1922 woont er mw. H.A. Ruijsch - Lehman de Lensfelt. Zij verhuisd in 1925 naar Renkum.

 In 1925 zien we hier de heer Joan Beuker (1862-1925) wonen. Joan Beuker was gehuwd met Jkvr. AbigaŽl Anna Martha de Lannoy (1867- 1913).

. In 1931 ook J.M.B. Beuker.
zoon van Joan Beuker. We kennen de heer Beuker ook als directeur van de papierfabriek van Van Gelder. De heer Jan Marie Bernhard Beuker was de zoon van de fam Joan. C. Beuker— de Kruijff van Dorssen. Beuker, J.M.B. en Kruijff v. Dorssen J.C.. dir. papierfabriek Prot. Heelsum, Utrechtsestraat 96 gaan in 1944 met de evacuatie naar Huissen, kom de familie ook tegen in Barneveld

Heijborg

Beuker

Heyborgh Heelsum
Herstellingsoord Oosterbeek te Oosterbeek

Herstellingsoort
herstellingsoord

Herstellingsoord verplaatst van Oosterbeek naar APELDOORN, Oranjepark, waar gelegenheid is voor plaatsing van herstellenden, hulpbehoeven en en zenuwlijders, voor tijdelijk of doorloopend. Kinderen worden ook opgenomen. Directrice: R. DE VRIES, 1908
Villa Helena, Emmastraat 52, Oosterbeek Helena
Huize Helena, Valkenburglaan 2, Oosterbeek

BAG: 1927

‘Huize Helena’ in aanbouw voor de familie Grijsen, Valkenburglaan 2 te Oosterbeek, 1926
Beschadigde foto bij het Gelders Archief
HELENA

Info bij Heemkunde Renkum
't Hemeldal, Oosterbeek, meerdere adressen
lees over het Hemeldal op dit gedeelte van de website.
Landgoed de Hemelse Berg, Hoofdlaan, Oosterbeek Lees hier meer over de Hemelse Berg.
Herten aan de Rijn.

Herten aan de Rijn is de naam voor een project om het industriegebied van de papierfabriek, later een rubberfabriek en daarna tot aan de laatste sloop een klein industrieterrein aan de Oliemolenweg, Hartenseweg en Beukenlaan, geheel te verwijderen en er natuur voor in de plaats te brengen.

In 2007 wist Wessels, de laatste aanwezige, nog de sloop van omringende panden, via de rechter tegen te houden. In totaal betrof het een gebied van 12 hectare, aan de Beukenlaan en Hartenseweg te Renkum. In 2007 werden de kosten nog beraamd op totaal 36 miljoen euro.

Hartenseweg Renkum
Harten

Op de plek waar nu nog een paardenstal staat (rode punt) aan de Hartenseweg in Renkum, kan een houten huis komen met een tuin die bestaat uit natuur (het beekdal). Het gemeentebestuur van Renkum gaat akkoord. In 2021 werd de verbouw van een schuur naar een woning, midden in het beekdal, door de rechter tegengehouden. Er werd in 2022 beroep ingesteld.
Den Hes, Oosterbeek.

De waterkorenmolen annex herberg de Hes, is genoemd genoemd naar de vele langs trekkende Hessenkarren. Het huis de Hes was in de 17e eeuw bekend als "het huys van Hesaen Clingenbeek".
De watermolen werd aangedreven door de zogenaamde Sliepbeek, welke van Mariendaal (tot welk landgoed het huis jarenlang behoorde), langs de Hesweg naar de Klingelbeek stroomde. De beek vormt de  grens tussen de gemeenten Renkum en Arnhem. Lees hier meer over bij de pagina over molens.
Villa Hetty, Heelsumschestraatweg, Heelsum

Villa "Hetty" Heelsumschestraatweg aangekocht door Mej. Mees. Oosterbeeksche Courant 27-10-1906

Wie weet waar de Heelsumschestraatweg in Heelsum was?

In memoriam Margaretha Agatha Mees. Oosterbeeksche Courant 22-07-1939

Casa Cara Renkum
Deze advertenties veschijnen in 1903 en 1904.
Villa Heuveloord, Ottoweg 12, Heelsum. Tot midden 1935 woonde er de familie Hupkes - Elshoff. Daarna de fam. Rothuizen - Minderaa. In de Renkumse Krant van 07-08-1945:  Noodziekenhuis van N.V.H. geopend in de villa ‘Heuvelhoeve’ aan de Ottoweg te Heelsum.
Voormalige villa Heuveloord, Emmastraat 31 Oosterbeek.
Ook wel het Burgemeestershuis genoemd.

Op dit huidige adres staat nu een na-oorlogse dubbele woning.

Heueloord was de naam van de villa aan de Emmastraat ongeveer ter hoogte van de tegenwoordige Beatrixweg. Het oude adres was Emmaweg C 192, te Oosterbeek, geen huisnummer maar het postadres. een later adres was Emmastraat 31. Het huis “Heuveloord” aan de Emmastraat waarnaar de huidige Heuveloordweg is genoemd, lag tussen de huidige Beatrixweg en Heuveloordweg. In 1922 kregen een  tweetal wegen te Oosterbeek, van de Wilhelminastraat en van Heuveloord naar de Emmaweg, de namen: Watertorenweg en Heuveloordweg.

Heuveloord wordt al genoemd in 1857.
De buitenverblijven Heuveloord en Bijdorp, gelegen te Oosterbeek, bij vroegere annonces en alom verspreide biljetten breeder omschreven, zullen op Woensdagen 30 Augustus en 13 September 1871, 's avonds 6 ure, ten huize van Van Ingen aldaar, bij inzet en toeslag worden geveild en verkocht, ten overstaan van den Notaris J. Kuijk te Arnhem, alwaar op franko aanvrage nadere inlichtingen te bekomen zijn.
De Notaris R. Reijers te Velp, zal op Woensdag 29 October 1919, des voormiddags 10 uur, op de villa „Heuveloord" aan den Emmaweg te Oosterbeek, ten verzoeke van de fam. Franssen aldaar, publiek Š contant verkoopen: Den geheelen Inboedel.
Een van de bewoners was  J. van der Molen Tzn, Renkums burgemeester van 1923 tot 1934. De ontwikkeling van Doorwerth als woongebied werd door hem sterk bevorderd. In Doorwerth zijn een plein en de daarvandaan naar Kievitsdel leidende allee naar hem genoemd. Van der Molen was privť financieel betrokken bij de ontwikkeling van Doorwerth. Als Van der Molen er in 1935 niet meer woont, wordt Heuveloord door de gemeente verhuurd voor ƒ 550 per jaar. In 1938 wordt aan de toenmalige huurder v.d. Berg opnieuw voor 3 jaren verhuurd voor een jaarlijkse huurprijs van ƒ 500. In 1939 komt er een andere naam: Disponibel door toev. omstandigheden per 1 Dec. te huur een zit- en slaapkamer, parterre op het zuiden, incl. centr. verwarming en stromend water. Pension Heuveloord, Emmastraat 31, Oosterbeek. Tel. aanwezig. 7962. Begin 1940: Disponibel per 1 maart: 3 ineenloopende kamers, op het zuiden, parterre. Incl. centr. verw. en str. w.

In 1945 was Hendrik W. Evers de eigenaar van pension Heuveloord. Na de oorlog blijft de naam Heuveloord nog behouden:  Voor logies, ontbijt of pension naar cafť pension "Heuveloord", Weverstraat 110.

Pension v.d. Berg wordt na de oorlog voortgezet aan de Utrechtseweg 70 in Oosterbeek.
Heveadorp, voormalige Modelboerderij Huis ter Aa

In gebruik tussen 1908 en 1915. De heer J.W.F. Scheffer krijgt Heveadorp en het aangrenzende gebied de Duno in bezit in 1888.
Scheffer was gehuwd met ťťn der dochters van de chocoladefabrikant Van Houten. Van Houten zelf was vennoot van de Modelboerderij. Scheffer woonde zelf in de villa op de Duno. De eerste bebouwing vindt plaats aan de Nederrijn, maar al vrij vlot wordt de stuwwal aan de bovenkant geŽgaliseerd en komt daar de Modelboerderij te staan. En, vrij nieuw voor die tijd, het geheel was geŽlektrificeerd. De boerderij bestond uit stallen, stoomzuivelfabriek, werkplaatsen, administratie (aan de Dunolaan). Er kwamen woningen in het Seelbeekdal. In de weilanden (uiterwaard) voor de Duno zijn nog betonnen platen als restant hiervan te zien. Hier konden de koeien "schoon" gemolken worden. Een waterfilterkelder hoorde bij de modelboerderij. De waterfilterkelder is nog te vinden aan de beek ter hoogte van de Beeklaan 17-19 in Heveadorp. Er kwam een winkel in Arnhem voor de verkoop van melk.
 Heveadorp 1925
Onderaan is de Nederrijn, daarboven de Huneschans, daarboven de Hevea-fabriek. Links daarvan is het Huis ter Aa nog zichtbaar. Heveadorp is zichtbaar boven de fabriek.

In 1915 wordt de modelboerderij Huis ter Aa verkocht aan Dirk Frans Wilhelmi en Co die er vanaf 15 oktober 1816 de rubberfabriek Hevea begint. Wilhelmi en Co produceerden reeds staaldraden voor rijwiel- auto- en massieve banden in de Heveafabriek (Heveapad) te Hoogezand. In Hoogezand is geen uitbreiding mogelijk en vandaar dat men in de stallen van de boerderij neer strijkt. Er worden voor de arbeiders op het terrein zo'n 96 woningen gebouwd. Voor het kantoorpersoneel nog eens 23 woningen en later een lagere school (Middenlaan 47), de voormalige Seelbeeckschool. Hoewel sociale overwegingen een rol speelden, is met de bouw van het dorp vooral getracht om arbeiders naar de afgelegen fabriek te lokken.
De naam Heveadorp ontstaat in 1916 als er een eigen poststempel komt. (Volgens Hevea100) L.H. Vleeshouwer wordt in 1919 de eerste brievengaarder. Op 21 september 1921 wordt er een hulptelegraaf- en hulp telefoonkantoor voor het algemeen verkeer geopend. In 1922 wordt vastgesteld dat Heveadorp een eigen postkantoor, hotel-cafť-restaurant, volkskoffiehuis, coŲperatieve winkels, bioscoopzaal, ziekenzaal van „Het groene Kruis" met kliniek en badinrichting heeft. Een zweminrichting en een eigen school zijn in voorbereiding; tennisbanen en voetbalterreinen zijn aanwezig. De fabrieken hebben een eigen stoombootdienst op de Nederrijn met aanlegsteigers te Arnhem; voorts verkeert in staat van uitvoering een tramverbinding aansluitende op de elektrische tram Arnhem—Oosterbeek. Dat die extra tramverbinding naar de bossen op de Duno er komt heeft veel te maken met de Oosterbeekse burgemeester van der Molen, die ook aandeelhouder is van de Bouwmaatschappij Doorwerth, om aldaar een villa dorp te beginnen.

In 1922 (31 augustus) wordt de rubberfabriek stilgelegd door de voortdurende malaise. 500 ŗ 600 mensen worden ontslagen. Bij de ontslag-aanzegging is tevens medegedeeld, dat door de directie alle moeite zal worden gedaan om het bedrijf gaande te houden. In een adres aan de regering zal worden verzocht om de 10-urige arbeidsdag in het bedrijf te mogen toepassen. Wanneer dit verzoek wordt ingewilligd kan het bedrijf voor een groot deel worden voortgezet. Het ligt dan in de bedoeling om enkele afdelingen van de fabriek stop te zetten, doch overigens door te werken met personeel, dat per 1 september weer in dienst zal worden genomen. Het is vrijwel zeker, dat het overgrote deel van het kantoorpersoneel weer in dienst wordt genomen. Een bijzonder truc, onder het mom van malaise wordt loonsverlaging en werktijdverlenging geregeld.

Op 1 september staat er in de krant: In een onderhoud dat de Telegraaf gisteren had met een der directeuren der Vereenigde Nederlandsche Rubberfabrieken te Heveadorp deelde deze mede, dat het massa-ontslag van het personeel niet zal plaats hebben en dat begin september het bedrijf der Rubberfabrieken voorloopig op beperkte schaal kan worden hervat. Alle lonen, en salarissen bij een 10-urigen werkdag worden met 10% verminderd".

In september verschijnen er ook weer advertenties in de krant om stiksters, en machine-zwikkers (Voor gezinnen met meerdere werkkrachten zijn nette, gezonde woningen beschikbaar.) In 1944 wordt Heveadorp in puin geschoten. Na de oorlog worden meerdere rietkapwoningen en de fabriek weer hersteld. In 1962 is er een fusie tussen Hevea en Vredestein en gaat men als Vredestein verder. In 1976 stopt de fabriek in Heveadorp en verhuisd Vredestein (samen met de vestigingen uit Loosduinen en Maastricht) naar een nieuwe fabriek aan de Beukenlaan in Renkum. De fabriek in Heveadorp komt leeg en is samen met het op het fabrieksterrein gebouwde dorp te koop. De sloop van de fabriek heeft plaats in 1982-'84. Zo rond 1997 koopt een projectontwikkelaar de fabriekswoningen in het dorp voor vier miljoen gulden en gaat deze geheel renoveren. In 2004 sluit de Vredestein fabriek in Renkum. In 2015 en 2016 viert men het 100 jarige bestaan van Heveadorp.


Modelboerderij Huis ter Aa
Heveadorp. Er waren twee lagere scholen voor de kinderen uit Heveadorp.

De eerste is de Openbare Lagere School (Seelbeeckschool) Middenlaan 47 in Heveadorp. En het oude kantoorgebouw van Scheffer (de Vijverberg) werd ingericht als Christelijke Lagere School. Met als oud adres: Dunolaan 31.

De voormalige Openbare Lagere School in Heveadorp.
De vroegere Openbare Lagere School (Seelbeekschool) aan de Middenlaan in Heveadorp.
De Openbare Lagere School (Seelbeeck school) is gebouwd tussen 1916-'18 van architect J. Rothuizen aan de Middenlaan 47 in Heveadorp. Een met riet gedekt eenlaags gebouw in cottagestijl uit circa 1920. (link) In mei 1920 vragen meerdere ouders opnieuw om de oprichting van een Openbare lagere school aan de gemeente Doorwerth, waar Heveadorp onder valt. Hun verzoek wordt afgewezen. De ontevreden ouders stappen naar Gedeputeerde Staten om de gemeente te dwingen. In juli 1920 gaat de gemeenteraad om. Maar erg actief is de gemeente niet. In maart 1921 blijkt dat de heer Lindeling, zijn invloed in financiŽle kringen zou aanwenden om bij een Bank een lening te sluiten. De Van Ranzowsbank te Arnhem neemt daarna contact op met de burgemeester in Doorwerth. Gemeld wordt dat ze er niet aan dachten om voor de gemeente Doorwerth een lening te sluiten. De gemeenteraad is hier ongelukkig mee en gaat elders een lening aan. In het najaar 1921 worden sollicitanten geworven voor de school.
Seelbeekschool Heveadorp
  In januari 1922 besluit de gemeenteraad om tot hoofd der openbare school te Heveadorp te benoemen de heer J. Visser, onderwijzer te Arnhem. Mejuffrouw D. Veenstra wordt onderwijzeres. Zij vertrekt in 1924 om schoolhoofd in Noordwolde Friesland te worden. Daarna wordt mej. H.A. (of M.A.) Wilmink uit Velp, voorgedragen voor de Openbare lagere school. In 1926 groeit de school en wordt benoemd als onderwijzeres: mej. A. de Vries uit Oosterbeek. In 1927 vertrekt de onderwijzer de heer G. Panman. Ook in 1927 vertrekt J. Visser om hoofd van de Oosterbeeksche schoolvereniging te worden.

In 1931 is er een verzoek tot stichting van een bijzondere school te Heveadorp. Het Bestuur van de Vereeniging voor Chr. Nat. Lager Onderwijs te Heveadorp vraagt aan de gemeente (Renkum) geld voor 2 klassen. De aanvraag voldoet aan de wettelijke eisen en eigenlijk moet de gemeente Renkum medewerking verlenen. De gemeente wil niet mee werken aan een onderzoek naar de echtheid van handtekening van ouders van kinderen. Die tegenwerking zou niet fatsoenlijk zijn. De goedkoopste oplossing zou zijn het gymnastieklokaal van de Seelbeekschool te verbouwen tot 2 klassen en een aparte ingang. Daarvoor wil de N.V. Rubberfabriek te Heveadorp afstaan Ī 875 M. 2 voor ƒ 3000. Op deze wijze worden de kosten voor de gemeente tot een minimum teruggebracht. Het Schoolbestuur en de Inspecteur van het L. O. kunnen zich met deze oplossing verenigen. De heer Koning, een raadslid, vindt dat de stichting van een nieuwe school in 't nadeel is van de gemeente en het onderwijs. In de crisistijd is het onverantwoordelijk op deze manier het geld weg te smijten. De grond is veel te duur gekocht; 't lijkt wel op afzetterij. Ten slotte vindt hij 't jammer, dat het gymnastieklokaal wordt opgeheven. En dan komen de twee verschillende scholen nog onder ťťn dak. Eind 1931 worden er door de Heveafabrieken weer 100 arbeiders ontslagen. Geruchten of de bouw van een Bijzondere School nog wel kan door gaan. Maar om het kort te maken, in 1932 begint de Bijzondere School op een ander adres, in het oude kantoor van Scheffer. Zie hieronder. Op 1 april 1932 werd de Openbare Lagere School te Heveadorp door een leerlingenaantal dat varieerde tussen 110 en 102, bezocht. Na de opening van de Christelijke school in Heveadorp liep het aantal leerlingen terug tot 66, waarnaar er weer een stijging intrad, zodat over 1932 een gemiddelde bereikt werd van 77%. Dat is op de rand van de keuze tussen een twee- of een drie-klassige school. Eerst in november 1940 zijn er voldoende leerlingen voor een drie-klassige school. Een tijdsverschijnsel, vanaf november 1941 wordt de O.L.S te Heveadorp gebruikt voor de uitreiking van de boter- en vetkaarten. Op 20 december 1941 begint de uitreiking van de distributiekaarten in Heveadorp. In juni 1943 wordt de O.L.S. gebruikt voor de inlevering van radiotoestellen. Christelijke Lagere School Heveadorp

In 1963 besluit de gemeenteraad dat de Seelbeeckschool wordt verplaatst naar de Cardanuslaan te Doorwerth. In september 1964 start de Christelijke Ulo-school in de oude Seelbeeckschool. In januari 1971 komt er een peuterspeelzaal in de oude school.
Eind jaren ’80 is het schooltje, door SLAK aangekocht. Het heeft 4 ateliers en een atelierwoning.
Heveadorp. Er waren twee lagere scholen voor de kinderen uit Heveadorp.

In het voorjaar van 1932 werd het oude kantoorgebouw van Scheffer ingericht als Christelijke Lagere School.

Huize Zorgvlied is door Scheffer gebouwd, samen met: de Viersprong (Jacoher), Pretty Home, Forest Hill, de Pauw, de Bloem en de Vrucht.".

Later is Zorgvliet de Vijverberg gaan heten, ze hebben hetzelfde kadastrale nummer ..687. Het adres was destijds Dunolaan 31.

De school stond net voor de nu open plek in het bos, rechts van de Dunolaan in Heveadorp als je omhoog loopt richting Doorwerth, iets verder dan de kruising (bij de ANWB wijzer) met oude oprijlaan (Dunoweg) naar de Duno met huize de Pauw.

De eerste leerkracht was meester T. Van Beek. In het voorjaar van 1932 begonnen met 40 leerlingen en in 1933 gegroeid naar 65 leerlingen. Gevorderd door Duitsers in augustus 1940. Nadat de Engelsen er in 1944 hun intrek hadden genomen is het verwoest. In 1946 is de christelijke school samen met de openbare school verder gegaan in ťťn gebouw in Heveadorp, later werd de Rehobothschool in Doorwerth gebouwd, waar de heer Van Beek ook het hoofd van de school is geweest. In 1952 is de Christelijke Lagere School verder gegaan in de Rehobotschool in Heelsum.
christelijke lagere school Heveadorp Zorgvlied en of De Vijverberg. Later de voormalige Christelijke Lagere School Heveadorp.
De J.P. Heye Stichting, Utrechtseweg 316, Oosterbeek

Het voormalige ziekenhuis II in Oosterbeek staat in 1909 leeg: "Zwakzinnige kinderen. Onder leiding van den heer J. E. van Renesse, districtsschoolopziener te Arnhem, vergaderde in den laten namiddag Zaterdag te Utrecht de  Vereeniging tot het opvoeden en onderwijzen van zwakzinnige kinderen. De voorzitter deelde mede dat verschillende terreinen voor een gebouw der vereeniging zijn bezichtigd en het oog is gevallen op een gemeentelijk ziekenhuis te Oosterbeek, gemeente Renkum, thans leegstaande en voor een gering, bedrag verkrijgbaar. De ingezetenen van Renkum hebben dit terrein beschikbaar willen stellen voor een lageren prijs. Welnu de vereeniging bezit een kapitaal van ƒ25,000, een som voldoende voor den aankoop van een gebouw; en een school, doch ook voor de exploitatie zijn gelden noodig. De afdeelingen der vereeniging worden derhalve opgewekt daarin bij te  dragen, terwijl ook Rijkssubsidie steun zal verleenen. Medegedeeld wordt voorts dat een inwoner van Oosterbeek ƒ9OO heeft aangeboden op voorwaarde, dat de inrichting toegankelijk zij voor kinderen van alle gezindten. Dit nu zal het geval inderdaad zijn. Met algemeene stemmen wordt daarop besloten over te gaan tot het stichten van een algemeen opvoedingshuis en school: de J. P. Heyestichfing. Alvorens de vergadering te sluiten deelde de voorzitter nog mede, dat de school ruimte biedt voor 32 leerlingen, en het gebouw inwoning voor 20 kinderen. Nader zal overwogen worden of ook externen zullen worden toegelaten". De Tijd 27 9 1909

Jan Pieter Heye, wikipedia

JP Heye Oosterbeek

JP Heye Oosterbeek
De nieuwe courant 2 3 1911: "In tegenwoordigheid van vele belangstellenden had Woensdagmiddag de opening plaats van het tehuis voor zwakzinnige kinderen, de J. P. Heye-stichting te Oosterbeek. Deze stichting, ingericht in het geheel verbouwde ziekenhuis aan den prachtigen Oosterbeekschen Straatweg, dicht bij de Koude Herberg, vormt een school voor zwakzinnige kinderen van alle gezindten, met een opvoedingshuis, waaromtrent wij in ons Avondblad van Dinsdag jl. verschillende bijzonderheden mededeelden. Bij de opening op gisteren waren aanwezig een nicht van den dichter, bestuursleden van de afdeeling Arnhem en het hoofdbestuur van de Vereeniging tot verzorging, opvoeding en onderwijzen van zwakzinnige kinderen. De heer J. C. van Renesse hield de openingsrede. Daarna sprak dr. Gunning, schoolopziener te Amsterdam, die hulde bracht aan den heer Van Renesse en vervolgens dedirecteur. Een kinderkoor zong eenige liederen, waarna het gebouw bezichtigd werd"

Oosterbeek JP Heye
Landgoed "the Hillock”, Utrechtseweg 295, Oosterbeek. Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Voormalig Landhuis De Hoeve, Van Eeghenweg, Oosterbeek;

Rond 1916 woonde er Jan H. van Eeghen.
Gebouwd door de architect S. de Clercq
"ńrchitect De Clercq ontwierp dit landhuis in opdracht van zijn neef J.H. van Eeghen. Deze overleed kort na de bouw. In de Tweede Wereldoorlog raakte het pand beschadigd en werd, volgens een aantekening van De Clercq, tot een conferentieoord verbouwd. Het huis lag op een voorterrein van de aldaar gelegen Pietersberg en is eind jaren vijftig gesloopt om plaats te maken voor een aantal bungalows. bron Bonas.nl 0130.00151
Voormalige Holleweg Oosterbeek

Tegenwoordig Pieterbergseweg? Of de van Eeghenweg?, of ...? Let op: de hellingen omhoog en naar beneden zijn goed te zien
Holleweg Oosterbeek
Huize Hoghelei, c.q. Huize De Hooghelei, Utrechtsestraatweg 88, tegenwoordig Utrechtseweg 88, Heelsum.

In gebruikgenomen in 1910. In 1927 woont er
Jonkvr. A. C. van Beijma. En in 1937 woont ze er nog en regelmatig vraagt ze personeel voor in de huishouding. Ze komt vast uit Friesland, want de advertenties voor personeel verschijnen alleen in de Leeuwarder courant. Het huis was in de jaren rond 1949 een hotel in eigendom bij de familie Gogarn - Panman. In 1950 overlijdt er dr. J.P. Gogarn. Rond 1955 - 1957 een hotel - pension. Dat is geen lang leven beschoren, want al in 1957 is er een inboedelveiling in opdracht van de eigenaar: de Weled. Geboren Heer J. Fijnand. Fijnand gaat in 1962 aan de Lindelaan 8-10 te Heelsum wonen.

In 1958 is de Hooghelei
het eerste sluis-internaat in de provincie Gelderland. Het internaat is een tehuis voor vrouwen en meisjes, die na hun ontslag uit een psychiatrische inrichting hier aanpassingsmogelijkheden vinden voor hun terugkeer in de maatschappij. De exploitatie berust bij de Stichting voor de Geestelijke Volksgezondheid in Gelderland.

Hooghelei Heelsum
Uit het Algemeen Handelsblad van 15-12-1958: "De commissaris der Koningin in Gelderland, mr. H. W. Bloemers heeft zaterdag het eerste sluis-internaat in de provincie Gelderland, gevestigd in Huize De Hoghelei te Heelsum, officieel geopend. De plechtigheid vond plaats in Hotel Hoog Doorwerth. Het internaat is een tehuis voor vrouwen en meisjes, die na hun ontslag uit een psychiatrische inrichting hier aanpassingsmogelijkheden vinden voor hun terugkeer in de maatschappij. Dit tehuis is een geesteskind van de adviseur van het Provinciaal bestuur van Gelderland, dr. B. Chr. Hamer. Mr. Bloemers sprak bij de officiŽle opening de hoop uit, dat het voorbeeld van Gelderland navolging zal vinden. Bij Zutphen en bij Nijmegen zullen soortgelijke inrichtingen komen. Door middel van deze tehuizen wil men voorkomen dat oud-patiŽnten, voor wie geen opvangmogelijkheden aanwezig zijn in familiekring, onnodig lang in een psychiatrische inrichting of sanatorium verblijven."

Hooghelei Heelsum
Hogerheide, Oosterbeek. Jagerskamp - Hogerheide

Medio 1864 verkopen de weduwe en erven van koopman Gerrit Maassen in het openbaar “Een Huis en Erve met Tuin en Bouwland genaamd de Jagerskamp”. Dit terrein van maar liefst 3 ha, begrensd door de huidige Weverstraat, Jagerskamp en Jagerspad, had Maassen in 1834 van de Domeinen gekocht en werd nu in percelen geveild. Het terrein van 3 ha was in acht percelen onderverdeeld. Sangster kocht zijn perceel van ruim 1 ha voor Hfl. 7301. Op dit terrein staat al het door Maassen gebouwde huis “de Jagerskamp”. Sangster is echter niet in dit huis geÔnteresseerd. Hij gaat een geheel nieuwe villa op het terrein van “de Jagerskamp”, de villa “Hoogerheide” bouwen. Op het hoogste gedeelte van het terrein, tussen de huidige Jagerskamp en Voorinkstraat, aan de noordzijde van Hogerheide, bouwt hij zijn eigen huis: “gelegen op een verheven en schoon punt, een fraai uitzigt aanbiedende op het dorp en naar verschillende zijden overheerlijke vergezigten op den Rijn, de Betuwe enz”. De architect is de van oorsprong Amsterdamse bouwmeester Gerrit Frederik Moele Bergveld, die vele jaren in Oosterbeek heeft gewoond en op de Algemene Begraafplaats begraven ligt. Hij is vooral bekend geworden als eerste voorzitter van het Amsterdamse Genootschap Architectura et Amicitia in de periode 1855-1860. Het huis is: “in smaakvollen stijl gebouwd en gemakkelijk ingerigt, bevat behalve Marmeren Vestibule of Gang, Keuken, Provisie- en Wijnkelder, Zolder, Dienstbodenkamers en verdere Gemakken, acht meerendeels ruime Beneden en Bovenkamers, waarvan er beneden vier ineenlopen”. Het uitvoerend werk werd verricht door de metselaar- aannemer Steven van Burk en het schilderswerk door Sangsters voormalige huisbaas H.C. Wiesner. De tuin werd aangelegd door G. Gerritsen, terwijl het ijzeren hek geleverd zou worden door de smid H.J. Breman. Volgens plan zou het gezin Sangster op 1 februari 1866 het nieuwe huis betrekken. Er waren al enige meubelstukken overgebracht naar het nieuwe huis, inclusief de schilderijen. Dan slaat echter het noodlot toe. Net op het ogenblik dat zijn droom op het punt staat bewaarheid te worden, wordt Cornelis Adriaan ernstig ziek, mogelijk als gevolg van een cholera-besmetting. Enige dagen later, op 15 januari 1866, overlijdt hij. Na de begrafenis vertrekt de weduwe Anna van der Crab met haar kinderen naar Arnhem. Zij is met vier kleine kinderen achtergebleven, heeft geen inkomsten, en er zijn nog schulden van de bouw van het huis. Zo had Sangster een half jaar voor zijn dood nog een lening van Hfl. 10.000 afgesloten bij Kneppelhout, tegen een overigens relatief lage rente van 3,5%. In augustus van dat jaar laat Anna haar Oosterbeekse bezittingen in het openbaar verkopen. De omschrijving van het te veilen goed luidt: “Een nieuw gebouwd Heerenhuis met erve en tuingrond, benevens eene afzonderlijke woning en erve met tuin en bouwland, alles aan elkaar gelegen…. te zamen ťťn bunder, zeven roeden, zeventig ellen.” Van de verkoop uitgesloten is een smalle strook langs de oostzijde van het terrein “bestemd zijnde om aan den geprojecteerden straatweg te worden getrokken of wel tot deszelfs aanleg te worden gebezigd”. We kennen deze strook nu als de Weverstraat ten noorden van de huidige Dam. Alexander Cremer, grondeigenaar te Arnhem, blijkt bij de veiling in 1886 de hoogste bieder op het ongedeelde perceel. Hij verkoopt het perceel echter datzelfde jaar al door aan Roghier Diederik Benten, voormalig goudsmid afkomstig uit Amsterdam en sinds 1864 bewoner van het ernaast gelegen “Overzigt”. Alexander Cremer kocht het perceel voor Hfl. 14.690 en verkocht het weer voor Hfl. 15.000. Benten breidde het grondgebied van “Hoogerheide” nog uit met een stuk grond ten noorden van de villa en liet het huis aan de voorkant uitbouwen. Ook liet hij op het terrein een koetshuis plaatsen. In 1867 wordt het oude huis “de Jagerskamp” afgebroken. Vanaf 1869 noemt Benten de door Sagster gebouwde villa “huize Hoogerheide”. Benten blijft met zijn echtgenote Wilhelmina Jacoba Adriana Goudswaard tot 1895 op “huize Hoogerheide” wonen. Op 5 oktober van dat jaar overlijdt Benten en kort daarna, op 9 december van hetzelfde jaar, zijn vrouw. In april 1896 wordt door hun erfgenamen “Hoogerheide” via een veiling verkocht aan de toenmalige burgemeester van Oosterbeek J.V.M. van Toulon van der Koog. Deze overlijdt op 10 januari 1914 en bij de boedelscheiding wordt “huize Hoogerheide” toebedeeld aan zijn weduwe Christina Henriette Tijdeman. Na haar overlijden op 14 juni 1918 houden hun acht kinderen “Hoogerheide” nog een aantal jaren aan. Op 8 augustus 1925 wordt “Hoogerheide” vervolgens verkocht aan Nicolaas Herman Westra, civiel-ingenieur, en Adrianus Goossens, aannemer te Oosterbeek. In huidige tijden zouden wij zeggen dat het terrein in de handen was gevallen van project-ontwikkelaars. “Huize Hoogerheide”, de droom van Cornelis Adriaan Sangster, was geen lang leven beschoren. Nog in hetzelfde jaar werd het huis gesloopt en het terrein verkaveld. Er kwam een villa-wijk die nog steeds de naam Hogerheide draagt
. link.

Hogeerheide

1915: Toulon v.d. Koog, J.V.M., Oud-Burgemeester der gem. Renkum, Hoogerheide, Oosterbeek
Hoogerheide Oosterbeek

Is er een Jagersweg in Oosterbeek? Hoogerheid in de oude vorm lag: "tusschen de Utrechtschestraat en het Benedendorp, nabij de Weverstraat, begrensd aan de Oost-, Zuid- en Westzijden door wegen en met uitgestrekte vergezichten". Waarschijnlijk wordt de Jagerskamp bedoeld.

In 1921 een advertentie: .

Hoogerheide Oosterbeek

Kennelijk wordt Hoogerheid gehuurd door de familie Boom.
De buitenplaats „Hoogerheide" van de familie Vos - Toulon van der Koog, alhier is verkocht aan de heeren A. Goossens en Ir. Westra alhier, die voornemens zijn aldaar een aantal villa's te bouwen en een weg te leggen van de Weverstraat naar de Jagerskamp, terwijl het statige gebouw zal worden afgebroken". Arnhemsche courant van 20-06-1925.
In de nieuwbouw verschijnt er opnieuw een Huis Hoogerheide, we zien mw van Duin als bewoner in 1928.
Huize Hoogerheide is verwoest in de WWII, afgebroken en daarna is de Voorinkstraat aangelegd en is er een twee-onder-een-kap gebouwd rond 1954-57. Huidige lokatie Jagerskamp 18 en Hogerheide 5.

     Is dit het woonhuis aan de Jagerskamp te Oosterbeek, arch. Endt, uit 1932
Verdwenen Huis, Hotel Hoog Doorwerth, Utrechtseweg. 2 Heelsum.

Oud adres: Utrechtschenweg 412, Doorwerth. Het Hotel Hoog Doorwerth, ook wel villa Kievitsdel genoemd, stond op het landgoed Kievitsdel van zo'n 15 Ha. Heelsum.

Het was niet een echt landgoed.
Let op: Huize of villa Kievitsdel wordt ook gebruikt voor het Kievitsdel dat we nu kennen als restaurant. Doorwerth.
Zie verder bij Hoog Doorwerth onder hotels, pensions.
Zie verder op deze pagina ook bij Stiching Kievitsdel.
Landgoed Hoogeland, Doorwerth.

Samen met het landgoed de Vijverberg en het landgoed Godesberg, komt Hoogeland voor als bedachte naam door Samuel Voorhoeve in 1916-17 als hij een commercieel uitbreidingsplan voor de Duno maakt voor Scheffer. 
Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Molen De Hoop,  Molenweg Renkum

tegenwoordig een andere naam: de Renkumse molen
zie bij molens
Voormalige villa Honswijck, Renkum, in 1917 bewoond door de gepensioneerde assistent resident J. Peelen.
Buitengoed Hoogstede. Tussen Arnhem en Oosterbeek, tegenwoordig bedrijventerrein Arnhems Buiten.

De villa Hoogstede, na de oorlog Huis en Haard is aan de Utrechtseweg in Arnhem
Rond 1850 bewoond door de em. predikant P. A. Borger, zoon van hoogleraar en dichter Elias Anne Borger.
Het Houten Huis, de Distel, Utrechtseweg 269 te Oosterbeek.
Oud adres: Utrechtsche weg 143.

Utrechtseweg 269 Oosterbeek
Het houten landhuis werd in 1923 opgetrokken met prefab-onderdelen van de firma Christoph & Unmack uit SileziŽ. De BAG geeft aan dat de woning in 1922 betrokken is!

Naar verluidt zou de opdrachtgever, Jacobus Eliza Begram van Eeten 1891-1961), tijdens een huwelijksreis in Beieren, het huis op een bouwbeurs besteld hebben.
Het huis werd in een goederentrein geladen en samen met kundige personeelsleden in Oosterbeek uitgeladen. Op de Utrechtseweg stonden toen nog geen huizen, behalve dan de oude boerderij Rossenberg. In een korte tijd werd het huis er neergezet.
van de Tol. Een serre werd iets later aangebouwd. In 1920 werd een eerste kind geboren: Marion Begram. In mei 1923, als het huis klaar is, verhuisd Jacobus Eliza Begram v. Eeten - Hendrika Engelina Kaiser en kinderen van Arnhem naar Oosterbeek. In augustus 1923 wordt er weer een dochter geboren. Van Eeten is landbouwkundige en als zodanig ook adviseur van de provincie Utrecht.
Met de operatie Market Garden op 17 september 1944 enige schade: 3 voltreffers en ongeveer 200 granaatscherven. Een houten huis is tegen veel bestand.
Op 17 september 1944 overnachtte generaal Urquhart in dit pand.
In 1958 wordt en ir. J. E. Begram van Eeten herkozen tot lid van het bestuur van de stichting Centraal Volkswoningbeheer. In 1961 kwam hij te overlijden.

Een Rijksmonument.
Voormalig huis De Hucht, Utrechtseweg 66, Heelsum

De Hucht Heelsum
Op de foto lijkt het dat de trambaan niet meer gebruikt werd. Dan zou de opname rond 1937 zijn.

Met hucht wordt in het Renkums een heuveltje bedoeld. Als  je onderaan op de Kastanjelaan staat, dan loop je omhoog naar de Utrechtseweg. Draai je je om, dan zie je het Kerkje op de Hucht, netter gezegd het Kerkje op de heuvel.

Rond 1920 bewoond door de Jhr. E.J. van Lindt de Jeude en mw. C.C. Rouffaer. De ouders van de bekende actrice. Dhr. Lith de Jeude was voormalig directeur van het postkantoor te 's Gravenhage.

Later, 9 februari1929, kwam in dit hoekpand het technisch bureau Chr. Hennink. Die het pand in 1931 liet voorzien van etalages. En die zijn op de foto hiernaast te zien. De Hucht is zo rond  1970 gesloopt.

  Daarna verscheen er een geheel nieuw pand, de SNS bank. Het pand wordt rond 1989 door de SNSN bank verkocht aan mw. J.J. Z-V.
 
Utrechtseweg 66 Heelsum
De situatie rond de verkoop. Aan de rechterkant is nog te zien: bakkerij ...

Tegenwoordig is hier Peelen en Mulder accountants adviseurs te vinden.
accountants Heelsum
Volgens de BAG zal het pand Utrechtseweg 66 gebouwd zijn rond 1897. Dat zou best kunnen vwb Huize de Hucht. Zo te zien is er een complete nieuwbouw gepleegd toen het een SNS bank werd.
Het voormalige Huis met het torentje, Dorpsstraat Renkum

Huis met torentje Renkum

Links hotel Remmerde en rechts de winkel met huis en klok zoals mevrouw Le MaÓtre het in 1898 liet bouwen. Op deze kavel kwam in 1864 de woning van Derk Zander, bode en vrachtrijder. Later, in 1878, werd dit het huis van G. Jansen schoenmaker en daarna van de wed. Van Vliet, een schippersvrouw. Hierna woonde er Teunissen de koperslager. In 1898 werd dit door mevr. Le Maitre aangekocht en verbouwd tot dubbel woonhuis met winkel. Teunissen gaat het huren. In 1911 verkocht mw Catharine Cornelia Buse het aan de koperslager, loodgieter en fitter Hendik Willem Teunissen. In 1923 verbouwd rijwielhandelaar Hendrikus Janssen het gebouw. Bakker Jan van Eldik nam de winkel in 1948 over.
Het werd gesloopt in 1999 en tegenwoordig staatat er een modewinkel met appartementen er boven.
Voormalig Huis ter Aa, in 1924 een hotel-restaurant en pension, zie bij Heveadorp en hotels.
Voormalig "Het Huis te Heelsum" Oud adres Aan de Beek 1 Heelsum (gevonden in 1941)

 In 1868 geveild door notaris Kuijk Arnhem en omschreven als een herenhuis met 9 kamers, met een er naast gelegen wandelbos, weilanden en gelegen aan de Heerlijkheid Doorwerth.

Een kostschool voor jongedames was er eerder in Renkum aan de Dorpsstraat en was vanaf 1893 en in Heelsum, Aan de Beek 1. Tegenover huize Bergzicht.

Dameskostschool Heelsum
ansichtkaart, gelopen 1906.

Op 6 september 1899 (datum ???) verhuisd de kostschool van de Dorpsstraat in Renkum naar 't Huis Heelsum dat al eerder was gebouwd. 't Huis Heelsum is meer geschikt dan de Renkumse locatie en voldoet aan eisen van hygiŽne.

dameskostschool
dit huis is moeilijk te herkennen als dameskostschool, misschien van de zijkant? In de omschrijving staat wel dameskostschool Heelum

Heelsum Dameskostschool
In 1899 was Mej. J.C. Kšyser de directrice.

In 1908 staat er in de het Nieuws van den Dag: "Uit Renkum schrijft men ons, dat de dameskostschool,. thans gevestigd in 't Huis te Heelsum, te Heelsum, opgeheven zal worden. De opleiding van enkele meisjes zal evenwel voortgezet worden in de villa ĽSonnevanckę, te Heelsum."

In 1909 neemt de Hotel-Maatschappij "de Tafelberg" die reeds enige jaren het hotel "de Tafelberg" te Oosterbeek exploiteert, de kostschool "Huize Heelsum" te Heelsum over.
In 1909 wordt hotel-pension Heelsum geopend. Zie de Oosterbeeksche Courant van 10-4-1909.

Rond 1911 wordt Huis Heelsum een Kinderkoloniehuis. In 1917 wordt 't Huis Heelsum verkocht aan C.V. Vacantie-Kolonies Nederland. En in 1918 wordt de nieuwe naam "Kinderkoloniehuis Heelsum". Koloniehuis v.d. Centrale Genootschap voor kinderherst.- en vakantiekoloniŽn. (Kolonie Huis Heelsum).

Huis Heelsum

In 1935 staat in de telefoonlijst: Koloniehuis Huis Heelsum v.h. Centr. Genootsch. v. Kinderherst. en Vacantiekol. telefoon 22

Heelsum Kinderhuis rond 1920

Huis Heelsum
Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd het koloniehuis Huis Heelsum gevorderd door het Duitse leger voor een kindertehuis van de Nationalsozialistische Volkswohlfahrt, bedoeld voor opvang van Duitse kinderen die slachtoffer waren van geallieerde bombardementen in Duitsland. Na de WWII (5-6-1945) zijn er 2 oorlogsslachtoffers opgegraven in het bos bij huize Heelsum deze waren er gefusilleerd in de winter van 1944/45.

Na de oorlog zie ik nog de naam: Vacantie Kindertehuis Aan de Beek (kaart Tehuizen en Gestichten gemeente Renkum 1952 605).

Huis Heelsum

Huis Heelsum

Huis te Heelsum, Heelsum

Na de WWII wordt het koloniehuis weer hersteld, er komt ook een kleuterschool in. Het gebouw werd in november 1964 gesloopt. De nieuwe service-flat Koningshof werd op de oude locatie in 1965 geopend.

Kinderhuis Heelsum
Koningshof is nieuw = rood en blauw het voormalige kinderhuis. Kadasterkaart 1965

In 1907 opent Villa Sonnevanck te Heelsum. Geen kostschool maar meer een tehuis voor een beperkt aantal jonge meisjes, die de eigenlijke schooljaren achter de rug hebben, maar zich nog verder algemeen wensen te ontwikkelen. Een soort uitloop van 't Huis Heelsum. Zie verder bij Sonnevanck.
Huis Heelsum vanaf de kerk rond 1904
Op deze foto, genomen van het Kerkje op de heuvel is goed te zien waar het huis stond. De wegen en de beek zijn er nog steeds op dezelfde plek. Je ziet het huis van de zijkant, de meeste foto's laten de voorkant zien. Op een foto hiernaast is het Kerkje in de achterdrond te zien.
Villa Huis ter Heide, Utrechtse straatweg 441 te Doorwerth.  Notaris G. D. C. Valewink te Oosterbeek, zal op Woensdagen 12 en 26 Juli 1933, telkens des namiddags ten 2 ure in het Paviljoen „Kievitsdel, aan den Utr. straatweg te Doorwerth, ten verzoeke van den Heer J. G. N. Verloop; bij inzet en toeslag, publiek veilen en verkoopen: de villa Huis ter Heide, met garage, schuur, dennenbosch en heide aan den Utr. straatweg 441 te Doorwerth, kad. bekend gem. Doorwerth, sectie B nos. 317, 318 en 320, tezamen groot 1.81.90 Ha.
Huneschans. Heveadorp

Naast het landgoed Duno ligt een restant van een walburg: opvallende aarden wal met een diepe gracht eromheen: de Huneschans. De schans is een aarden wal of ringwalburcht in de vorm van een ovaal, die waarschijnlijk uit de 11e eeuw dateert.
De schans was een van de walburchten van het beruchte echtpaar Adela van Hamaland en Balderik van Duffelgouw die rond het jaar 1000 hun macht over het rivierengebied tot de Elterberg aan toe uitoefenden. Zie meer informatie over de Hunnenschans bij het gedeelte over de Duno.
Herstellingsoord de Hut, Utrechtseweg 23 daarvoor Utrechtsche Straatweg 5, Heelsum

Men behandelde er geen tuberculose gevallen, daarvoor waren er vele mogelijkheden in Renkum. Met moderne gemengde lighallen en zonnebaden. Zuster D.W.M. van Malsen was er in 1922 de gediplomeerde verpleegster die de Hut bestuurde. In 1935 is er een aanpassing van de doelstelling:  Ouders in IndiŽ en Verlofgangers. Kindertehuis „de Hut" Heelsum hoogste plaats op de  Veluwe, alle scholen in de onmiddelijke nabijheid. Toezicht op huiswerk. Aanbev. door Dr. D. Bartling, psycholoog. Tijdelijk of voor vast. P. Geerling per adres. Verstrekt gaarne inlichtingen D. W. M. Van Malsen.

De Hut

De Hut

De Hut

In 1928 bestierd door Geneesheer: Dr K. Th. Haverkorn van Rijsewijk en Zr: W. W. M. van Malsen.

De Hut
De Hut, Heelsum

Verkoop landhuis de Hut met garage en tuin Utrechtseweg kad. Sectie C no. 2305
groot 12 are. Oosterbeekse Courant 02-08-1941

De Hut

HEELSUM, 28-3-1952. — Hedenmiddag is brand uitgebroken te Heelsum in villa „De Hut”, waarschijnijk door het uitbranden van een kraaiennest in de schoorsteen. Het rieten dak vatte vlam en aangewakkerd door de Oostenwind stond het dak spoedig in lichter laaie. De brandweren uit Renkum en Oosterbeek waren snel ter plaatse. Zij bestreden het vuur met acht stralen. Weldra kwam er assistentie van de brandweer uit Arnhem, die slangen uitlegde naar de Heelsumse beek om meer water te krijgen. De brand was inmiddels overgeslagen naar het pand Utrechtsestraatweg 25, genaamd „Ten Anker”, dat ook met riet. was gedekt. Ook hier brandde het dak af. Uit beide huizen had men inmiddels het mÍeste huisraad gered. Verzekering dekt de schade.
Villa Ithaka, Utrechtseweg 34, Heelsum

Waarschijnlijk gebouwd in 1905 en een verbouw in 1920.

Schut Heelsum
Op de voorgrond schapen bij de Heelsumse Beek, ter hoogte van Papierfabriek Schut (S-bocht). Huis links: Utrechtseweg 34 Rond 1910 - 1913

Heelsum Ithaka
Kadaster tekening uit 1921, Ithaka ligt dan nog net in de gemeente Doorwerth. Gereconstrueerd bevolkingsregister: Naam: J. van Baak; zonder beroep; Adres: Utrechtseweg 34, Heelsum. Vestigings datum: 30-4/6-5-1936. Datum vertrek: 11/17-12-1936
Afkomstig van: Soebang, Vertrokken naar: Soebang

1936:  M. F. J. Peters, dienstbode, Utrechtscheweg 34, uit Arnhem

Verkoop van de villa Ithaka (Schut) met tuin Utrechtseweg 34 kad. Doorwerth Sectie D no.
430, kad. Renkum Sectie C no. 2404 groot 13 are 71 ca. Oosterbeeksche Courant 13-09-1941
Heelsum Ithaka
Telefoonboek 1940: Mevr. E. de Groot-Brunings, Huize Ithaka, Utrechtsche str.w. 34, Heelsum 5921

Ithaka Heelsum
Op de voorgrond de Bennekomseweg, met zicht op de Utrechtseweg en Ithaka.
De Italiaanseweg, Doorwerth:

In 1840 liet de baron van van Brakell een nieuwe weg aanleggen. Werd aangekondigd in de Arnhemse Courant van dertien september 1840: dat de klinkerweg met de naam de “Italiaanschen weg”, was geopend. “Loopende vanaf de Rijksstraatweg (tusschen den Koude Herberg en Heelsum) door de Molenberg naar het Kasteel". De nieuwe weg werd met groot enthousiasme ontvangen: "Zag men er om den heuvelachtigen, moeilijken weg tegen op, om eenen aangenamen dag aan den herberg op Doorwerth te gaan doorbrengen, het oude kasteel te bezigtigen en van den heerlijke omstreken te genieten".
Rond 1843 en 1844 werden opdrachten verstrekt om de weg te verlengen middels een bredere Wolfhezerweg, om het kasteel te verbinden met het station Wolfheze. Dit station werd ook door (en voor) Van Brakell gebouwd. In 1845 opende het station gelegen aan de Rhijnspoorweg dat Utrecht met Arnhem verbond.

Van Brakell had met de Spoorwegen afgesproken, dat in ruil voor zijn toestemming om een station te bouwen, alle treinen in Wolfheze zouden stoppen.
Huize Jacoher, Oude Oosterbeekseweg 28, Doorwerth
Ouder adres: Oude Oosterbeekscheweg 58.
Oudere namen: Viersprong, Stella Duce

BAG = 1910 (klopt bouw klaar in 1909)

Vooraf:
625
Een uitsnede van de Kadaster hulpkaart C536 met dienstjaar 1909. Er is nog een lege kavel. Als er in 1908 gebouwd gaat worden klopt dit dus.

Door J.W.F. Scheffer gebouwd vanaf 1908 en klaar gekomen in 1909. Zie de
veldwerkkaart Doorwerth C682 bouwjaar 1909 (hieronder) door J.W.F Scheffer. Scheffer was een schoonzoon van de firma van Houten en zat aanvankelijk in de directie bij van Houten cacao.

Oorspronkelijke naam "de Viersprong"
Jacoher.
Een veldwerkkaart D682, met dienstjaar 1910. De Italiaanse weg is aangegeven net in het hoekje rechtsonder, de andere weg is de Oude Oosterbeekseweg. Ook te zien is dat de kavel 682 nog vrij klein is. Er is dus bijgekocht.

Als de heer Scheffer overlijd in 1917 komt alles te koop. Het landgoed de Duno met de villa's zoals: de Viersprong, Pretty Home, Forrest Hill, Zorgvliet, de Pauw, de Bloem, de Vrucht. Jagershuis, Hunneschans. Twee projectontwikkelaars komen in beeld. Voor het landgoed de Duno, opbrengst f 276.500,--. wordt R. Folmer, makelaar te Amsterdam, de eigenaar. De opbrengst voor de villa's is f 194.000,--. Eigenaar wordt J.S. Vrijland te Overveen. Zie de Oosterbeeksche Courant van 18-07-1914

In leggerartikel 104 regel 288 is na het overlijden van Scheffer (in 1917) te zien dat erfgenaam [pleeg]zoon Franz Scheffer alles verkoopt. Volgende eigenaar Odo van Vloten. De Duno met meerdere woningen en de Huneschans gaat in 1917 over naar Odo van Vloten, een oud-Indisch theeplanter. Van Vloten betaald Hfl. 235.000,=.  Bij het Kadaster zie je de verkoop terug onder Dienstjaar 1918.

Jacoher
Een veldwerkkaart C1136  (uitsnede) gemaakt op 25 februari 1925. Van Vloten verkoopt aan Adriaan Franszn Mees het pand Jacoher. Jacoher was toen al de gebruikelijke naam. Ook de niet meer formeel bestaande Jacoherweg staat nog aangegeven.

Zie 244 regel 2 C1136 Jacoher verkocht in 1925 aan Adriaan Franszn Mees [wonende Doorwerth maar ook buitenland], contactadres in Oosterbeek Prins Hendrikstraat 11 (niet goed leesbaar). Andere adressen van A. Mees? A. Mees, verhuisd naar Montreux in 1935

Jacoher
dienstjaar 1930. Jacoher is 1301.


Wordt in 1929 verkocht door de NV, Verenigde Nederlandse Rubberfabrieken te Doorwerth, Dunolaan 13.

Verkoop in 1939 aan Jonkheer Otto Jan Marie van Nispen tot Pannerden (1878-1949). Partner C.E.J.B. van HŲvell tot Westervlier (1880-1979) [eigenaar na overlijden partner] [legger vermeldt div. kinderen] Een van de kinderen was :
Jhr. Octave Eugene Carel Marie Ignatius van Nispen tot Pannerden (1922) de glazienier, deze wonde later iets verder op.
 
Jacoher
ansicht tussen 1910 en 1920 en een verkoper dateerd 1917.
Jacoher ansichtkaart 1942

Een verkopende makelaar heeft het in 2015 over gebouwd rond 1902. En: "De bijzondere villa , gebouwd door een rijke bankiersfamilie en nadien o.m. door een adellijke familie bewoond".
  Nog eens uitzoeken, want Scheffer was wel rijk, maar was geen bankier. De bankiersfamilie Mees (+ Hope) heeft er wel gewoond. dat was later. In 1915 gaat de heer Scheffer er zelf wonen. Stiefzoon Frans Scheffer heeft er vanaf 1910 gewoond. Na het overlijden van z'n stiefvader verkocht Frans Scheffer in oktober 1918 huize Jacoher aan de Verenigde Rubberfabrieken. Dhr T.H. Meyer, een van de directeuren van Hevea, gaat er dan wonen.

Jacoher

Veel onduidelijkheden over wie er nu wanneer op Jacoher gewoond heeft. Meerdere citaten:

Joseph Willem Frederik Scheffer (Willem) (geboren te Portugaal op 28 december 1846 - overleden op 17 juli 1917) in Huize Jacoher te Doorwerth.

Geert van der Straaten in een artikel over Het ontstaan van Heveadorp, Schoutambt en Heerlijkheid, 2019 nummer 2: "Medefirmant Tonko Haijo Meijer betrok enkele jaren later de oude woning van Scheffer, de villa “Jacoher” op de hoek van de Italiaanseweg en Oude Oosterbeekseweg. Na het overlijden van Scheffer in 1917 had zijn pleegzoon en erfgenaam Franz de villa in 1918 aan de Verenigde Nederlandsche Rubberfabrieken verkocht, die haar ter beschikking stelde aan Meijer. In augustus 1919 ging diens zoon Reint Nanko vanuit Jacoher in ondertrouw. Deze Reint Nanko (“de lange Meijer”) zou in 1928 de leiding overnemen van Wilhelmi en vervolgens 30 jaar directeur van de fabriek blijven. Tonko Haijo bleef echter niet lang in “Jacoher” wonen en in september 1924 verkocht de fabriek de woning weer.

De St. Heemkunde Renkum; Schoutambt en Heerlijkheid, jaargang 29, no. 4, december 2015:
Villa Jacoher op het kruispunt Oude Oosterbeekseweg/Italiaanseweg te Doorwerth. De villa werd door Scheffer in 1908 gebouwd als rentmeesterwoning en kreeg de naam “De Viersprong”. Rond 1914 betrok Scheffer de villa en werd de naam gewijzigd in “Jacoher”. Na zijn overlijden in 1917 hebben o.a. Reint Nanko Meijer (Hevea), Jhr. Otto van Nispen tot Pannerden en de fam. Heijmen er gewoond. In 1947 krijgt het pand de naam “Stella Duce” als een zusterorde er haar intrek neemt.

Uit de Schoutambt en Heerlijkheid van de St. Heemkunde Renkum; ‘De Electriciteit op een landgoed en eene Modelboerderij’; door Geert van der Straaten: Viersprong; Dit is de villa op de hoek van de Italiaanseweg en de Oude Oosterbeekseweg. Na de verkoop van De Duno aan Odo van Vloten in 1915 zou Scheffer zelf in deze villa gaan wonen en het Huize Jacoher noemen, naar zijn tweede echtgenote Jacoba Hermina.

Jacoher
Jan van der Wal heeft het in zijn boek: "Langs het tuinpad ....." op pagina 14 er over dat Frans Scheffer Jacoher het pand aan Odo van Vloten verkoopt. Huize Jacoher werd door de fabriek in 1922 doorverkocht aan een particulier. Van 1925 tot 1935 woont er dhr. A. Mees Fzn. Volgens de gereconstrueerde Renkumse basisadministatie was hij afkomstig uit Davos en vertrok later naar Montreux. Tijdens de WWII woont er de burgemeester (van Horsen en Groesbeek) jhr. Otto Jan Marie van Nispen tot Pannerden (1878-1949) en Clara Eugenia Maria Ignatia barones van HŲvell tot Westerflier (1880-1979).
Met als zoon: de glazenier jhr. Octave van Nispen tot Pannerden, die tevens 29 jaar lang wethouder van Renkum was.

Raam van het oude Klooster Stella Duce in Jacoher,
een ontwerp van jhr Octave van Nispen tot Pannerden te Doorwerth

Jacoher
ook te vinden in de  Nieuwe Haarlemsche courant 15-07-1939

Als in september 1944 het Jagershuis wordt beschoten trekt de familie Driessen in bij de fam. van Nispen tot Pannerden. Daarna volgden andere vluchtelingen, uit Oosterbeek-Laag. De matrassen werden van de bedden gehaald in de hal van het souterain op de grond gelegd. Met de bewoners meegerekend konden aldus zo'n 25 personen een veilig heenkomen vinden. Het plafond van het souterain was van beton, op stalen balken. In rondom liggende kamers werden de eiken luiken gesloten, behalve de luiken in de keuken. Toen er geen gas meer uit de kraan kwam werd er een oud kolenfornuis gebruikt. Kolen waren er niet, maar hout was er meer dan voldoende.

Jacoher
Een makelaar laat deze plattegrond rond 2017 zien van het souterain. Aan te nemen is dat er in 1944 meer en kleinere kamers waren voor opslag van kolen, hout, wijn, weckflessen enzovoort. De hal is dan omringt door andere kamers. Veilig genoeg. Een ieder overleeft, alleen een granaat door het dak, geeft wat regenschade.

Octave E.C.M.I. van Nispen tot Pannerden, heeft een manuscript geschreven dat door H.C.J. Erkens als ‘Oosterbeek in Oorlog’ later bij het Gelders Archief gedeponeerd en daar is het terug te vinden: 14-12-1988; 2861 Collectie H.C.J. Erkens 5.3.

In de periode na de bevrijding in mei 1945 wordt Jacoher door meerdere personen, gezinnen gebruikt als tijdelijk verblijf. Een van de voorwaarden voor verblijf was dat men katholiek moest zijn. Zo verblijft er de familie Heijmen. Tijden hun verblijf komt Theodorus Hermanus (“Theo”) Heijmen, hij was zwaar hartpatiŽnt, op 21-jarige leeftijd te overlijden. De familie Heijmen kan in 1947 verhuizen naar een nieuwgebouwde woning aan de Dr. Haverkorn van Rijsewijkweg 29 te Renkum die ze aangeboden krijgen.

Jacoher is van 1947 tot begin 1967 een klooster geweest van de Oblaten van O.L. Vrouw Assumptie. Verkoop in 1947 aan Zuster Therasia namens de St. Joseph Stichting uit Hulsberg, voor Nederlandse provincie der zusters van het arme kind Jezus gevestigd te Maastricht. Zij hernoemen Jacoher naar Stella Dulce. Zie hier meer over Stella Dulce.

In 1937 wist pastoor Markus de Zusters van Liefde van Insula Dei te Arnhem te bewegen een kleuterschool te komen leiden en wel Pro Deo! De kleuterschool begon in het parochiehuis. Na de oorlog namen de zusters Oblaten van OLV ten Hemelopneming van Hulsberg, die zich in 1947 gevestigd hadden aan de Oude Oosterbeekseweg, de leiding over. De naam veranderde van Jacoher naar Stella Duce. In 1966 vertrokken de zusters naar het klooster aan de Utrechtseweg 60 te Heelsum. Later werd deze leiding overgenomen door een Zuster van het Arme Kindje Jezus. Deze orde nam ook Stella Duce over.

Jacoher
1948

Jacoher
een laatste wijziging van de kavel was in 1949.

De congregatie (Oblaten van O.L. Vrouw Assumptie) had zich na 1961 uit Stella Duce in Doorwerth teruggetrokken om in Heelsum het nieuwe bejaardenhuis Het Beekdal te leiden. De zusters bewoonden een aparte vleugel van het gebouw. In 1975 verhuisden enkele zusters naar Oosterbeek om het werken en wonen te scheiden.

Doorwerth Jacoher

Jacoher is van 1955 tot 1972 gedeeltelijk bewoond geweest door architect M.J. Granprť MoliŤre. De architect verbleef er wel eens in de periode dat het Renkumse Raadhuis in Oosterbeek gebouwd werd. Elders gevonden: "Van 1953 tot en met 1958 woont Granprť MoliŤre samen met zijn vrouw Ariette van den Broek in Doorwerth". Echt gewoond heeft de architect er nooit, Jacoher werd meer als een "pied ŗ terre" gebruikt.

 Jacoher Doorwerth in 2015
opname uit 2015

  Volgens legger 2589-2 koopt de gemeente Renkum in 1988 Jacoher van de zusters.
Jacoher

Tegenwoordig een particulier bezit.
Jagershuis, Italiaanseweg Doorwerth.

Verwoest tijdens de Slag om Arnhem. De fundering van de muziekzaal, garage, theekoepel, beplanting met rododendrons zijn nog terug te vinden. Nooit terug gebouwd.
De laatste bewoner, de heer Driessen heeft een dagboek over de laatste dagen van zijn huis geschreven. Klik op de link voor een uitgebreid verhaal over het Jagershuis!
Jagerskamp, Oosterbeek.

Medio 1864 verkopen de weduwe en erven van koopman Gerrit Maassen in het openbaar “Een Huis en Erve met Tuin en Bouwland genaamd de Jagerskamp”. Dit terrein van maar liefst 3 ha, begrensd door de huidige Weverstraat, Jagerskamp en Jagerspad, had Maassen in 1834 van de Domeinen gekocht en werd nu in percelen geveild. Sangster koopt het grootste perceel, een terrein met een omvang van ruim 1 ha, waarop ook het door Maassen gebouwde huis “de Jagerskamp” staat.
Dit huis is ten tijde van de koop verhuurd aan ene mejuffrouw E.P. ten Zijthoff, met een huurovereenkomst doorlopend tot 1 mei 1865. Sangster is echter niet in dit huis geÔnteresseerd. Hij bouwt een geheel nieuwe villa op het terrein van “de Jagerskamp”, de villa die wij kennen als “Hoogerheide”. Lees verder bij Hoogerheide.
Landgoed Johannahoeve, Oosterbeek.

Lees meer bij landgoederen
Andere namen: Waldfrieden was er van 1850 tot 1908. Daarna heette het de Johannahoeve van 1908 tot 1945, en daarna Nieuw Vrijland.

Lees meer bij boerderijen en Waldfrieden.
Landgoed Johannahoeve II, Oosterbeek. Lees meer bij kerken kloosters.
Landgoed Jonkershoeve, aan de Renkumseheide, 6871 NR te Renkum.

Lees meer bij boerderijen.

Jonkershoeve
II

Het zuidelijk gedeelte van de de Jonkershoeve, daar waar sinds 1992 de Golfclub De Heelsumse golft, ligt in Renkum, en heet soms wel eens Jonkershoeve II. De ingang van de glofclub gaat via Heelsum en heeft een Heelsums en geen Renkums adres.
Jonkershoeve Renkum Wolfheze
De Jufferswaard uiterwaard ten zuiden van Renkum en Heelsum, zo tussen de papierfabriek en de brug van de autoweg A50, ten zuid-westen van de Noordberg.

Hier is rond 1800 al klei afgegraven door pottenbakkers en later om er stenen van te bakken.

Aan de oostkant van de Jufferswaard, te zuiden van de Noordberg is een stenen muurtje te zien:
muurtje in de Jufferswaard
  Oorspronkelijke kademuur, waar een woonboot aan gelegen heeft. Nu iets ten zuid-westen van de Noordberg in de Jufferswaard. (foto 2015 H.Tax).
Waar komt de naam Jufferswaard vandaan? Veel onduidelijkheden. Volgens eigenaar  Staatsbosbeheer: heet dit gebied de Jufferswaard omdat het ooit van het Klooster van Renkum is geweest. Wikipedia geeft een joodse herkomst aan.

De naam Jufferswaard is volgens oude teksten afkomstig van:
Twintig morgen weyland, de Jufferweerd genaamd, en ťťn morgen twintig roeden, de Pol genaamd, aan de noordzijde van de rivier den Rhijn. samen noordwaarsch aan het erve de Maat gelegen, onder de Doorweerd met derselver kribben en rijsweerden,- zijnde thans een bijsonder leen en afgespleeten van het huys den Doreweert, onder het kerspel van Wolfhesen en Oosterbeek, aan het furstendom Gelre en graafschap Zutphen als een welgebore dienstmangoede, te verheergewaden met eene peerde, leenroerig. Uit het register op de Leenaktenboeken (tussen 1402 en 1895) van het Vorstendom Gelre en graafschap Zutphen; Kwartier van de Veluwe, deel I de Veluwe; Arnhem, S. Gouda Quint 1917; pagina 24.

En van hetzelfde boek op pagina 21: Den Dorenweert met allen sijnen toebehoren; der Jonkfrouwenweert beneven Redinchem in den Rhijn, met anders den weerden, die in den Rhijn gelegen sijn; met den gerichte, hoge ende lege; met thinsen ende thienden ende met visscherien, dat is te verstaen tusschen der Aa ende Redichem; met den mannen, die tot den Dorenweert horen, met den bossche, dat daerto hoort, gelegen in den kerspel van Wolffhezen ende van Oosterbeeck, tot eenen welgeboren dienstmansgoede, te verhergewaden met eenen peerde, erkent bij Robert van Dorenweert, anno 1402.
Of te wel de Jufferswaard is genoemd naar de Juffers van Kasteel Doorwerth.

De Jufferswaard en de steenoven in het bijzonder, leeft in het Renkumse. Er is een vrijwillige Pilo-schoonmaakgroep, die frequent het gebied doorkruist om de ‘resten van het aangenaam verpozen” van anderen op te ruimen. Een ander resultaat van de HGR Open Monumentendag is de Pilo-groep, die bekijkt of de Pilo-toren behouden kan blijven. In 2019 is een van de bouwstenen verschenen.
Steenfabriek in de Jufferswaard. AriŽns, Pilo

Hier is rond 1800 al klei afgegraven door pottenbakkers en later om er stenen van te bakken.

Rond 1870-80 begon Heijman Wolff samen met Jan van de Pol (Wolff & Co) er een steenfabriek. Een jaar eerder was er al een steenfabriek bij Renkum begonnen, daar waar nu de papierfabriek staat. Kennelijk ging de firma Wolff failliet, naast Renkum kwam ook “De Maneswaard” te Opheusden en "De Hooge Blieken" onder Vianen en Hagestein in 1927 te koop.

 In 1928 werd in de Jufferswaard de N.V. Vlamovensteenfabriek Renkum opgericht met als doel de verwerving van een uit veiling gekochte 'en in volle werking verkerende en uitmuntende waalsteenfabriek aan de Nederrijn', laatste in eigendom van Bankier Wolff & Co.

De fabriek werd reeds bij aankoop ook wel de oven van AriŽns genoemd. De oven is in 1942 bij gebrek aan brandstoffen stilgelegd en werd in 1944 (WWII) zwaar getroffen. Restanten van de steenfabriek en boerderij van de ovenbaas Evert AriŽns (en later zijn zoon Anton AriŽns) zijn nog goed te zien. De fabriek bood een goede locatie om oprukkende Duitsers richting Arnhem, het doel van Market Garden, tegen te houden. Ook dorp Renkum heeft er veel schade van ondervonden. De steenfabriek is na de oorlog nooit meer herbouwd in verband met een reeds tijdens de oorlog ontstaan meningsverschil tussen EJ AriŽns sr,  zijn broer JJ AriŽns Azn' enerzijds en F van de Loo - minderheid aandeelhouder - anderzijds.

De zoon van Evert AriŽns Ezn, (Lange) Antoon AriŽns Ezn. (tevens penningmeester van de Renkumse IJs vereniging 'Vooruit', zie hieronder), vertrok na de sanering van de fabriek in 1950 naar Steenfabriek de Bosscherwaarden in Wijk bij Duurstede, tevens een teken aan de wand voor het naderende einde van de Vlamoven.

De schoorsteen is met vennootschapsgelden en voor een klein deel Marshall-gelden gerestaureerd, voornamelijk vanwege het gevaar van instorting en bovendien: geen schoorsteen, geen stook vergunning. Ook werden de tot midden jaren 70 de oude tichelvergunningen verlengd dit (mede) ten behoeve van andere steenfabrieken van de familie AriŽns in Buren(1), Maurik (2), Westervoort (2) en Arnhem (1).

De omliggende landerijen in prive bezit van E.J. AriŽns sr waaronder: de grond links gelegen van het pad naar de Noordberg groot plm 2 ha. (waarop twee grafheuvels) zijn aan een derde verkocht; een ander stuk grond in privť van AriŽns sr. gelegen ten noorden van de Vlamoven steenfabriek, (waaronder Weiland 'de Maat') groot plm. 8 ha. werd reeds kort voor de oorlog  onteigend t.b.v. de aanleg van de latere rijksweg.

Het laatste-, genoemd meningsverschil-, maar voornamelijk de oorlogsschade en de verouderde techniek van een vlamoven maakte de herbouw van de oven uit logistiek- en economisch oogpunt onhaalbaar. Ook de door E.J. AriŽns sr. in privť gehouden optie op 40 ha. tichelgrond  t.l.v. Baron van Brakel gelegen  ten zuiden van de Noordberg deed daar niets aan af. Bovendien hadden de Erven EJ Ariens sr. inmiddels plannen om hun andere fabrieken, die wel in volledig eigendom waren te moderniseren met als sluitstuk de eerste Nederlandse tunneloven in steenfabriek de 'Nijgraaf' te Westervoort.

Midden jaren 80 hebben de Erven EJ. AriŽns sr. en de Erven JJ AriŽns Azn  het meerderheidsaandeel in de Vlamovensteenfabriek Renkum BV aan Van der Valk in Best verkocht. De minderheid aandeelhouder Erven F van de Loo hebben zich toen bij de verkoop aangesloten.

Van der Valk heeft na weigering van een bouwvergunning waaronder de aanleg van een haven het terrein verkocht aan Staatsbosbeheer

Reeds in 1928 maar ook na lang na de sluiting was de kade van de Vlamoven, waarvan de restanten nog zijn te zien, gratis thuishaven van lokale parlevinkers zoals het m.s. de Rijn. Het gebruik was gegeven onder de voorwaarde dat er op eerste afroep ruimte gemaakt zou worden voor klei leverende- en stenen halende schepen.

De laatste ovenbazen van de Vlamovensteenfabriek,  genoemde Evert AriŽns Ezn en zijn zoon (lange) Anton AriŽns hebben uitdrukkelijk verzocht dicht bij 'hun Vlamoven te Renkum begraven te worden welke graven nog steeds zijn te bezoeken op de R.K. Begraafplaats aldaar.

Tot in lengte van dagen is het stuk grond tussen de papierfabriek van Gelder en de Vlamoven door E.J. Ariens sr 'om niet' in bruikleen is gegeven aan de Renkumse IJsvereniging 'Vooruit', een van de oudste IJs verenigingen in Nederland. In 1929 is er door de ijsclub wel een heel bijzonder schaats-festijn werd georganiseerd. Het halve dorp heeft zich over de ijsvloer bewogen in het een of ander vreemd pakje. De costumier Piet Schilder uit Arnhem kwam met een geweldige verzameling costuums naar Renkum maar hij was uitverkocht voor hij het wist. En naast die gehuurde pakjes krioelde het op de baan van de meest dolle creaties van sneeuwpoppen en Indianen tot Volendammers en Tirolers, Charley Chaplin en Veluwse boertjes en boerinnetjes. Aan de Wilgenpas, verscheen een clublokaal, en Renkum had een schitterende ijsbaan, vlakbij de dorpskem. De aanleg van Rijksweg N 225 rond 1970, gooide in het eten, en met hulp van Oranje Nassau Oord, kon de ijsvereniging naar Het Broek.

Jufferswaard steenfabriek
Opname zomer 1945

Het Historisch Genootschap Redichem heeft in 2006 een onderzoek gedaan naar de steenfabriek. En in 2017 is er een Open Monumentendag in de Jufferswaard gehouden door HGR en anderen. Het HGR heeft toen ook een boekje over de geschiedenis van de Jufferswaard uitgegeven. Dat boekje is bij het HGR en bij De Beken, te koop.

Open Monumentendagen

Met dank aan Evert.A. AriŽns EEzn.
Voormalig Herenhuis Klein Dalzicht destijds aan de Utrechtsestraat 112 te Oosterbeek.

Jan van Embden bouwde 1855 het “Berg en Dalzicht”, later “Dalzicht” genoemd. Jan van Embden (Didam 1823 - Oosterbeek 1896) was burgemeester van de gemeente Renkum van 1866 tot 1892. Het pand lag aan de  Utrechtseweg, naast Concordia op de hoek met de Weverstraat. En vrijwel schuin tegenover het gemeentehuis dat destijds werd gebruikt op de Utrechtsestraat. In 1897 gaat notaris A. Moll Dalzicht veilen. Dalzicht wordt gekocht door F. N. Heinsius uit Geldermalsen, cuisinier van beroep. Hij laat Dalzicht verbouwen naar een familie-pension, dat geheel aan de eisen van de tijd voldoet. Het pension gaat in april 1898 open.

In 1938 kopen Mulder en Robbers, het oude Dalzicht, breken het af en er komt in 1940 een blok winkels voor terug.

"Omstreeks 1 Febr. a.s. wordt begonnen met den bouw der winkelhuizen op het terrein van het voormalige pension „Dalzicht", hoek Utrechtscheweg en Weverstraat te Oosterbeek. Het oude pand wordt thans gesloopt en de tuin gedeeltelijk geŽgaliseerd. Zooals men weet, ligt het in de bedoeling aan den Utrechtscheweg een zestal moderne winkelpanden te bouwen, waarbij zich aan de zijde van de Weverstraat nog 11 winkelpanden zullen aansluiten. Voorts bestaan plannen om op het binnenplein een groote overdekte tennishall te bouwen, welke tevens als congres- en vergaderzaal zal kunnen worden gebruikt. ‹it de  Arnhemsche courant van 03-01-1939.

Dalzicht Oosterbeek
In de WOII worden deze winkels zwaar beschadigd en gedeeltelijk weer vernieuwd. Voor sommige panden geeft de BAG 1940 aan zoals de Van Toulon van der Koogweg 6, Oosterbeek. Voor mummer 18 geeft de BAG 1939 aan, toch een beetjke raar, verschillende bouwjaren voor een pand dat in een keer gebouwd is. Ook kom je 1956 tegen. Dan wordt er een loods achter een winkel gebouwd die er later bij wordt doorgebroken.
Huis 'De Kaap' Klingelbeekseweg 62, Oosterbeek

De Kaap, Oosterbeek
Het vrijstaande huis 'De Kaap' werd door G.C. Bremer voor zijn eigen gezin ontworpen, zeer waarschijnlijk in 1912. Bremer kocht namelijk in 1912 het terrein en na augustus van hetzelfde jaar verhuisde hij met zijn vrouw, Johanna Margaretha Buekers, naar Oosterbeek.

De Kaap Oosterbeek
Het voorportaal werd in 1941 verbouwd.
De Kabeljauw, Doorwerth.

Bij de boerderij ‘de Kabeljauw’ lagen eens de twee Papiermolens op de Kabeljauw tegenover elkaar. De boerderij ‘de Kabeljauw’ is gebouwd op de fundering van de noordelijke papiermolen. Naast de boerderij Kabeljauw 13 stond watermolen voor de productie van papier De Kamp. De beide Kabeljauwmolens hebben de naam van een lompenhandelaar uit Dordrecht die de bouw van beide molens financierde om zo z’n lompen te kunnen verwerken. De Kamp papiermolen is gebouwd in 1693 en in 1864 is de molen stilgelegd.

Lees hier meer over bij de pagina over molens.

De Maatschappij Doorwerth kende in 1926 een onderdeel: De Maatschappij De Kabeljauw. Met Notaris Sluis uit Wageningen gaan zij proberen om op 12 en 26 juli 1926 in het restaurant de Kievitsdel te verkopen: 4 percelen aan de Utrechtschenstraatweg elk groot ongeveer 1500 m2. 6 percelen aan de Kabeljauwlaan, groot ongeveer 1125 m2. 10 percelen langs de van der Molenallee, groot ongeveer 1600 m2. 13 percelen langs de Boschlaan elk groot ongeveer 1100 mw. Daarnaast zal op dezelfde veiling de heer J.A. Haag verkopen drie percelen aan de van der Molenallee, hoek Kabeljauwlaan, groot ongeveer 700 m2 en 8 percelen langs de van der Molenallee, nabij de Melkweg elk groot ongeveer 950 m2. Zo begint dus de buurtschap Kievitsdel.
Munninghof Kabeljauw
Landgoed Kali-Maro, Heelsum.  Zie Wilhelminapark Heelsum
Landhuis Kalmoa, Zonneheuvelweg 26, Oosterbeek

In 1936 woont er de heer E.A. Pau (oud dir. Billiton)
Hij geeft in 1939 aan de architect S. de Clercq, S. om de woning te bouwen

Kalmoa Oosterbeek
Kalmoa Oosterbeek
Landgoed de Kamp, De Kamp 6 te Heelsum. Lees meer op de landgoederen website.
Klein Sonnenberg, Oosterbeek

Zie ook Hemeldal.
Klein Sonnenberg
Voormalige villa de Langenberg, oud adres Utrechtseweg 9a, Heelsum.
In 1957: Huize de Langeberg, Utrechtsestraatweg 7, Heelsum
Tegenwoordig: De Kamp 6, Heelsum

Op het landgoed stond een villa Langenberg en na 1978 staat er de villa de Kamp. De BAG geeft als bouwjaar 1927.

Oorspronkelijk hoorde het landgoed bij de domeingoederen van kasteel Doorwerth. Van origine veelal een  onontgonnen heideterrein. In 1693 werd er papiermolen De Kamp gebouwd, aangedreven door de beek. Lees hier meer over bij de pagina over molens.

De Kamp
1923 de boerderij aan de Kamp Op 17 augustus 1973 brandde het huis de Langenberg, geheel af. Wat er nu staat is nadien gebouwd. Veel van het landgoed is verdwenen bij de aanleg van de autoweg A50, die open ging in 1972.

De boerderij aan de Kamp 1 - 3, gebouwd in 1928, die ervoor gebruikt is, is in 1950 verbouwd naar een rietgedekte 3-onder-1 kap woning op Landgoed De Kamp. Huidige adressen De Kamp 1, 2 en 3.

Meer over landgoederen op de landgoederen website
 



In 1957 vraagt mw. Jansen, Huize de Langenberg, Utrechtsestraatweg 7 te Heelsum een hulp in de huishouding. Helaas, niet duidelijk, een ander adres-huisnummer.

Landgoed de Kamp, ansicht 1973

De Kamp Heelsum

Faceboek De Kamp   
Wikipedia
Huize en landgoed De Keijenberg, Renkum. Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Kerken in de gemeente Renkum. Zoals de Oude Kerk in Oosterbeek, het Kerkje op de Heuvel in Heelsum, de verwenen kerk van Wolfheze Laag, enzovoorts; . zie Renkumse Kerken
Landgoed Kievietsdel, zie Hotel Hoog Doorwerth. Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Stichting Kievitsdel:  Renkum Oosterbeek; de Stichting Kievitsdel te Heelsum.

"Verschenen is het prospectus met afbeeldingen van de Stichting „Kievitsdel" te Heelsum. Deze stichting heeft het huis en park „Kievitsdel" aangekocht met de bedoeling een villapark te stichten voor oudere echtparen. Het wijkt af van inrichtingen als Mooiland, Avondrust enz. Ieder echtpaar bewoont een klein villa'tje, bevattende woonkamer, slaapkamer, bad, keuken. Deze villa'tjes, 50 in getal, zijn gedacht rond het bestaande, doch te verbouwen hoofdgebouw, dat als centraal punt moet beschouwd worden. Van uit dit hoofdgebouw, waarin de keukens zijn, het personeel woont, waar gelegenheid is voor recreatie en voor logť's van bezoekers, worden alle bewoners verzorgd. Elke villa is telephonisch met het hoofdgebouw verbonden. De bedoeling is een gecentraliseerde verzorging der bewoners met behoud van hun eigen home en vrijheid.
De villa'tjes liggen dicht bijeen in het prachtige park, met eigen tuintje en terras. De zeer landelijk gehouden architectuur wordt verzorgd door den architect H. W. Wesselink te Oosterbeek. Licht en intimiteit zijn de hoofdkenmerken. De parkaanleg, die gedacht is als onderlinge verbinding van villa's met hoofdgebouw, is opgedragen aan den landschapsarchitect John Bergmans te Oisterwijk. Het ontwerp van beide architecten geeft blijk van een verrassende eenheid in de conceptie von het geheele plan. Voor deze gemeente is het te hopen, dat dit uniŽke plan geheel tot uitvoering kan komen. De directie is gevestigd te Doorwerth". Uit de  Arnhemsche courant van 23-10-1939.

Andere namen: Hotel Kievitsdel, Landgoed Kievitsdel. Hotel Hoog Doorwerth.
Pannenkoekenhuis de Kievitshoeve. Kabeljauw 6 te Heelsum. In 1936 te bereiken zo'n 200 meter omlaag vanaf hotel de Kievitsdel in Doorwerth.
Kiepen van Beels.

Beels was de echtgenoot van Jkvr. G. J. Ph. Schimmelpenninck en men woonde op de Keijenberg. Met kiepen worden in Renkum kraaien bedoeld en die zaten in grote getale in het Kraaienbos, ten westen van de Keijenberg.

Tegenwoordig wordt deze naam gebruikt door een dagbestedingsproject voor de bewoners van de Keijenberg.
Uit het boek "Groen was mijn dorp", Wes Beekhuizen. [blz. 15]: ''Op huize de Keyenberg woonde toen de familie Beels waarvan de freules zich vaak met liefdadigheid bezig hielden. Even voorbij het kasteeltje, dicht bij de beek, huisde een grote kraaienkolonie in de zeer hoge, kaarsrechte bomen. Het merendeel van die gevederde bewoners trok overdag bijna geruisloos over ons dorp en de Rijn om in de Betuwe te gaan fourageren en tegen de schemering zochten al die zwarte vogels , luid ka-ka-ka-end, hun nesten weer op. De Renkumers zeiden dan: De kiepen van Beels gaon weer op huus aon....'' 
Kleen harten, Utrechtseweg 124, Renkum,

De BAG heeft het over oospronkelijk bouwjaar 1910 ?

Kleen Harten
Kadaster hulpkaart C 2063 dienstjaar 1912. Kleen Harten moet nog gebouwd worden op de hier nog lege kavel 2063, Op de veldwerkkaart, ook uit dj 1912 staat vwb kavel 1899, het oudere nummer: verkoop, bijbouw, splitsing en vereniging. Of te wel dat gebeurd in 1911. Woning 2064 is op dat moment van A. Koning.

Het huis naast Casa Cara werd in 1913 gebouwd door een zekere heer Feismann uit Hannover. Deze vertrok later naar Rotterdam; het huis werd verkocht aan de heer Bernard Beuker, die het omdoopte in "Kleen Harte". Bron Wes Beekhuizen Groen was mijn dorp, pagina 50. Meerdere schrijfwijzen: Feijsman(n)

Kleen Harten
Kadaster hulpkaart C 3662 dienstjaar 1943. Kleen Harten is de 2de van links.
Kleen Harten Renkum

Beuker, J.M.B., wordt vermeld bij Kleen Harten in de Naamlijst voor den telefoondienst in 1917, 1920, 1921, 1922, 1924, 1925.
De heer Beuker was gehuwd met Johanna Catharina de Kruijff van Dorssen, die we ook kennen als kunstschilder.
Daarna verhuisd men naar huize Heijborgh

Kleen Harten, Renkum

In 1938 woont er mevr. H. C. van Houten.
Klein Dreien. Stationsweg 46, Oosterbeek.

Oudere naam Klein Dreyen.
Gebouwd in 1906 voor de familie Wierdsma (Directeur van de Holland Amerika Lijn in Rotterdam van 1880 tot 1905). In februari 1916 stond de villa onbeheerd, er werd een auto voor gezet en de villa werd leeggestolen.
Uit de Arnhemsche Courant van 31-1-1916: "Villa leeg gestolen. Een brutale inbraak heeft te Oosterbeek in de laatste weken plaats gehad. Uit een tijdelijk onbewoonde villa „Klein Dreijen” aan den Stationsweg 2 aldaar, is n.l. een wagen vol meubilaire en andere goederen ontvreemd, als kapokmatrassen, een aantal dekens, peluws, kussens, een klok, antiek koper- en aardewerk, 40 flesschen wijn, enz. Alles was gehoorlijk afgesloten. Nergens is eenig spoor van braak, waaruit kan worden afgeleid, dat de daders met een valschen sleutel-zijn binnengekomen. Het ontvreemde moet op een wagen zijn vervoerd. Door de poliŁe is onmiddellijk een onderzoek ingesteld- ook door de recherche te Arnhem. Het vermiste koper- en aardewerk is. in een doek geknoopt, teruggevonden langs den spoorweg, nabij den overweg tusschen Station-Laag aldaar en den Utrechtschen weg. Overigens is geen spoor van hel vermiste of de daders gevonden. De heer W. bewoner der villa, die tegen inbraak verzekerd is, looft £25 beloning uit aan degene, die aanwijzingen verstrekt, die leiden tot opsporing van het vermiste en de daders". De bedoelde bewoner is J.V. Wierdsma.

In 1949 wordt besloten om een Nutskleuterschool te bouwen. Een noodgebouw hiervoor staat tot 1958 in de tuin van de villa Klein Dreijen.
In 1994 komt alles te koop. In de Telegraaf staat: Te Koop, te renoveren. Villa "Kein Dreijen". - vloeroppervlakte totaal ca. 725 m 2 - nabij NS-station - op loopafstand van centrum - ligging in parkachtige omgeving - koopsom ƒ 625.000,–. Gerritsen Bouwgroep.
De nieuwe plannen maken dat een actiegroep Klein Dreien actief wordt.

Klein Dreijen

link Klein Dreijen
Gemeentelijk monument
Klein Heideveld, Ginkelseweg 2, Heelsum. Zie Wilhelminapark Heelsum.
Huize Klein Tafelberg, Pietersbergseweg 38 te Oosterbeek.

Of te wel de villa met het hek, zoals het genoemd wordt in de lijst van Rijksmonumenten. In de jaren rond 1895-1900 onder invloed van de Neo-Renaissance en de Chaletstijl gebouwde vrij gaaf bewaarde en rijk gedetailleerde villa met tuinhek. Tegenwoordig oa een B+B.
Klein Tafelberg Oosterbeek
Het goed de Kleikamp te Renkum

Is in 1791 beleend aan Willem Hendrik Klinkenberg van Echten en was een afsplitsing van het goed de Keijenberg.
In deze 25 Ha. grote uiterwaarde bouwt in 1883 A.J.W. Furncombe Sanders een steenfabriek en verpacht deze aan de firma Van Dam & Co. De steenfabriek wordt afgebroken ten behoeve van de uitbouw voor Van Gelder, de papierfabriek.

In 1924 zien we advertenties zoals: prima Fokhanen, stam fokstation „De Kleikamp" Renkum.
Voormalige Steenoven De Kleikamp.

In 1903 koopt G. H. Reijmer steenoven De Kleikamp voor hfl 24.850,=
Volkskrant 14-2-1969:  Arnhem, 14 febr. — De baksteenindustrie De Kleikamp in Renkum gaat eind maart sluiten. Ongeveer 30 werknemers worden ontslagen. Verwacht wordt dat zij in omliggende bedrijven herplaatst kunnen worden. De sluiting van de steenfabriek gebeurt in het kader van de saneringsregeling voor de metselbaksteenindustrie. Met de vakbonden en de werkgeversorganisatie in de bakstŤenindustrie is overeenstemming bereikt over afvloeingsregelingen.

Nieuwsblad van het Noorden: Het betreft hier een ten dele traditioneel bedrijf met een jaarproduktie van ongeveer 10 miljoen bakstenen. Als gevolg van deze sluiting zullen circa 30 werknemers moeten afvloeien. Het personeel is van de voorgenomen sluiting in kennis gesteld. Aangenomen wordt dat zij op omliggende bedrijven herplaatst zullen kunnen worden.
Huize de Kleikamp, Dorpsstraat 151 (1934) Dorpssstraat 119 (naast De Wissel) te Renkum.

In 1927 bewoont door J. H. van Haaren. In 1934: C.W. Koch.
Achtereen volgende eigenaren: Jan van Maanen, landbouwer, Otterlo, heeft in 1882 Ĺ aandelen; Jan van Maanen, zonder beroep uit Renkum; Jacob van Maanen, landbouwer uit Doorwerth; Gerrit Teuniszoon van Scherrenburg, landbouwer uit Renkum; Petrus Pauk, winkelier uit Renkum; Fa. Evertsen en Weijman uit Renkum; Frans van Scherrenburg uit Renkum en Fa. Everts en Weijman uit Renkum.
Klein Gelria, Kuypersweg 27 + 29, tegenwoordig ook Gelria 2 + 4  Renkum.

Volgens de BAG gebouwd rond 1907

Klein Gelria Heelsum

Het voormalige rusthuis deed dienst voor mannelijke amtenaren rond 1880-1900
Klein Gelria Renkum

Klein Gelria Heelsum
De Kleiputten, Heelsum.

Deze kleiputten zijn tussen de jaren 1920 en 1950 uitgegraven en de klei werd gebruikt voor de steenfabricage. Het gaat om een vervallen uiterwaard, nu een moerassig gebied, dat onder de Natura 2000 richtlijn valt. De naam Kleiputten is ontstaan doordat er heel veel klei uit de uiterwaard gehaald is, een tichelgat dus. Het winningsgebied was vroeger eigendom van de steenfabriek van Van Wijck aan de zuidzijde van de Nederrijn. Er waren meer kleigaten ten oosten en westen, maar die zijn gedempt om het voor agrarisch (mede)gebruik geschikt te maken. De gewonnen klei werd via een smalspoor en een kleipontje nabij de Heelsumse beek naar de overzijde van de rivier vervoerd.
 
Tegenwoordig is natuurbehoud belangrijk, voor de klei was de opbrengst uit hout, e.d. de reden van het goed. De Kleiputten zijn niet toegankelijk en je kunt er een glimp van opvangen als je over de Doorwerthse Fonteinallee naar het westen loopt, onder de autoweg door (je loopt tegen de ingang aan) en dan ter hoogte van de boerderij Veld en Beek naar de Nederrijn kijkt.

In 1984 werd de Stichting tot behoud van het natuurreservaat de Kleiputten, uit Wageningen eigenaar van 20 van de 40 hectare van het goed. Eens per jaar konden de donateurs van de Stichting er een bezoek brengen. De stichting heeft bestaan tot zo 1989. Daarna werd het kennelijk verkocht. Het gebied stond in november 2015 opnieuw te koop.

De nieuwe eigenaar vindt natuurbehoud belangrijk en wil de natuur met rust laten. Net als de aangrenzende Jufferswaard dus een voormalig industrieterrein waar de natuur het voor het zeggen heeft gekregen.
Kleiputten Heelsum

Bijzondere vogels.
De Kloosterweide is de uiterwaard ten zuiden van het Renkumse Klooster. Hier wordt een papierfabriek gebouwd die in 1912 wordt vervangen door een papierfabriek van “Van Gelder”, die onder de naam “Renkum II” de geschiedenis zal ingaan.
Het Kloosterkamp is een afsplitsing geweest van het landgoed de Keijenberg. Een stuk uyterweerds hooy- en weyland, de Kloosterkamp genaamt, groot ongeveer vijftien morgen, drie hond en negen en tachentigh roeden, in het schoutampt van Rencum gelegen; sijnde thans een bijsonder leen en afgespleten van den Keyenberg cum pertinentiis, opgedragen door Wilco Holdinga Tialling Camstrathoe Schwartzenberg en Hohenlandsberg aan Evert Jan Benjamin van Gollstein, die daar weder mede beleend is, 28 May 1791.
Uit Register op de Leenaktenboeken van het Vorstendom Gelre en Graafschap Zutphen; Gelre 1917.
Villa "De Kluit", Van Lennepweg 13 te Oosterbeek.

Notaris J.S.L. Korteweg liet de villa de Kluit liet bouwen rond 1929. Architect was W.J. Gerretsen. In de tuin stond Minerva, een marmeren tuinbeeld dat in 1929 vanuit Noordgouwe naar Oosterbeek verhuisde.

"Mevr. Muntz—Van Dam, Van Lennepweg 13, Villa „De Kluit", Oosterbeek, yraagt voor direct of later een net TWEEDE MEISJE P.G-, kunnen tafeldienen en kamerwerk verrichten. V.g.g.v. Zich aan te melden schrift, of pers. tusschen 12 en 2.30 uur".
Uit de Arnhemsche courant van  31-12-1940
De Kluit Oosterbeek
Van Koepel naar gasfabriek, van Ingenweg in Renkum

Op de website Topotijdreis is tussen 1894 en 1913 een koepel te zien.
Koepel Renkum
De koepel zal een soort theehuis van Petronella Ploem zijn geweest.

Koepel RFenkum
De koepel staat ingetekend links van de huidige van Ingenweg, op de plek waar later een gasfabiek verschijnt. Helaas kan ik niet verder terug dan 1849.

De gasfabriek:
De Raad dezer gemeente besloot heden afwijzend te beschikken op de concessie-aanvragen van de Electriciteits-Maatschappij Phaeton te Nijmegen en de gasverlichting Maatschappij Brummen, te Brummen. Aan den heer B. Linn, gasfabrikant te Schoonhoven, werd wel een voorloopige concessie verleend voor den tijd van zes maanden, tot het leggen van gasleidingen en het exploiteeren van een gasfabriek te Renkum. Uit de  Arnhemsche courant 18-12-1897

De gasfabriek verschijnt bij het Kadaster in 1900. Kavel C 1654 is dan leeg ingetekend.
Renkum gasfabriek

Volgens krantenberichten gaat de gasfabriek open in 1899. Zie oa de Opregte Haarlemsche Courant van 01-05-1899

Renkum van Ingenweg gasfabriek
Kadasterkaart uit 1924, Van Ingenweg is aan de bovenkant.
"De vergadering van aandeelhouders der Benkumsche Gasmaatschappij, te Renkum, heeft tot commissarissen — in plaats van de heeren De Meester, Mijnheer en Vreede, die ontslag hadden genomen — benoemd de heeren B. Linn, te Renkum, J. M. G. Scheffer en H. Wirix, beiden ingenieurs te Delft. Tot directeur werd benoemd de Heer Richard H. Linn, die sedert het eervol ontslag van zijn vader, reeds tijdelijk deze betrekking had waargenomen". Uit het Nieuws van den dag: 23-07-1907


Gasfabriek Renkum 1924
aanleg van de Petronellaweg in 1924

Van Ingenweg Gasfabriek
De van Ingenweg in 1963 De gasfabriek is nog te zien. Rechts op de hoek Van Ingenweg - Dankmeijerweg, Kavel 4569 is het pand Eikenhof dat er in 2021 ook nog staat

Van Ingenweg rond 1920

Hoe ziet het er in 2019 er uit:
Renkum van Ingenweg
Het voormalige Koetshuis van Hartenstein, Utrechtseweg 228 te Oosterbeek.

Gebouwd als koetshuis met dienstwoning voor het ernaast gelegen Hartenstein. Gebouwd in het derde kwart van de 19e eeuw in de voor periode kenmerkende eclectische trant, waarschijnlijk naar ontwerp van L.H. Eberson. Ken het als brandweergarage en als restaurant Klein Hartenstein.

Het gaat hier om een Rijksmonument.
Koetshuis hartenstein Oosterbeek
Het Koloniehuis te Heelsum.
Op 23 september 1946 opent er een een kleuterschool in het Koloniehuis te Heelsum.

Koningshof, Utrechtseweg 62, Heelsum.

Gebouwd in 1973 volgens de BAG, in 2019 verbeterd naar 1965.

De Koningshof begon met oplevering van de appartementen vanaf februari 1965, de bouw begon in 1964. In de de Telegraaf van 10-10-1964 staat deze advertentie:
Heesum Koningshof
 Heelsum Koningshof
Deze foto is gemaakt net nadat het pand gereed kwam.

De Koningshof is een serviceflat, met koop appartementen voor zelfstandige ouderen.
Voormalig Huize Komatipoort, Weverstraat E 104 daarna Weverstraat 183 te Oosterbeek.

Werd in 1890 gebouwd voor Gerhard Jan Philippus Zuiderhoek. Het logement dat hij met zijn vrouw start, krijgt de naam Pension Zuiderhoek-Ridderhof. Centraal op de gevel komt de naam van het huis te staan: “Komatipoort”.  Voor de ambities van Zuiderhoek wordt echter niet alleen Oosterbeek, maar zelfs geheel Nederland al snel te klein. Begin 1908 zet hij “Komatipoort” te koop en vertrekt hij naar Westervoort, om vervolgens naar Amerika af te reizen, waar hij in 1934 overlijdt.

De koper is Evert Ekker, die in het huis een interessant beleggingspand ziet. In 1910 splitst Ekker “Komatipoort” op in een dubbel woonhuis en krijgt de oostelijke helft van de tuin een  eigen kadasternummer.
Evert Ekker krijgt  in 1907 door het overlijden van zijn tante Johanna Bosch van Rosenthal een grote erfenis. Hij begint veel onroerend goed in de omgeving van Velp te verkopen en investeert het geld onder andere in de aankoop van “Komatipoort” in 1908. Samen met andere eigendommen zoals “Beekhof” en “’t Zonneheem” nog een teveel aan huizen. Ekker verkoopt in 1908 hij “Beekhof” aan de huisarts Isašc Brevťe. Ekker verhuist met zijn zonen Evert jr en Martin naar “’t Zonneheem”. In 1917 verkoopt Ekker “Komatipoort” ook aan Brevťe.Brevťe had interesse om “Komatipoort” van Ekker te kopen, omdat dat hem de mogelijkheid bood om het pand met zijn ingebouwde werkplaats in te richten als koetsierswoning. Brevťe was een traditionele dorpsarts die in de beginjaren zijn patiŽnten nog per koets bezocht. Brevťe verhuurde het pand in onderdelen. Tot in 1940 wordt “Komatipoort” in advertenties nog aangeprezen als een pension. Na de oorlog blijkt Komatipoort nog bewoonbaar.In 1954 verkoopt de weduwe Dora Brevťe de noordelijke helft van “Komatipoort” aan Johan Beekhuizen. In 1963 komt de zuidelijke helft van “Komatipoort”, de voormalige koetsierswoning, Op een veiling. In eerste instantie wordt het pand aangekocht door de huisschilder en sigarenhandelaar Hendrikus Ilmer. Deze overlijdt echter al het jaar daarna, waarna het huis door zijn weduwe Janna Haksteen verkocht wordt aan de huisschilder A.J. de Vries, die er tot voor kort heeft gewoond.
Abdij Koningsoord, Johannahoeveweg 79, Oosterbeek tegenwoordig Arnhem

Abdij Koningsoord.

Op steenworp van Station Oosterbeek. Gebouwd op het terrein van de paters van Mill Hill. Nieuwbouw uit 2007-2009, verhuizing van Tilburg naar Arnhem in 2009.

Zie ook bij kerken
Graanpakhuis Koningsoord Oosterbeek
Het voormalige graanpakhuis van Koningsoord.
Buitenplaats Kortenburg, Wageningen, zie Corthenberg bij Renkum
Voormalige Kosterij, (Kosterie) Dorpstraat, Renkum, tegenwoordig Onder de Bomen.

Hier is meer te vinden over de Oude Kosterie.
Oude Kosterie Renkum
Kostschool voor meisjes, Dorpsstraat Renkum.

In 1881 wordt Mej. L.F. Meindersma benoemd, tot hoofd van dan gesubsidieerde dag- en kostschool voor meisjes te Renkum. Dit instituut voor jongedames opent per 1 september 1881 in Renkum, bij Wageningen.

Prospectussen zijn beschikbaar en voor inlichtingen kan men zich wenden tot: J. v. Embden, burgemeester van Oosterbeek en Renkum. Theod. Pannekoek, wethouder; M. Mijnlieff + H.L. Ploem, lid van de gemeenteraad; etc.
Te Koop:  Het nieuws van den dag : kleine courant, 19-06-1899: "Het Heerenhuis a/d Dorpstraat te Renkum, waarin is gevestigd het Instituut voor Jonge Dames van Mej. Kaijser, met daarachter gebouwde School en Gymnastieklokalen, benevens Tuin, groot 8 Aren 72 Cent. Het Huis bevat beneden 3 groote Kamers, waarvan 2 en-Suite ; boven 5 Kamers, waarvan 3 en-Suite en kleinere Kamer; voorts Keuken, Kelder en Zolder".

In 1893 verhuisd naar Heelsum, Aan de Beek 1. Tegenover huize Bergzicht.
Verdwenen Kousenhuisje, Oude Kloosterweg 1 te Wolfheze.

Meer info over het Kousenhuisje is hier te vinden. In 1989 is er op de plek van het Kousenhuisje een nieuwe woning gezet: adres Oude Kloosterweg 1 Wolfheze.

Na de WW II oorlog was Willy Jansen-Peelen uit Renkum/Heelsum, er de boerin. (Cor Janse pagina 1305)
naar een ingekleurde ansichtkaart
Voormalig Kurhaus Bad Heelsum  Laatstelijk was het adres: Utrechtseweg 85 te Renkum.

Een inrichting voor licht-luchtbaden, bestond sinds 1900. Andere naam dr. Marx Sanatorium „Kurhaus Bad Heelsum".

Lees ook de info bij Voortstreven en Gelria.
Kurhaus Marx Renkum
Landgoed en huis Laag Wolfheze, Utrechtseweg 321, Doorwerth. Meer over landgoederen op de landgoederen website
Laag Wolfheze wordt ook gebruikt als benaming voor het verdwenen dorp Wolfheze.

Een heuvel geeft nu nog aan waar de kerk heeft gestaan. Leuk om te bedenken dat de heuvel noodzakelijk was om de kerk te schermen tegen een hoge waterstand van de Nederrijn. Dat is dus niet zo. Veel kerken uit die bouwperiode staan op een heuvel, zodat er een grafkelder onder de kerk kan komen.
Het dorp Wolfheze is waarschijnlijk verwoest tijdens de 80 jarige oorlog (1568-1648) en nooit herbouwd. Mede oorzaak kan zijn dat de aanleg van sprengen na 1590 voor de papiermolens in Heelsum de grond verdroogd heeft.
WWII Landingszone X, gelegen vanaf de cafetaria Airborne, Renkum, tot aan de spoorbaan Arnhem Utrecht. Het monument staat naast de cafetaria.

Veteraan Steve Morgan was een van de twee veteranen die het monument op 21 september 2018 mochten onthullen. Als parachutist is Morgan geland in zone Z, tegenwoordig de golfbaan tot aan de Parallelweg Wolfheze. Morgan heeft gevochten bij de brug, tot de gevangenneming door de Duitsers. In Duitse kampen gezeten tot aan de bevrijding. Het monument staat op de plek van dropzone-X, de plek waar de Slag om Arnhem begon. Volgens Wilfred Oldham, zijn hier de eerste twee gliders geland. Oldham zat zelf in een van deze 2 gliders. Hun opdracht was, beveilig de dropzone voor de latere landingen. Beveilig de weg vanaf Bennekom en de weg in Renkum (Dorpsstraat) vanaf Wageningen. Als de Airbornes richting Arnhem trekken, willen ze niet in de rug aangevallen worden.

De gemeente Renkum heeft meerdere keren getracht de langdingsvelden vol te bouwen met woningen.
Landingszone X Renkum
Huize Landzicht, Kerkstraat 36, Renkum

In de BAG wordt 1878 genoemd als eerste jaar voor de belasting? Net iets te vroeg!

Met Kadaster hulpkaart D 458 uit dienstjaar 1853 zijn er slechts 2 vrijwel lege kavels aan de Kerkstraat. Boven het latere vd Bornis kavel 458 en op 457 is alleen een molen te zien.

Met Kadaster veldwerk D 757 zie ik dat vermoedelijk dhr Runderkamp de eerste koper is van kavel 757 in 1882

Na cafť van den Bom volgden er meerdere pensions zoals Roos en Doorn, Landzicht, pension Peereboom, dan het huis van meester Polderman en pension Juliana. Daarnaast de woning van Arend Jansen (Amt van Louw, de zondagse veldwachter) en op de hoek van de Kerkweg en de Molenweg het huis waarin meneer van de Brug woonde die de boekhouding van de gasfabriek beheerde. (bron Wes Beekhuizen; Groen was mijn dorp pagina 82)

Landzicht
Veldwerk D 773 uit dienstjaar 1884.
Landzicht
Landzicht heeft hier kavel nr D 1771. Te zien is dat in het pand 2 wonngen zijn. Het cafť vd Born is geheel rechts zichtbaar.

Pension Landzicht, Kerkstraat 36 in Renkum werd voor de WWII geleid door mevrouw Aaltje Ho(o)gendam-Janssen. Van het pension zijn er advertenties in de Telegraaf uit 1920.

 Landzicht

Tegenwoordig is er een B+B.
Villa Laura (sinds 2017: Mendet), (Laurahof), Bennekomseweg 71, Heelsum. (landgoed?) Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Lebret, Lebretweg 51, Oosterbeek.

Begonnen 1917 als Volkshuis op initiatief van de Vereeniging „Tot meerdere Ontwikkeling"  en in 1929 voorzien van enige aanbouw voor een badhuis.

Lebret
Tot 1972 in gebruik als badhuis voor de Oosterbekers. Daarna een zalencentrum.
Zaal Lemgo, Don Boscoweg 16 te Renkum.

BAG = 1965

Het verenigingsgebouw Lemgo te Renkum. “Op zondag 14 juni 1933 verzocht het bestuur van de Rooms Katholieke Werklieden Vereniging aan de leden van Stand, Vak en Jeugdorganisatie hier ter plaatse om zich na de Hoogmis naar Lemgo te begeven om daar te bespreken de mogelijkheid tot oprichting ener Rooms Katholieke Muziekvereniging.” bron.
Het parochiehuis werd de opvolger van het parochiehuis in de oude villa Lemgo.
Als clubhuis werd in 1972 aan de Don Boscoweg het Kriel gebruikt tot in 1980 een eigen clubhuis op het sportpark werd geopend.
 Dat werd Lemgo gelegen naast het pand van Drukkerij Bos. En zo werd “het Kriel” geboren.

Later in gebruik genomen door de St. Maatschappelijke Dienstverlening Renkum-Wageningen.

In 2020 verbouwd, het heeft jaren te koop gestaan, samen met het aangrenzende woonhuis.
Verdwenen Villa Lemgo, Utrechtseweg 151 Renkum

Lemgo
Kadaster veldwerkkaart uit dienstjaar 1916 C 2232, er is nog geen kerk.

Rond 1870 - 1900 was de volgorde: vlnr. Frisia, Quatre Saisons, Lemgo bewoond door de familie Ploem, stalhouderij Remmerde, nog een eenvoudige behuizing en daarnaast de villa Rijnzicht van juffrouw Scheurleer. Op deze kaart uit 1915 is de eenvoudige behuizing al niet meer te herkennen. Bij het 2de pand van rechts staat: "in slooping" en bij het rechterpand staat "nieuw" bij 1468 en 1469, die dan C 2236 worden.

Lemgo werd zo genoemd naar de geboorteplaats (in Duitsland) van de bouwer, Johan Augustinus Ploem, (1808 - 1882) die er in eerste instantie met zijn gezin woonde. Hij was gehuwd met P.G. Ploem Oorthuijs.

Lemgo

Na zijn dood, werd de weduwe Petronella (Petra) Gerardina Oorthuijs (1833 - 1916) eigenaresse. In 1917 verkocht zij het huis aan de RK kerk, die het pand vervolgens voor religieuze doeleinden gebruikte. Het pand Lemgo werd tot na de oorlog nog gebruikt door de parochie. De weduwe Ploem Oorthuys overlijdt op 14 januari 1917. De verkoop was aldus vrijwel direct na het overlijden van de weduwe.

Ongeveer ter hoogte van de Melkdam stond villa Lemgo, de katholieke kerk heeft deze villa Lemgo in 1917 aangekocht om hier de katholieke kerk te bouwen welke in 1923 is geopend.

Lemgo
Deze kadastertekening VW C 2595, dienstjaar 1924, laat Lemgo als onderdeel van het kerkplein zien..
Lemgo

Lemgo

In het huis links op de foto woont (later) ook een Ploem. Lemgo is rechts zichtbaar
Lemgo Renkum
Lemgo geheel rechts. de kerk, niet zichtbaar, is er al, evenals de pastorie die wel zichtbaar is. Ansicht rond 1930.

Achter de lunchroom is een witte villa zichtbaar die waarschijnlijk ook door een Ploem werd bewoond,

Wes Beekhuizen; Uit Groen was mijn dorp; pagina 38: Naast Frisia lag een vrij grote tuin met een door wingerd overwoekerd soort villaatje dat de schone naam Les Quatre Saisons droeg. Het grote herenhuis naast Les Quatre Saisons heette Lemgo, toen bewoond door een familie Ploem, dan volgde stalhouderij Remmerde, nog een eenvoudige behuizing en daarnaast de villa Rijnzicht van juffrouw Scheurleer. Beekhuizen citeerd veelal een aantekeningenschrift van de heer Roest die de Dorpsstraat beschijft in de periode 1870 - 1900.
Huis aan de Benedendorpsweg 198, 200,  "Liberty House", Oosterbeek

Volgens de BAG gebouwd in 1886. Volgens Heemkunde Renkum gebouwd in 1850

Oud adres huis “Kastanjehof”, nummer 196-198

Rond 1922 was de naam Huize Bernie en woonde er de Heer F. Perk van de NV Maatschappij tot Exploitatie van Bouwterrein te Doorwerth

Met gemeentelijke monumenten status.

"De ” Kastanjehof ” werd vanaf de jaren `50 van de negentiende eeuw bewoond door De ongehuwde Evert Jan Backer bewoonde het huis met zijn achternicht Jacoba Giesse. Net als zijn vader was hij op meerdere fronten actief. Zo kocht hij in 1872 de Westerbouwing maar was eveneens (stille) vennoot bij de steenfabriek van zijn neef Johannes Backer van Ommeren te Driel. Door een minder gelukkige leiding van de fabriek eindigde de samenwerking bij het failliet gaan ervan". bron Heemkunde Renkum
Benedendorpsweg
Landgoed de Lichtenberg of Lichtenbeek, Oosterbeek, destijds aan de Amsterdamschenweg 161. Tegenwoordig Amsterdamseweg 455 Arnhem. Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Landhuis De Lilliputter, Renkum. Gebouwd voor H. van Tricht, door architect J.C. van Epen, in 1920, 1921.
Huize de Lindenhof, Utrechtseweg 91, Renkum.

Gebouwd in opdracht van P.M. van Walcheren. De architect was P.J.W.J. van der Burgh, Volgens de BAG voor het eerst bewoond in 1911. De eerste bewoner P.M. van Walcheren kennen we als vicevoorzitter van Pictura Veluvensis, waar destijds Barend Ferwerda de voorzitter van was (1915). Van Walchteren woont er van 1910 tot 1932. Daarna wonen hier tot 1944 zo'n 10 verschillende personen volgens het gerecontrueerde bevolkingsregister van de gemeente Renkum. Of ze het hele pand tijdelijk bewonen, of er een kamer hebben is niet duidelijk. We kennen ook H.E. van Gelder die er in 1938 woont. In 1942 gaat mw. W.J.C Cambier van Nooten, de kunstschilderes, hier wonen.
Lindenhof Rnkum
In de jaren 1980 woont de huisarts Th.H . Kolkman er.

Demoed; pagina 169: "van Walchren liet een aantrekkelijk villaatje bouwen tegenover huize Voortstreven. In de gevelsteen van arduin die nog altijd boven de voordeur — aan de achterzijde — prijkt, zijn op artistieke wijze de bomen gebeiteld waaraan het huis zijn naam ontleent, n.l. Lindehof en het bouwjaar 1910".

Lindenhof Renkum
Villa Lindenhove, Klingelbeekscheweg D34 Oosterbeek
Vanaf 1910 ook villa Ada genoemd.
Later Benedendorpsweg 101 Oosterbeek

Lindenhove
buitengoed Lindenhove

Lindenhove
Ada

Cornelia van Sieuwertsz van Reesema - Hudig (19 oktober 1820 - 14 maart 1910) Gehuwd met Mr. Willem Siewertsz van Reesema, advocaat en procureur te Rotterdam. In 1893 verhuisde de weduwe naar Oosterbeek, waar zij tot haar overlijden in 1910 woonde.

Lindenhove

De dames Elisabeth Sieuwertsz van Reesema (overleden 1922) en E. Nierstrasz woonden op Lindenhove - Ada van rond 1900 tot 1923. Bekend van vele naaldwerk en kunstnijverheid tentoonstellingen.

E. Nierstrasz komt te overlijden in 1931 en woont dan aan het Unksche Pad No. 3 in Oosterbeek.
 
Lindenhove
B.J.R. Dullemen.
Voormalige meubelfabriek LOV, Jan van Embdenweg, Oosterbeek.

LOV

Gerrit Pelt richtte in 1910 een idealistische meubelfabriek in Oosterbeek op, de “N.V. Oosterbeeksche Meubelfabriek L.O.V”: Labor Omnia Vincit oftewel Arbeid Overwint Alles. Zijn doel was een betere levensstandaard voor de arbeiders klasse te creŽren, en meubels te vervaardigen die degelijk en stijlvol, maar ook betaalbaar zijn. Betaalbaar werd het niet, alle meubels werden met de hand gemaakt, confectiemeubels waren zo de helft goedkoper. Pelt liet zijn fabriek bouwen volgens de laatste inzichten over hygiene en veiligheid. Er was een badhuis en een bibliotheek voor de arbeiders. Fraaie werkmanswoningen verrezen op het bedrijfsterrein. De acht-urige werkdag werd ingevoerd lang voordat hij verplicht werd gesteld. Ook de overige voorzieningen waren ruimhartig. Bijzonder was vooral de in Nederland zeldzame bedrijfsstructuur, die was gebaseerd op het systeem van co-partnership. Een deel van de winst wordt daarbij aan de arbeiders uitgedeeld in de vorm van aandelen, zodat zij heel langzaam aan mede-eigenaar worden van de onderneming. In 1935 werd LOV geliquideerd. De bekende architecten A.P. Smits ťn H. Fels, waren beiden tussen 1916 en 1935 vrije medewerker bij de meubelfabriek LOV. (bron)
In juli 1927 werd door een brand het gehele pand vernield. De schade werd beraamd op hfl 120.000,-. Een grote hoeveelheid klaarstaande meubelen, bestemd In 1873 is er op kavel D2063 de Stichting Rust en vakantie.
voor het Troelstrahuis, werden ook vernield. De medewerkers bouwden een noodlokaal.

LOV Oosterbeek

De firma Raanhuis heeft de LOV op de J. v. Embdenweg overgenomen.
Later is Raanhuis verhuisd naar Renkum. Sinds 2018 is er de Stichting Erfgoed LOV.
Voormalige Villa Lucienheuvel, A20, Oosterbeek.

Hemeldal Oosterbeek
In HisGis is in het rood de bebouwing in 1832 te zien. Op de plek van de vijver links van de Kneppelhoutweg, het later afgebroken LuciŽnheuvel.

Gebouwd op het terrein van de Hemelse Berg in 1836 en weer afgebroken in 1863 voor de aanleg van een de nieuwe vijver door H. Copijn in de hoek van de Kneppelhoutweg en de Benedendorpseweg. Van xxxx tot 1863 woonde de Amsterdamse koopmansfamilie en bankier Fock in de villa. De echtgenote S.A.D. Fock - de Kock bevalt er in 1857 van een zoon. Wie er daarna gaat wonen?

Ook in 1865 verschijnt er nog een verhuur advertentie. In 1871 mocht de onderwijzer Eelco Arend enige tijd in de villa Lucienheuvel wonen tot de werkelijke afbraak.

Lucienheuvel
1847

Lucienheuevl
1857
 
Lucienheuvel Oosterbeek te huur 1864
1864

Waar eens het huis LuciŽnheuvel stond, is nu de benedenste vijver van de Hemelse Berg te vinden, nabij de hoek Benedendorpsweg - Kneppelhoutweg. Eigenaar Jan Kneppelhout liet omstreeks 1863 / 1864 het huis afbreken om een beter uitzicht vanuit zijn woning De Hemelsche Berg te verkrijgen. Daarna liet hij wat later de ‘nieuwe vijver’ werd genoemd, aanleggen. Aan de overzijde van de Benedendorpsweg werd in opdracht van Kneppelhout ter vervanging van LuciŽnheuvel een nieuwe villa, daarom Villa Nova genoemd, gebouwd, die later de naam Dennenoord kreeg.

Demoed: pagina 284, 285; "Volgens v. d. Aa (Aardr.k.wdbk.) vond men in 1844 op dit landgoed de villa's Lucienheuvel, Pietersberg en Hemeldal. Daarenboven ook nog een kleine boerderij, genaamd de Reyershoeve, en een logement of uitspanning, de Witte Poort. Deze laatste, die omstreeks 1835 gebouwd moet zijn, stond langs de Benedendorpsweg, ter plaatse van het in 1944 verwoeste pension Transvalia. Lucienheuvel werd omstreeks 1830 eveneens onder aan de Kneppelhoutweg gebouwd, ter plaatse waar thansde nieuwe vijvergelegen is, schuin tegenover het rusthuis voor verpleegsters, dus nabij de Benedendorpsweg. De villa Lucienheuvel werd afgebroken, en in de plaats daarvan de nieuwe vijver onder aan de Kneppelhoutweg aangelegd. Hiertoe werd ook de beek wat omgelegd, welke vroeger in de zgn. Els uit meerdere sprengen ontstond, en kort onder langs de Kneppelhoutweg liep. Lucienheuvel was het zomerverblijf van de Amsterdamse koopmansfamilie Fock; toen dhr. Kneppelhout deze villa in 1863 liet afbreken, liet deze familie voor zich het herenhuis „Villa Nova” bouwen. Dit is de thans nog bestaande villa Dennenoord. Zij braken daartoe de oude korenmolen af en het water van de beek werd benut voor de aanleg van een park met vijver. In 1890 werd G. v. Eck (een zoon van mr. v. Eck van Mariendaal) eigenaar, terwijl het na diens dood nogal eens in andere handen is overgegaan. De fam. Lucardie, die de villa in 1922 aankocht. verdoopte het nieuw verkregen bezit in Dennenoord. De villa Hemeldal, die bij de verkoop van het landgoed in 1848 als een apart perceel eveneens door J. Kneppelhout aangekocht was, werd door hem in 1854 geheel opnieuw opgetrokken en gemoderniseerd, zodat het „sedert lang reeds gunstig bekende Instituut voor jonge heeren’ de roem van Oosterbeek mede hoog hield."

Als Demoed spreekt van de thans nog bestaande villa Dennenoord, dan klopt dat zijn boek is uit 1953 en Dennenoord bestaat dan nog.
Voormalige villa Luctor et Emergo, Mariaweg F49, Oosterbeek.

Het rechtskundig bureau van dhr. Wolzak (tevens gemeenteraadslid) is er vanaf 22 september 1919 in gehuisvest.
Wolzak woonde destijds in een villa aan de Rijksstraatweg 42 te Oosterbeek.
 Villa De Lutte Maria, Oosterbeek, Mariaweg 52
Villa 't Maerlant, Fangmanweg 33 Oosterbeek, Gebouwd in 1871.
Villa Maria, Pieterbergseweg Oosterbeek, komt in 1925 te koop, groot 5.99 A., bevattende 8 kamers met serre, keuken en bijkeuken.
Villa Maria, Utrechtseweg 47, Oosterbeek

Bouwjaar 1915.
Maria
Voormalig Maria Klooster, of te wel Onze Lieve Vrouweklooster, Renkum, aan de Bokkedijk.

Reinald IV de hertog van Gelre, sticht in 1405 een Augustijner Regularissenklooster te Renkum en schenkt goederen en renten aan dit klooster.
In 1596 schenkt Ada van Cortenbarch aan het O.L. Vrouweklooster te Renkum een huis in Wageningen.

Een opgegraven stukje van de noordelijke kloostertinmuur is nu te zien aan de Dorpsstraat, daar waar de Nieuweweg begint. Bij de ingang van de parkeerplaats aan de Dorpsstraat.
De Mariahoeve ,Hoofdlaan 4 Oosterbeek, Een gemeentelijk monument.
Villa Marja, Utrechtseweg 175 Oosterbeek
Ander adres Utrechtschestraatweg 109. Oosterbeek.

Voordien villa Dotta. Gebouwd volgens de BAG in 1875, volgens het gemeentelijk monumenten register 1873.

"De villa “Marja” gelegen op Utrechtseweg 175 werd gebouwd in 1875. In die tijd heette de villa nog “Dotta”. Zo treffen we vanaf 1892 tot aan zijn dood in 1902 als bewoner mr. Johan Pieter Adolf Graaf van Limburg Stirum. Deze weldoener was een van de grondleggers van de Vereeniging “Het Hoogeland”, de Vereeniging tot Christelijke verpleging van bedelaars en landloopers, die in later tijd werd herdoopt in de Christelijke Vereeniging tot stichting en instandhouding van landbouwkoloniŽn. De doelstelling van de vereniging luidde: “het mogelijk maken dat gedurende ten hoogste 12 maanden zwervers, ex-gevangenen en vrijgelatenen uit Veenhuizen in de hoeve “Het Hoogeland” te Beekbergen werden opgenomen om hen daar voor te bereiden op terugkeer in de maatschappij. De villa zelf oogt nog als in vroeger jaren. Het staat op de gemeentelijke monumentenlijst. In de achtertuin is een klein woonwijkje aangelegd in 1987, huizen gelegen aan de doodlopende weg Marja, nummers 1 t/m 19.” Bron Heemkunde Renkum.

Marja
Mr. Izašk Everts B. Hzn Evers, advocaat, procureur en wethouder van de gemeente Arnhem, woonde van 1903 tot zijn dood (in 1916) in Villa Dotta te Oosterbeek. Een schilderij van de Renkumse kunstschilder Andries Verleur toont het pand, ook wel bekend als Villa Marja (Utrechtseweg 175, tegenover de J.J. Talsmalaan). Bron: Gelders Archief; 2898 Documentatie Renkum 2; 501

Uit 1893. In 1927 bewoont door S.J.G. Roes. De villa is een gemeentelijk monument.

"Het huis „Hemeldal" aan den Kneppelhoutweg, reeds in beslag genomen voor berging van verschillende voorwerpen, is overigens door zijn ligging minder geschikt om door een openbare dienst te worden gebruikt. Om al deze redenen hebben B. en W. uitgezien naar een gebouw, dat veel ruimte biedt en waarvan de prijs niet te hoog is. Zn' meenen dit te hebben gevonden in de villa „Marja", gelegen aan den Utrechtschenweg No. 175 te Oosterbeek met uitweg naar den Mariaweg, samen groot 55.05 are. De villa is gelegen dicht nabij de dichtbevolkte buurt Dreyen en in bet algemeen zůů, dat het huis niet te moeilijk door alle gemeentenaren te bereiken is. Het verdient opmerking, dat bij dit pand behalve het bijgebouw veel, terrein is, dat tevens vanaf den Mariaweg kan worden bereikt. Meer in het bijzonder met het oog op de behoeften van den dienst van publieke werken zitten hierin mogelijkheden, die te zijner tijd kunnen worden benut. De koopprijs ad ƒ 12.000 — waarvoor B. en W. de villa in handen hebben — is huns inziens niet hoog, al valt er rekening mede te houden, dat in het pand uit den aard der zaak het een en ander zal moeten gebeuren. Op grond van het vorenstaande stellen B. en W. den Raad voor tot aankoop over te gaan, behoudens goedkeuring van Ged. Staten". Uit de  Arnhemsche courant  24-10-1940

De burgemeester van Renkum maakt bekend, dat in verband met de inlevering van metalen de uitreiking van de persoonsbewijzen op de bureaux Utrechtscheweg 175 (Marja) te Oosterbeek en Kerkstraat 31 te Renkum met ingang van 21 Juli gedurende een tweetal weken zal worden opgeschort. Uit de Arnhemsche courant17-07-1941.

De inlevering van metalen kan plaats hebben te Oosterbeek in het gebouw „Marja", Utrechtscheweg 175. Uit de  Arnhemsche courant 01-08-1941.

Tegenwoordig 11 appartementen.
Huize MariŽnberg, Jhr. Nedermeijer van Rosenthalweg 16, Oosterbeek.

Het voormalig woonhuis van jhr. Ferdinand Wittewaal van Stoetwegen, burgemeester van Doorwerth (1904-1916).
Nu is er het Leo Kannerhuis (centrum voor autistische kinderen) gevestigd.
de Marienbergweg in Oosterbeek

"Mevrouw De Jonge geb. baronesse Van Wassenaer heeft den Marienbergweg te Oosterbeek in eigendom en onderhoud aan de gemeente aangeboden. B. en W. stellen den raad voor, deze aanbieding te aanvaarden". Uit de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 11-06-1927

MAriŽnbergweg Oosterbeek

Een uitsnede van een Kadaster hulpkaart uit 1927. Daar waar de Steenwinkel gebouwd wordt is het nog leeg, ter ontwikkeling. Het ingetekende huis is nu MariŽnbergweg 20 en 22. De BAG geeft van deze panden dienstjaar 1928. Maar met hulpkaart HK_OTB00_D_873.jpg uit 1925 is deze woning al te zien.

Marienbergweg Oosterbeek
Uitsnede van een kadasterhulpkaart dienstjaar 1938. Volgebouwd.
In 1929 woont  H. Kruithof, MariŽnbergweg 1
In 1940 gaat J. J. Kruithof, werktuigk., op de MariŽnbergweg 1 wonen
In 1944 woont  F. v. Embden, MariŽnbergweg 2
In 1942 woont mevr. W. K. J. de Wit, MariŽnbergweg 3
In 1930 woont de fam.  H. P. Penning - Veldhorst, MariŽnbergweg 5
In 1936 woont W. P. J. Gouda Quint—Engelsman, MariŽnbergweg 7
In 1936 woont  L. H. Wijnmalen, Handelsonderneming Roerlicht, MariŽnbergweg 9
In 1943 woont mevr. Dr. H.L.J. Schmidt, MariŽnbergweg 10
In 1930 woont de fam. Schwencke, MariŽnbergweg 12
In 1944 woont Grutzner, MariŽnbergweg 14
In 1934 woont de heer  H. I. L. Serlijn, MariŽnbergweg 16
In 1941 woont ing. H.A.M.C. Dibbits, MariŽnbergweg 16
In 1940 woont  fam. Mr. Treussart Ridder Van Rappard - Heere, MariŽnbergweg 17
In 1941 S. Bremer, huishoudster, MariŽnbergweg 17
In 1928 woont de familie E. Terwindt - Bollaers, MariŽnbergweg 18.
In 1931 gaat S. H. M. Smulders, als kinderjuffrouw wonen op MariŽnbergweg 18
In 1936 woont fam. Geist - de Greef, MariŽnbergweg 19
In 1942 woont fam. J.P. van der Flier - van IJsendijk, MariŽnbergweg 19
In 1933 woont de fam  v. Buuren, MariŽnbergweg 20
In 1937 betrekt C. W. Schuller, secretaris der residentie Benkoelen, MariŽnbergweg 20
In 1938 woont mevr. van der Sluis, MariŽnbergweg 20
In 1940 woont Mej. S. Hoeksma, MariŽnbergweg 20
In 1942 woont C. v. d. Sluis, MariŽnbergweg 20
In 1938 woont de fam. I. H. Overbeeke - Jongkees, MariŽnbergweg 21
In 1929 woont de uit NOI afkomstige A. Overbeeke, MariŽnbergweg 22
In 1931 gaat  A. Overbeek, wd. insp. van het inL onderwijs in het 8e ressort te Menado, Marienbergweg 22 met pensioen.
In 1935 woont woont M. Koenders, MariŽnbergweg 22
In 1935 woont Mevr. Hiebendaal, MariŽnbergweg 22
In 1941 woont de fam. Massink, MariŽnbergweg 22

"Wegens omstandigh. te koop aangeboden STUK BOUWTERREIN groot 1330 M2., prachtig gelegen aan Utrechtschen straatweg hoek MariŽnbergweg, Oosterbeek, a ƒ 5.50 p. M2. Br. onder no. 6737 bur. v. d. blad". Arnhemsche courant 01-06-1933

Marienbergweg Oosterbeek

Slechts ťťn huis heeft niet herstelbare oorlogsschade. Eind 1944 en begin 1945 werden meerdere woningen door Duitsers gebruikt om dwangarbeiders te huisvesten, voor het graven van loopgraven e.d. Tot 20 personen per woning. Welke woningen?

Marienbergweg Oosterbeek
Voormalig landgoed en tegenwoordig park MariŽndaal (park toegankelijk) Mariendaal ongenummerd, In Oosterbeek en Arnhem.  Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Villa MariŽndaal aan MariŽndaal 8-10 te Oosterbeek. Een gemeentelijk monument.
De MariŽndaalse Ossenweerd
Oosterbeek
Carte-van-de-Mariendaalse-Ossenweerd-door-Gijsbert-Verbeek-uit-aug-1738. De Oude Kerk in Oosterbeek is herkenbaar en de Nederrijn is er te noorden van.
Deze weerd, even oostelijk van het vroegere Rijnbad gelegen, zal waarschijnlijk als weideplaats voor ossen hebben gediend. Er wordt namelijk ook wel over Ossenkamp gesproken.
De verdwenen villa Margaretha, Dorpstraat 40, 6871 AM Renkum.

1884 - 2007.

Het adres was destijds de Dorpsstraat nr B10.

Margaretha Hisgis 1932
Uit deze schermprint van HisGis is de situatie van 1832 weer gegeven. Er staat dan al een huis in eigendom bij Geurt van Kraanen.

H. Roest: "Eerst komt het huis van een zoon van Van Kraanen met zijn vrouw. Zij hadden geen kinderen en Van Kraanen was naast landbouwer ook voerman -1886-. Later woonde er Ten Hoopen -1890- en nog weer later Pluim die vrachtrijder was op Wageningen -1890-. Later kwam er weer een vrachtrijder wonen -1930-. Mevrouw De Tiebroeck(?) heeft het verkocht -1936- en het is afgebroken waarna het open terrein werd".

Elders gevonden: Later woonde er Van de Hoef en toen zijn vrouw was overleden is het huis gekocht door mevrouw Le Maitre - Buse. Die heeft daar een villa gebouwd, die er nu (1970) nog staat. Deze villa is daarna een tijd verhuurd geweest aan mevrouw Henkemans.
Elders is te vinden dat in 1882-1884 Margaretha gebouwd door door de heer Buse, de vader van mw Le MaÓtre - Buse.

En bij Wes Beekhuizen is te lezen dat villa Margaretha gebouwd is in 1880.

Daarna kwam de heer B. Linn met zijn gezin. Hij was gasfabrikant uit Schoonhoven en mocht van de gemeente Renkum van 1 januari 1889 voor de volgende 40 jaar gas fabriceren en verkopen. Gas werd alleerst gebruikt voor de straatverlichting. Linn werd aldus de directeur van de gasfabriek aan de van Ingenweg. Iets later, in mei 1898 gaan Boudewijn Linn en Emilie Constance Linn-Vreede verhuizen van Schoonhoven naar de villa Margaretha. Mevrouw Linn - Vreede komt te overlijden op 15-08-1905. In 1909 gaat Richard H. Linn zijn vader als directeur van de gasfabriek opvolgen. Richard (16-01-1877 overleden 24-06-1961) begint in 1909 nog een handel in auto's voor IndiŽ, maar gaat binnen twee jaar alweer failliet. Later komen we Richard Linn weer tegen als hij  als kluizenaar in een woonwagen bij de Sint Pietersberg bij Maastricht bivakkeert.

Na het overlijden van de heer B. Linn op 22-10-1918 bleven zijn kinderen in villa Margaretha wonen. De jongste dochter was mej. Catharina Maria Constancia Linn, de onderwijzeres (juffrouw Kattespin" van de eerste klas van de Openbare School ) die in mei 1923 verhuisd naar Bennekom. Zij komt te overlijden in oktober 1940 en woont dan in Heelsum. Villa Margaretha wordt in 1919 aangeboden op een veiling:
Margaretha Renkum
Margaritha Renkum

Villa Margaretha dient anno 2002 als jongerenhuisvesting.

De projektontwikkelaar Van den Bosch wilde het slopen maar als gemeentemonument mocht dat niet. Margaretha kreeg in 1999 een positief advies van de gemeentelijke monumentencommissie uit 1999 en werd in 2000 aangewezen als gemeentelijk monument. B+W van Renkum gaven meermaals beloften om de villa te beschermen. De sloopplannen Van de Bosch maakten dat de gemeente het zelf maar kocht en bood Van den Bosch elders in de gemeente de mogelijkheid een woonappartementencomplex te bouwen.
Villa Margaretha Renkum

Sinds 2011 staat er ondanks de monumentenstatus toch nieuwbouw en geeft Siza er op de bovenverdieping de mogelijkheid om er begeleid te wonen. Op de beganegrond is er een woonwinkel.
Villa Marjo, Utrechtseweg 175 Oosterbeek. Gebouwd in 1890.
Villa Martha, Utrechtseweg 89, Renkum.

Volgens de BAG gereedgekomen in 1911.
Kerk en villa hebben dezelfde architect: Reitsma. En zoals vaker reeds opgemerkt de BAG zit er weer naast. Hier een waarschijnlijk betere bron. In mei 1945 was het pand eigendom van 'de dames Molenkamp'. De dames waren niet direct van plan om terug te keren naar Renkum en vonden het beter dat de predikant van de Gereformeerde Kerk Renkum-Heelsum er ging wonen.
Villa Martina Heuvel, Klingelbeekschen weg te Oosterbeek, wordt in 1923 geveild. De villa bevat: beneden: 7 kamers, waarvan 2 en suite met serre, 2 keukens, bijkeuken, kelder, garage, stal en kippenloop, boven: 2 kamers en grooten zolder. De villa is voorzien van gas, waterleiding en electrisch licht. Aanvaarding bij de betaling der kooppenningen op 1 November 1923.
Villa Mathilda, Utrechtseweg te Oosterbeek. Rond 1954 was de heer J.F. van Engelenburg, de exploitant van een rusthuis voor Ouden van Dagen.
Voormalige villa Medan, Utrechtseweg 29, Heelsum

Op kavel Renkum C 1318 met dienstjaar 1886, is er nog geen bebouwing, anders dan aan de kant van de Bennekomseweg, te zien.

Uitzoeken:
Huize Orsoy te Heelsum. In 1927 bewoond door dhr. H. Tinssen

Verkoop villa de Hove Utrechtseweg 29 kad. Sectie C no. 2057 groot 21 are.
Oosterbeeksche Courant 09-09-1933

FAMILIE-PENSI0N VILLA „MEDAN”, HEELSUM; in Aug. nog disponibel een appartement (drie kamers met serre) zeer geschikt voor herstellenden en rustbehoevenden. Prima referentie. Mej. WYBBANDS. Uit de  De nieuwe courant van 29-06-1910.

Medan

Medan

Oosterbeeksche courant 06-05-1922: Heelsum: Verkoop inboedel Villa 'Medan'








Medan Heelsum

Orsoy
Buitengoed de Meihof, Oosterbeek,

waarschijnlijk Weverstraat 166 in het adresboek 1940 woont daar D.J. van der Ven, folklorist
Meihof
Voormalige Villa Meta, Dorpstraat 189 Renkum.

Zie ook kerken, bij pastorie Dorpsstraat.

Zie ook bij bierkelders.html

Het nieuwe logement de Bok, annex bierbrouwerij, bleef in het bezit van de familie Offenberg tot 1859, in welk jaar het bedrijf overgedaan werd aan H. H. Christiani, bierbrouwer te Renkum. In 1859 koopt H. H. Christiani, bierbrouwer (de Bok) te Renkum van de kerkvoogdij der Ned. Herv. Gem. nog een stukje Kosterijland ter grootte van 12 ŗ 15 roeden, gelegen naast de R.K. Kerk Deo Sacrum. Op dit terrein wordt dan in 1863 een nieuwe brouwerij (later ,,Meta", Dorpsstraat 189) gebouwd.

Naast Villa Meta was er een roggeveld waarvan de opbrengst rond 1896 regelmatig geveild werd en een inktfabriek.

In 1934 wordt villa Meta voor mevrouw Marmelstein - van Prehn, geveild.

Arnhemsche Courant 7 mei 1938 "Te huur te Renkum Huize Meta, gelegen aan den Veluwezoom en Rijksstraatweg, b.v. 6 kamers, badk., eetzaal, dienstb.k., keuken, bijk., serre, voorz. v. vaste wascht., centr. verw., water, gas, electra. Mooi gel. voor pension. Huurpr.  450 gulden p. jaar. Direct te aanv. Te bevr.: B. PEELEN, Renkum".

De bierkelders onder deze villa hebben in de oorlog dienst gedaan voor onderduikers en ze zijn tegenwoordig nog te bezoeken. Lees meer hier bij De Bok.

Villa Meta Renkum
Foto ca 1980 Collectie Annie Peelen Tonk, HGR

Renkum Bokkedijk herinrichting
Opbouw van de beekoever met het puin van villa Meta. Collectie Geep Peelen

Nieuwbouw Rijksweg 189 (a)
Bouwgereed Foto na 1972 Collectie Geep Peelen

Volgens de BAG werd de huidige nieuwbouw op de lokatie van Villa Meta betrokken in 1974.
Bierkelders villa Meta
Een van de kelders onder villa Meta.

Renkum Meta afbraak

De wasserij van Peelen liet de bestaande villa Meta na 1972 afbreken en bouwde er een loods met daarboven twee flats voor terug.

In 1972 is villa Meta afgebrand, de kelders daaronder bleven behouden. Er is toen een nieuw woonpand terug gebouwd. De Wasserij van Peelen is op dit terrein geŽindigd in 1997. Toen is de wasserij verplaatst naar de Industrieweg in Renkum. Sinds die tijd zijn de panden verhuurd geweest

Volgens de BAG werd de huidige nieuwbouw op de lokatie van Villa Meta betrokken in 1974.

Wasserij Peelen
Je hebt het dan over een loods met daarboven 2 flats aan de Utrechtstraatweg 189 en 189a.
Huize Mimosa, Utrechtseweg 98, Heelsum.

Volgens de BAG gebouwd in 1898. De Bekende Daisy Junius (1868 - 1951) heeft er gewoond tot haar overlijden.

De drie dames Junius evacueren in 1944 naar de gemeente Barneveld

Biografisch Woordenboek
Blog HGR
Mimosa Heelsum
Villa Molenbeke, Nieuweweg 35 Renkum.

De BAG geeft 1907 als zijnde het jaar waarin het pand gereed komt. Een verkopende makelaar noemt in 2015 als bouwjaar 1909.

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Villa Molenbeke (bron makelaar Blauwe Eik, Meern)
Villa Molenbeke, Lindelaan 4-6, Renkum, heeft enkele Jugendstil-details. Volgens de BAG betrokken in 1907.
Mon Desir, Annastraat 16 Oosterbeek. Gebouwd rond 1890.
Villa Mon Repos, Heelsum. In 1915-17 bewoont door Mej. M.H. Mees. Ook M.A. Mees woont in Heelsum
1910 Mees, Mej. M. H., Villa "Mon Repos", Heelsum, ook in 1909, 1913
Uiterwaard Monnikenweerd, Oosterbeek . Een onderdeel van voormalige Heerlijkheid Rosande. Een eerdere naam: Patersweerd. Deze waard (uiterwaard) bij de Nederrijn was in gebruik bij de kloosterlingen van MariŽndaal en behoorde tot het bezit van Rosande.
Verdwenen Villa Mon Sejour, destijds Utrechtschestraat 222, Oosterbeek
Mooi-land. Utrechtscheweg 425, Doorwerth.

Een ontwerp van architect G. Veenstra uit 1934.

Mooi-land is vernoemd naar het echtpaar Mooy-Lensvelt, de oude eigenaars van het terrein. De ideeen rond Mooi-land zijn er vanaf 1930, een tehuis voor doopsgezinde ouderen. In 1934 wordt benoemd: mw. A. C. M. A. Bisschop Boele, directrice „Mooiland". De bouw is klaar in 1936. Weer gesloopt in 2014-15.

Huize Mooiland
Mooi-land in 2012.

  Renkum DE BOUW VAN „MOOILAND". Werk vordert snel. De bouw van „Mooiland", het tehuis van Doopsgezinden en geestverwanten aan den Utrechtschen straatweg nabij de Kievitsdel, vordert thans in snel tempo. Voor een zeer groot deel is dit te danken aan de ideale wijze van werken. De samenwerking tusschen opdrachtgeefster, architect en aannemer, is juist zooals ze behoort te zijn, terwijl de organisatie bij de uitvoering van het werk voorbeeldig genoemd kan worden. Alles is er thans op ingesteld nog deze maand „dicht" te komen en het lijdt geen twijfel of dit zal inderdaad het geval zijn. Het gebouw is grootendeels onder de kap, terwijl gedeelten van het dak zelfs reeds van pannen zijn voorzien. Centrale verwarming en electrische leiding worden met bekwamen spoed aangelegd. Op 4 November hoopt men proef te stoken met de centrale verwarming, die voorzien is van een pompinstallatie. Men wil hiermede bereiken voor den a.s. winter de binnenbouw droog te hebben. Ongestoord zal den het intťrieur van het gebouw afgewerkt kunnen worden. In April moet het geheel worden opgeleverd. Wanneer het gebouw gereed zal zijn, komt de tuin aan de beurt, waarbij men dankbaar gebruik zal kunnen maken van hetgeen de natuur aan schoonheid schiep. Over enkele uithollingen komen dan rustieke bruggetjes. Het gebouwencomplex, thans in gebruik als directie- en aannemerskeet, zal worden ingerifcht tot theehuis, garage en werkplaats, in welke laatste lokaliteit de bewoners knutselwerk kunnen verrichten. In het midden van den achtergevel van het gebouw komen drie gebrandschilderde ramen. Het middelste raam zal Menno Simonsz voorstellen, terwijl het rechtsche raam de gesymboliseerde Christusfiguur en het linksche de bergrede te zien zullen geven. De geheele inrichting van het gebouw zal op moderne wijze geschieden. In de gezelschapskamers, de conversatiegehoorzaal, de kamers van de directrice, van huishoudster en van het personeel komen radio-installaties. Het klokketorentje wordt met rood koper bekleed en zal worden voorzien van een windvaan eveneens met een symboliek. Een electrische geluidsinstallatie zal dienen ten behoeve van verre wandelaars enz . Tenslotte kunnen we nog verklappen, dat de ontwerper, de heer J. W. Franken Jzn., architect B.N.A. te Velp, plannen heeft om het Noord-Westelijke keldergedeelte, dat men door de geaardheid van het terrein zeer gemakkelijk heeft verkregen, in te richten als een soort Raadskelder met biljarts, e.d. Uit de  Arnhemsche courant van 28-09-1935

Mooiland Doorwerth

De eerste steen werd gelegd door dhr. Postuma, oud-minster op 31 juli 1935. Het tehuis werd al in 1942, 1943 en 1944 gevorderd door de Duitse bezetter. Steeds werd van een gebruik afgezien. Op 17 september is men getuige van de luchtlandingen en na anderhalve dag zit men midden in de gevechten. Als op 1 oktober 1944 de gehele gemeente moet evacueren, laat men Mooi-land en de bewoners van de er in de buurt gelegen woningen ongemoeid. In de tuin van Mooi-land, bij het groen huisje nesteld zich een Hermann GŲring-divisie van zo'n 100 erg jonge, vrijwel altijd dronken, soldaten. In de kelder van Mooiland was de veldkeuken. Water werd geleverd door de pomp van de "Pelshoeve" en bakker Crum uit Heelsum leverde vers brood. Uiteindelijke moeten de bwoners op 21-22 en 23 oktober 1944 toch evacueren. Met een Rode Kruis bus eerst naar Ede en enkele dagen later naar De Bilt, Een paar dagen na de ontruiming werd Mooi-land het domein van de NSDAP. Duiters gebruikten Mooi-land om opgepakte mensen er onder te brengen, die moesten helpen met het graven van loopgraven, onderkomens en stellingen ten noorden en oosten van de Nederrijn. O.a, op de Boersberg, de Noordberg. Zo werd het "Lager Mooi-land, een verhaal hierover.

Mooi-land

Na het mislukken van de Slag om Arnhem werd een groot gedeelte van de Veluwezoom tussen Arnhem en Tiel op last van de Duitse bezetter worden geŽvacueerd. De Duitsers vermoedden dat de Geallieerden opnieuw een aanval over de Nederrijn zouden uitvoeren. Omdat te bemoeilijken werd er een reusachtig stellingen-systeem aangelegd, met loopgraven, geschutsopstellingen, mitrailleursnesten en mijnenvelden. Ook de Grebbelinie werd weer ingericht. Zoals gebruikelijk werden daarvoor dwangarbeiders gebruikt. Deze mannen werden ondergebracht in kampen. Een daarvan was het doopsgezinde bejaardenhuis Mooi-land, waarvan de bewoners in oktober 1944 hadden moeten evacueren. De naam Scharnhorst werd gebruikt om een groepje Mooi-landers aan te duiden.

Engelse en Amerikaanse militairen verkenden de Doorwerthse hellingen. Soms vonden de  schanswerkers een blikje cola aan in de loopgraaf, als ze die ‘s ochtends weer betraden. Met dank aan de verkenners.

Op 15 maart 1945, in de nacht, is Mooi-land door de bezetter en de dwangarbeiders verlaten. Wat wisten de Duitsers? De datum is 9 dagen voordat de geallieerde operatie "Plunder" begint.

In februari 1945 beginnen de gealieerden het Rijnland offensief en in het kader hiervan verlieten de schanswerkers het huis op 15 maart 1945, op mars richting de Achterhoek. Eind mei 1945 treft de directie een desolaat tehuis aan. Weer en wind hadden vrij spel. Als een bewoner van de Kerklaan in Doorwerth, eind mei, zijn huis bezoekt, fiets hij langs Mooi-Land. "Daar zaten Engelsen in. Op het plantsoen voor het huis stond het vol met kanonnen, jeeps en andere voertuigen." Na de Engelsen kwamen in mei 1945 de Canadezen en zij bleven er tot 31 december 1945. Het bestuur kon fl. 75.000 lenen van de Algemene Doopsgezinde SociŽteit om een het tehuis weer bewoonbaar te maken. Er kwam geld van de molest-verzekenring en van een landelijke schade-uitkering. De toewijzing van bouwmaterialen komt begin 1946 op gang. In november 1946 wordt Mooi-land opgeleverd en daarna trekken de bewoners er druppels gewijs, weer in. Op 5 januari 1947 volgt de officiŽle heropening. (lees meer in het boek van Leloux, Kroniek van Mooi-land uit 1986).
Mooi-land

In 1951-1952 wordt het tehuis uitgebreid met de Noord-vleugel.

Mooiland

Mooi-land Doorwerth

Mooi-land

De laatste eigenaar: Vilente, verhuisde de bewoners in 2011 naar het nieuwe verzorgingshuis De Sonnenberg in Oosterbeek. Daarna viel de beslissing tot sloop. De sloop was eind 2015 klaar. In de lente 2017 waren de laatste resten geruimd. Welke bestemming het schoon gemaakte terrein gaat krijgen is nog onduidelijk. Voorlopig lijkt het er op: terug naar de natuur.

groene huisje Mooi-land
Zelfs in 2015 staan er nog "groene huisjes" op Mooi-land.

Er was in 2015 nog een groen huisje, geheel aan de Noordzijde aan het eind van de rechter personeelsingang. Kennelijk gebruikt als opslag, en kantine voor de groen-werkers.
Mooi-Land tehuis
Begin 2018 wordt duidelijk dat Vilente er opvangplekken en een groot kantoor gaat bouwen.
De Nederhof, een Eltens goed te Renkum rond 1300-1400 in erfpacht gegeven aan het O.L. Vrouweklooster in Renkum.
Er was ook een Overhof.
De Nieuweweg in Renkum.

Een straat met veel geschiedenis. Meerdere kloosters, scholen, tehuizen, verzorgingcentra zijn in deze straat aanwezig geweest.
Lees de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Nieuwland's Dauw, Oosterbeek. Andere namen: Waldfrieden was er van 1850 tot 1908. Daarna heette het de Johannahoeve van 1908 tot 1945, en daarna Nieuw Vrijland. Zie bij Vrijland
Herenhuis: „Nihil Sine Labore", destijds Graaf van Rechterenweg 6 te Oosterbeek, wordt in 1925 geveild. Bevattende 15 vertrekken, met zeer grote tuin met vruchtboomen en vruchtencultures, groot ongeveer 84 Are.
Nol in 't bosch. Hartenseweg 60, Wageningen.

Sinds 1836 ligt idyllisch verscholen in een prachtig stuk natuur nabij Wageningen een huis, met erf, land en een laan met opgaande bomen. Alles in eigendom van Anthonie van Rijn, een Wageningse touwslager. Van Rijn verkoopt de boerderij in 1856 aan de boswachter Arnoldus (Nol) Gerritsen. Nol gaat zelf aan de oostzijde van de Hartenseweg wonen. En begint met de bouw van een herberg die in de volksmond al snel “Nol in 't Bosch” genoemd werd.
Zie verder bij hotels, cafť s.
De verdwenen boerderij Nooit Gedacht. Renkum. Bennekomseweg 164 Renkum. Lees meer bij boerderijen.
De Noordberg bij Heelsum. Vanaf de Noordberg heb je een mooi uitzicht over de uiterwaarden, de Nederrijn en de Betuwe.

Noordberg Doorwerth Heelsum

Noordberg Heelsum Doorwerth
Er is een verhaal dat Rembrandt een tekening van de drie eiken op de Noordberg gemaakt heeft. De anschtkaart hiervoven verwijst daar naar. Op de iets latere ansicht rond 1915  hieronder zie je de nieuwe aanplant.

Noordberg Doorwerth Heelsum
 
De Noordberg heeft al een lange geschiedenis die begint in het Saalien tijdperk, zeg zo'n 170.00 jaar V.C, Daardoor wordt de stuwwal gevormd. De Noordberg wordt aan de westzijde begrenst door de Heelsummerbeek. Die beek is nu nog over van een groot water en moerassengebied tot aan de Hoge Veluwe. De Sandr van Wolfheze is er nog een restant van, kennelijk is er een relatie tussen de Sandr en de Noordberg, want de Noordberg is een zandbank met een andere samenstelling dan de stuwwal. Aan de Oostzijde ligt de stuwwal met de Boersberg, Sinds 1972 doorsneden door de A50 autoweg. In vroegere tijden had de Noordberg een andere naam: de Oortberg. In 1843-44 schilderde Bilders zijn "Landscap bij de Oortberg". Van 1401 tot ergens 1800 stond er op de Oortberg een galg. Behorende bij de Heerijkheid Doorwerth. Er is niet zoveel over bekend. Doorwerth zelf is er al voor 1401, maar in 1401 wordt Doorwerth een leen van Gelre. En bij een leen horen rechten, heerlijke rechten, dus ook rechtspraak. De Heerlijkheid eindigt met de komst van de Fransen in 1795. Door Libertť, ťgalitť, fraternitť worden adelijke extra's afgeschaft. En daarmee ook de galg. Neem aan dat de galg nooit gebruikt is. De Fransen maken waarschijnlijk wel een schans op de Oortberg. De aarden wallen hiervan zijn nog steeds zichtbaar. Ga je heden ten dage op de galgenheuvel staan, dan heb je een bijzonder uitzicht.

Fonteinallee galg Doorwerth
De locatie van de galg was op het kleine heuveltje waar je tegenaan zou lopen. Niet zichtbaar, links van het heuveltje een zitbank met uitzicht over de uiterwaarden en Nederrijn..
Kijk naar het oosten. Er zijn twee voetpaden. Een pad gaat in een rechte lijn naar het Kerkje op de Heuvel in Heelsum, de andere gaat in een rechte lijn naar het Kasteel. De rechte lijn wordt alleen onderbroken om de stuwwal af te komen en bij het Kasteel is er de dijk, die ook niet

Doorwerth Fonteinalle Noordberg

 recht is. Je ziet het voor je, de veroordeelde mocht eerst nog naar de Kerk, terwijl de richter, de heer van Doorwerth en gasten vanaf het Kasteel komen.

Noordberg en omgeving
bron: http://www.topotijdreis.nl/ 1925

Het is de Fonteinallee die over de Noordberg gaat en dan met een knik door de Jufferswaard naar Renkum gaat. In het beekdal is een voetbrug, op de plek waar vroeger het "vishek" was. Bij De N225 is er een viaduct en daarna kom je tussen huisnummer 126 - 128 op de Utrechtseweg te Renkum uit. Sinds de herstelwerkzaamheden van de Jufferswaard in 2015 is het voetpad zeer modderig. Het uitzichtpunt op de Noordberg was tot 2016 een prima locatie om het zwart-witte zwanen trio te bekijken.

Boulevard de la TrťmoÔlle.

Op deze kaart is de Fonteinallee een breed pad. Sommige bomen staan er nog. Op de kaart hierboven het stuk van de Utrechtseweg en de Noordberg. Formeel begint aan de Utrechtseweg de Fonteinallee, gaat dan over de Noordberg, langs het Kasteel, tot aan de oude Tol in Heveadorp. Het lijkt me onmogelijk dat een doorgaande openbare weg uit de Middeleeuwen particuliere grond wordt, maar in Renkum is veel te regelen. Het stukje Fonteinallee tussen de Utrechtseweg in Renkum en de N225 is particulier eigendom. Soms wordt het afgesloten met een hek. En is het schuurtje nu een woning geworden?

Zie ook de Duno, waar de Noordberg aan grenst.
Huize de Notenhof, Dorpstraat 169 te Renkum. Volgens de BAG gebouwd in 1925. Notenhof Renkum
Villa Nova, A 68, later Benedendorpsweg, Oosterbeek.

Als Jan Kneppelhout bij de aanleg van een vijver op de Hemelsche Berg, de villa Lucienheuvel afbreekt komt de Amsterdamse bankier J.Fock die op LuciŽnheuvel woont zonder woning. Fock bouwt dan ook aan de overzijde van de Benedendorpsweg een villa, Villa Nova.

Villa Nova
Nova = E 272 Dienstjaar 1863, uitsnede van grotere kaart.
Ooit bewoond bewoond door de familie Fock.

Rond de eeuwwisseling woonde G.C. Lombaers er ('particulier'). W. Rakhorst was in dienst als koetsier.

Overleden op 9 mei 1914 Anna Dorothea Frederika Frowein (61); de weduwe van
K.A.F.J. Pliester. Ze woonde toen in de villa Nova. Oosterbeekse Courant 16-05-1914

Villa Nova
Dienstjaar 1925. Villa Nova = 645, aan de overkant van de Benedendorpsweg is de vijver van de Hemelse berg te zien.
 
Later werd Nova villa Dennenoord. Dennenoord werd na de oorlog tot 1967 gebruikt door In Nederlanders.
Het voormalige Huize Nuova, Nieuweweg, destijds  'afgepaald langs den Molenweg of Kerkelaan'.

Gebouwd als 'Huis in het veld'. 1856-1890. Dit huis gebouwd door Jansen was ook langs de achterkant te bereiken; via wat nu 'Onder de Bomen' heet, langs de opgang van het huidige kerkhof. Die opgang bestond al voor 1905, maar het terrein werd pas in 1908 door de gemeente aangekocht om het oude kerkhof uit te breiden. In 1862 een nieuwe eigenaar: de heer Antonij Lodewijk van der Moolen uit Renkum, geboren te Amsterdam. Na het overlijden van de heer van der Moolen verkoopt de weduwe het huis in 1890. Het huis, schuur, erf en enige percelen bouwland, samen groot 1 hectare, 65 are en 15 centiare, worden verkocht aan de heer Jan Marie Bernhard Beuker, fabrikant wonende te Amsterdam. Met de koop is een bedrag van
f 5.200,- gemoeid. Waarschijnlijk voor de verkoopster een tegenvallende opbrengst, slechts de helft van de prijs waarvoor haar man het huis en de grond had gekocht. Het zal te maken hebben met de algemene prijsdalingen aan het eind van de negentiende eeuw. Met de komst van de heer Beuker naar Renkum, begint voor het dorp een nieuwe episode: de vestiging van de moderne papierindustrie.

En dan wordt het nu onduidelijk. Het Kadaster tekende in 1896 in de boeken aan dat de heer Beuker het huis dat hij in 1890 had kocht, in 1896 liet slopen en er een nieuw huis stichtte. Dat lijkt plausibel, de vorm van villa Nuova is immers heel anders dan de rechthoekige villa Veldheim. Nu kan sloop bij het Kadaster ook een verbouwing betekenen, en ik neem dan nu maar aan dat Villa Veldheim een voortzetting van Huize Nuova is.

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Het verdwenen Huize Ommershof hoek Oranjeweg, graaf van Rechterenweg, Oosterbeek.

Het buitenhuis "Ommershof", is gebouwd door mr. Hendrik Hester Constantijn Castendijk in 1913. Mr. Hendrik Hester Constantijn Castendijk (1864 - 1935). Directeur der Standaard Hypotheekbank N.V.; voorz. van den Raad v. Beroep voor de Directe Belastingen; Ridder in de orde v. d. Ned. Leeuw. Fikse oorlogsschade (4th Parachute Brigade) in 1944. Gesloopt. In de nabijheid stond het in 1950 gesloopte huis Felixoord. Op dit terrein werd in 1948 het Vegetarisch centrum gebouwd.

In 2011 verscheen er een boekje over 'De zeer schone uren: Oosterbeek 1944: dagboek van Bob Castendijk, 1 september - 6 november' uitgegeven door door Uitgeverij Kontrast, Oosterbeek.
Ommershof opname G.R. Castendijk 1943
Villa Op Den Heuvel, Prins Bernhardweg 4, Oosterbeek.
Openbare Lagere School 1, Weverstraat, Oosterbeek. gebouwd in 1863, verwoest in 1944
Landgoed de Oorsprong in Oosterbeek.  Lees meer over de Hoge en Lage Oorsprong
Oosterbeeksche Sanitatsmilch-Stal,  (ingang Villa „Elfriede")
Voormalig landgoed en villa Oostereng, Keijenbergseweg 2, 6704 PJ Wageningen.
Meer over landgoederen op de landgoederen website 
voormalige villa Oosterhoogte, Utrechtseweg, Oosterbeek

Bouwjaar ca 1875, gebouwd door architect Kerkelťe.

Oosterhoogte stond er volgens de kadastrale registers in 1878 al (‘huis, koetshuis en erf’). Of het toen ook al die naam droeg, is niet duidelijk.

"Het huis Rosande nabij de Beukenlaan, is, na de dood van Gravin A. J. D. van Rechteren, omstreeks 1875 afgebroken ; de tuinmanswoning bleef echter nog intact. De afbraak van het herenhuis is, naar verteld is, benut voor de bouw van de villa „Oosterhoogte- aan de Utr.weg (no. 81). Deze villa werd in 1944 verwoest en is thans vervangen door een nieuwe woning" Demoed

Oosterhoogte
"De Notaris C. F. TROOST, te Arnhem zal op Dingsdag 23 April en 7 Mei 1861, des avonds ten 6 ure in het Logement het Zwijnshoofd te Arnhem, in het openbaar veilen en zonder beraad verkoopen : Een alleraangenaamst gelegen HUIS en TUIN , aan den Straatweg onder Oosterbeek, genaamd Oosterhoogte , groot circa 4' 2 Roede. H
et HUIS , geheel nieuw en soliede gebouwd , bevat MARMEREN GANG, 7 KAMERS, (waaronder 2 SUITES elk van 2 Kamers) KEUKEN, BIJKEUKEN, KELDER, ruimen ZOLDER, POMP en verdere GEMAKKEN. Dadelijk te aanvaarden en dagelijks te zien , waartoe men zich vervoege bij den Heer KERKOIRLEE, naast evengezegd Huis". Uit de Arnhemsche courant 11-04-1861

In de Arnhmsche courant van 1868 wordt een offerte gevraagd: "Verfwerk Aanbesteding. Op Maandag den 27sten Januarij 1868, des voormiddags ten 11 ure van het Logement Rosande en het huis Oosterhoogte aan den Utrechtschen Straatweg te Oosterbeek". Kennelijk ťťn eigenaar.

1870: "TE OOSTERBEEK, op Oosterhoogte, zijn APARTEMENTEN verkrijgbaar, ook bijzonder geschikt voor eene groote familie. Men adressere zich bij Mejufvrouw C. VAN KERCKOIRLE , geb. WEENINK".
Oosterhoogte

"Oosterbeek. TE KOOP, wegens sterfgeval, de Villa „Oosterhoogte" met Koetshuis en Stalling voor 2 Paarden en grooten Tuin met Koepel en Prieel, gelegen op het mooiste punt van den Utrechtsehen straatweg te Oosterbeek met uitzicht op den Rijn. Het Huis bevat: 8 Kamers, Balconkamer, Meidenkamer en 2 Keukens. Dadelijk te aanvaarden. Te bevragen bij Notaris KARSEBOOM" Uit  Het nieuws van den dag : kleine courant 19-03-1894

Daarna zien we advertenties voor de pension verhuur. In 1902 komt Oosterhoogte weer te koop.

Oosterhoogte

Het pand wordt vermeld op de oorlogschade kaart en is afgebroken.

Uit de kadastrale registers kan worden herleid dat achtereenvolgens eigenaar waren:
-1887: Jan Derk baron van Wassenaer (en cons.), wonende te Barneveld.
1887-1891: Jacobus Geerlings (koopman te Oosterbeek) en Catharina Weenink,
1891-1903: De Knokke van der Meulen, student in de rechten, Oosterbeek.
1903-1924: Coenraad Alexander Prins, luitenant-kolonel der Marechaussee,
Vanaf 1924: Gusta Elize Prins (dochter van Coenraad), zonder beroep, Oosterbeek.
Vanaf 1931: mej. G.E. Prins.

Bronnen: ‘Oosterbeek in oude ansichten’, deel 2, H.C.J. Erkens.
S&H Heemkunde Renkum 2003 nr 2.
Oosterpark, Utrechtseweg 218, Oosterbeek.

Gekocht door van Eeghen in 1866 op de hoek van de Utrechtse en de Paasberg (de tegenwoordige Pietersbergse weg onstond rond 1860). Een andere bewoner was Cornelia Teresia Maria Elisabeth Schade (1873 - 1933), dochter van een Amsterdamse wijnhandelaar C.M.F Schade, die zich in 1884 vestigde op Oosterpark. Het huis was toen nieuw gebouwd, ter vervanging van een uit 1847 daterend ouder gebouw op deze locatie. Demoed: pagina 289, beschrijft dat Oosterpark in 1953 dan dient als pastorie van de Hervormde Kerk. C.M.F. Schade was in 1878 reeds eigenaar geworden van het naast Oosterpark gelegen Westerpark. Beide villa's bleven eigendom van de familie Schade tot 1941. Toen werden Oosterpark en Westerpark verkocht aan de gemeente Renkum. Oosterpark staat er nog en Westerpark is gesloopt ten behoeve van de voormalige Goede Herder Kerk in 1952.
Oosterbeek Oosterpark
Villa Op de Hoogte, Utrechtse Straatweg 133 Oosterbeek

Een verhuisbericht voor BB, zie hiernaast. Geen grap, want W.D.J. van Meeteren Brouwer gaat er wel wonen.
Op de Hoogte Oosterbeek
Uit: L'union fraternelle; weekblad voor vrijmetselaars, no 12, 24-03-1917
Villa Opheem, Bloemenlaan 2 Heelsum. Zie Wilhelminapark Heelsum.
Oranje Nassau Oord staat formeel in de gemeente Wageningen, maar de ingang gaat tegenwoordig via Renkum. Onderdeel van het landgoed de Corthenberg

Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Otium I, later Rijnheuvel, Pietersbergseweg 52, Oosterbeek.

Wanneer is Otium nu gebouwd:
In de BAG wordt dienstjaar 1830 genoemd? Nu in 2021 is dit veranderd in 1863?
In het boek Oosterbeek, Doorwerth, Heelsum en Renkum in de negentiende eeuw van H. Romers wordt 1847 als bouwjaar genoemd.
In het boek "Monumenten in Nederland". Gelderland; uit 2000 van –Sabine Broekhoven, Chris Kolman, Ben Olde Meierink, Ronald Stenvert en Marc Tenten wordt 1847 genoemd.

Op een Veldwerk van de landmeter uit 1849 toont het perceel van Jan van 's
Gravenweert. De eigenaar ging blijkbaar in dat jaar in bet nieuwe huis Otium wonen.
Pieterbergseweg 52 Oosterbeek
Aan de noordzijde de Pietersberg, aan de zuidzijde op kavel 804 Otium, tekening gemaakt in 1849

In 1844 verhuist Jan van 's Gravenweert van Den Haag naar Oosterbeek. Op welk adres
hij vervolgens de eerste drie jaar woont, is niet bekend. Hij koopt op 17 september 1847 twee stukken grond aan de Hazenakker, van Herman Otto van Beek, voor de prijs van f 1.500,--. Op deze grond laat hij een huis bouwen, en het geheel noemt hij Buitenplaats 'Otium'. Dit is Latijn voor 'Rust'. In 1869 verkoopt "Gravenweert huize Otium aan Christiaan Pieter van Eeghen. In de verkoop akte staat: Dat de Heer kooper zich verbindt aan de voormelde Buitenplaats eenen anderen naam te geven, aangezien de Heer verkooper, den naam Otium wenscht te geven aan een ander, door hem gekocht perceel te Oosterbeek". (zie meer in een artikel van Tini Wijnstekers, Schoutambt en Heerlijkheid, 2001 nr 4.)

In 1869 werd het gekocht door Lodewijk Heldring. Heldring geeft Otium dan een nieuwe naam: Rijnheuvel. ’s Gravenweert verhuisd naar de Utrechtseweg en noemt zijn huis aldaar ook weer Otium (zie hieronder Otium II)

Lodewijk Heldring was een zoon van dominee Ottho Gerhard Heldring (1804-1876). De goede werken van dominee Heldring werden ondersteund door: jhr. mr. J.A. Singendonck, jhr. E.W. van Weede, C.P. van Eeghen, mr. J.F. van Lennep, J. HCzn. Voorhoeve, ds. D. Chantepie de la Saussaye, mr. A.J. van Beeck Calkoen en mr. Robert.W. Baron van Lijnden. O.G. Heldring was samen met Christianus Petrus Eliza Robidť van der Aa uitgever van: De Volksbode in Amsterdam. Allemaal namen voor een Oosterbeeks wie kent wie.

Rijnheuvel Oosterbeek


Lodewijk Heldring (1852-1923), was o.a. Nederlands-Hervormd predikant in Amsterdam en was gehuwd met Geertruida Margaretha van Eeghen (1851-1941), dochter van Christiaan Pieter van Eeghen, die aan de overkant van de straat op de Pietersberg woonde. De familie Heldring-  van Eeghen had ook een huis aan de Herengracht te Amsterdam

Pierre DaniŽl Chantepie de la Saussaye (zoon van Chantepie de la Saussaye, hierboven) bewoonde nog enige jaren de villa “Rijnheuvel”, bij Heldring.

Na Louis Heldring woonde zijn zoon Johannes Carel Hendrik Heldring (1890 - 1962) er vele jaren. Gehuwd met Elisabeth Maria Talma en van beroep directeur Curacaosche Handel-maatschappij te Amsterdam. De latere Ceteco. Hun dochter: Margot Heldring maakt een doopvont voor de Goede Herderkerk.

Rijnheuvel Oosterbeek

"Op den huize „Rijnheuvel" te Oosterbeek overleed de heer C. P. van Eeghen, emeritus predikant". uit de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant 28-07-1917

"Te Oosterbeek is op huize Rijnheuvel de emeritus Ned. Herv. predikant dr. L.J. Heldring, in den ouderdom van 71 jaar overleden". Provinciale Drentsche en Asser courant 02-03-1923

In 1935 vraagt mw. Heldring een hulp in de huishouding.

In september 1940 woont op Rijnheuvel de familie Heldring - Thompson.

"Mevrouw Heldring, Rijnheuvel, Oosterbeek, zoekt van 9 Juli—1 Sept. een flinke zelfst. hulp bij 3 kinderen van 9, 7 en 3 jaar. Intern of extern". Arnhemsche courant 9 juni 1950.

Rijnheuvel Oosterbeek

Het landhuis is een gemeentelijk monument. (bron)

St Heemkunde Renkum over Otium.
St Heemkunde Renkum over de Pietersberg.
St Heemkunde Renkum over de Goede Herderkerk
Heldring wikipedia
Otium II, tegenwoordig adres Utrechtseweg 162 Oosterbeek.
Oudere naam: Alida's Hof.

Het huis huis werd in 1854 'in aanbouw staande' gekocht door de heer Jonathan BonhŲff (1795-1867). Het pand kocht hij van Gerlach Gerritsen, timmerman, en de grond en het erf van Dr. Salomon P. Scheltema, arts uit Arnhem, in totaal groot 28 roeden 70 ellen, voor een bedrag van f 4.500,--. Er moest een koetshuis voor twee rijtuigen bijgebouwd worden, tevens een 'waterleiding', en een 'riool', zoals dat in die tijd hoorde. Alle bouwvoorschriften voor binnen en buiten, staan in de koopakte van 1854. Het huis kreeg de naam van BŲnhoffs vrouw Alida. Mevr A.M BŲnhoff - van der Straaten beviel in 1856 van een zoon (bron Algemeen Handelsblad 02-07-1856) en in 1857 opnieuw van een zoon. "Op den 17den Junij 1867 overleed te Oosterbeek, bij Arnhem de Heer Jonathan BonhŲff, in ruim 71 jarigen leeftijd".(Algemeen Handelsblad 21-06-1867). In 1854 was er al een dochter geboren Alida Maria Adriana Louisa BŲnhoff. Jonathan BonhŲff geboren in Remscheid (D) was wijnkoper bij de Amsterdamse firma BŲnhoff en Noorduin. De jongste zoon werd later burgemeester van Tiel.

BŲnhoff

De weduwe Alida Maria BŲnhoff-van der Straaten verkoopt het pand aan Jan van 's Gravenweert, die nog op Otium woonde. In 1869 verkoopt van 's Gravenweert het huis 'Otium' aan de Pieterbergseweg (zie hierboven Otium I). Van 's Gravenweert verhuisd naar het bovendorp op de Utrechtseweg en noemde zijn nieuwe huis daar ook Otium.

Otium II is dan het woonhuis van de dichter en staatsraad, Mr. Jan van 's Gravenweert (1790-1870) Jan van 's Gravenweert bewoont het maar 10 maanden, want hij overlijdt op 29 maart 1870 om 11 uur 's morgens op 79-jarige leeftijd, ongehuwd, in zijn woning aan de Utrechtseweg.

Omdat er geen kinderen zijn vervalt Otium II aan Jacobus de Graaff, die van 's Gravenweert 30 jaar heeft geholpen en verzorgt. Jacobus de Graaff liet het huis, de inboedel en de planten in de tuin en uit de kas door middel van een veiling per opbod verkopen door notaris Elias Anthonij Romswinckel in Oosterbeek. De veiling van bloemen, planten, gereedschap en andere tuinbenodigdheden bracht f 317,50, De veiling van de inboedel op 27 juli 1870 bracht f 3.519,20 op. Het huis met alle bijbehorende gebouwen en grond werd op 30 juni 1870 verkocht aan de heer N.S. Koning, arts, wonende in Oosterbeek, voor een bedrag van f10.500,--. Het geld van deze veilingen werd daaraanvolgend verdeeld onder de erfgenamen, waaronder enkele neven en nichten. Jacobus de Graaf overlijd in 1875 en hij wordt bijgezet in de grafkelder van Van 's Gravenweert. Dit graf is een Rijksmonument.

Otium Oosterbeek

De koper gaat Otium II verbouwen.
"Aanbestedingen: Oosterbeek, 30 Jan. Het verbouwen van een Woonhuis op de buitenplaats "Otium”, gelegen aan den Utrechtschen straatweg aldaar". Het vaderland 26-01-1871 Zelfde krant enkele dagen later: "de verbouwing van het Woonhuis op de buitenplaats Otium, aan den Utrechtschen straatweg, H. Hooijer, Oosterbeek, ƒ4444;30".
Otium Oosterbeek
kadasterkaart gemaakt in 1872. Het kavelnummer 2009. Otium met koetshuis

Later komt het weer te koop.
"Openbare Verkooping der Villa OTIUM, te Oosterbeek. De Notaris J. KARSEBOOM, gevestigd te Oosterbeek. zal, na bekomen rechterlijke machtiging, in de maand October dezes jaars in het Openbaar Veilen en Verkoopen: De Villa OTIUM, gelegen aan den Utrechtschenstraatweg te Oosterbeek, tegenover het Buitengoed de Dennenkamp, met Koetshuis, Stalling en grooten Tuin, Kadaster Sectie D. No. 2009 en 2213, te zamen groot 59 Aren, 45 Centiaren. De Villa bestaat uit Sousterrain, zijnde Keuken, Mangelkamer, Badkamer, open en gesloten Kelder en Bergplaatsen, daarboven eene Suite van 2 Kamers en een Koepelkamer, benevens 2 Kamers, Spreekkamertje en Marmeren gang, op de 2e verdieping 5 Kamers, Bad- en Provisiekamer en voorts grooten Zolder met Dienstbodenkamer en Vliering. Het Huis is voorts voorzien van Marmeren Schoorsteenmantels en alle gemakken en de Tuin van vele Vruchtboomen. Aangeslagen in de grondlasten over 1892 met ƒ 58.07. De Verkoop geschiedt in 6 perceelen, combinatien en massa". Uit: Het nieuws van den dag; 04-10-1892.

Algemeen Handelsblad 1905: "Villa „Otium" Utrechtse Straatweg, te Oosterbeek. Bevr. bij Not. J. Karseboom, te Oosterbeek".

In 1923 komt de heer mr. Anthonij Cornelis Lagerweij, gehuwd met L.M. van Cleef, op Otium te overlijden. Het adres is dan Utrechtse Straatweg B 121

Otium Oosterbeek

Een foto van Otium op de Utrechtseweg geplaatst in een artikel van de begraafplaats Fangmanweg. De foto lijkt gemaakt te zijn van uit de tuin van landgoed Dennekamp.

Uit de tekst van het artikel: N.S. Koning verhuisde van Vredehof in 1872 naar de villa Otium waar Jan van 's Gravenweert voor zijn dood had gewoond.
woning Ottoweg 1, Heelsum

In 1921 begint W.P. Swaab als huisarts een praktijk aan de Ottoweg 1 in Heelsum. Tenminste dan wordt hij vermeld in het telefoonboek.

Als huisarts nam hij afscheid in juli 1962.
Swaab
De Oude Tol, Utrechtseweg, Doorwerth. Stond op de Utrechtseweg, net voorbij de Wolfhezerweg aan de linkerkant, als je van Oosterbeek naar Renkum gaat.
Voormalige villa Overdal, Utrechtschen Straatweg no. 121 Oosterbeek.

Het bejaarden- verzorgings- verpleeg- tehuis Overdal aan de Lebretweg 2 is in 1971 er voor in de plaats gekomen. Dat is in 2021 al weer gesloopt.

Na de eeuwwisseling komt het in handen van de familie Bax. Na 1945 wordt er door de kruidenier G.W. van de Kraats een winkel in gevestigd, daar zijn pand aan de Boven-Weverstraat verwoest was.

Bewijs van eigendom voor den Heer G.W. v.d. Kraats, wonende te Oosterbeek, van de villa "Overdal", met erf en tuin aan den Utrechtschen Straatweg no. 121 hoek Lebretweg te Oosterbeek, 26 september 1945

Heemkunde Renkum

Overdal Oosterbeek
De Overhof, een Paderborns goed te Renkum, in erfpacht gegeven aan het O.L. Vrouweklooster in Renkum. Er was ook een Nederhof. Zie bij Kerken
Villa Overweide, Utrechtseweg 123 te Renkum.

Na een veiling in 1930 werd Villa Overweide de residentie van de dominees die in Renkum en omstreken  werkten, maar op een gegeven moment was er leegstand en verkrotte het. Het werd nog enige tijd anti-kraak bewoond en de Diaconie der Nederlandse Hervormde Gemeente zette het pand in de verkoop in 2005 en dan worden opeens ook bomen gerooid. In 2010 beleefde het huis haar laatste wapenfeit. In de Nederlandse speelfilm 'De Eetclub'. Het huis werd voor de film gecontroleerd in brand gestoken. Er komen plannen voor veel appartementen geheel tegen de zin van de omwonenden. Volgens de BAG (2017) zijn de huidige adressen Utrechtseweg 123, 125 geschikt voor 7 apartementen en worden deze voor het eerst bewoond in 2011. Jammer dus. In 2011 staat het oude pand gewoon te verkrotten. In 2016 worden er opnieuw enthousiast bomen gerooid. In 2017 verschijnen er "te koop" borden voor 3 villa's.

 Renkum Overweide
Renkum Overweide
In 2019 verschijnt er een nieuwwoonhuis op dit adres
Voormalig tehuis De Overstap, Oranjeweg, Oosterbeek

Een ondereel van de J.P. Heijestichting.

Overstap
 In „De Overstap” waren van eind 1953 ruim 30 meisjes woonachtig onder toezicht: acht hunner zijn in betrekking voor dag en nacht, de anderen in dagbetrekking.

Advertentie uit 1978.



Voormalig landgoed buitenplaats, Huize Overzicht, Overzicht 90, Oosterbeek.
Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Verzorgingsflat "de Paasberg" te Oosterbeek

Architecten: G. Bruins en A. van der Zoo de Jong naar een ontwerp van 1958 of eerder.
zie Bouwkundig Weekblad uit 1958, nummer 33 pagina 403-406
Papendal, Oosterbeek, tegenwoordig gemeente Arnhem.
Voormalige papiermolen Het Fortuin te Heelsum, te zien op kaarten rond 1870. Lees hier meer over bij de pagina over molens.
Huize de Parre, Benedendorpsweg, Oosterbeek
Andere naam Betuwe Zicht

In huize de Parre woonde Jan Joost Christiaan Gaijmans gehuwd met Joanna Aleida de Wolff van Westerode. J.J.C Gaijmans was de zoon van oud burgemeester van Arnhem Derk Gaijmans die ook de Westerbouwing tot zijn bezittingen mocht rekenen.

Parre
1924


De schilder J.W. Bilders heeft er gewoond van 1880 tot 1890 met zijn echtgenote:Maria Philippina van Bosse.

De Parre
Huize de Par (de Parre), ten oosten naast Breman de smid. Op de foto heet het huis Betuwe-Zicht

Paula Stichting Oosterbeek

De Paula is aan de noordkant ingang Nico Bovenweg, Aan de zuidzijde is het voormalige Dreierheide goed te zien inclusief de nieuwbouw aan de Graaf van Rechterenweg.
In 1966 kwamen op de Paula de nonnen van de Congregatie der Kleine Zusters van de Heilige Jozef. De nonnen waren naast anderen werkzaam op de Paula Stichting, tot 1980. En de nonnen verbleven op Dreierheide. Het tehuis begon als een tehuis voor ongehuwde moeders. Later werd het een "Blijf van m'n lijf" instelling. De zusters vertrokken in 1984. In 2018 wordt de omgeving ingelicht over de verbouwplannen naar een woonwijkje.
Voormalig huize Pena Rima, Oosterbeek.

Uit de landkaart van Isašc van Geelkercken blijkt dat in 1660 op deze plaats het huis van Hendrik Aalberts stond. Ook op de pre-kadastrale kaart van 1818 en de kadastrale kaart van 1832 staat dit huis vermeld. Volgens HisGis is in 1832 Koendert Aalbers, landbouwer,
eigenaar van het pand. Mogelijk is hij een directe afstammeling van de Aalberts die er in 1660
woonde. “Pena Rima” is echter vooral bekend geworden als het huis waar de Oosterbeekse
landschapschilder Frederik Hendrik Hendriks van 1845-1860 woonde. In 1874 zien we een koffiehuis onder de naam “Hotel en Cafť Pena Rima”, met als eigenaar Jacoba van Lil. In 1881 verkoopt zij “Pena Rima” aan jonkheer Rudolph Isašc Teding van Berkhout, die sinds
1866 als notaris was gevestigd aan de Roggestraat in Arnhem.
Na zijn dood wordt het pand geveild. In de advertentie staat het huis omschreven als: “Eene dubbele villa, genaamd Pena Rima, alleraangenaamst gelegen te Oosterbeek aan het benedengedeelte van de Weverstraat, bestaande uit twee aan elkaar gebouwde huizen…”. De dubbele villa wordt
aangekocht door Christiaan Poppenk, tuinman van “Overzicht”, die er tot zijn dood in 1915 zou
wonen. In de periode dat Poppenk in “Pena Rima” woonde, werd er ook een gedeelte verhuurd, onder andere aan Theunis van Rijn, die hier van 1896 tot 1900 de eerste vestiging had van drogisterij Van Rijn, Weverstraat 75, Oosterbeek.
De Pelshoeve, Utrechtsche straatweg 433, Heelsum

Nijmegen: W.V. Sieben en vrouw, bedr.leider, Groenewoudsche weg 300, verhuisd in april 1932 naar Heelsum de Pelshoeve.

T. Sieben, de Pelshoeve, Utr.str.w. 433, Heelsum telefoon 257 in 1935
Pelshoeve
Landgoed en villa de Pietersberg, Oosterbeek Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Landgoed de Plaggenleg, Bennekomseweg, Renkum Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Landgoed Planken Wambuis, een prachtig bos in het grensgebied tussen Renkum en Ede.
Huis Post en Enk, Middenlaan 56, Heveadorp

Post en Enk werd gebouwd rond 1915-1916 (in de BAG staat 1917) samen met soortgelijke woningen (o.a. De Zaaier, De Vreugd, De Vrede) door  Dirk Frans Wilhelmi (1877 – 1936) Scheffer t.b.v. personeel van de Heveafabriek.
Bewoning vanaf ca. 1930 Fam. Wernsen sr. later mevr. Wernsen van Tol tot 1961.

Vanaf 1968 tot 1981 de letterkundige, schrijfer, dichter Cees.J. Kelk, Amsterdam 28-08-1901 - Heveadorp 25-12-1981. Zijn archief is in het Letterkundig Museum. link

bron: Wikimedia
Post en Enk Heveadorp
Voormalige Postkantoor Oosterbeek.

Aan de Annastraat tussen hoek Lukassenpad en Postpad schuin tegenover het Jagerspad.

Naar een ontwerp uit 1954 van de architecten: Chr.J. Cramer en W.J. Gerretsen. Klaar in 1960

Postkantoor Oosterbeek
Het stond te koop in 2010.
Postkantoor Oosterbeek

  Sinds 2019 een gemeentelijk monument.
Postkantoor Oosterbeek
Postkantoor Renkum.

De Renkumse post valt tot 1882 onder Wageningen en er is aanvankelijk slechts een hulppostkanttoor.
Renkum hulppostkantoor in 1880
postkantoor nr 1

In 1882 komt het voormalige hulp postkantoor in de verkoop en dhr. Buse van huize Rijnzicht was er als de kippen bij. Het werd verbouwd tot koetshuis en woning voor de koetsier. Uiteindelijk werd dit het pand rond 1900 afgebroken en vervangen door een wat meer moderne woning die heel lang beschikbaar is gebleven voor het personeel van het huis. Deze lokaties zijn allemaal aan de oostelijke kant van Rijnzicht.
twee postkantoren Renkum
postkantoor nr 2 (rechts, het witte gebouw) en 3 (links)

Na de verkoop van het hulppostkantoor wordt er een ander postkantoor gebouwd, volgens de BAG in 1899 betrokken. Dit zou dus fout kunnen zijn, in Renkum kent de BAG bijzonder veel fouten. Vermoedelijk dus gebouwd in 1881-2. Dat voormalige postkantoor staat er nu nog, maar heeft intussen wel meerdere functies gehad. Het adres is Achterdorpsstraat 3 Renkum. Op de foto is dit voormalige postkantoor te zien, het witte gebouw, achter het latere postkantoor.

Als het postkantoor verhuisd naar de nieuwbouw uit 1911, dan wordt  het pand aan de  Achterdorpsstraat een politiebureau. later een politiepost en hulpkantoor van de gemeente Renkum. Er is een woning boven de kantoren op de beganegrond.

Het laatste Renkumse postkantoor (nummer 3) is uit 1911, volgens de BAG. Oorspronkelijk was er een markant torentje, dat is verdwenen.

Het postkantoor nummer 3 verdween rond 2000, tegenwoordig is er een post-balie in de Bruna-winkel.

In 2011 begint er een restaurant Oude Post.
Renkum postkantoor met torentje
In de periode 1882 tot en met 1884 was Johannes A. Bloemsma de eerste post- en telegraafdirecteur in Renkum. In 1884 wordt J.D. Doorman er directeur.

Renkum postkantoor met tramrails

Oude Post Renkum
Landgoed Quadenoord, Renkum zie hier meer over Quadenoord
Quatre Bras, Stationsweg 2, Oosterbeek.

Gebouwd in 1883.
quatre bras
Huize Ravenstein, Stationsweg 5 te Oosterbeek.

In 1927 bewoont door  Mr. E. van Beusekom. Een gemeentelijk monument.
Rond 1943 bewoond door J.B Scheltema.
Villa Rechteren, Utrechtseweg 70, Oosterbeek

VERHUISD: J. T. M. STUYT, ARTS, van Utrechtseweg 133, Oosterbeek, naar Utrechtseweg 70, Oosterbeek,  Arnhemsche courant 23-09-1952

Enighenburg Rechteren
Rechteren
De voormalige villa Redichem te Renkum, Oud adres Rijksstraatweg, later Utrechtsestraatweg 128 (1934) De voormalige villa Redichem te Renkum, Oud adres Rijksstraatweg, later Utrechtsestraatweg 128 (1934)

Gebouwd in 1863 op de plek van de oude herberg De Bock. De bouwer was de heer H. W. Leygraaf, eigenaar van de bierbrouwerij "de Bok" aan de overzijde van de weg. Later kreeg het huis de naam 'Redichem'. (Aan de noordzijde van de weg lag hier een zgn. overtuin, waar de beek haar weg zocht. Van het water van deze beek werd gebruik gemaakt om enige fraaie waterpartijen aan te leggen. De tuin zal wellicht eerst ca. 1900 zijn aangelegd.) H.W. Leygraaf komt te overlijden rond 1878. De inboedelveiling van de overledene is op 25-4-1878. Rond 1881 is Redichem bewoont door de familie Reijmer. In 1910 is Redichem bewoont door  G.H. Reijmer. In 1915 bewoont door G.H. Reijmer, de steenfabrikant, en zijn echtgenote Arnolda Hermina van Wijck, dochter van de steenfabrikant Richardus van Wijck.
"Op een kaart van de Mofft, in 1649 getekend door Nicolaas en Arnoldus van Geelkerck, is te zien dat zich op het dan reeds voormalige kloosterterrein, in  de binnenbocht van de omgelegde beek, een "papiermuhl" bevindt, ter hoogte van het latere huis "Redichem" aan de Dorpsstraat". Bron.

Redichem

Redichem
Rechts Huize Redichem, links Beekhuizen, in het midden midden Huis Tondano


Redichem
Huize Redichem rond 1920
Redichem
Huize Redichem rechts op de voorgrond, ansicht gelopen 1904

"Redichem was een zeer ruime villa met aan de zuidzijde een serre die, voor zover ze niet uit glas bestond, bijzonder kunstzinnig met schilderwerk van bloemranken e.d. versierd was. De familie Reymer besteedde echter niet alleen veel zorg aan het interieur van haar woning, ook aan de tuinen werden geen kosten gespaard. Ik spreek hier van tuinen want aan de overkant van de straat was een aparte tuin aangelegd, waar de beek in een sierlijke boog door heen stroomde. Die overtuin herbergde een grote verscheidenheid van zeer bijzondere planten, struiken en bomen, er stonden rustieke banken, er waren rotspartijen en bloemperken en vooral in de zomer leek het daar een kleine lusthof. De tuin rond de villa zelf mocht eveneens gezien worden. Grote kastanjebomen, allerlei sierstruiken en rozenperken trof men daar aan, er was een geheel begroeide scheiding tussen die tuin en het huis en daarachter lag de moestuin die ook veel vruchtbomen bevatte. Zelfs het koetshuis, staande aan de zuidzijde van de tuin, was zodanig uitgevoerd dat het niet detoneerde in de fraaie entourage van huize Redichem. Uit de aanwezigheid van dat koetshuis blijkt al dat de familie Reymer er een eigen gerij op na hield. Ik herinner mij dat Meurs, die in de Achterdorpstraat woonde, koetsier was bij huize Redichem en dat de tuin verzorgd werd door de oude Kopjansen die even verder aan de overzijde van de straat woonde in een huisje dat ver terug was gebouwd. Is er iets overgebleven van deze groene toegangspoort tot Renkum? Ja, ťťn boom rest ons nog van de vroegere weelde. Het is, ironisch genoeg, de treurwilg die in de overtuin van huize Redichem domineerde en die bij de rigoureuze veranderingen die voor de nieuwe Rijksweg nodig waren, alle geweld van buldozers en wegenwalsen heeft weerstaan". (bron Beekhuizen, Groen was mijn dorp. bldz 29)

Achtereenvolgende eigenaren tot xx: Gerhardus Henricus Reijmer, steenfabrikant uit Renkum (tot 1919); Anthonie Hulshuizen, landbouwer uit Renkum; Carel Roosen, assistent Deli Batavia Mij uit Renkum; Anthonie Mulder, zonder beroep uit Den Haag; Theodorus Wilhelmus Gunsing, bedrijfsleider uit Renkum; Gemeente Renkum; Paulus Johannes Anthonie Campman, hotelhouder uit Renkum; Sientje Cornelia Maters, (Bokkedijk 2) P.G.E.M.; Johann Peter Gogarn, arts uit Renkum; Verkeer en Waterstaat; NV van Gelder Zonen, Amsterdam. Elders vind ik andere eigenaren: Eerste bewoner was de heer Leijgraaf. Johann Peter Gogarn, arts uit Renkum was de laatste. Verwoest in de WWII. De resten hebben er nog lang gestaan, ivm met de geplande aanleg van de N225.

Renkum Redichem
Redichem had een overtuin. De straatweg liep tussen de tuin en het huis door.
Huize Reeborch, Hartensteinlaan 5, Oosterbeek

gebouwd in 1938
Architect Rochus de Jong
Reeborch Oosterbeek
Luchtfoto van Renkum uit 1927

Wat valt op: Linksonder aan de zuidzijde van de Dorpsstraat staan nog enkele boerderijen. Er was nog geen supermarkt, je verbouwde alles zelf. Tegenwoordig staat er een supermarkt.. Rechts onder: Van Gelder Papier. Er is nog geen Caecilialaan (tegenwoordig Fabrieksstraat), schuin tegenover de Nieuweweg.
Renkum 1927
Herstellingsoord Renkum, Hartenscheweg Renkum.
Het Renkums beekdal. De periode tussen de laatste en voorlaatste ijstijd heeft veel ijs doen smelten en al dat water heeft het het Renkums Beekdal ontstaan. In vroeger tijden werden verschillende plekken van het Beekdal door de mens gebruikt voor landbouw. Het gehucht Harten had er zijn plek. Aan vers beekwater geen gebrek en ver genoeg van een steeds overstromende Nederrijn. De beken dienden later voor de vele watermolens. Lees hier meer over bij de pagina over molens. Eerst graan, raapzaadolie, papier en rubber werd hier gemaakt. Na het verwijderen van het industrieterrein is er nu weer ruimte voor de natuur. Uit een onderzoek in 2013 van de Rekenkamer Oost-Nederland blijkt dat voor de ontwikkeling van natuur in het Renkums Beekdal bijna vier miljoen euro meer is uitgegeven dan begroot. Totale kosten tot dat moment 39 miljoen. De overschrijding is het gevolg van hogere kosten om de bedrijven in het gebied uit te kopen. Te bezoeken vanaf de Bennekomseweg, vanaf de Nieuwe Keijenbergseweg 174, de doorsnijdende Hartenseweg, de Beukenlaan, parkeren bij nr 52 en de doorsnijdende Kortenburg. Er is een bezoekerscentrum genaamd Renkums Beekdal.
Renkums Veer (1796 -1973 en 2015 tot heden)

De Renkumse Meent of Mark was het ongeveer 20 ha. grote weidegebied ten zuiden van de
Dorpsstraat. De weg door de meent was de Veerweg, vroeger ook Meentweg geheten. De
aanlegplaats voor schuiten aan de Meentweg gaf problemen. Daarom werd in 1845 besloten
om de kop van de Meentweg op te hogen en daarbij een pakhuis te bouwen. Bovendien
werd besloten om tevens een woning aan het pakhuis te bouwen. Zo werd het pakhuis de
grondslag voor een veerhuis. De naam veerhuis is later ingeburgerd. Jan Bol uit Heteren
onderhield al jaren met een roeiboot een veerdienst tussen de beide Rijnoevers. Hij vroeg en
kreeg in 1862 toestemming om in het vervolg aldaar met een pont te mogen aanleggen,
zodat karren en rijtuigen beter overgebracht konden worden. Vooral hierna heeft de naam
veerhuis zijn intrede gedaan.
In 1903 brandde het oude veerhuis met pakhuis geheel af.
Herbouw volgde datzelfde jaar nog. Enkele decennia geleden werd het veerhuis afgebroken.
Door de aanleg van de A50 (brug over de Nederrijn) verdween de pont. Er was overigens al in de
10e eeuw in Renkum, toen Redichem geheten, sprake van een voetveertje.

Lees meer bij de HGR over het Renkums veer.

Sinds 2015 vaart er van medio april tot in de herst een pontje het Renkumse Veer.

Wikipedia.
In de Renkumse Poort komen bos, beekdal en de uiterwaarden van de Nederrijn bij Renkum samen.
Het heuvelachtige gebied is een mooi voorbeeld van geslaagd natuurbeheer. Het voormalige industrieterrein Beukenlaan is in 2013 omgetoverd tot een ecologische verbinding tussen de Oostvaardersplassen, Veluwe, uiterwaarden aan de Nederrijn, het Renkums beekdal, de Gelderse Poort (de streek waarin de Rijn zich vertakt in Waal, Nederrijn en IJssel, oa. Ooypolder) en het Duitse Reichswald. Zo kunnen edelherten nu van de Veluwe naar de Nederrijn lopen. Het Renkums Beekdal is een van de belangrijkste dalen op de Zuid Veluwe. Het beekdal is in de voorlaatste ijstijd gevormd, toen smeltwater het huidige beekdal naar de Nederrijn uitschuurde. Al vroeg werd er in het beekdal gegraven om het water te kunnen gebruiken voor de landbouw (Harten) en in later tijd als waterkracht voor watermolens. Met deze watermolens ontstond een vroeg 'industrieterrein' voor de verwerking van graan, raapzaadolie en later papier, uiteindelijk uitmondend in het industrieterrein Beukenlaan. Er stonden grote fabrieken van Van Gelder, later Parenco, Vredestein.
2009: De realisatie van de ecologische verbindingszone tussen het centraal Veluws natuurgebied en het Rijndal is een stuk dichterbij gekomen. De Dienst Landelijk Gebied heeft ook met het laatste bedrijf op industrieterrein Beukenlaan, bouwmarkt Wessels, overeenstemming bereikt over verplaatsing. Dit industrieterrein in het Renkums Beekdal kan nu worden omgevormd tot natuurgebied. Er ontstaat hierdoor een prachtige verbinding tussen de natuur op de Veluwe en de natuur langs de Rijn. Gedeputeerde Keereweer is zeer positief: "De aankoop van dit laatste bedrijf is een belangrijke mijlpaal. Niets staat nu het herstel van het Renkums beekdal nog in de weg." (bron)

Vier eigenaren van de gronden in het Renkums Beekdal hebben in 2011 de handen ineengeslagen. Zij hebben gezamenlijk een visie gemaakt waarin zij een bijdrage willen leveren aan het Renkums Beekdal en daarmee aan de Renkumse Poort. Zo zal de natte natuur langs de beek, worden omgevormd naar beekdalgraslanden. Je hebt het dan ook over het zuidelijke gedeelte, het stuk onder het voormalige kasteel Grunsfoort, tot aan de Rijksweg N225. Vernam van een van de beheerders dat men in 2017 gaat beginnen.
Rehoboth, Koninginnelaan, Heelsum.

In 1883 was er behoeft aan een grotere en betere school in Heelsum-Doorwerth. Dat kwam er in de vorm van het nog steeds bestaande gebouw Rehoboth. In 1938 ging Rehoboth van de Burgelijke gemeente over naar de Kerkelijke gemeente. En kwam het in handen van de toenmalige Nederlands - Hervormde gemeente.
De oorlogsschade werd in 1948 hersteld en werd het gebouw ingericht als verenigingsgebouw onder architect J. Grypma. In 1996 is het gebouw opnieuw gerestaureerd en aangepast aan de eisen van de tijd.

Rehoboth
 J.E. van  Renessehuis op de J. P. Heyestichting, Oosterbeek

Naar een ontwerrp van G. Bruins in 1968. (foto hiernaast)

Het J.E. van Renessehuis op J.P. Heijestichting kende waarschijnlijk meerdere gebouwen. Het ging als het J.E. van Renessehuis op de J.P. Heijestichting open in 1961.

In juni 2012 zijn het Renessehuis, het Spreeuwenest en de Grasdakschool gesloopt.
JP Heye Oosterbeek
Natuurgebied Reijerscamp in Wolfheze.

Op de Duitsekampweg eindigt op de Reyerskamp.

Twee mogelijkheden: De ‘Reijers-Camp’ is kennelijk zo genoemd naar de Gele Rijders in Arnhem die hier na 1861 een manege hadden. Nog een naam-herkomst: In 1822 start Otto Reijers in Wolfheze. In 1908 begon de directeur van de Van Houten's Cacaofabrieken, de heer Mesdag, met de ontwikkeling van de landgoederen tussen het Papendal (Arnhem) en de Buunderkamp).
 In 1909 begon een stoomploeg van de Heide Maatschappij met het afgraven en omspitten. Mesdag had ook ossen voor kleinere werkzaamheden. Tegenover station Wolfheze stond een schuur voor deze ossen. Rond 1917 zijn al 500 hectare omgetoverd in akkers en weilanden en zijn er twee  modelboerderijen (Johanna-Hoeve en Reijerscamp)

In 1917 werd meer bos en hei ontgonnen tot bouw- en weiland. In 1922 werd de stekker uit de modelboerderij Reijerscamp getrokken. De boerderijen bleven. Het gebied sluit aan op natuurgebied Planken Wambuis.
Op 17 september 1944 vond in dit gebied onder andere de landing plaats van honderden zweefvliegtuigen. Tijdens de Slag om Arnhem werden deze ingezet om troepen en materieel te vervoeren.

Aangekocht in 2002 door Natuurmonumenten en het als voormalig landbouwgebied wordt  ontwikkeld naar natuur, terug naar de situatie van 1895. Toen was dit gebied vooral hei en bos.

 In 2013 kwam het ecoduct over de A12 tot stand en is er een verbinding ontstaan tussen de Veluwe enerzijds en de uiterwaarden van de Nederrijn anderzijds. Begin met een koffie bij het Hotel de Buunderkamp en loop dan de achtertuin in naar het oosten. Ontwikkelingen.

In 2016
een nieuw natuurgebied van Natuurmonumenten.
Renkums Beekdal, grotendeels gemeente Wageningen.
Er zijn 40 tot 50 millioen euros uitgegeven om een gedeelte waar industrie gevestigd was, schoon te maken en terug te geven aan de natuur. 
Daardoor is het weer soort oud gletsjerdal dat nu weer in volle glorie te zien is.

De natuur is van Staatsbosbeheer, en veel goeds wordt gedaan door Renkums Beekdal
Rijnheuvel, (Otium) Oosterbeek, (Pieterbergseweg 52, Oosterbeek)

Gebouwd in 1846 voor Jan van ’s Gravenweert, die het de naam ‘Otium’ gaf. In 1869 werd het gekocht door Lois Heldring en zijn vrouw Geertruid van Eeghen, een dochter van de Amsterdamse bankier C.P. van Eeghen (eigenaar van Pietersberg). Sindsdien draagt het landhuis de naam `Rijnheuvel’.
Volgens het boek Monumenten in Nederland. Gelderland uit 2000 is landhuis Rijnheuvel (Pietersbergseweg 52) gebouwd in 1847 voor C.P. van Eeghen.
Volgens de BAG is het pand voor het eerst bewoond in 1830.
Huis Rijnoue - Rijnouwe, Benedendorpsweg te Oosterbeek

In 1914 trad Henriette in het huwelijk met de bijna tien jaar oudere advocaat jhr. Herman Laman Trip. Een jaar later vestigde het jonge paar zich te Oosterbeek.
De schrijfster HenriŽtte de Beaufort heeft er gewoond tussen 1921 en 1928. (Elsevier, 17 maart 1950).
In het adresboek Oosterbeek 1920 wordt de fam Laman Trip al genoemd op Benedendorp C99

Rijouwe
Op deze foto het echtpaar Wikkerink na hun huwelijk, voor villa Rijnouwe aan de Benedendorpsweg op 1928-10-18
In 1934 overlijdt er Johanna Hendrika Seegers, de weduwe van Gerardus Adrianus Reeskamp (1876-1931), ze is dan 59 jaar.

De familie Andrť de la Porte heeft gewoond volgens bron. Maar bij het gereconstrueerde bevolkings register is andere informatie te vinden.
G. Andrť de la Porte, Jagerskamp 22/Benedendorpsweg 140, Oosterbeek
Beroep: assuradeur/zonder beroep
Vestigings datum: 4/10-8-1926 Afkomstig uit Arnhem
Datum vertrek: 13-9-1941 Vertrokken naar Zeist
Deze data kloppen niet met het verblijf van HenriŽtte de Beaufort.

Verwoest op het einde van WWII. Huidig adres Benedendorpweg 100

Rijnouwe Oosterbeek
foto rond 1925 1928
Rijnzigt, Oosterbeek.

Zie ook Transvalia, Witte Poort
In 1850 woont er alleen in de zomer mr Hoeufft van Velzen.

Een familielid? mw. Sophia Isabella Hoeufft van Velzen (1846-1863) is begraven op de begraafplaats aan de Fangmanweg.

Als het logement ‘De Witte Poort’ van Kneppelhout is, verhuurde Kneppelhout het huisje aan mr. H. Hoeufft van Velzen, die het de naam ‘Rijnzicht’ gaf en er tot 1870 woonde. Is dit dezelfde Hoeufft van Velzen
Voormalig Huize Rijnzigt, Renkum

Waar:
Rijnzigt Renkum
In het geel, de straatnamen in 2021.
Bij www.topotijdreis.nl/ verschijnt huize Rijnzigt in 1870 en verdwijnt na 1957. De kaarten werden niet altijd goed bijgewerkt.

Rijnzigt Renkum
Rijnzigt, Dorpstraat 50 te Renkum,  zie het gedeelte over cafť's en hotels.
drie huizen aan de Ploegseweg te Oosterbeek: ‘Rietje’, ‘Roodje’ en ‘Blauwtje’, verwoest in 1944, ca. 1930 https://permalink.geldersarchief.nl/714D22F848FC40C28DEBABAF50498CC2
De Rietkapwoningen in Heveadorp. Zoals aan de Beeklaan 32 t/m 42, Centrumlaan 1 t/m 19 en 2 t/m 12, Noorderlaan 2 t/m 16 en aan de Zuiderlaan 1 t/m 7.
Villa Roestenburg, Pietersbergseweg 60 (vroeger nummer 44) Oosterbeek.

Gebouwd in 1920 in de dan modieuze Engelse architectuur stijl  in opdracht van de rozenkweker H. W. Teeuwsen. Na hem werd het bewoond door de oud- gouverneur van Suriname Jan Anne Aleid baron van Heemstra, die het huis sterk uitbreidde. Van Heemstra was gouverneur van 1921 tot 1928. Daarvoor was hij van 1910 tot 1920 burgemeester van Arnhem. Voorts is vermeldenswaard dat hij grootvader van Audrey Hepburn.
De bekende Brits-Nederlands-Belgische actrice Audrey Hepburn-Ruston, dochter van de Nederlandse barones Ella van Heemstra en de Brit Joseph Hepburn-Ruston, logeert in haar vroege jeugd geregeld bij haar opa en oma in Oosterbeek. Omdat de ouders van Audrey een slecht huwelijk hadden (ze scheidden toen ze 6 jaar oud was) werd Audrey, door haar Nederlandse familie Adriaantje genoemd, regelmatig in Oosterbeek gestald. Meer info: lees van Robert Matzen Dutch Girl: Audrey Hepburn and World War II (de Nederlandse vertaling, Het Nederlandse meisje).

Nog een link.
Roestenburg Oosterbeek
De Roggekamp, Doorwerthsetraat 1a Heelsum. Oud huisnummer: 1

In 1924 komt het bouwland, c.a. tussen de Koninginnelaan en de Doorwerthse straat, zijnde groot plm. 16 ha, aan Jan Swart  (1874 - 18 jan 1954) uit Rotterdam, welke voor zich de villa „Roggekamp" liet bouwen (Doorwerthse Straat 1).
De heer Swart werd daardoor tevens eigenaar van de boerderij de Zonnenberg.

Roggekamp Heelsum
Een veldwerktekening van het Kadaster uit 1924. Swart wordt hier al genoemd. Ook een perceel hakhout, aan de oostzijde is van Swart.Tegenwoordig staat daar de Doorwerthsestraat 3.

  Van 1924 tot 1954 bewoond door dhr. Jan Swart, bekend als raadslid in de gemeente Renkum. Hij was gehuwd met Regina Dorothea Oostenbroek en daarvoor met Wilhelmina Geertruida Hellemans. In Rotterdam was Swart directeur van de fa. Veder & Co., fabriek van scheepsbenodigdheden.
In 1992 wordt de kavel gesplitst en verschijnt er op de westhoek een nieuw pand met het adres Koninginnelaan 1. Het oude nummer 1 wordt dan 1a.

Roggekamp Doorwerth
rood = nieuwe situatie
Voormalig Kasteel Rosande in de Rosandepolder, Oosterbeek.
Lees meer over kasteel Rosande bij het gedeelte over buitens, landgoederen, Heerlijkheden
Het huis Rosande, Utrechtseweg 62, Oosterbeek.

Villa Rosande op de hoek van de Utrechtsestraat en de Beukenlaan is een ruim huis met grote tuin en een opvallend torentje met puntdak. Volgens de BAG oorspronkelijk bouwjaar 1900.

In 1917 gaat de familie Escher er met 5 kinderen wonen. In 1919 bewoond gaat zoon Maurits Escher naar Haarlem. De familie Escher woont nog tot 1927 op Rosande.

In 2017 wordt de kantoorvilla weer een woonhuis.
Rosande Oosterbeek
Villa Rozenhage aan de Benedendorpsweg 167, te Oosterbeek.

In “Rozenhage”, aan de Benedendorpsweg, een huis van Kneppelhout, kon het schildersechtpaar Bilders - van der Bosse zich vestigen. Bilders had zijn atelier in huis; Marie in het schuurtje in de tuin.
Uit 1850. Oa. bewoond door de schilder Johannes Warnardus Bilders (geboren te Utrecht 1811, overleden te Oosterbeek 1890). Een gemeentelijk monument.
Villa Rozenhage, Pietersbergseweg 30, Oosterbeek

In 1897 gebouwd in opdracht van E. Gerritsen door de aannemer De Geest.

Vermoedelijk eerst ťťn pand, later gesplitst.
Rozenhage Oosterbeek
villa Rozenhage, Dorpstraat 144, Renkum. Ouder adres Dorpsstraat 135

Rozenhage Renkum
uitgave E.R. Manasse rond 1930
In 1898 bouwt  de Hr. Spakler een villa en ging er zelf wonen. Dhr. Spakler was gehuwd met een dochter van de Heer Kamperdijk.

De villa staat er nog steeds. Het beste te bezien vanuit de parkeergarage van een supermarkt.
 Tegenwoordig bekend als de Garage van Delsink. Andere eigenaren: Johanna Wilhelmina Hoff-Hugenholz, Ludolphina Eelke Ploem-Pijnen, Jan Cornelis Koker, Johannes Christoffel Spakler, suikerfabrikant, Antonie Cornelis Beers, Willem Timmer, en daarna Delsink.
Garage Timmer Renkum

Rozenhage Renkum
Zo ziet de achterkant er uit. Opname vanaf de plek waar nu de N22 is, rond 1930
Voormalige villa Rozenhof, Patrimoniumweg 18 in Heelsum. Het joodse gezin Durlacher, vanuit Rotterdam ondergedoken in Bennekom, en daarna weer op zoek naar een ander onderduik adres, kon via mw Hermsen in 1943 - 1944 over een huis beschikken aan de Patrimoniumweg 18 in Heelsum. De Rozenhof stond wat achteraf, achter het terrein van dr.Visser tegenover de watertoren. Het huis en de watertoren zijn er niet meer.
Voormalige villa Ruimzicht, Benedendorpsweg, Oosterbeek Ruimzicht Oosterbeek
De notaris Karseboom te Oosterbeek bericht dat de Villa „RUIMZICHT" te Oosterbeek groot 8 are 55 centiare, ingezet en met 60 hoogen gebracht op f 4940.
Advertenties tussen 1941 en 1949.

RUST- EN HERST.OORD "De Rusthoek" Heelsum. Goede verz. en ruime kamers bij verpl. Ook echtp. Zrs. ten Hoedt van 't Hoff. Tel. 293: Haagsche Post 1941
Rusthoek
Villa Rusthof, Utrechtschestraatweg, Oosterbeek

Wattendorff, J.L.H.,
De Notaris KARSEBOOM te Oosterbeek bericht, dat de veiling van de Villa Rusthof, te Oosterbeek, geen voortgang zal hebben, als zjjnde uit de hand verkocht. Arnhemsche courant 1890.
Villa Rusthout, Oosterbeek, Dreyen.
Villa Saigon, Rijksstraatweg te Heelsum , in 1911 geveild door van de erven Mevr. Servaas.
Huize het Schild te Wolfheze

Het Schild Wolfheze
Het Schild I uit 1911.
Schild
Her Schild I met zijvleugels
Het Schild na WWII
Het Schild II uit 1950
Schild Wolfheze
Een wat latere foto, het personeel komt met de auto. De klimop heeft de gevel al vrijwel bedekt.

Het Schild Wolfheze
Het Schild III tegenwoordig.
Een bouwtekening van het Schild voor 1911.
Het Schildershuis, Utrechtseweg 117, Renkum.

De naam is waarschijnlijk geleend van de  kunstschilder en etser, Jan C. van der Ven (1896 - 1930), die hier tot 1930 gewoond heeft. Het pand is in de WWII behoorlijk beschadigd, doch is in de originele staat hersteld.
Schldershuis Renkum
"Kunst en Letteren Jan C. van der Ven. † Dr. Edward B. Koster schrijft ons: Maandagmiddag is in allen eenvoud, zooals kort gemeld, op het kleine kerkhof te Renkum Jan C. van der Ven begraven, de jonge veelbelovende schilder, die den 17de Juli op 34-jarigcn leeftijd is overleden. We vragen ons af, waarům dit jonge leven zoo vroeg moest.eindigen,'maar we kunnen niet anders dan ons buigen voor de macht van den onafwendbare*, en onverbiddelijken loop van de dingen in deze wereld. Onafwendbaar en onverbiddelijk? Ja, alleen daarom, omdat in dit ziektegeval ...sotne one has blundered". Wanneer tijdig gebeurd was, wat gebeuren moest, dan had misschien dit leven gered kunnen worden. Voor Pictura Veluvensis sprak de heer Ferwerda; voor Pulchri Studio de heer van Oosterzee. Nog kort geleden mocht ik eenigen tijd in zijn gastvrije woning, het Schildershuis, te Renkum doorbrengen, en kon daar getuige zijn van zijn werklust, en werkkracht: hij werkte zoo lang hij kon, hielp een feestelijkheid organiseeren, steunde een ander met raad en daad hij de inrichting van een kunstzaak. Hij was wel eens minder makkelijk en kon lang ln zichzelf verzonken zijn, maar dan kwam de lust tot arbeiden weer hoven; trouwens hij heeft het zelf niet makkelijk gehad in hel leven; hij heeft den nood gekend; hij heeft moeten vechten, vechten, zich hard inspannen, onverdroten moeite doen en moeilijkheden overwinnen, om te bereiken wat hij kon, en hij heeft veel bereikt, niet alleen als schilder, maar ook als etser en ontwerper. Nog op de onlangs gehouden tentoonstelling in de Korenbeurs te Arnhem muntten onder de bloemstukken de zijne uit, en -al hadden, vooral in den laatsten tijd, de bloemen zyn voorliefde, ook in andere genres als landschap; figuurstukken en portret, heeft hij goed, voldragen en weloverwogen werk gemaakt. Al moge zijn stille, gesloten, min of meer grŁbelnde natuur hem nu en dan in den weg gezeten hebben, juist diezelfde natuur deed hem zijn kunst opvatten als iets ernstigs, hoogs en voornaams, waarvoor geen inspanning en overdenking groot genoeg konden zijn. En zoo denk ik dan aan een van zijn laatste werken, het Levensraam, dat indertijd op de tentoonstelling van St. Lucas te Amsterdam zooveel aandacht trok en belangstelling wekte, en dat kort geleden ook in Arnhem en in den Haag (kunsthandel De Bron) is tentoongesteld geweest, waarop hij dc handen afbeeldde van een stervende, die al de fasen van zijn leven nog eenmaal voor het laatst voorbij zich ziet gaan, en het is me alsof hij met het scheppen van dit groote doek een voorgevoel heeft gehad van het naderend einde, en hij nog eenmaal wilde vastleggen wat hij in zijn kort bestaan, had gevoeld, gedacht, geleden en genoten. En al is dit leven kort geweest, het was welbesteed, en wij, de overlevenden, zullen de herinnering bewaren aan iemand, die werkte zoolang het dag was, aan een eenvoudig, bescheiden mensch, die naar het hoogste streefde en altijd trachtte het beste te geven dat hij geven kon". Uit  Het Vaderland: staat- en letterkundig nieuwsblad, 23-07-1930
Jan C. van de Ven was begraven op de begraafplaats Onder de Bomen. Zijn graf is helaas geruimd.
Villa Schoone Veldheuvel, later Veldheuvel, Utrechtsche weg 133 Oosterbeek. Was een periode een dependance van het Hemeldal.
Over het Hemeldal gaat dit gedeelte van de website
Voormalig hotel Schoonoord, Utrechtseweg Oosterbeek Rond 1857 was Schoonoord een buitengoed langs de Utrechtseweg en zou pas een twintigtal jaar later een bestemming als hotel krijgen. Lees verder bij hotels.
Villa SchoonZicht, Veerweg 2 - Benedendorpsweg 210. Oosterbeek
Oudere naam: De Groene Arend

Schoonzicht
1898

Schoonzicht
Schoon-zicht
op de foto is de wolkammerij achter Schoonzicht te zien vanaf de Veerweg.

Schoon-zicht
Schoonzicht, Nieuwe Stationsweg, Oosterbeek

C 1251
De Notaris N. Th. LADENIUS te Arnhem, zal op Dinsdag den 16en Augustus 1898 bij inzet, en veertien dagen later, zijnde Dinsdag den 30sten Augustus d. a. v. bij toeslag, telkens des namiddags ten 2 ure in het Cafť van den Heer VAN DER VELDEN te Oosterbeek, publiek Veilen en Verkoopen: De villa Schoonzicht gelegen aan den nieuwen Stationsweg te Oosterbeek, met fraaien Tuin , bevattende vele fijne VRUCHTBOOMEN, STEENEN KOEPEL, PRIEEL en BROEIBAK, kadastraal bekend Gemeente Oosterbeek Sectie C. No. 1251, Huis en Tuin groot 11 aren 89 centiaren. Het Huis bevattende beneden: 2 KAMERS en Suite, — met overdekte glazen WARANDA, waarboven BALCON, — daarachter 2 KAMERS, KEUKEN , BIJKEUKEN, KELDER en SCHUURTJE; boven : 2 GROOTE, 3 KLEINE KAMERS en ZOLDER, is vair velerlei GEMAKKEN voorzien en te bezichtigen des Woensdags van des morgens 10 tot 12 uur, mits bij den bewoner den Heer J. VAN BEEST belet vragende.
Villa Schoonzicht, Utrechtseweg, Oosterbeek

E 295  E 395
"De fraai gelegen, solide gebouwde en zeer goed onderhouden Villa „Schoonzicht", met grooten Tuin aan de Utrechtschestraat, E. No. 395 te Oosterbeek, tegenover het landgoed Dennenkamp, Sectie D, Nos. 3044 en 2952, samen groot 17 Aren, 25 Centiaren. Het Huis bevat: volledig Sousterrain, waarin: groote Kamer, Mangelkamer, verschillende Kelders en Bergplaatsen; gelijkvloers: ruime Suite, Zijkamer, Keuken en Gang met diverse Kasten; op de 1e verdieping: twee groote en ťťn kleine Voorkamer en twee Achterkamers en voorts Zolder met drie Kamertjes en is voorzien van vele gemakken. Te aanvaarden in eigen gebruik op 1 Augustus 1904. Te betalen: 1 October 1904".  Algemeen Handelsblad 26-06-1904
Schoonzicht, Weverstraat, Oosterbeek "Afloop van de veiling van Vaste Goederen, gehouden te Arnhem den 4 den Junij 1872. no. 8. Het buitentje Schoonzicht in de Weverstraat te Oosterbeek, ƒ 4631 slag opgehouden". Uit de Arnhemsche courant 06-06-1872
Hof te Seelbeeck, Heveadorp. In het begin van de 15de eeuw een leengoed van Kasteel Doorwerth. Geheel verdwenen. Bij de aanleg van twee vijvers (Elzepasje) bij de bron van de beek (ten noorden van de Oude Oosterbeekseweg) komen in 1907 de restanten van een hoeve met toren en ophaalbrug te voorschijn.  De restanten van de toren vormen nu een eilandje in de bovenste vijver. In het Elzepasje heeft een in 837 reeds vermelde woonburcht: Hof bij de Seelbeek gestaan. Genoemd wordt een schenking van een Hof aan de Seelbeek aan het klooster van Lorsch door ene Magofrid.
Selva Heelsum zie Wilhelminapark
Simple Villa later de Blauwe Spar, Dorpsstraat 171 te Renkum.

De grond is gekocht in 1872 door de hr. de Geurt Haas, die er ging bouwen. Oud kavel nummer in 1877 D 625, daarna D 665, 666 en 667. Bewoond volgens de BAG in 1875.

Al in 1878 wordt het huis met 5 kamers, tuin en vruchtbomen geveild door notaris Hondius te Wageningen. Ingezet op hfl 5200,- gehoogd naar hft 6100,-  In 1913 wordt Simple villa geveild (of getracht om te veilen) om te worden afgebroken.

In 1924 wordt het door voor de erven weduwe de Haas verkocht. Achterenvolgende eigenaren tot 1978: 1897 M.C. Mijnlieff, Geurt de Haas, steenfabrikant, Jan Albertus Leccius de Ridder, landbouwer, Agnes Namij Gijsbertha Leccius de Ridder uit N.O. IndiŽ, Hendrikus (Hein) Gerrit van Schuppen, Piet Nolen, agent in ijzerwaren, Petrus Johannes Henricus de Maar, scheepsbouwkundige, en Wilhelmina Adrie Gardinier.
Blauwe Spar Renkum
Rond 1938 had mw Mevr. A. v. Dijk er een pension. Het adres toen was: Rijksstraatweg 169, Renkum. Het pension heeft bestaan tot eind september, begin oktober 1944, toen alle gasten, maar ook de bewoners moesten evacueren van de Duitse bezettingsmacht. Hein Gerrit van Schuppen (1894-1977) die in 1949 in de Blauwe Spar is gaan wonen was een fervent amateur schilder en leerling van Hendrikus Alexander van Ingen. Van Schuppen is er gaan wonen met Maasje Doeze-Jager, zijn huishoudster. Van Schuppen onderhield nauwe banden met de ‘’Oosterbeekse school.’’ Het atelier bevond zich in de grote slaapkamer aan de voorkant op de eerste verdieping aan de oostkant van het pand, samen met een soort opkamertje dat achter deze werkruimte lag. Van Schuppen is op de Blauwe Spar blijven wonen tot aan zijn overlijden in 1977. Van Schuppen was een confectiehandelaar die oa damesmantels maakte. De fabriek van van Schuppen in Veenendaal is in 1975 gesloten, de vestigingen in Renkum en Leerdam waren al eerder gesloten.

Blauwe Spar Renkum
"Op maandag 23 januari 1978 en volgende dagen, telkens n.m. 19.00 uur zal in de villa "De Blauwe Spar", Dorpsstraat 171 te Renkum, de weled.gestr.heer Mr. A.N. Kersten, notaris te 'Wageningen. uit diverse nalatenschappen, publiek en contant worden verkocht, antieke en klassieke salon-, eetkamer-, kantoor-, hal- en kleinmeubelen, schilderijen, uitgebreide collectie Perzische tapijten, ant. klokken en pendules, waarbij A'dams staand horloge, ant porcelein, enz. Bovengenoemde villa gelegen op 3320 m 2 grond, is inmiddels te koop (eventueel te huur), te bevragen: Makelaarskantoor Stoel en Timmer".
Pension Simplex, C 97, Oosterbeek. Rond 1918 werd het pension gebruikt voor het interneren van Duitse krijgsgevangenen, een dependance  van het Duitse Kamp te Wolfheze.
Villa Silvia, Stationsweg 8, Oosterbeek
Voormalig slachthuis, Oude Oosterbeekseweg 2-4, Heveadorp

Gebouwd in de periode 1932-1933

slachthuis
slachthuis Heveadorp
Voormalig landgoed De Slenk, destijds Wolfheze, tegenwoordig Arnhem

Niet echt een landgoed.

De Slenk is een oude naam voor wat we nu kennen als Sportcentrum Papendal.
In het gebied van De Slenk verscheen rond 1905 een gebouw met twee functies. Er werd water gewonnen voor het landgoed en er werd electiciteit opgewekt om huizen en opstellen van licht te voorzien. De gebouwen in de Slenk werden gebruikt voor landbouwdoeleinden en gedeeltelijk ingericht als woonhuis voor boer C. Aalbers. De stenen van de boerderij zijn ter plekke gebakken. In 1966 is het landgoed in handen gekomen van de Nederlandse Sportfederatie.
Smederij J.M. Nijhuis, Vogelweg 28 te Oosterbeek De winkel van Smederij J.M. Nijhuis, Vogelweg 28 te Oosterbeek, gebouwd 1929-1930, ca. 1930-1935
Verdwenen Huize Soeterbeeck, Dorpsstraat 161, Renkum

Tegenwoordige huisnummers 159, 161 en 161A te Renkum. Naast 'Welgelegen' is een strook grond, en dan komt de zandweg (later de Nieuweweg genoemd) naar de Groenendaalseweg en de Kortenburg, gelegen op de lage gronden. Deze strook grond was van de Kortenburg, en hier kocht de Hr. Mijnlief een stuk grond, om een villa op te bouwen in 1878. Deze villa was voor hem zelf, en er kwam een koetshuis, stallen, orangerie, broeikassen en tuinerijen. Herkenbaar was de woning aan de grote halfronde oprijlaan. Achtereenvolgende eigenaren: Mauritz Mijnlieff, steenbakker (1890); wed. Johanna de Haas;  Maria Cornelia Mijnlieff, echtg. van Cornelis Hubers uit Baarn; Maria v.d. Kun, wed. Oscar Ignatius GabiŽl Edlen von Polbreich uit Renkum; Joseph Marie Graven, particulier uit Renkum (1930); Jan Ouwerkerk, hotelhouder uit Renkum; Cornelis Johannes LŲffelman, koopman uit Delden; Wed. van Bernharda  Maria Johanna Wientjes.
Het is wel duidelijk dat Johannes baron van Brakell (Wadenoyen en Doorwerth), geboren ‘s-Gravenhage 1908, overleden Arnhem 1952, er gewoond heeft. Hij woonde voordien op Huize Doorwerth. Johannes is begraven, hij werd slechts 44 jaar, op de Begraafplaats Mariahof aan de Groeneweg te Renkum.
Een zacht-gele villa, afgebroken begin jaren 70 van de vorige eeuw. De panden die nu op de Dorpsstraat 159 tot 161A staan zijn allemaal voor het eerst betrokken in 1972 of 1973. Op nr 159 staat tegenwoordig de hoekwoning Trust.

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Voormalig Huize Solbakken, aan de Utrechtseweg 63, hoek Patrimoniumweg te Heelsum.

Andere naam Zonneweelde.

Pannekoek
Lees meer over de familie Pannekoek in het boek van Marlies Medema: Het papieren paradijs

Behalve deze woning (Heidestein) stond even oostelijk daarvan ook een woning, het latere „Solbakken". Dit huis was de ouderlijke woning van de papiermakersfamilie Pannekoek, aan welke familie het reeds in de 18e eeuw behoorde. In 1859 komt het huis door koop uit handen van de gebr. Pannekoek aan Neuy Pannekoek, die toen ook in datzelfde jaar het tegenwoordige huis deed bouwen. De familie Pannekoek bleef dit huis bewonen tot 1885, toen het in eigendom overging aan N. J. F. Kamperdijk, toen reeds eigenaar van de er tegenover gelegen stoom-papierfabriek. Deze laatste heeft veel ter verbetering van het huis gedaan, en bracht het door verbouwing in de huidige vorm. In deze eeuw komt het na verloop in 1906 aan dhr. C. F. Frowein, die het huis de naam „Solbakken" gaf. Na diens dood wordt het in 1925 verkocht, en komt het nadien nog vele malen in andere handen". Bron Demoed pag 248.

Jammer, de jaren 1859 en 1885 zijn misschien niet met elkaar in overeenstemming.

Hisgis
situatie in 1832 (HisGis) met de woningen Heidestein en Solbakken in het rood. In het grijs en groen de BRT achtergrond (actueel) Een klein probleem: HisGis vermeld bij Heidestein: Renkum C54, Pieter van Kesteren, rentmeester te Renkum, 1760 m≤ huis en erf, klasse 1 belastbaar inkomen ƒ 4,93. En dit lijkt me te kloppen. Maar bij het latere Solbakken laat HisGis weten: Renkum C51, des Rijks Domeinen 210 m≤ huis en erf, klasse 1, belastbaar inkomen ƒ 0,59. Alle kavels in de directe omgeving zijn in 1832 van Rijks Domeinen. Alleen langs de Patrimoniumweg zie ik een kavel: Renkum C48, des Rijks; r.v.o. Pannekoek erven Nicolaas; r.v.e. id. Domeinen te Renkum 3190 m≤ hakhout klasse 2 belastbaar inkomen ƒ 1,91. Als dit klopt, dan waren de Pannekoeken slechts pachters

Solbakken
uit 1865

Conclusie het huis is door Pannekoek gebouwd in de 18de eeuw. Eerste huis afgebroken en nieuwbouw in 1859 door Kamperdijk.

Solbakken
1887 Kamperdijk

Nicolaas Johannes Franciscus  Kamperdijk  (1847-1923) was van 1871 tot aan zijn overlijden in 1884 de compagnon, zaken partner van Nicolaas Pannekoek Neuy Zn. In 1871 is Kamperdijk gehuwd met Johanna Josina van Bredehoff de Vicq (1846-1919)
Kamperdijk was de zoon van Nicolaas Kamperdijk. Vader was de architect van de reeds  verdwenen Hervormde kerk aan de Kerkstraat in Renkum, vernield in de laatste Wereldoorlog.

Na het overlijden van Nicolaas Pannekoek Neuy Zn in 1884 wordt de papierfabriek voortgezet door Kamperdijk en onder andere met zijn twee zoons onder de naam n.v. Koninklijke papierfabriek Heelsum voorheen Pannekoek en Co.

Vanaf 1890 was de heer Kamperdijk ook ambtenaar van de burgelijke stand en wethouder in de gemeente Renkum.

In 1895 huwt dochter F. Kamperdijk met J. C. Spakler Jr., zie Rozenhage in Renkum.

In 1902 wordt het huwelijk van zoon Nicolas Johannes Kamperdijk met Diderika Grada Geeertruida Maria de Haas, ten verzoeke van laatstgenoemde door echtscheiding ontbonden.

Na de verkoop van landgoed Kali-Maro ging het echtpaar Frowein-Wolterbeek hier wonen. Dit huis hadden zij in 1906 gekocht van de heer N.J.F. Kamperdijk, de Heelsumse papierfabrikant. Dan verschijnt ook voor het eerst de naam Solbakken.

Solbakken

Carl Frederik Frowein (1854-1921) was geboren in Arnhem. Frowein was gemeenteraadslid en had het correspondentschap Renkum-Oosterbeek van de Credietvereniging te Amsterdam anno 1853, gevestigd aan de Utrechtsestraatweg C204. Hij was in 1905 bestuurslid van o.a. de VVV-Oosterbeek en tal van andere verenigingen. Ondermeer was hij voorzitter van de Geldersch-Overijsselsche Maatschappij van Landbouw afd. Renkum-Doorwerth en deed hij veel voor het dorp Heelsum. In 1916 was hij lid van de Commissie slachtoffers
Watersnoodramp. C.F. Frowein trouwde op 2 juni 1892 in de gemeente Renkum met Petronella Anna Henrietta Maria Wolterbeek (1868-1946).

Na het huwelijk in 1892 Frowein - Wolterbeek gingen zij in Heelsum wonen op een landgoed aan de Bennekomseweg, dat naar de suikerfabriek van haar vader “Kalimaro” werd genoemd. Deze nu niet meer bestaande villa lag op het terrein waar zich nu hotel “Klein Zwitserland” en het villapark “Wilhelmina” bevinden. Het echtpaar kreeg twee zonen en twee dochters,
waarvan de oudste naar haar grootmoeder Djasmina werd vernoemd. Ook was mw Frowein
jarenlang actief als secretaresse van de kunstenaarvereniging Pictura Veluvensis. In 1905
verkochten Carl en Ans het landgoed Kalimaro en gingen zij in de villa Solbakken aan de
Utrechtseweg in Heelsum wonen.

In 1920 woont C.F. Frowein, correspondent van de Bank Associatie op Huize „Solbakken" in Heelsum.

Solbakken

In 1924 woont de weduwe mw. A. Frowein-Wolterbeek, op Solbakken bron: Naamlijst voor den telefoondienst juli 1924.

Solbakken
1925

Villa Solbakken of Zonneweelde ging in 1925 in eigendom over van de weduwe Frowein-Wolterbeek aan Gerard van der Vlies Tromp (18-01-1872 - 18-05-1939) uit Arnhem.

solbakken
Kadaster Dienstjaar 1927, Wie is L. van Embden?

Gerard van der Vlies Tromp (18-01-1872 - 18-05-1939) komt in 1913 uit Arnhem (Kastanjelaan 33) naar Solbakken. In Rotterdam wonende in 1904 op de N. Binnenweg 237, als commies bij de P en T. Geboorteplaats: Wijmbritseradeel.

Catalogus Beijers van een belangrijke verzameling boeken en tijdschriften bevattende de bibliotheken van wijlen de heeren G. van der Vlies Tromp te Heelsum, T.J.W. van Everdingen, Oud-Notaris te Tiel, Dr. J.H. Verloop, Mijningenieur, Wassenaar en verschillende andere bibliotheken en nalatenschappen. Verkooping 30 September-5 October 1940.

Solbakken

In 1940 kwam het pand aan F.J. Sillmann en in 1948 aan de Vereniging tot Bevordering van Chr. Nationaal Schoolonderwijs te Heelsum en Doorwerth. Of dit geheel klopt? Want in 1955 wordt de villa Zonneweelde aan de Utrechtseweg 63 door de papierfabriek Schut verhuurd aan J.Q. Bakker bron: Gelders Archief

Zonneweelde

In 1955: Akte van verhuur van villa Zonneweelde aan de Utrechtseweg 63 te Heelsum aan J.Q. Bakker aldaar

Chr. kleuterschool, Utrechtseweg 63, van 1958 tot 1962

In 1958 geeft de gemeente toestemming tot bouw van kleuterschool Solbakken. Rond 1975 is het nog steeds in handen van de papierfabriek Schut, die het dan verkoopt aan de B.V. Progresso van de bouwondernemer Gerritsen. Gerritsen als project ontwikkelaar, zet er leuke bungalows neer in de jaren 1976 en 1977.

Akte van verkoop door B.V. Papierfabriek aan Projectbureau Progresso B.V. te Heelsum van villa Solbakken aan de Utrechtseweg 63, hoek Patrimoniumweg te Heelsum (sectie C nrs. 2743 en 3285), 1974; met retroacta, 1925-1948. Vrij kort na de verkoop is de villa afgebroken.

Solbakken
rond 1955

Akte van verkoop door B.V. Papierfabriek aan Projectbureau Progresso B.V. te Heelsum van villa Solbakken aan de Utrechtseweg 63, hoek Patrimoniumweg te Heelsum (sectie C nrs. 2743 en 3285), 1974. Vrij kort na de verkoop is de oude villa afgebroken. bron

Utrechtseweg
actueel
Villa Sonnevanck aan de Bennekomseweg 2a te Heelsum.

De Bennekomseweg kent hier 3 huisnummers.

Bennekomseweg 2 is de derde woning na de bocht als je vanaf de rotonde komt.
Huisnummer 2b was vroeger een garage van villa pension Grindhorst (zie bij hotels, pension en is sinds vele jaren een woonruimte.

Hier meer info over bewoners tijdens de WWII, zoek naar Primrose Cottage.

Huisnummer 2a is de tegenwoordige villa Sonnevanck, momenteel in gebruik als bed & breakfast
Sonevanck Heelsum
volgens de BAG voor het eerst betrokken in 1904.

In 1908 staat er in de het Nieuws van den Dag: "Uit Renkum schrijft men ons, dat de dameskostschool,. thans gevestigd in 't Huis te Heelsum, te Heelsum, opgeheven zal worden. De opleiding van enkele meisjes zal evenwel voortgezet worden in de villa ĽSonnevanckę, te Heelsum."
Sonnevanck Heelsum
Prentbriefkaart ca 1910
Bennekomseweg Utrechtseweg

54. De Bennekomseweg, die hier omhoog schiet, vertoont op de foto nog een landelijk beeld. Het is een eeuwenoude verbindingsweg naar Bennekom via de Keyenberg, vraeger lop end door grate heidevelden. Het hoekhuis, tussen de bomen zichtbaar, werd jarenlang bewoond door de familie Hancock en staat nog steeds stevig op zijn fundamenten. Uit: P. Richter, Renkum en Heelsum in oude ansichten, daar staat ook een foto.

Sonnevanck Heelsum
Op deze foto is de ingang aan de Uitrechtseweg.

Rond 1960 woont er Eva Johanna Hageman, weduwe van Gerrit van der Hoeven.
Rond 1976 woont er Wilhelmina Johanna Paulina Maria Bolsius, de weduwe van L.A.C.M. van Willigen en eerder weduwe van J. H. van Hoof. Allen woonden op Sonnevanck, huisnr 2a.
Huize Sonnewende, Aan de beek 2, Heelsum. Sonnewende Heelsum
De Sonnenberg, Oosterbeek. Sonnenberg was een oud leen (1428) van Doorwerth.  Lees hier meer over de Sonnenberg.
Villa Souvernir, Bildersweg 14, Oosterbeek

Komt het eerst voor op een kadaster hulpkaart dienstjaar 1855 onder D 955

Is meerdere keren verbouwd.

Tot in 1941 woont daar W.E. VoŻte, wordt ook genoemd in het adresboek Oosterbeek 1940. De heer VoŻte en echtgenote Johanna Maria Tiedeman overleden beiden in 1941. Vanaf 1942 is Otto Cornelis Adriaan van Lidth de Jeude, destijds minister van Waterstaat de nieuwe eigenaar. Bijzonder: als minister verblijft Van Lidth de Jeude met Wilhelmina en de rest van de regering in Londen, Engeland. Verbleef zijn echtgenote wel in Nederland? Meine Visser (oorlogsslachtoffer) weet dat er in Oosterbeek een huis leeg staat, hij huurt het van Van Lidth de Jeude en gaat er dan op een gegeven moment rond 1942 - 1943 wonen.
Meine komt te overlijden in 1944 en in 1947 is er de boedelscheiding met Martijntje Heeringa. Zij verhuisd naar elders.
Van Lidth de Jeude overlijd in 1952 en z
ijn echtgenote Dina Cornelia van Rossem verkoopt het daarna aan Hendrik Antonie Schok. Bron: Kadaster leggers.
Oosterbeek Souvenir
Villa de Specht, Utrechtseweg 287, Oosterbeek.

Volgens de BAG gebouwd in 1914. Een verkopende makelaar heeft het in 2020 over: "het  romantische landhuis 'De Specht'. Een gerenoveerd landhuis dat onder Engelse architectuur is gesticht in 1932".

Elders is te lezen dat de heer G. Veenstra de architect was rond 1929 met een ontwerp uit 1923-24 bron

Verkoop villa ‘de Specht’ Utrechtseweg 287, Hoog en Laag 25-07-1947

"Notaris H. Houtzagers te Oosterbeek zal op Woensdag 6 Augustus 1947 bij inzet en zo nodig op Woensdag 20 Augustus bij toeslag, om 2 uur in' cafť Concordia te Oosterbeek Publiek verkopen: De gunstig gelegen villa ,.De Specht" a. d. Utrechtseweg 287 te Oosterbeek, met garage, schuur, kippenhok. erf, tuin en bosterrein, uitkomende aan de Wolfhezerweg, samen groot 1.1.92 hectare". Uit de  Arnhemsche courant van 26-07-1947.
Utrechtseweg 287 Oosterbeek
Station Oosterbeek

Station Oosterbeek

Station Oosterbeek
Bestemd als Rijn-Spoorweg-Station

"Oosterbeek, 25 junij 1873. Voor den aanleg van den spoorweg Rotterdam - Arnhem - Munster heeft men thans eene lijn uitgebakend, die meer om hare ligging dan de vorige voldoen zal namelijk van uit het Kievits-dal van Doorwerth. komende, achter de Koude Herberg langs den Zonnenberg, door het Dreijensche bosch, in de rigting van den Haspel bij Arnhem; van daar overstekende naar Diependal op den Amsterdamschen straatweg aan, waar het station Arnhem zal komen. De directie van den Rhijnspoorweg heeft onlangs een maatregel ingevoerd, die van groot nut op de baan is en niet tot de min kostbare behoort; bijna alle sein- of baanwachters zijn van een telegrafeertoestel in hun wachthuisje voorzien en bedreven in de bediening daarvan, zoodat ook zij onmiddellijk berigten kunnen geven als de weg onveilig is. Ook is er sprake van om in Oosterbeek een station aan te leggen, waarvan te verwachten is, dat meer reizigers gebruik van zullen maken dan te Wolfhezen". Uit de Arnhemsche courant  van 27-06-1873

'"De halte van den Rijnspoorweg te Oosterbeek wordt tegen 15 October a.s. door een station vervangen". Rotterdamsch nieuwsblad 12-10-1878

station Oosterbeek

Na de oorlog kwam er nieuwbouw. Een beheerd station stopte in 1970 en in 1972 werd het gebouw afgebroken.
Voormalig Station Oosterbeek Laag, Klingelbeekseweg 69, Oosterbeek.

Station Oosterbeek
Door de Staat aanbesteed in 1877. In 1879 kwam dit station klaar voor gebruik. Het is het eerste station waarbij wordt afgeweken van de symmetrie die tot dan toe alle stations kernmerkte. Een nieuw element is ook de kleine toren waarvan nadien ook andere stations worden voorzien. Het werd gebouwd voor de vele mensen die in Oosterbeek zouden gaan wonen en overstappen. Het station was toen zelfs drie keer zo groot als het nu is. Al die bewoners kwamen er niet. In 1938 werd Oosterbeek Laag gesloten voor reizigersvervoer. Het station werd verwoest in de Tweede Wereldoorlog en is deels zonder de toren hersteld door NS.

Uit de geschiedenis:
Rosande bij Oosterbeek wordt centrum voor Rijn-en dagtoerisme;dit ongeveer 80 hectaren grote centrum, dat Rosande gaat heten is bedoeld als een trekpleister van Europees formaat voor het Rijn- en dagtoerisme. Uniek voor Nederland en wellicht voor Europa is de watertuin, een natte versie van de Efteling. Teineinde de duizenden dagjesmensen tot dicht bij de attracties te brengen, wordt wellicht het station Oosterbeek-Laag in ere hersteld.
Nieuwsblad van het Noorden dd 25-05-1963

Een paar dagen voordat het station gesloopt zou worden in 1983, werd het gekraakt. De CDA-fractievoorzitter Zuurmond zorgde ervoor dat NS bewoning accepteerde, zodat het pand behouden bleef. Het werd verbouwd tot woning en in 2009 werd het eigendom van de bewoners.
Station Wolfheze. Parallelweg 5 Wolfheze

De Baron J.A.P. van Brakell staat toe dat de Rhijnspoorweg tussen Utrecht en Arnhem over een gedeelte van zijn grondgebied wordt aangelegd. In ruil daarvoor komt er in 1845 een beheerde halte te Wolfheze. Handig voor de gasten van Kasteel Doorwerth. De reeds bestaande Wolfhezerweg wordt verhard en wordt doorgetrokken middels de nieuw aan te leggen Italiaanseweg. Alhoewel de Italiaanseweg ook oudere paden en erfgoedgrenzen volgt.

 In 1899 werd het (nu nog bestaande) stationsgebouw geopend. Tegenwoordig is dit stationsgebouw nog het enige "originele" stationsgebouw uit de beginperiode van de spoorlijn. In de WWII hadden de bezetters een "bommen"lijntje naar de vliegbasis Deelen vanaf Station Wolfheze. Tussen Ede en Oosterbeek waren nog meer haltes: een bij de paardenrenbaan (Renbaanhalte) ter hoogte van de A50 - Papendal, er werd alleen gestopt bij activiteiten. En er was een halte "Buunderkamp", bij de kruising Parallelweg, Telefoonweg, tussen Renkum en Wolfheze. Op verzoek werd hier gestopt voor bezoekers van Oranje Nassau Oord.

stationWolfheze
Ansicht uit 1920, de verbouwingen van hieronder zijn klaar
Station Wolfheze
Er wordt in 1913 een wachtkamer aan de kant van de overweg gebouwd en gevel op het stationsplein gaat 2 meter naar voren
Voormalig landhuis De Steenwinkel, MariŽnbergweg, Oosterbeek
Op de huidige lokatie zijn MariŽnbergweg 18 en 18a in 1955 gebouwd

Steenwinkel Oosterbeek

Ontworpen door architect  G. Feenstra in 1927
Het Landhuis ligt aan de MariŽnbergweg kad. D 5075. Naast het pand bevond zich een vrijstaande garage met een rieten wolfdak. Aan de straatzijde bevond zich een rotstuin met een lage, in baksteen uitgevoerde tuinmuur.

Marienbergweg Oosterbeek
Slechts ťťn huis heeft niet herstelbare oorlogsschade in 1945.
Steijnweg 2 Oosterbeek

In 1882 is kavel C 941 nog leeg. In 1888 is op kavel C 1222 te zien dat er gebouw wordt. In 1916 word een pand op kavel C 1227 afgebroken. Met dienstjaar 1919 wordt op de niet hernummerde kavel (C 1227) nieuwbouw gedaan.
Steinweg
Woonhuis van J. van Stolk, Cronjťweg 15, Oosterbeek

De BAG noemt 1951 als bouwjaar.

Cronjťweg 15 Oosterbeek
Architect H. Salomonson, 1951, 1953

"In 1949 gaat keramist Jan van Stolk actief opzoek naar een wederopbouwkavel om zelf een huis te kunnen bouwen. Hij koopt de kavel Oosterbeek, sectie C nummers 1791,1792 en 1793, samen groot 7.61 A. voor de prijs van 2.350 gulden. In 1951 krijgt architect Hein Salomonson uit Amsterdam opdracht om een woonhuis met een pottenbakkersatelier te ontwerpen. Een eerste ontwerp was gereed op 19 februari 1952. In april werd het ontwerp door de welstandscommissie goedgekeurd. De bouw begon op 13 oktober.  Op 20 februari 1953 vlag in de kap. De oplevering was op 15 augustus 1953". samengevat uit bron Annemarie Daatselaar
Voormalige villa Svaco, Stationsweg, Oosterbeek

In 1917 laat dhr. V. Carstens door architect J. Mutters jr. een villa ontwerpen. De villa is klaar in 1922. Afgebroken rond 1971. Nu staat er een flat.

Lees meer bij de Stichting Heemkunde Renkum
Svaco Oosterbeek
Tinsen, Jonkershoeve, Klein Amerikaweg, Renkumseheide. N.V. Heide-ontginning Wolfheze. Reeds voordien was door deze vereniging naar een geschikt terrein uitgezien, waarbij toen het oog viel op een stuk bos- en heidegrond nabij de Jonkershoeve, eigendom yan de Renkumse mark. De mark wilde echter niet tot verkoop overgaan, waarna dan het tegenwoordige terrein werd aangekocht. De rest — 126 ha —, van de gronden der genoemde N.V. werden het jaar daarop verkocht aan dhr. C. Hellingmans te Oosterbeek, welke deze gronden het volgende jaar weer overdeed aan de Hilversumse industrieel G. v. Mesdag. Sinds 1943 behoort dit gebied tot het eigendom van wijlen H. Zanen te 's-Gravenhage, die met een gebied van 343 ha vrijwel het gehele deel der gemeente ten noorden van de spoorbaan, tot aan de Buunderkamp in eigendom heeft.
Verdwenen Huize Tondano, Dorpsstraat,  Renkum.

Huize Tondano, was gelegen tussen huize Redichem en hotel Campman. Aan de zuidzijde van de Dorpsstraat, tegenover de R.K kerk en aan de westzijde van Campman werd een pastorie gebouwd in 1875. Later bekend als huize Tondano, dit huis heeft echter niet zo lang als pastorie dienst gedaan. Historisch Genootschap Redichem. Echo's van zes dorpen; 2018; 4 pagina 36.

Tondano
uitsnede van Kadaster Renkum D 330. Tondano heeft hier nr 329, Dienstjaar 1855. Helaas de oudere kavel 182 is niet te vinden met de viewer, geen filiatie.

Eigenaren:
Legger 84 D182 huis schuur erf eigenaar Abraham Pannekoek. Jaar 1854 in 1855 herbouw D329 huis met oliemolen.
Legger 335 Aart Berends 1854-1856
Legger 351 Marten Pannekoek 1856-1865
Legger 514 Joris van den Heuvel D329 jaar 1865-  hermeting in 1873 dan D580 huis met erf D581 stoomoliemolen met erf
Legger 677 Alexander Cremer 1873-1878 verkoop
Legger 759 De Roomsche kerk 1878-1906  stoomoliemolen is dan gesloopt verkocht worden percelen D582 erf D702 huis D703 tuin aan
Legger 1008 J.M.B. Beuker dj 1906 verkoopt in dj 1906.
Legger 1322 Jan Hissink dj 1906 het jaar waarin Jan Hissink overlijd daarna dj 1908 de erven
Legger 1365 Ĺ Johannes Hendrikus Hissink O.I ambtenaar tijdelijk wonende te Renkum Ĺ Jacominus Johannes Bolkestein [schoonzoon van Jan Hissink] het vruchtgebruik van de woning is voor de weduwe Hissink = Jacoba Maria Johanna van Leer. Dj 1908-1913 verkoop
Legger 1519 Arie van der Kolff gepensioneerd O.I ambtenaar dj 1913-1923 verkoop
Legger 2039 Andries Henkemans [directeur van de N.V nationaal grondbezit wonende te Den Haag dj 1923- 1936
Legger 2440 Carolus Franciscus Jacobus Overmaat dj1936 meteen verkoop aan
Legger 2074 5/8  Gerrit Jan Glade [ tuinman] en cons. Elk 1/8 Glade, Frederik en Geesje en Christiaan Josinus dj 1936 verbouwen dj 1939 D1624

Adres Dorpsstraat 194 volgens adresboek 1940 waarschijnlijk tot 1950

 Dj 1950 legger 1132/5 daarna is het huis weg.

Tondano
Een uitsnede van veldwerkkaart van Renkum D 329 dienstjaar 1855. Zie ik hier de naam Beuker onder 330? Helaas, nee dus. Er staat AART BERENDS. Berends was rond 1850 olieslager van beroep. Hoogstwaarschijnlijk op de stoomoliemolen D329 en waarschijnlijk de eigenaar.

Tondano
uitsnede van Kadaster Renkum D 582 uit dienstjaar 1873. Het huis Tondano heeft hier 2 nummers: 580 en 581.

Aan het begin van de 20ste eeuw woonde hier de emeritus dominee Blanson Henkemans.

Jan Marie Bernard Beuker, geboren op 30 juli 1889 te Renkum -  25 oktober 1965 in Arnhem
Gehuwd in 1915 met Jorie C. de Kruijff van Dorssen, bekend als miniatuurschilderes.

Verkoop pastorie (Tondano) Utrechtseweg kad. Sectie D no. 582, 702, 703 groot 28 are 50 centiare. Oosterbeeksche Courant  04-03-1905 
Opbrengst f6.785,--. Eigenaar J. Beuker. Oosterbeeksche Courant 01-04-1905.
De fam. Beuker heeft er zelf niet gewoond. Beuker is enkel tussenpersoon geweest die het direct door verkoopt.

"Toen werd dit huis betrokken door een familie die van der Kolf heette. Die mensen waren uit ons toenmalig Nederlands IndiŽ gerepatriŽerd van het eiland Celebes en ze noemden hun woning, die onbegrijpelijk dicht aan de straat was gebouwd, huize Tondano". Wes Beekhuizen, Groen was mijn dorp pagina 30

In 1908 wordt Tondano met tuin (tussen villa "Redichem" en tuin Campman) Utrechtseweg kad. Sectie B no. 582, 702, 703, verkocht door de erven Hissink. Bron Oosterbeeksche Courant 21-03-1908.
Vanaf 1 mei gevestigd in huize 'Tondano' N.V. Woningbureau 'Sonsbeek'.; Oosterbeeksche Courant 12-04-1919
Woningbureau „Sonsbeek" Stationplein Arnhem bericht door deze, dat in de maand Mei door haar zal GEOPEND worden een Bijkantoor te Renkum (huize „Tondano") voor de plaatsen: Renkum, Wageningen, Bennekom, Ede, Heelsum en omgeving". Arnhemsche courant 22-04-1919

 Het is van der Kolff die Tondano in 1922 verkoopt: Verkoop villa 'Tondano' met erf en tuin Utrechtseweg groot 28 are 50 centiare. Te veilen in 2 percelen. Eigenaar A. v.d. Kolff. Oosterbeeksche Courant 13-05-1922

"op huize Tondano, hadden toen ook al weer wisselingen plaatsgevonden en zodoende was de emeritus-dominee Blanson Henkemans de overbuurman geworden van meneer Roem". Wes Beekhuizen; Groen was mijn dorp; pagina 32

Elders gevonden: In deze woning woonde de Kr. van de Heuvel, en daar was ook een olieslagerij aan verbonden. Later was het de pastorie van de R.K. Kerk, en woonde er pastoor Leeuwenberg. (Wes Beekhuizen gaat in zijn boek er vanuit dat deze olieslagerij was gelegen bij de reeds genoemde brouwerij aan de noordzijde, maar Van Roest plaatst deze olieslagerij aan de zuidzijde.

Tondano

Redichem
Huize Tondano in het midden van de ansichtkaart, gelopen in 1904

Renkum Tondano

Eigenaren:
Artikel 759 Rooms Katholieke Kerk, Renkum, eigenaar van de bouwgrond. 1008 Jan Marie Bernard Beuker, fabrikant, Renkum. 1322 Jan Hissink, gepensioneerd majoor infanterie, Den Haag 1365 Johannes Hendrikus Hissink, O.I. ambtenaar, Renkum, samen met Jacominus Johannes Bolkestein, leraar HBS, Soerabaija en Jacomina Maria van Leer, wed. Jan Hissink, Renkum 1519 Arie van der Kolff, gepensioneerd O.I. ambtenaar, Renkum 2039 Andries Herkemans, direkteur Nat. Grondbezit, Den Haag 2440 Carolus Franciscus Jacobus Overmaat, Renkum 2074 Gerrit Jan Glade, tuinman, Renkum 1232 Verkeer en Waterstaat 1132 Franciscus Campman, zonder beroep, Renkum 3135 Franciscus Campman, hotelhouder, Renkum 5587 Hotel, cafť en restaurant Campman BV, Renkum:
bron:  Geschiedenis Dorpsstraat Renkum; Tiny Wijnstekers; 2005; HGR
Net iets andere info, het leuke van de gemeente Renkum. Er is geen geschiedenis meer voor de brand in het gemeentehuis in begin 1945.
De alweer verdwenen tram. Er zijn in het Renkumse 3 tramlijnen geweest. Het bekendst is Lijn 1, met enkele variaties: de witte tram reed tussen Velp, Arnhem en Oosterbeek. De groene tram reed door naar Rhenen. De Renkumse burgemeester van der Molen, laat in Oosterbeek een aansluitings route voor een tram maken richting de gemeente Doorwerth en het toenmalige Natuurbad, later de Branding. Hij vergeet te vermelden dat hij aandeelhouder is van de bouwmaatschappij die vele villa's in Doorwerth wil gaan bouwen.
Veldwerkkaart uit 1910 van Transvalia
Transvalia
Het voormalige Huis Transvalia aan de Benedendorpsweg te Oosterbeek.

Het actuele pand heeft volgens de BAG een oorspronkelijk bouwjaar van 1967 en adres: Benedendorpsweg 191 Oosterbeek

Het huis heeft meerdere namen gehad. Achtereenvolgens: Witte Poort tot 1852, Rijnzicht tot 1890 en daarna Transvalia.
 
In 1842 opent de herberg de Witte Poort De expoitatie was in handen van Antonie van Muiswinkel, daarvoor koetsier bij Robidť van der Aa op “de Hemelsche Berg”.

 In 1852 werd de herberg door Jan Kneppelhout gekocht, die toen zelf op de Hemelseberg woonde. Het jaartal 1852 komt uit: Je moet hier zijn geweest: Oosterbeek. Nederlands eerste kunstenaarskolonie; Willem de Bruin) , zelf gok in op 1848 of 49. Kneppelhout gaat de Witte Poort verbouwen en geschikt maken tot woonhuis voor zijn moeder mevrouw Johanna Maria Kneppelhout - de Gijselaar. Mw. de Gijselaar heeft er nooit gewoond. Ze kwam te overlijden in 1851 voordat de verbouwing gereed was.

Daarna werd de Witte Poort verhuurd aan de familie H. Hoeufft van Velsen die er gedurende 28 jaar in de zomerperiode verbleef. De naam De Witte Poort verdween en Hoeufft gaf het de naam Rijnzigt.

Er kwam een andere Witte Poort aan de overkant van de Benedendorpweg.

De familie J.H.W. Kool, die een grote stal en koetshuis bij het huis liet bouwen, had het daarna een 10-tal jaren als zomerverblijf in gebruik.

Transvalia Oosterbeek

Vanaf 1890 bracht jhr. mr. Gerard Jacob Theodoor Beelaerts van Blokland met zijn gezin gewoonlijk de zomer door in deze villa die hij toen de naam Transvalia gaf.

De naam Transvalia houdt verband met de belangstelling van Beelaerts van Blokland voor de Zuid-Afrikaanse Boerenrepubliek. In 1889 was hij tot buitengewoon gezant en gevolmachtigd minister benoemd door een aantal Europese landen waarmee de Republiek verdragen sloot. In 1890 is Kneppelhout reeds overleden, maar zijn echtgenote Ursula Martha Van Braam (1825 - 1919) woonde nog op de Hemelse Berg. De echtgenote van Beelaarts van Blokland was Johanna Maria Kneppelhout van Sterkenburg, de dochter van Karel J.F.C. Kneppelhout van Sterkenburg, de broer van Jan Kneppelhout van de Hemelsche Berg. Mevrouw Ursula Martha Kneppelhout -van Braam, was dus haar tante. Het gezin Beelaerts van Blokland-Kneppelhout telde zeven kinderen die allen in Den Haag geboren waren. Gerard Jacob Theodoor Beelaerts van Blokland werd op 14 maart 1897 terwijl hij de dienst in de Willemskerk in Den Haag bezocht, door een beroerte getroffen en overleed nog diezelfde avond. Na het overlijden van haar man verbleef Johanna Maria Kneppelhout met de kinderen geregeld op Transvalia waar zij in de zomer van 1923 ernstig ziek werd en op 18 augustus in het Diaconessenhuis in Arnhem overleed. De kinderen (de oudste, Frans, is dan al 36 jaar) van de familie Beelaerts zijn na het overlijden van mevrouw Ursula Kneppelhout-van Braam (1919) het landhuis Hemelse berg gaan bewonen. Ze konden het pachten van de gemeente.

Transvalia
1907

Nadat het in 1891 in handen kwam van jonkheer mr. G.J.Th. Beelaerts van Blokland is het in gebruik genomen als zomerresidentie.

Transvalia

In 1935 betrekt Jhr.dr W.A.Beelaerts van Blokland Transvalia.

Transvalia

WW II: Om drie uur in de ochtend van 23 september 1944 gingen 52 para’s van de 1e Poolse Onafhankelijke Parachutisten Brigade naar de Oosterbeekse zijde van de Nederrijn. Zij betrokken stellingen rond de villa Transvalia bij de Benedendorpsweg in Oosterbeek. Transvalia raakte die dag en de dagen erna verwoest en is niet teruggebouwd.

Transvalia
Villa Transvalia, verwoest in 1944 als Poolse paratroopers hier stelling nemen.

Kleinzoon jonkheer J.J.G. Beelaerts van Blokland bouwde ter plekke een bungalow, waar hij tot zijn dood in 2005 woonde. De nieuwbouw was in 1965.

Transvalia
Op deze Veldwerkkaart (uitsnede) is sprake van Stichting, of te wel nieuwbouw in 1985.

Is dit wel een echte nieuwbouw? Want de BAG heeft het over 1965. 20 jaar eerder. Jaren later wordt het pand, na het overlijden van Jan Beelearts van Blokland volledig aangepast, verbeterd.
Villa Unita. Utrechtsestraatweg 13, Utrechtseweg 13, c.q Koninginnelaan 1, Heelsum.

Unita Heelsum
Opname 1930 - 1940
Deze villa uit het jaar 1901 (BAG) en is destijds gebouwd voor de directeur van de er tegenover gelegen papierfabriek Schut. Volgens de Oosterbeeks Courant van 4-7-1931 is villa Unita te Doorwerth verkocht aan H. Schut voor f 6.600,--.
Een ander bericht uit de Oosterbeekse Courant van 8-8-1931: Brand in villa 'Unita'; gedeeltelijk verwoest; rieten dak gespaard.

"Waarschuwing: In het Algemeen Politieblad vestigt de burgemeester van Renkum. te Oosterbeek, de aandacht van belanghebbenden op den Duitscher Carl Vieth. geboren 26 November 1898 te Solingen, voorheen wonende Hoogstraat 47 te Wageningen. thans verblijvende villa Unita. Utrechtscheweg 13 te Heelsum, gemeente Renkum. Alvorens met genoemden Vieth. die in staat van faillissement verkeert, of. met de door hem gedreven handelsvennootschap Rasoma (speciale fabriek van scheermesjes, merken Rasoma en OriŽnt) in relatie te treden, wordt in overweging gegeven inlichtingen in te winnen bij  voornoemden burgemeester. Het zelfde geldt voor den bij Carl Vieth inwonenden en met hem samenwerkenden Duitscher Carl Weck". Uit  Het Vaderland : staat- en letterkundig nieuwsblad van 13-10-1932

In maart 1932 wordt op een veiling de gehele inboedel verkocht. Als nieuwe eigenaar wordt dan genoemd dhr W. Hasekamp. Na de inboedelverkoping gaat Unita in april 1936 open als pension. In oktober 1940 komt er een bijkantoor van Beumer's woning- en bouwbureau te Renkum op het adres van Unita. In 1943 is eigenaar Mevr. M. H. v. Soest.

Unita Heelsum

Heelsum Unita
Utrechtseweg 109, Heelsum

Uitzoeken:
Volgens een artikel van Truus Boekhoudt in de Schoutambt en Heerlijkheid van de St. Heemkunde Renkum uit december 2004 zou het adres Utrechtseweg 109  in 1920 gebouwd zijn door en voor
M.H. en J. Beuker. Kavel Renkum C 2343, later bewoond door P.J. Vastenou.
Het kan zijn dat het huisnummer veranderd is?
kavel 2343
  C2343, oudere kavel is leeg met nr 1908 in dienstjaar 1910, aan de Utrechtsche straatweg
Bennekomseweg 2 Heelsum
Oudere kavel C1879 is hier in 1906 nog leeg. Aan de Utrechtse straatweg, hoek met de Ottoweg en aan de bovenzijde de Bennekomseweg

In de periode 1920-1922 werden door de N.V. Bouwmaatschappij Heelsum enkele percelen verkocht, aan Joan Beuker, directeur van de N.V. Koninklijke Papierfabrieken Van Gelder Zonen te Renkum, en zijn zus Maria Hendrika Beuker (Utrechtseweg 109, oostelijke hoek Lindelaan), aan de kunstschilder Jan Cornelis van der Ven (Utrechtseweg 117, ‘Schildershuis’) en aan Daniel Louis Uijttenboogaart (het herenhuis ‘Avondrust’, de boerenwoning en een stuk
grond aan de overzijde van de Utrechtseweg).

Uitzoeken; Omdat hier ook Lindelaan genoemd wordt zit ik te denken aan Avondrust, Utrechtseweg 109 in Renkum, niet in Heelsum.

Ingekomen personen van 14 t/m. 20 Sept. P. J. Vastenou, planter, Utr. weg 105, Renkum, uit Java (N.-I.). Arnhemsche courant 22-09-1939.

Vastenou-Sickenga, Mevr. L. Utr.str. 105 te Renkum: uit de  Naamlijst voor den interlocalen telefoondienst 1947, herfst.1947
Villa Utrechtseweg 20 te Heelsum. Adres destijds was de Utrechtse Straatweg 20 te Heelsum.
Ook het adres Doorwerthsestraat Heelsum, is voor hetzelfde pand gebruikt.

De BAG geeft het jaar 2001??
In 1921 gebouwd naar een ontwerp van de architect Frits Eschauzier voor zijn zwager T. Sypkens en diens echtgenote H. Sypkens-Crielleard.
In 1928 door Eschauzier ook een atelier voor Mevr Sypkes-Crielleard

Bij het Gelders Archief is een dossier betreffende herstel en wederopbouw van beschadigde en vernietigde panden te Heelsum, 1946-1957
Villa Utrechtseweg 173, Oosterbeek

Bouwjaar 1880

In 1972 begon een gepensioneerd huisarts er een vruchtbaarheidskliniek.
Utrechtseweg 173
Voormalig landgoed buitenplaats huis Valkenburg, Oosterbeek Meer over landgoederen op de landgoederen website
Valkeniersbossen, Oosterbeek. Naast de Westerbouwing. In 1916 heeft tuinarchitect Samuel Voorhoeve de Valkeniersbossen aangelegd.
Huize Van Wijck, Nieuweweg 5, Renkum.

Volgens de BAG gebouwd in 1897 door S.M. Van Wijck. S.M. Van Wijck was de oudste zoon van de steenfabrikant Richardus van Wijk. Hij huwt met mw. Conijn. Bij zijn overlijden in 1903 laat S.M. van Wijck een Hfl 10.000,= en zijn huis met koetshuis en tuin na aan de Parochie te Renkum. Met de verplichting om binnen drie jaar een Katholieke school voor meisjes te stichten. Toen het schooltje te klein werd liet de weduwe er nog een drieklassig schoolgebouw bij zetten en werd het koetshuis een bewaarschool. Een naam voor de school was: de “Van Wijck - Conijn Stichting”. Rond 1984 bood het behoorlijk vervallen pand onderdak aan alleenstaanden.
Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Varenheuvel, Bilderberglaan 6, Oosterbeek.

Gebouwd in 1938 naar een ontwerp van ir. N.H. Wesstra uit 1931 in opdracht van D.W.P. Wisboom jr met voornamelijk elementen van de Gooise Landhuisstijl en de Amsterdamse School. - Van architectuurhistorische waarde als een zeldzaam voorbeeld van een landhuis van deze omvang gebouwd in een combinatie van de Gooise landhuisstijl en de Amsterdamse School.

De villa is een Rijksmonument.
Varenheuvel Oosterbeek
Voormalig Huize Veldheim, Renkum. Destijds: Nieuweweg 4, later 10 en Nieuweweg 6, later 12.

Voordien villa Nuova, zie aldaar.

De tegenwoordige Veldheimweg is gebouwd op het perceel van Veldheim. In meerdere tuinen staan nog bomen van het landgoed. Het pand is iets beschadigd in 1944 en Van Gelder en Zonen heeft hier later personeelswoningen neer gezet.

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Nieuwe Weg, Huize Veldheim Renkum, 1905
Villa Veldhoven, Utrechtsen straatweg, Oosterbeek

Lees ook bij het Hemeldal
Veldheuvel
Huis Verhaaf aan de Bennekomseweg 30, Heelsum

Gebouwd in 1954 in opdracht van H.C. Verhaaf, door architect J.W.E. Buijs.

In 1955 vestigd zich hier de tandarts H.C. Verhaaf.
Heelsum Bweg 30
Verburgt - Molhuyzen Staete, Utrechtseweg 29 - 33 Oosterbeek.
Voorheen villa Vergarde

Sanders verkocht in 1882 Hartenstein (tegenwoordig het Airborne Museum)  aan de welgestelde houthandelaar de heer G.J. Verburgt uit Arnhem. Hij huwde later met Molhuysen. Na het overlijden van eerst dhr Verburgt (1914) en later mw Molhuysen (1928) zijn er geen kinderen  Daarom lieten zij vermogen achter in de Verburgt - Molhuysen Stichting. Twee zussen van Catharina kregen de opdracht het vermogen aan te wenden om ‘te Oosterbeek huisvesting, voeding en verpleging te verschaffen aan bejaarde dames van gegoeden en beschaafden stand en den Protestanschen Godsdienst’. Aldus geschiedde. En wordt Hartenstein rond 1930 een rusthuis. In 1935 heet het een sanatorium te zijn en dat wordt dan bestierd door de zuster van mw. Molhuizen.

Vergarde Oosterbeek

In 1908 kocht Gerrit Pelt (“Labor Omnia Vincit”) van de grootgrondbezitter Mr G. van Eck drie percelen land aan de Utrechtseweg, waarop hij een door hem ontworpen landhuis Vergarde met een tuinmanswoning door Evert de Geest liet bouwen. In 1920 verkocht hij dit landhuis

De zussen kochten in 1952 huize Vergarde, de villa van rode baksteen. Daar kwam rond 1974 ook MariŽnoord bij; de huidige witte villa.

Sinds 1979  zijn vrouwen ťn mannen van alle gezindten welkom. De twee oude villa’s met appartementen werden in de jaren ‘80 verbonden door nieuwbouw; de Staete. De uit 1920 stammende villa Doarps Eijn (Utrechtseweg 31) is sinds kort een sociŽteit voor mensen met dementie. In 1972 verschijnen er nog advertenties voor ouderen waarbij de rusthuizen „MariŽnoord" en „De Vergarde", Utrechtseweg 29 en 33, worden aanbevolen. VNS website
De villa Vergarde, adres in 1929: Utrechtsche straatweg 9 tegenwoordig Utrechtseweg 33. In 1908 kocht Gerrit Pelt van de grootgrondbezitter Mr G. van Eck drie percelen land aan de Utrechtseweg, waarop hij een door hem ontworpen landhuis met een tuinmanswoning door Evert de Geest liet bouwen.

Vergarde Oosterbeek
Vergarde Oosterbeek
Deze woning kwam klaar in 1909, en dat wordt bevestigd door de BAG. In 1920 verkocht hij dit landhuis en vestigde zich in een omstreeks 1917 door aannemer Adrianus Goossens gebouwd nieuw huis aan de Beukenlaan 31. In 1931 gaat Pastoor G. Lampe op Vergarde wonen waar hij in 1961 op 47 jarige leeftijd komt te overlijden. Ook anderen gebruiken het adres van De Vergarde voor aankondigingen, recepties. De pastoor woonde er niet alleen.
Verburgt Molhuyzen Oosterbeek
Uit de Arnhemsche courant van 4-10-1952: "Nu de geschiedenis van het huis. „De Vergarde” is een der riantste villa’s, aan de Utrechtsestraat, ongeveer veertig jaar geleden onder bekwame architectuur gebouwd, eerst bewoond door de heer Pelt, later door de heer Lampe. Dit jaar werd zij aangekocht door de heer Verburgt-Molhuysen-Stichting en, om haar bestemming te doen beantwoorden, enigszins verbouwd. De stichting is in het leven geroepen door mevr. C. J. Verburgt-Molhuysen, destijds wonende op Hartenstein te Oosterbeek".
De villa MariŽnhove, Utrechtseweg Oosterbeek. Volgens de BAG gebouwd in 1909.
Verburgt Molhuyzen Oosterbeek
Vanaf 1974 zien we de Verburgt - Molhuyzen Stichting in advertenties ook de villa MariŽnhove noemen, naast De Vergarde.
In 1933 zien we een advertentie waarin mw. Lampe een RK keukenmeisje vraagt.
In 1938 zien we een krantenbericht in de Maasbode: "Te Oosterbeek droeg heden de eerw. pater Ludovicus M. Lampe O.P. in de parochiekerk van den H. Bernulfus zijn eerste plechtige H. Mis op. Als presbyter assistens fungeerde de Z. E. heer J. A. J. ter Heerdt, pastoor der parochie, als diaken pater G. Brenninkmeyer O.P. en als subdiaken pater E. Brenninkmeyer O.P. beiden neven van den neomist". Waarschijnlijk komt de pastoor dus weer gewoon thuis wonen. Helaas is er een verschil in de voornamen, G. of L.M.
Rond 1966 zien we de familie A. Lampe—Kuiper op een ander Oosterbeeks adres wonen.
Huize Viersprong, Oosterbeek

op meerdere adressen was er een "Viersprong" te vinden:

Cronjťweg 1, Oosterbeek, Pension „De Viersprong".

 Pens. de „VIERSPRONG”’ Veerweg 2, Oosterbeek (laag)

den Heer J. MEYLINK Huize Viersprong, Oosterbeek

Opening: Manufacturenzaak W. Klaassen (villa de Viersprong), Utrechtseweg / Wilhelminastraat; per 30 maart 1929. OC 23-03-1929
Viersprong
Landgoed Vijverberg, Doorwerth. Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Landgoed Groot en Klein Vogelenberg
Meer over de landgoederen op deze landgoederen website.
Kleine Vogelenberg, Oosterbeek
Kleine Vogelenberg, Kneppelhoutweg 6, Oosterbeek
Gebouwd in 1850, volgens de BAG, dit omdat een juiste bouwdatum niet bekend is.

Zie hierboven de Grote en Kleine Vogelenberg.

De boerderij de Kleine Vogelenberg zal op een gegeven moment vervangen zijn door de huidige woning. Omdat dit vermoedelijk op de oorspronkelijke fundamenten gedaan is, blijft het oorspronkelijke bouwjaar staan.

De kleine Vogelenberg bestaande uit een huis en tuin met bouwland en akkermaalsheg, groot een bunder, acht en twintig roeden en dertig ellen; onder reserve bij de pachter Janssen, van zodanig bouwrecht als aan hem als dan volgens plaatselijk gebruik zou kunnen competeren.

Vogelenberg
Kaart uit 1897. De Kleine Vogelenberg ligt op de hoek waar de huidige Sanderweg kruist met de Kneppelhoutweg.

Vogelenberg

In 1832 is Jan Willem Theodoor Hoff, rentenier te Oosterbeek, de eigenaar van kavel D 355.

In juni 1841 gaan de erven van Hoff alles weer veilen en bij ťťn van 10 kavels heet het: "Zesde perceel: de grote Vogelenberg bestaande uit een boerenwoning cum annexis, tuin, boomgaard, bouwland, weiland en wat bos, groot drie bunders, zeven en negentig roeden en twintig ellen; onder reserve bij de pachter Hendriks". (bron Schoutambt en Heelijkheid 2010 nummer 4)

Na afloop van de veiling blijkt de landbouwer Jacob Hendriks de eigenaar te worden van een ander perceel nummer 7. Of te wel: de Kleine Vogelenberg.

Vogelenberg
Uitsnede van Veldwerk D 3195. Boven Koetshuis en stal, onder huis met serre. Staand op een terrein van vermaak. Dienstjaar 1900
Vogelenberg

Vogelenberg
Sandersweg met de hoek van de Kneppelhoutweg. Rechts het huis Kneppelhoutweg 4 dat er nu niet meer staat. “Klein Vogelenberg” staat ernaast en heeft nr 6. Links de ingang van “de Hemelse Berg”. In februari 1997 is kavel en opstal D 8912 verkocht door de gemeente Renkum aan een particulier.

Vogelenberg
Situatie in 2021.
Voormalige Buitenplaats - Huize Voortstreven, aan de Utrechtseweg te Renkum, op de locatie van de huidige straat Voortstreven.
Andere naam: villa Etty of Hetty

Er is een kadasterkaart uit 1859 waar alle kavels tussen C 656 en 670 te zien zijn. Op 669 en 670 staat de papierfabriek. Alle andere kavels zijn leeg, ook 659 waar later Voortstreven komt.

Als de heer J.F.C Schimmelpenninck in 1875 het huis en landgoed Keijenberg koopt, hoort daar ook een weide bij gelegen aan de Utrechtseweg met een grootte van 13 Ha. Deze weide wordt direct doorverkocht en het Buiten Voortstreven wordt dan gebouwd.

Voortstreven
Een kadasterkaart uit 1877, links boven is Bad Heelsum te zien.

In 1877 woont er Herman Gijsbert Keppel Hesselink. (de bekende schilder) (21-11-1811 - 12-10-1888) (onderscheiden met het metalen kruis, wijnhandelaar te Zutphen en van 1885  naar de Rhijnkade A 351 later Arnhem) (14 kinderen) en zijn vrouw Egberdina Anna  (1819-1902).
Huize Voortstreven

In 1883 ontvangt de heer Keppel Hesselink er de generaal Karel van de Heijden. H.G. Keppel Hesselink overlijdt op 12 oktober 1888.
Er is kennelijk geld te kort en er wordt inboedel verkocht:

Voorstreven Renkum
1894

Een consortium van bouwondernemers hebben bouwterrein opgekocht oostelijk en
westelijk van buitenplaats 'Voortstreven'(villabouw). Renkumsche Courant 14-05-1898

Huize Voortstreven Renkum
1902

Om toch  enkele inkomsten te genereren wordt de tuinmanswoning verhuurd. In 1903 na het overlijden van mw Keppel Hesselink -ViŽtor in 1902 komt Voorstreven te koop:

Voortstreven Renkum

In 1902 wordt Voortstreven gekocht door de weduwe Gros, een succes is het kennelijk niet, via de notaris C.G van Heelsum wordt een gedeelte van de inboedel verkocht. En de villa komt weer te koop.

Casa Cara Renkum

Met het er tegenoverliggende Kurhaus ging het financieel heel goed. Op de veiling (bericht van inzet hfl 15.900) kon Dr. Marx in 1903 voor hfl16.000,- van de kinderen/erfgenamen van Herman Gijsbert Keppel Hesselink enige percelen van Voortstreven', aankopen. (Herenhuis met tuinmanswoning, koetshuis, erf, tuin met wandelbos, houtwal, beplanting, hakhout en weiland, samen groot 4 hectare 80 are 26 centiare). Het Kurhaus lag toen tegenover Voortstreven aan de andere kant van de Utrechtseweg. .
De Oosterbeeksche Courant van 2 januari 1904 bericht dat het "Kurhaus "Bad Heelsum" een hoogst belangrijke uitbreiding heeft ondergaan, door het landgoed 'Voortstreven' er door aankoop aan toe te voegen. Ook de aangrenzende villa van Generaal van Vliet is gehuurd om ingericht te worden voor de verpleging van lijders tegen verminderd tarief". (Met de villa van de Generaal werd Casa Cara, nu Utrechtseweg 126, bedoeld, vroeger ook deel uitmakend van Voortstreven). Ook was Dr. Marx korte tijd samen met Jacob Portielje eigenaar van ongeveer 2 hectare van het grondgebied van 'Avondrust'

Enige jaren later lijkt er een ommekeer te komen. In de Oosterbeeksche Courant van 16 september 1905 werd de verkoop van de "thans in volle exploitatie zijnde geneeskundige badinrichting Kurhaus 'Bad Heelsum" aangekondigd, op 21 september 1905 in het SociŽteitsgebouw naast het Tramstation te Heelsum door notaris E.D. de Meester. De verkoop van het Kurhaus (zonder Voortstreven) ging niet door, maar in december 1906 werd het Buitengoed 'Villa Etty' (dit was Voortstreven), bestaande uit het Heerenhuis met Tuinmanswoning, koetshuis, erf en tuin met wandelbos, weiland en houtwal, in totaal 4 hectare, 80 are en 26 centiare verkocht aan Mej. Margaretha Agatha Mees (1855-1939) voor hfl. 29.500. Margaretha Agatha Mees zij is overleden op 30-06-1939 te Renkum.
Mej. M.A. Mees gaat in 1907 ook nog de villa "Mon Repos" in Heelsum betrekken. (Wageningsche Courant, 10/04/1907; p. 3/4)

Het echtpaar Haverkorn van Rijsewijk-Mees vestigde zich in 1902 bij de familie op villa Voortstreven te Renkum. Dr. Haverkorn van Rijsewijk gaat in Renkum rond de Nieuweweg een viertal huizen bouwen. Zoals villa Zonnewende (1904). Het sanatorium aan de Hartenseweg voor de verpleging van tbc-patiŽnten, het 'Herstellingsoord Renkum' in 1905. Het woonhuis aan de Dorpsstraat voor de familie Haverkorn, naast de pastorie. In 1911 werd nog een vierde huis gebouwd, aan de Nieuweweg: het huis Lucht en Licht. Dit gebeurde in opdracht van mevrouw Mees-Pijnappel en zij bestemde het voor de verpleging van meisjes met tbc. Met de Rotterdamse bankiersfamilie achter de hand was er kennelijk genoeg geld om in het Renkumse de zaken groots aan te pakken.

Oosterbeeksche Courant 1907: verkoping voor mej. M.A. Mees op Voortstreven; 10 perceelen beuken, brandhout, kersenhout en accaciahout. Aanw. J. Maters.
Mevrouw Mees woonde toen zelf al op de Nieuweweg.

Eigenaar in 1923: MŲllenkamp ?
Voortstreven
Voorstreven is links onder, rechtsboven het pand van Marx, Bad Heelsum

De kadasterkaart hierboven laten een ander pand zien dan de kaarten hieronder.

Voortstreven

Voorstreven
Een kadaster hulpkaart uit 1932. Voorstreven is links, rechts staat Campina.

Voortstreven
Een veldwerkkaart met meer details uit dienstjaar 1933

Telefoonboek 1935: K.A. v. d. Have-Visser.

Daarna heeft er de familie Albert van Ketel gewoond. Hij was hoogleraar aan de Hogeschool in Tilburg geweest. Onherstelbare oorlogsschade in 1944. Er kwam in het midden van de jaren 50 een nieuw bestemmingsplan. Het huidige pand op de  Voorstreven 8 is er gebouwd in 1956-57. Doch staat niet op de exacte locatie als Huize (Klein) Voortstreven.
Voortstreven Renkum
Het Landgoed Voortstreven. De Gereformeerde Kerk aan de overkant van de Utrechtseweg staat er net niet op, geheel linksboven is de woning aan de Utrechtseweg nr 97 zichtbaar. Luchtfoto gemaakt door de RAF om de luchtlandingen van 17 september 1944 voor te bereiden.

De eerste nieuwbouw plannen zijn gereed in 1957. De kavel C 4083 is in eigendom van de fa Van Gelder en Zonen en wordt gebruikt voor een jonge ingenieur die dan op de Voorstreven 8 gaat wonen.
De voormalige Vredestein fabriek, Beukenlaan 50, Renkum

In september 1915 wordt de modelboerderij het Huis ter Aa te Doorwerth van Scheffer aangekocht door de firma Wilhelmi ťn Co., fabriek „Hevea" staaldraden, rijwiel-, auto en massieve banden, te Hoogezand. Dit bedrijf wordt in zijn geheel naar Heveadorp overgebracht. Hevea wordt Vredestein middels een fusie in 1962. In 1976 werd besloten de fabriek in Heveadorp te sluiten en een nieuwe fabriek in het Renkums Beekdal te bouwen. De rubberfabriek Vredestein in Heveadorp sloot in 1979 en werd gesloopt begin mei, juni 1982.
De van Gelder papierfabriek in het beekdal werd gesloten in 1981 en op die lokatie gaat Vredestein verder. In 2004 sluit de Vredestein fabriek in Renkum.

Vredestein
 tegeltableau dat de wederopbouw na de oorlog symboliseert. Het tableau werd destijds in de oude Hevea-fabriek in Heveadorp aangebracht en verhuisde mee naar het nieuwe pand in Renkum. Vredestein sluit zijn fabriek in Renkum. Dat kost 105 mensen hun baan. Dat heeft het bedrijf eind oktober 2003, bekendgemaakt.
Vredestein
plan uit 1986

Wikipedia
Voormalig hotel Vreewijk (Nieuwerhoek) (Bertha), Utrechtseweg 161 Oosterbeek.

Na afloop van een veiling, staat in de Arnhemsche courant van 1 aug 1872 dat de heer Altman; no. 5 massa van no. 2, 3 en 4, f18,326, dito; no. 6 massa 1, 2, 3 en 4, f 50,029, dito; no. 7 een boerenhofstede aan den Dreijenschen weg, groot 6.81.08 el, gelegen te Oosterbeek, f 7905, gekocht heeft.

De villa Nieuwerhoek wordt in 1873 gebouwd door de Amsterdamse aannemer J.D. Altmann voor zijn zoon. De zoon gaat er in 1875 wonen. Daarna wordt de villa verkocht aan Jacobus Lebret. In 1880 wordt Nieuwerhoek verkocht aan Pieter Nicolaas Muller die het door verkoopt aan Hilmer Hendrik Uloth, uit Amsterdam.

Nieuwerhoek Oosterbeek
Nav de advertentie; kloppen de namen wel?

Nieuwerhoek Oosterbeek

Na het overlijden van de heer Muller trouwt zijn weduwe Bertha Anna Louise Ooms met H.H. Uloth en na zijn overlijden in 1890 woont de weduwe  B. A. L. Ooms er weer alleen.

Bertha Oosterbeek
In 1897 wordt villa Bertha geveild: openbare Verkooping. BERTHA. Notaris Karseboom te Oosterbeek, zal op "Woensdag 21 Juli 1897 bij Inzet en op Woensdag 4 Augustus d. a. v. bij Toeslag, publiek Verkoopen: A. De kapitale, hechte, sterke, geheel naar de eischen des tijds voor Zomer- en Winterverblijf ingerichte Villa „Bertha," met fraai aangelegden Tuin, Schuur en koude en warme Kassen, staande en liggende tegenover het Hotel „Schoonoord-, op den hoek van den Utrechtschen Straatweg en den Stationsweg, op het schoonste en hoogste gedeelte van Oosterbeek, aan het kruispunt van twee wegen en aan de halte van de Stoomtram, groot ongeveer 33 A.. 10 Centiaren. B. Een perceel Tuingrond, uitmuntend gelegen als Bouwterrein, naast het voorgaande perceel, aan den weg naar het Station hoog aldaar, ter grootte van ongeveer 12 Aren, 20 Centiaren. C. Een onlangs nieuw gebouwd Koetshuis met Stalling voor 2 paarden, Tuinmans- en Koetsierswoningen, waarin Wel- en Begenwaterpompen, met Schuur en Bouwland aan den Paaschbergscben weg, onmiddellijk bij het le perceel, ter grootte van 36 Aren, 46 Centiaren. De Villa is zeer droog en uiterst net onderhouden, voorzien van Wol- en Eegenwater, Waterreservoir met Perspomp en Electrische Bel-inrichting en bevat beneden een ruime Suite met ruime Serre met steenen Parketvloer, ruime Eetkamer, allen met rijk geschilderde Plafonds en van marmeren Schoorsteenmantels voorzien, marmeren Gang met geschilderde Muren, Keuken en Bijkeuken, halverwege de trap een Provisiekamer; boven : ruime Corridor, 5 Kamers met geschilderde plafonds, waarvan een kamer met marmeren Schoorsteenmantel, Badkamer en ruime Zolder met Dienstbodenkamer, en voorts een aantal Kasten en verdere gemakken. Aanvaarding bij de betaling der kooppenningen vůůr of uiterlijk op 15 September a. s. (5051) Het geheel is aangeslagen in de grondbelasting over 1897 met ƒ71.37 en is dagelijks te bezichtigen".
Een onlangs nieuw gebouwd Koetshuis met Stalling voor 2 paarden, Tuinmans- en Koetsierswoningen, waarin Wel- en regenwaterpompen, met Schuur en Bouwland aan den Paaschbergshen weg, onmiddellijk btegenover het lste perceel, ter grootte van 36 Aren, 46 Centiaren. Het geheel is aangeslagen in de grondbelasting over 1897 met ƒ 71.37 en is dagelijks te bezichtigen. De verkooping geschiedt in 3 perceelen, combinatiŽn en massa. Nadere inlichtingen zgn te bekomen bg de Makelaars C. DE Vlaming Jr., N.-Z. Voorburgwal 124, en H. Heije & Zoon, Keizersgracht No. 731, te Amsterdam, benevens bovengenoemde Notaris.
Uit Het nieuws van den dag dd 19-7-1897.
Nieuwerhoek Oosterbeek

De koper is dan: Casper Louis Reuvens (1863 -1915) was van 1898 tot 1915 eigenaar van de Villa Bertha, door Reuvens hernoemd als Vreewijk. Deze zoŲloog, doctor natuurwetenschappen uit Leiden, vestigde in een door hem gesticht bijgebouw van Vreewijk een polikliniek voor on- en minvermogenden. Een twaalftal jaren (van eind 1899 tot 1912) heeft dokter C.A. Reuvens veel patiŽnten gratis hulp verleend. De naam Vreewijk was ontleend aan het Leidse landgoed waar Reuvens tevoren woonde. Na het overlijden van dr. C.L. Reuvens zoekt Mevr. Reuvens te Zandvoort op 26-8-1916 door haar vertrek uit Oosterbeek een betrekking voor haar knecht Gerrit Buunk, wonende op Dreijen in Oosterbeek, als huis-tuinknecht of koetsier. Het beste getuigschrift staat hem ten dienste na ruim 17 dienstjaren.

In 1916 komt de villa Vreewijk te koop, samen met twee bijgebouwtjes, een bloemenkas en een erf met tuin.  De villa bevat: beneden: 4 Kamers, waarvan 2 en suite met grote serre, keuken, bijkeuken en kelder; boven: 6 kamers en badkamer en verder een zolder met 3 kamers en is dan voorzien van gas en waterleiding en andere gemakken. Het wordt aan de  jhr. Hendrik Gerard van Holthe tot Echten verkocht. In november 1920 komt de Buitenplaats „Vreewijk", groot ca. 4000 m2, weer te koop. De jonkheer verhuisd in 1921 naar de Hoge Oorsprong. Een succes is de verkoop via een makelaar niet, in juli 1921 wordt er een veiling aangekondigd. Maar daana bericht notaris Karseboom te Oosterbeek, dat de veiling van de Buitenplaats Vreewijk niet doorgaat, als zijnde het perceel uit de hand verkocht. De koper is Hendrik Jan Locht en hij begint er een Hotel Cafť Restaurant „met groot terras en gezellig Cafť-Biljart (met een echt Wilhelmina Biljart). Het hotel gaat open op 12 april 1922.

Lees meer over het hotel en daarna bij het gedeelte over cafť's en hotels.
Voormalig Pension Vrede, .Utrechtseweg 111 te Oosterbeek.

Bouwjaar 1904. De BAG noemt 1954 als zijnde het bouwjaar. Een rijksmonument. Ten tijde van het overlijden van B. Arps in 1938, was de naam villa Bernanco. Bernardus Arps was de opdrachtgever (1901 - 1904) voor de bouw van het pand en woonde er zelf twee periodes, van 1904 tot ongeveer 1905 en van 1920 tot zijn overlijden in 1938.
Utrechtseweg 111 Oosterbeek
Villa Vrede, Wilhelminastraat 15, Oosterbeek.

Gebouwd in 1901 naar ontwerp van de Oosterbeekse architect J. van Burk in opdracht van de architect Jacob Anthony Voorhoeve (1847-1929) uit Rotterdam. Voorhoeve wordt op deze site vaker genoemd. Ook zijn zoon, de landschapsarchitect, werkte veel in het Renkumse.
Het pand is een Rijksmonument.
Voormalig buiten Vredenoord, aangenaam en gunstig gelegen te Oosterbeek, in de nabijheid van den nieuw aangelegden Straatweg , bestaande uit woonhuis, koetshuis, stalling en tuin, te zamen groot ongeveer 40 Roeden , 40 Ellen. (advertentie 1867)
Voormalige Villa Vredeoord, Renkum. Adres was eerst Dorpsstraat A 52 later nummer 155.

Renkum Dorpsstraat Bouvardia\
Villa Vredeoord is het linker pand.

Vredeoord heeft ook andere schrijfwijzen gehad: Vrede-oord en Vrede Oord. En er zijn ook anderen namen: Heijborgh, De Wissel, en De Tramhalte.

Een bewoner, dhr. Petrus Paulus Johannes (Piet) Czerwinski (1862- 1923) is in de periode van 1888-1893 al mededirecteur van de Stoom-Wasch-Inrichting ‘De Amstel’ te Nieuwer-Amstel. In de Wageningsche courant komen we hem vanaf 1884 tegen. Hij wordt dan benoemd als commissaris van de Stoomwasserij in Renkum. In Renkum komen we hem in de krant tegen vanaf 1897 als de echtgenote, geboren Catharina Maria Meddens (1863-1923), bevalt van een zoon, Georgius Petrus Maria. In 1899 wordt dochter Elisabeth Johanna Catharina Maria geboren. In 1900 wordt Czerwinski, samen met oa. Theophile de Bock gekozen in het bestuur van de VVV. In 1901 wordt er een dochter: Elisabeth Johanna Catharina Maria "Lies", geboren. In 1911 wordt opgericht de "Geldersche Stoomwasscherij (Amerikaansch systeem), te Renkum. — Kap. ƒ25,000 (waarvan ƒ15,000 gepl.). Oprichters: mr. N.M. Lebret, te Oosterbeek, en P. P. J. Czerwinski, te Renkum". (Nieuws van den Dag 24-6-1911)

In 1918 wordt Czerwinski, te Renkum, de 1-ste-secretaris van den Bond ter bevordering der Waschindustrie in Nederland. In 1920 wordt Vredeoord verkocht en Czerwinski komt in 1923 te overlijden in Laren. De oudste dochter Elisabeth J.C.M. Czerwinski, komt in 1917 weer thuis wonen vanuit Venray. Ze gaat huwen met Franz Alfred Johann Nicola von FŁrstenrecht en ze verhuizen samen begin juni 1920 van dit adres naar N.O.I.

De trammaatschappij O.S.M [NBM] koopt Vredeoord en begint daar na mei 1920 voor de deur een tramstation. Dat is dus pal tegenover de toenmalige pastorie aan de Dorpsstraat 160 te Renkum. Het zou kunnen dat Vredeoord dan "De Wissel" of "De Tramhalte" wordt genoemd. Lees het boek over de  "Trams tussen Rhenen en Arnhem" van Mart Vlaanderen en Toon Steenmeijer uit 2011, blz. 54/55
Vredeoord Renkum
Dhr. J. Muntjewerf, gaat er wonen. Hij is agent van de O.S.M.
In 1925 (Topo Tijdreis) zijn er vier panden aan de Dorpsstraat Noord tussen de Nieuweweg en de Leeuwenstraat. Achtereenvolgens: Weltevreden (bestaat nog), villa Vredeoord (tegenwoordig Kleikamp op 149 en 147), de Kleikamp tegenwoordig een 2-onder-een-kap met huisnummers 145 en 143 en huize Zorgvliet. Zorgvliet bestaat nog, Dorpsstraat 141. Andere naam Villa Muze.
Bij de St. Heemkunde Renkum  lees ik over huis De tramhalte. Na de villa Weltevreden op de hoek met de Nieuweweg "komt het huis “de Tramhalte”. Deze woning was ook van Dhr. Jansen, die er zelf in woonde (1872), en een gedeelte verhuurde aan Dhr. de Haas. Jansen had hier zelf ook een klein boerderijtje. (Op deze plaats kunt u nu de flat vinden, op nr 160)"
Tramhalte Renkum
"Tweede huis van rechts het huis “de Tramhalte”. Daarvoor de woning van Van Scherrenburg. Links de oude Hervormde pastorie".
 
Vredeoord Renkum geheel links
Geheel links Vredeoord, herkenbaar aan het bord van de tramhalte. Daarnaast in het wit: De Kleicamp. Geheel rechts de woning van dr.Haverkorn van Rijsewijk.
De tram van de OSM begon in 1882 en eindigde als Nederlandsche Buurtspoorweg-Maatschappij (NBM) in 1937
Villa Vree-berg, Pietersbergseweg 62, Oosterbeek.

Ouder adres: Pietersbergseweg 48. Het huidige pand is gebouwd vanaf 1906, voor bewoning gereed in 1908. Een rijksmonument. In 1875 is er al sprake van een buiten Vree-berg, gelegen naast de Hemelse Berg. En in 1855 wordt al genoemd: voor weinige jaren nieuw gebouwd. De bewoner is dan dhr. J. Aalbers. In 1880 komt het buiten te huur voor Hfl 500,= per jaar. In 1937 -1942 is de villa een periode een pension.

Vreeberg Oosterbeek
1855

Villa Vreeberg Oosterbeek
Te Oosterbeek heeft Jhr. Beelaerts achtereenvolgens gewoond op „Transvalia", en huize „Vreeberg", terwijl hij sinds 1919 huize „De Hemelsche berg" bewoont. (Uit de  Arnhemsche courant van 06-09-1934)
Vreeberg Oosterbeek
1920

Rond 1928 woont er:  Mevr. Lind, villa „Vreeberg", Pietersbergscheweg 48 te Oosterbeek
1937 Arnhemse Courant: Pension Vreeberg, Pietersbergscheweg 48, Oosterbeek, vraagt flinke DIENSTBODE, niet jonger dan 18 jaar, ook Duitsche komt in aanmerking. Aanmelden 's avonds na 8 uur. T 7261 Er zijn vergelijkbare advertenties uit 1941, 1942
Villa Vreewijk, Utrechtsestraat 161, Oosterbeek.

In 1980 stopt Hotel Vreewijk, zie meer info bij het gedeelte over hotels, cafťs e.d.
Vreewijk Oosterbeek
Wamelse Enk, Heelsum

Niet meer gebruikte benaming van een enk in Heelsum. Tussen de Kastanjelaan en Kerkweg, Heelsum, bebouwd na 1898.

 We kennen ook de Heelsumse Enk, die een veel groter gebied bestreek. Het gebied tussen de Noordberg en Heelsum, het hogere stuk aan de oostzijde.
"In 1709 werd bij de Heelsumse water-papiermolen op de Wamelse Enk een wind papiermolen voor wit papier gebouwd door Claes Jansen Pannekoek vlak bij zijn watermolen in Heelsum". bron
Waldfrieden. Johannahoeve 4, Oosterbeek

Waldfrieden was er van 1850 tot 1908. Daarna heette het de Johannahoeve van 1908 tot 1945, en daarna Nieuw Vrijland tot op heden

Eind 19e eeuw was het hele gebied ten noorden van Oosterbeek tot de Buunderkamp in Wolfheze ťťn groot landgoed onder de naam "Waldfrieden". Op de plek waar nu het rusthuis staat van Mill Hill stond vroeger het landhuis Waldfrieden waar de grootgrondeigenaar zo nu en dan kwam. Het landgoed werd begin 1900 eigendom van de industrieel Mesdag. Hij vernoemde zijn nieuwe landgoed liefkozend naar zijn oogappeltje ťn dochtertje Johanna: De Johannahoeve.
Waldfrieden Oosterbeek
Het landhuis Waldfrieden was er van 1850 tot 1908. Daarna heette het de Johannahoeve van 1908 tot 1945, en daarna Nieuw Vrijland. Het voormalige landgoed Walfrieden bestond eind 19e eeuw het hele gebied ten noorden van de spoorlijn, van de Airbornebegraafplaats in Oosterbeek tot de Buunderkamp in Wolfheze. Huize Waldfrienden stond tot 1944 op de plaats waar later Missiehuis Vrijland stond: Johannahoeve 4, 6861 WJ Oosterbeek. Tegenwoordig is dit het Sint Jozefhuis en heeft het Missiehuis huisnummer 2 gekregen. De burgemeester van Renkum, Jan van Embden verwierf omstreeks 1860 het landgoed en liet er in 1884 het jachthuis "Waldfrieden" bouwen. In 1891 staat het leeg en biedt de burgemeester aan: Te Huur, te Oosterbeek, het buitentje „Waldfrieden", gelegen in het dennenbosch tegenover het Logement Dreyen bij het Station Staatsspoor Oosterbeek, bevattende vijf kamers beneden en twee boven, goeden kelder, weiwaterpomp met uitmuntend water, goede pendoppo. Dadelijk te aanvaarden. Franco brieven Burgemeester Oosterbeek.
Daarna kocht G. Hellingman het ongeveer 600 ha grote landgoed om er een villapark te bouwen. Hellingman overleed veel te vroeg in 1907. In 1908 werd de heer G. van Mesdag eigenaar van het toen 900 ha grote gebied. Van Mesdag kende J.W.F. Scheffer (toen Duno) bij de firma van Houten. Het Jagershuis werd in 1908 door G. van Mesdag verbouwd tot een landhuis. Mesdag vernoemde zijn nieuwe landgoed naar zijn dochtertje Johanna: De Johannahoeve. Hij had grootse plannen: bouwde richting de Amsterdamseweg een grote en voor die tijd moderne boerderij met vele medewerkers en allerlei gebouwen elders op het landgoed. Maar het lukte niet om de modelboerderij rendabel te krijgen en de verschillende gebouwen werden vanaf 1922 verpacht aan verschillende boeren. In 1943 werd de boerderij gekocht door de Franciscanessen van Mill Hill die verdreven werden door Duitse logťs uit hun Huize Vrijland te Schaarsbergen (aan de Koningsweg, naast vliegveld Deelen). In 1944 is er een pension in Waldfrieden, uitbater de heer Koch. In september 1944 ging het mis, Walfriede brandde af. Na de oorlog gingen de Mill hiller's terug naar Schaarsbergen en in 1953 werd dit landgoed te Schaarsbergen verkocht. Daardoor kon in 1955 gestart worden met de bouw van Vrijland op de resten van Waldfrieden. Vrijland is een rusthuis voor paters die van de missie terug keerden. De broeders genoten op de ‘boerderij’ opleiding voor uitvoerende taken in de missie, waar zij na de opleiding naar werden uitgezonden. Er was een timmerwerkplaats, een smederij en natuurlijk een boerenbedrijf. De Missionarissen van Mil-Hill verhuisden in 2007 naar Oosterbeek. Sinds 2011 maakt Vrijland deel uit van Icare. Inmiddels is op deze plaats een nieuw Trapistinnenklooster (Abdij O.L. Vrouw van Koningsoord) verschenen, dus de grond blijft gewijd!

Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Watertoren bij Waldfriede, Oosterbeek Een buizennet ter lengte van 2500 meter is reeds aangelegd en op een der hoogste punten, dicht bij het oude “Waldfriede” heeft de Amsterdamse IJzergieterij en constructiewerkplaats F.Rincker in 17 dagen een watertoren van 20 meter hoogte opgesteld. De watertoren rust op 4 betonblokken, is geheel van ijzer en bovenop bevindt zich een reservoir, dat 6280 liter water kan bevatten. Het gevaarte is met schroeven op de betonblokken bevestigd, zodat de toren, indien hij later te klein mocht blijken, gemakkelijk kan worden verplaatst.”
(De fundering is nog terug te vinden in het bos noordelijk van het huis van de paters).
Waterpompstation aan de Benedendorpseweg in Oosterbeek

"Tenslotte werd in 1906 aan R. A. J. van Delden te 's-Gravenhage concessie verleend tot de aanleg van een waterleiding. Deze heer bleek echter zijn verplichtingen niet. na te kunnen komen, zodat in 1908 opnieuw concessies werden verleend, nu aan M. Sanders. Deze bouwde op zijn terrein ten zuiden van de Benedendorpsweg, ongeveer tegenover het Stenen Kruis. aan de voet van het talud een pompstation en bij de Beukenlaan een watertoren (in 1944 verwoest). Reeds het volgende jaar werd de waterleiding in gebruik genomen, waarmede toen ook de dorpspompen (-putten) verdwenen. Eťn dezer stond bij het gemeentehuis aan de Utr.weg en een ander voor de Weverstraat. Uiteraard is in de loop der jaren door uitbreiding het buizennet sterk uitgebreid, doch sinds 1909 heeft Oosterbeek zijn eigen drinkwatervoorziening. Demoed pagina 340.
Het gemeentebestuur gaf na de oorlog een vergunning voor een vuilnisstortplaats
in de Rosandepolder bij de Laak en Swammerdam. Alle huisvuil en industriŽle afval werd hier gedumpt. Van de term bodemverontreiniging had nog niemand gehoord. Op een paar  honderd meter van het pompstation van het Oosterbeekse waterleidingbedrijf.
De voormalige watertoren aan de Spechtlaan 19, Doorwerth.

Gebouwd in 1938. De BAG komt met bouwjaar 1937 aardig in de buurt en men vermeld een ondoerzoek naar het oorspronkelijk bouwjaar.

"Villapark Doorwerth; Op verzoek van de N. V. „Cardanus” te Amsterdam werd een nader onderzoek ingesteld inzake den eventueelen bouw van een eigen pompstation voor de drinkwatervoorziening van het Villapark „Doorwerth” te Oosterbeek, waarvoor het water tot dusve en gros wordt ingekocht van de N. V. Heveafabrieken". tekst uit 1936

In 1962 is de toren buiten werking gesteld en sindsdien nauwelijks onderhouden en er is toen veel vorstschade opgetreden. Oorspronkelijk stond de toren in een bebost gebied, nu is het een woonwijk met veel groen. De watertoren is herbestemd tot wonen.

Lees ook de info bij Cardanus Mij.
Een gemeentelijk monument.

https://watertoren-doorwerth.nl/
watertoren Doorwerth
De verdwenen watertoren in Heelsum

Gebouwd in 1915 met een hoogte van 26 meter. De waterinhoud was 125m3. Architect onbekend. Het gaat om een reservoir met een betonnen vlakbodem. De toren stond aan de Patrimoniumweg. Zwaar beschadigd in WO II. Gesloopt in 1982.
watertoren Heelsum
De watertoren in Oosterbeek, op de Zonneheuvellaan.

Watertoren
Deze watertoren is ontworpen door architect Th.K.J Koch en is gebouwd in 1938. De BAG heeft het echter over 1899!. Er waren ooit kaartjes te koop en kon je boven op de toren genieten van het uitzicht.  In 1987 werd de watertoren aan de Zonneheuvelweg buiten gebruik gesteld.


Watertoren Oosterbeek

De Oosterbeeksche Courant meldde op 21-5-1938 de bouw van een watertoren (voor het waterbedrijf van de dhr. Sanders in de Bilderbergsche bossen. En een advertentie prijst deze toren op de Zonneheuvel aan: 'Bezoek de uitzichttoren, Zonneheuvelweg 1. Prachtige vergezichten. 80 meter boven AP. Gemakkelijke trappen. Entree 10 cent.

Op 21 maart 2011 vond de overdracht plaats van de watertoren aan de Zonneheuvelweg in Oosterbeek. De gemeente Renkum verkocht de watertoren voor € 10.000,- aan de Stichting Watertoren Zonneheuvel Renkum, waarin bewoners van de Zonneheuvelweg zich hebben verenigd, om dit monument en de vleermuizen veilig te stellen. De watertoren is niet voor publiek toegankelijk.

Heemkunde Renkum
De voormalige watertoren op de Tweede Molenberg, aan de Molenweg in Oosterbeek.
 
In 1908 - 1909 bouwt Mathijs Sanders een watertoren aan de Molenweg te Oosterbeek. Sanders was eigenaar van de steenfabriek in de Rosandepolder en bedacht dat een eigen  waterleidingbedrijf ook wel handig zou zijn. UIteindelijk werd vrijwel geheel Oosterbeek aangesloten op het leidingnet. Om voldoede waterdruk te creeeren werd deze watertoren gebouwd. Naar een ontwerp van Roelof Kuipers. De watertoren gaat in 1944, verloren.

Watertorens
watertoren Oosterbeek
De voormalige watertoren of pompstation aan de Graaf van Rechterenweg 62, Oosterbeek.

Bij Topo Tijdreis staat de toren aangemerk als Uitzichtoren tussen 1957 tot en met 1977

graaf van Rechterenweg
"Op het pompstation van het' waterbedrjjf te Oosterbeek is de nieuwe pompinstallatie begin maart jl. in bedrijf gekomen. Bij de warme dagen in de maand mei heeft deze installatie op maximum capaciteit moeten draaien. Het was toen pas mogelijk de totale capaciteit van de bronnen vast te stellen. Bij de oude installatie was niet bekend of de capaciteit bepaald werd door de oude pompinstallatie of door de bronnen. Bij de nieuwe installatie bleek het mogelijk maximaal plm. 200 m3 per uur weg te pompen uit de bestaande bron. Om deze capaciteit te kunnen benut en, hetgeen bij warme dagen noodzakelijk is, is gewenst 2 nieuwe bronnen te laten maken ter vervanging van de oude bronnen. Fen van deze bronnen is reeds 52 jaar oud, terwijl de andere 1 bron reeds 40 jaar in gebruik is". Uit de Arnhemsche courant van 15-07-1960

Weet zo niet of deze tekst nu over de Graaf van Rechterenweg gaat of over het waterbedrijf aan de Benedendorpsweg, waar Sanders ooit mee begonnen is!

Tegenwoordig (bouwjaar 1981) staat er een grote 8 hoekige blokkendoos, zie de foto hiernaast.

Nog eens uitzoeken of het "Bestemmingsplan pompstation en reinwaterberging Oosterbeek, 1985-1986", hier mee te maken heeft.

toren Graaf van Rechterenweg Oosterbeek
De watertoren op het terrein van Ziekenhuis Wolfheze, te Wolfheze

Deze watertoren werd in 1907 gebouwd naar een ontwerp van de architect E.Knevel.
Bij Cor Janse; Blik Omhoog , pagina 1270, is te lezen dat de architect E.G.Mentink uit Schalkwijk er voor tekende. In 1909 werd een tweede reservoir geplaatst, waarmee
de opslagcapaciteit op 80 m3 kwam.

 In 1979 werd de toren als laatste in de gemeente buiten gebruik gesteld, ofschoon hij zijn functie nog steeds heeft.

De schrijver dezes heeft van 1967 tot 1979 mogen genieten van het heerlijke vrijwel kalkvrije water van deze toren. Er werd bij het pomphuisje nog extra kalk aan het water toegevoegd.

De toren wordt bewoond.
De toren is een rijksmonument.
watertoren Wolfheze 
Huize Welgelegen, Dorpsstraat 163, Renkum.

Gebouwd in 1873. Alhoewel in de Wageningse Courant van 5-12-1867 wordt Welgelegen al genoemd. Welgelegen wordt dan geveild met een vrijdom van grondbelasting tot 1872! Was bewoond door de familie Luckien en werd later aangekocht door de Hr. Van Wijck van de familie Van Wijck van de steenfabrieken. Deze heeft het laten verbouwen, met een verdieping erop zoals het rond 1940 was. Er heeft, waarschijnlijk tot aan de oorlog, een koepeltje boven op het zolderdak gestaan. In het boek "Fotoboek van de dorpen Renkum en Heelsum, van Burgsteyn + Heijers, 1985, staat op pagina 24 een foto van Welgelegen met koepeltje, een opname uit 1903. Toen dhr. van Wijk in Oosterbeek ging wonen, is het gekocht door notaris De Meester. Na het overlijden van notaris De Meester kwam het in bezit van de Hr. Nolthenius die er met zijn echtgenote ging wonen. Zijn weduwe Elisabeth Sara Tutein Nolthenius-Waller heeft er nog jaren gewoond, met een geheel "zelfstandige huishouding'' (aan de Wageningse kant) de fam. Vink-Hulshuizen.
Een gemeentelijk monument. Sinds 2010 in gebruik als een Thomashuis voor zorgbehoevende jongeren.

Achtereenvolgende eigenaren tot 1982: Gerardus Johannes Mijnlieff, steenfabrikant uit Renkum; Dr. Hendrik Burger, arts uit Amsterdam; Bernardus Wilhelmus Kemper, horlogemaker en Johanna Everdina Kemper; Jeannette Henriette Haasloop Werner, zonder beroep uit Renkum; Heinrich Gotfried, minderjarige uit Drimmelen; Vruchtgebruik voor Jeannette Henriette Haasloop Werner, zonder beroep uit Renkum; Dr. Combertus Pieter Burger, hoogleeraar uit Delft; Ooster Stoomtrammij uit Arnhem; Maria Jacoba de Meester-Stoop; Elisabeth Sara Tutein Nolthenius-Waller en Gijsbertus Cornelis Helbers, kunsthistoricus uit Renkum. Rond 1985 nog de fam. van Duren. Het pand is een gemeentelijk monument.
Welgelegen Renkum
Voormalig Welgelegen, Op de hoek van De Jagerskamp en Weverstraat, Oosterbeek Welgelegen Oosterbeek
Welgelegen-in-1866-door-Leonardus-Tollenaar
Villa Welgelegen, Utrechtseweg 181 Oosterbeek
Later villa Eureka.
meer over Welgelegen - Eureka op de pagina over 't Hemeldal.
Villa Weltevreden, Renkum aan de Straat-Tramweg, op de hoek met de Kortenburger allee. Tegenwoordig adres Nieuweweg 1.

Volgens de BAG voor het eerst bewoond in 1900. De eigenaren zijn in 1907 de  erven Wed. Grandpre Moliere en zij bieden de villa te koop aan. Voor een bedrag van f 6.450.--. wordt de nieuwe eigenaar dhr. de Jongh uit Krimpen a/d Lek. In 1911 is de villa op een veiling voor hfl 4922 weer te koop en de verkopende makelaar is de meubelmaker Wes Beekhuizen. In 1927 wordt de villa Weltevreden op de hoek van de Utrechtseweg en de Nieuweweg groot 9 are 70 ca., verkocht aan J.K.M. te Boekhorst. Andere eigenaren vanaf de bouw: Henriette Esther Grandprť MoliŤre, zonder beroep uit Deventer (1878), Elisabeth Gijsbertha Grandprť MoliŤre, wed. Schuak, Arie Ariezoon de Jong, zonder beroep, Frans van Scherrenburg, aannemer, Jacob Bouman, zonder beroep, Jan Karel te Boekhorst, zonder beroep uit Deventer, Johanna van Arkel, wed. Wilhelmus Bartholomeus Sueringh, Hermina Kedwig, wed. Arend Jansen, Johannes, Anthonius Jansen  schilder, en de Gemeente Renkum. Tegenwoordig staat er een andere naam op de villa: Parvus Numero Magnus Merito. En is er oa. een Regiobank en makelaar in gehuisvest.
Een beschrijving is ook te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Verdwenen villa Weltevreden aan de Weverstraat Oosterbeek. Weltevreden werd bewoond door dokter J.W. Kien Elzman rond 1860.
Het voormalige buitengoed Westerpark, Utrechtseweg, Oosterbeek.
oud adres aan den Rijksstraatweg te Oosterbeek

Westrpark
Oosterbeek Westerpark rond 1952

Op de hoek van de Utrechtseweg en de Paasberg (de tegenwoordige Pietersbergse weg ontstond rond 1860). De Amsterdamse wijnhandelaar C.M.F Schade, kocht in 1878 de villa Westerpark. Waarschijnlijk was de verkoper Ds. Sprenger van Eyk. Zes jaar later kocht Schade het ernaast gelegen Oosterpark. Beide villa's bleven eigendom van de familie Schade tot 1941. Toen werden Oosterpark en Westerpark verkocht aan de gemeente Renkum. Oosterpark staat er nog en Westerpark is gesloopt ten behoeve van de voormalige Goede Herder Kerk in 1952.
Villa Wiesenthal,  Kneppelhoutsche weg 18, later Kneppelhoutweg 18

Andere namen Antigone, villa Wiesenthal 1928, Huize Anthonius 1936, Hendrik-Ottohuis 1939 en nu villa Libra.

Wiesenthal
1926

Wiesenthal
1928
De opgehoogde veilingprijs was fl 7.211,-

E. Hamer, koopman, verhuisd in 1935 van de Groesbeekscheweg 414 Nijmegen, naar Oosterbeek, Kneppelhoutweg 18.

Ingekomen personen in de week van 14—20 Mei 1936. Te Oosterbeek: J. P. M. Zonneveld, z.b., Kneppelhoutweg 18, van Wageningen.

Anthonius
juni 1936
februari 1938: Indische Dienst; Adresveranderingen van Burgerlijke Ambtenaren, Officieren en Onderluitenants met verlof: E. J. Pieters, leeraar Openb. Middelbaar Onderwijs, Kneppelhoutweg 18, Oosterbeek bij Arnhem.

Juni 1938: Te koop wegens vertrek naar IndiŽ: een STUDEBAKER '34, ruime wagen, in goede conditie, 50.000 K.M. geloopen, ƒ 375. Kneppelhoutweg 18, Oosterbeek.
 
Kneppelhout
okt 1938

Hendrik Ottohuis
jan 1939
mei 1939:  Ingekomen personen vanaf 12—17 Mei 1939. Te Oosterbeek: J. G. Aufenacker, z.b., Kneppelhoutweg 18, van Castricum.

sept 1939: vertrokken uit Harlingen:  Johannes R.E. van Smeden, zonder beroep, van de Lanen 56 naar Renkum, Oosterbeek, Kneppelhoutweg 18.

Ottohuis
dec 1939

In 1942 woont er de fam vd Werf - de Boer

In februari 1944 woont er : C. J. De Boer en J. C. A. van der Horst.

In 1948 woont er de bleeker C. van Dolderen

DolderenDolderen
1954

Bella Vista
Villa Libra in 2022
Voormalig huis Wilgenhof, Benedendorpsweg 102, Oosterbeek

Deze markante woning is afgebroken voor 1998 en in dat jaar verscheen de huidige woning.
In 1965 woonden er de familie Jan Kleynenberg en H. Hulstijn.
Villa Wilhelmina, Heelsum Meerdere Mezen.
Villa 't Witte Hoes, Utrechtseweg 90 Heelsum
Oud adres Utrechtschestraat C80 Renkum (in 1919) en Utrechtscheweg 32.

 Andere naam: Huis te Heelsum, Huize Heelsum. 1911 - 1919
Er is nog een Huis te Heelsum, het kinder vakantie kolonie huis, zie

Wolfheze

De BAG heeft het over oorspronkelijk bouwjaar 1894 ??

Eerste bekende eigenaar is Johan Gerard van der Dussen (1820-1891, de onderwijzer, rentmeester kasteel Doorwerth, gemeentesecretaris gemeente Doorweth. Hij werd in 1842 rentmeester. Hij woonde en werkte aanvankelijk in de rentmeesterswoning op het kasteelterrein te Doorwerth. Van der Dussen was gehuwd met Anna Maria Catharina George (1824-1853). Uit dit huwelijk 2 kinderen:Johannes Hendrik van der Dussen en ds. Anne Eli van der Dussen.

"Ruime Kamers met aan het huis gelegen vrij Wandelpark en Criquetbaan. Ook goede gelegenheid voor Paard -en Rijtuig voor Families, die met Equipage naar Gelderland gaan; vlak aan 't Station van den O. S. Tram. Prompte en nette bediening belooft de Ondernemer Gerritsen. Uit Het nieuws van den dag: kleine courant, 01-04-1891 Huis te Heelsum, gelegen aan de Straatweg te Heelsum wordt in 1917 door notaris F.Ph. KŁhte geveild met als inzet hfl 25.000,="

In dienstjaar 1860 is de kavel C 664 nog leeg. Later is C 664 hakhout en huis.

huis Heelsum
stichting in 1881

Huis Heelsum
uit 1868

Waarschijnlijk heeft de veiling geen positieve reactie gehad

Vanaf 1884 staat er een koepel (C 1197)
Huis Heelsum
1883

Huis Heelsum
Deze van der Dussen kennen we ook als rentmeester en secretaris van de gemeente Doorwerth.
In 1895 wordt de kavel gesplitst.

    Maria Catharina Louise Antoinetta van der Dussen is gehuwd met Arnold Wilhelm Gerhard Rijnders, de secretaris van de gemeente Doorwerth. Mw van der Dussen was de dochter van de Bennekomse predikant Anne Eli van der Dussen. En aldus kleindochter van de Van der Dussen de rentmeester van het kasteel Doorwerth.

Mw Rijnders - van der Dussen verkoopt het pand aan Pieternella Marina Diederiks.
De heer Antonie Cornelis Beijer (fam vd burgemeester) was tot 1916 gehuwd met mw Pieternella Marina Diederiks. Men gaat in Renkum (Utrechtscheweg 32) wonen in 1912. Vanwege een scheiding is het Pieternella Marina Diederiks die het pand in 1916 verkoopt aan Jhr. Dr. Edward Teixeira de Mattos.

"Jonge dameskostschool is nu Hotel-pension "t Huis Heelsum", geexploiteerd door dezelfde maatschappij als "Hotel de Tafelberg" in Oosterbeek". Oosterbeeksche Courant 10-04-1909

Rond 1909 behorende bij de Tafelberg in Oosterbeek van de de heer Ogterop.

 Later werden de eigendommen van Ogterop nog uitgebreid met hotel Wolfheze.
Hotel Heelsum
advertentie 1911

Nog een huurder:
Huygens KNAW: "In 1913 vertrok Anna Gildemeester met haar moeder en Kitty naar het Huis te Heelsum in het bekende kunstenaarsdorp aan de Veluwezoom. Ook haar zus Elise (1862-1934) – sinds 1898 weduwe van Jan Govert Schumacher – kwam met haar twee zoontjes naar Heelsum. In het grote huis beschikte Anna over een atelier en ze werd actief in de kunstenaarsvereniging Pictura Veluvensis. Zij exposeerde tussen 1909 en 1919 vier keer in het gebouw van Pictura in Renkum en in 1916 werkte zij met andere leden van Pictura mee aan een liber amicorum voor de zeventigste verjaardag van de Renkumse schilder H.A. van Ingen. Het contact met Amsterdam ging niet verloren. In september 1915 deed ze mee aan een groepstentoonstelling in het Stedelijk Museum, samen met de schilderessen Marie Kelting en Anna J. Baucke-Kleine en beeldhouwster Georgine Schwartze. Na de dood van haar moeder in 1915 bleef Anna in Heelsum. In 1919 exposeerde zij een kinderportretje op de Tentoonstelling Artibus in Arnhem en correspondeerde zij met de classicus Maurits B. Mendes da Costa naar aanleiding van diens Tooneel-herinneringen (Leiden 1900). Zij vatte in die tijd ook het plan op een kindertehuis te beginnen, waar echter niets van terecht kwam. Waarschijnlijk waren het de daaruit voortvloeiende problemen die haar deden besluiten ‘la via d’esilio’ te kiezen en definitief uit Nederland te vertrekken.
De portretten van haar ouders, zusters en neefjes die Anna vůůr haar vertrek naar Lugano maakte en die tot het hoogtepunt van haar oeuvre behoren, werden na 1939 door de kinderen van Elise Schumacher-Gildemeester uit Heelsum overgebracht naar Amerika."
Gildemeester

Huize Heelsum
Huize Heelsum in 1915

J. P. Schumacher, Huis „Heelsum” te Heelsum is in 1915 lid van Vereeniging tot behoud van Natuurmonumenten in Nederland.

Jan Govert Schumacher was een handelsagent en is gehuwd op 6-6-1889 te Amsterdam met Maria Elizabeth (Anna) Gildemeester. Anna Gildemeester Wikipedia

Gildemeester
telefoonboek 1917 en 1919 ?? waarschijnlijk geen wijziging door gegeven. Want ze was al in 1915 overleden.

Volgende eigenaren:
In “het Witte Hoes” komen in 1916 wonen vanuit Amersfoort (Heiligenbergweg 31); de familie Jhr. dr. Edward Teixeira de Mattos hij is gehuwd met C. Viruly. De familie Teixeira de Mattos kocht het Witte Hoes van Pieternella Marina Diederiks die gescheiden was van Antonie Cornelis Beijer, geb. Soerabaja 17 Aug. 1865, med. dr. en arts, bekend schrijver op het gebied van kinderziekte en armenzorg, kamerheer van wijlen Dom Carlos I Koning van Portugal, huwt in Rotterdam op 2 Maart 1894 met Clara Viruly, geb. aldaar 2 Oct. 1868, dochter van Marie en Maria Johanna Gleichman.

Teixera

E. Teixeira de Mattos overleed in 1929, de echtgenote in 1933.

E. Teixeira de Mattos en C Viruly zijn de ouders van P.D.E Teixeira de Mattos die later gaat wonen op de Utrechtseweg 305 “Wodanswoud” in Oosterbeek.

Selva
Kadaster C 3493 uit 1936

Het Witte Hoes werd door Teixera de Mattos verkocht aan Folkert Posthuma. De familie Posthuma woonde niet in  Heelsum. En men heeft er ook nooit gewoond. Het pand was voor de verhuur.

Uit het gereconstrueerde bevolkingsarchief: Olman, Voornaam: N. Beroep: pensionhouder Adres: Utrechtseweg 90, Heelsum Vestigings datum: 12-3-1938 Afkomstig uit: Ede
De heer Olman huurde er een kamer of zat in pension.
Later verhuisd Olman naar Selva ook in Heelsum

Uit het gereconstrueerde bevolkingsarchief: Blaauw, Voornaam: P., Beroep: zonder beroep, Adres: Utrechtseweg 90, Heelsum, Vestigings datum: 17-6-1939, Afkomstig van: Hemmen

 Uit het gereconstrueerde bevolkingsarchief: Naam: IJssel de Schepper, Voornaam: P. Beroep: zonder beroep, Adres: Utrechtseweg 90, Heelsum, Vestigings datum: 10-8-1940

Witte Hoes
1939

Witte Hoes
1961

De weduwe Posthuma geb. v/d Steen verkoopt in 1970

Selva
opname 2021.
De Wijde Blik, Utrechtseweg 132, 6871 DV Renkum.

Omstreeks 1923 werd dit woonhuis gebouwd voor de architect Willem Kromhout (1864-1940). Bedoeld als atelier en vakantiehuis van de architect zelf. In 1977 kwam er een aanbouw. In 1935 gaat J.F. Boerma (arts) met gezin,  er wonen. Vele Renkummers kennen dit pand ook als de tandartspraktijk Bruins en Visser, die in 2008 zijn verhuisd naar een pand aan de Groeneweg.
Renkum Utrechtseweg 132 met allerlei verkeer ca 1950 Collectie Fien Peelen + HGR
Flatgebouw de Wijde Rijnblik, Fangmanweg Oosterbeek.

Naar een ontwerp van architect J. Grijpma.
Wijde Rijn Blik Oosterbeek
Het voormalige Wildforsterhuis Wolfheze.

Bij Wolfheze stond van 1366 tot de 18de eeuw het Wildforsterhuis. Later werd het een herberg, Tegenwoordig een hotel met de naam Wolfheze. Het Wildforsterhuis was het hart van Wolfheze, dat ook wel eens het Nederlandse Barbizon genoemd werd. In en om de vroegere herberg ontmoetten elkaar de schilders uit het midden der 19de eeuw. Zoals A. G. Bilders, zoon van J. W. Bilders en andere romantici. Velen vonden inspiratie in Wolfheze. Meester Hendriks, een weinig bekende schilder, had het landschap anders bekeken dan zijn voorgangers. De opvattingen, romantisch zeker, waren de voorboden van een kunst, die later zou worden aangeduid als de “Haagsche school”. Jacob en Willem Maris kwamen naar Wolfheze. Anton Mauve ontmoette bij het bruggetje voor het eerst Willem Maris. Mesdag kwam er ook en volgens overlevering was er in die tijd, toen Van Lennep in Oosterbeek logeerde, en Jan Kneppelhout de Hemelse Berg bewoonde, een hele groep artiesten, die de oude herberg op het Wildforstergoed tot leven bracht. In Frankrijk gingen schilders in de zomer naar Barbizon. In Nederland gingen brachten vele kunstenaars een pelgrimage naar het Nederlandse schildersoord Wolfheze. Lange tijd, eigenlijk nog tot de Tweede Wereld Oorlog heeft Wolfheze die traditie bewaard. Theophile de Bock heeft er geschilderd, Louis Apol tot kort voor zijn dood, Corn. Kuypers, Charles Dankmeyer, Jan Toorop en nog vele anderen, die in er in het begin van de 20ste eeuw heengingen. Latere schilders zijn Antoon Markus en Xeno MŁnninghoff, zij bleven het Nederlandse Barbizon trouw.
Het Wildforsterhuis was de woning van de wildforster van Wolfheze, ťťn van de twaalf wildforsters in Gelderland. In dienst van de Heer van Middachten, die weer in dienst was van de Hertog van Gelre. Er waren 12 wildforsters in Gelre.

Op de plaats van het huidige Bilderberg Hotel Wolfheze staat tot 1826 het ‘huis van Wolfhees’, zoals men het Wildforsterhuis ook noemt. Het is een aanzienlijk herenhuis met een brede voorgevel en hoog opgetrokken muren. De Papiermolenbeek stroomt langs het gebouw en vormt een soort slotgracht.

‘Waar het huis van Wolfhees, later tot een landmanswoning ingericht, in zijnen breiden voorgevel en hoog opgetrokken muren, zijne vorige bestemming tot een aanzienlijke heerenhuizing niet onduidelijk vertoonde. Een beek, die in het naburige bosch ontspringt, stroomt langs hetzelfde’
.  Uit: I.A. Nijhoff 1820 ‘Wandelingen in de Omstreken der Stad Arnhem’

De gracht rond het voormalige wildforsterhuis is er nog steeds. Dankzij de werkgroep Beken en Sprengen van IVN Zuid-West Veluwezoom.

Lees meer over het hotel Wolfheze
Lees meer over de oude Heerwegh
Lees meer bij Heelsums Beekdal
Lees meer bij Landschap Lopen
Lees meer bij Dorpsbelangen Wolfheze
De Wilhelmina-Hoeve, Mariaweg 8 te Oosterbeek.
Wilhelminapark, Heelsum.  Zie Wilhelminapark
Koningin Wilhelminaschool, Utrechtseweg 141 te Renkum; Chr. 'Wilhelminaschool', open in 1928. De school is gefuseerd met de 'Beatrixschool' rond 1957. Tegenwoordig Dierenkliniek Wilhelminalinde.
Witte Poort (latere naam Rijnzicht), zie Transvalia.
De Wodanseiken, te Wolfheze.

De naam Wodanseiken werd rond 1850 bedacht door de gebroeders Gerard en Johannes Warnardus Bilders, initiators van de zogenaamde Oosterbeekse School van landschapsschilders, waartoe verder o.a. Maris, Mauve, Mesdag en Van Ingen behoorden. De omgeving van Wolfheze met de grillig gevormde oude eiken langs de Wolfhezer Beek en de omringende heide was veelvuldig onderwerp van hun schilderijen.

Meer over de Wodanseiken
Wolfheze Jacob Jan Cremer
Landgoed Wodanswoud, Oosterbeek Meer over landgoederen op de landgoederen website
Landgoed Groot Wolfheze, Klein Wolfheze, Wodanswoud Meer over landgoederen op de landgoederen website
Landgoed Wolfheze. Meer over landgoederen op de landgoederen website
Landgoed Groot Wolfhezen Meer over landgoederen op de landgoederen website
Psychiatrisch Ziekenhuis Wolfheze.
Ziekenhuis Wolfheze

Ziekenhuis Wolfheze
Ziekenhuis Wolfheze
De Kliniek Neder Veluwe.

Wolfheze

Zie voor het Ziekenhuis Wolfheze ook bij begraafplaatsen en kerken.
Psychiatrisch Ziekenhuis Wolfheze Kliniek ‘Neder Veluwe’

 "In 1933 kreeg Rotshuizen opdracht het hoofdgebouw en de directeurswoning te ontwerpen. Het hoofdgebouw was een gebouw met twee lange hoofdvleugels, een voor mannen en een voor vrouwen, die door middel van een centraal blok aan elkaar geschakeld waren. Ter verlevendiging van het aanzicht lagen de vleugels niet in elkaars verlengde, maar enigszins verschoven. De vleugels hadden deels twee en deels drie lagen, afgedekt met zadeldaken. De gevels waren in schoon metselwerk uitgevoerd, met stalen ramen. In de hal waren twee gebrandschilderde ramen van J.H.E. Schilling. Op de ramen waren de roep om bevrijding en de bevrijding uitgebeeld. De kliniek bood plaats aan 55 mannelijke en 75 vrouwelijke patiŽnten. Het hoofdgebouw raakte zwaar beschadigd tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar kon worden hersteld". Uit Bonas.nl
De tuin van de Kliniek ‘Neder Veluwe’ te Wolfheze was een ontwerp uit 1933 van Rudolf Max Ahirn Otto Schulz.
"De Kliniek 'Neder Veluwe" werd in 18 maanden gebouwd en op 10 mei 1935 geopend. Het door de architecten Rothuizen en Wind ontworpen gebouw trok de aandacht in de bouwwereld door zijn combinatievan bouwkundige eenvoud, architectorisch fraaie opzet en functionele uitwerking. Een groot en indrukwekkend gebouw vooral ook door het grote terrein-opperviak dat het door zijn vleugelvorm met binnenterreinen in beslag nam. Gebouw en binnenplaatsen samen beslaan liefst 7500 m 2. De totale inhoud van het gebouw met grote kelders was 22.200 m2, vergelijkbaar met zeg maar 50-75 eensgezinswoningen. De hoofdvleugel was 130 meter lang en daar waren twee verdiepingen met patientenverblijven, ontworpen voor 75 vrouwen(links) en 55 mannen(rechts) en daarboven een derde verdieping met personeelskamers met daarvoor aan de wegzijde een doorlopende loggia. Vijf trappenhuizen en een centrale lift regelden het verkeer op en fleer. De lift was groot genoeg voor een patient met bed. Dat het gebouw een ziekenhuisfunctie had vindt men ook terug in de overkapping bij de ingang waar een ziekenauto onder kon rijden. In de 'romp', de gang naar het achtergedeelte, waren de ruimten van de geneeskundige afdeling met laboratorium, operatiekamer, rŲntgenkamer, enz. In de kortere achtervleugel een dag-verblijf voor het personee!, therapie-lokalen (weven, mattenvlechten, e.d.) en a!lerlei soorten dienstruimten. De verwarmingskelders waren 5 1/2 meter diep en er was een (bovengrondse) bunkerruimte voor 30 ton kolen. Andere kelders waren bestemd voor het verzamelen van de was, die er vanaf boven door kokers kon worden ingestort. Buitenom waren zware bomenpartijen door tuin-architect Schultz gespaard en in de aanleg opgenomen, samen met een vijver v!ak voor de ingang. Enke!e van die bomen staan er in 1996 nog. Het gebouw moest echter in 1987 plaats maken voor modernere opvattingen over patienten-huisvesting. lets moois van vroeger verdween ermee. Het geesteskindvan Rothuizen-Wind had het iets meer dan 50 jaar uitgehouden.' Uit Cor Janse; Blik omhoog, pagina 66
Wolfhezerheide, ten zuiden van Wolfheze. Sprengen, heide, bos, wodanseiken. Sinds 1939 eigendom van Natuurmonumenten.
Wolfhezerweg 4, Oosterbeek. Oud adres Wolfhezerweg 6. oude naam Bella Sito.

Het bouwterrein werd in 1938 gekocht op naam van de toen 40-jarige Jantje Boomsma, geboren in Groningen. De villa kwam gereed in 1939, en in oktober van dat jaar werd mw Jantje Boomsma ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente. De adresboeken
van 1940, '41 en '42 vermelden haar niet maar wel C.J. Rijshouwer haar echtgenoot.

De BAG vermeld 1933 als zijnde het eerste jaar voor de belasting.

Rijshouwer Oosterbeek
het verhuisbericht

Cornelis Jan Rijshouwer (1877-1956) was in 1905 (Warnsveld) gehuwd met de in IndiŽ geboren Isabella Johanna Nieuwenhuijzen. Zij stichtten een gezin (vier zoons) in Schiedam, en in die tijd zal Jantje Boomsma bij de Rijshouwers in dienst zijn gekomen als kindermeisje. Rijshouwer was o.a. directeur van de Wasscherij de Phoenix, aan de Boterstraat in Schiedam.
Later huwt hij met mw. Boomsma.

Bella Sito werd in 1942 verkocht, en de fam. Rijshouwer verhuisd waarschijnlijk naar Breda. Hoe lang staat het pand dan leeg?

Bella Sito werd in 1942 gekocht door de ongehuwde mej. Tenge (46), secretaresse,  handelscorrespondente uit Den Haag. Zij was van Duitse origine, en had tot eind 1940 in Schiedam gewoond. Misschien heeft Tenge het gekocht in opdracht van J. Fisscher. Want in december 1942 van dat jaar verzoekt J. Fisscher uit Voorburg bij de politie In Oosterbeek om
toezicht op zijn gemeubileerde woning, gelegen aan de Wolhezerweg 4. De politie plaatst bij het pand het bord: "Onbewoonde panden", waarop controle wordt uitgeoefend tijdens de surveillance. Fisscher enTenge hebben het pand zelf niet bewoond. Kochten zij het voor de Duitse bezetters? Op 2 maart 1943 gaat agent Kooijmans bij bet pand een kijkje nemen en constateerd dat er spaarzaam meubilair (een paar ledikanten, een bank en enige stoelen, aanwezig zijn.

Ergens in 1943 wordt de Wolfhezerweg 4 betrokken door de Duitse majoor Paulus. Paulus had kantoor in het pand Hoog Oorsprong (de villa van de oude mevrouw. Van Holthe tot Echten. Paulus was hoofd van het Bureau Generatoren en Tankgas. Hoofd van de Dienststelle in Amsterdam en daarna in Arnhem. Het personeel ging o.a. tegenover de Sonnenberg, op de toen Utrechtsestraatweg 236 wonen.
Op Dolle Dinsdag is er een, een vliegtuigje, een Fiseler Storch, vertrokken met Paulus aan boord. Dit vliegtuig beschikte over startraketten, waardoor een klein grasveld al voldoende was om op te stijgen. Op die dag, 5 september 1944 brengt chauffeur Gademan van hotel De Bilderberg, 's avonds bij de politie de huissleutel van Bella Sito. Het pand staat vol met kostbare meubelen. Dc Duitsche officier die daarin gewoond heeft, is vertrokken. Toezicht wordt verzocht. Veel helpt dat niet, er wordt al ingebroken op 7 en 9 september.

Na de bevrijding werd Bella Sito vanaf november 1945 bewoond door A.Brouwer met zijn gezin. Hij was ambtenaar van het Ministerie van Wederopbouw, en bleef er tot 1950 wonen. Tot dat jaar was mej. Tenge nog steeds eigenares. Een andere eigenaar uit die periode is kennelijk mevrouw Hofstede - Stigler. Nog eens een keer uitzoeken.

In 1959 woont er de familie Drenth. In 1966 de familie Petrus Hendricus Josef Lampe - Kuiper, de huidarts. In 1975 de fam. W. van Doorn - J. Meijer.

Wolfheze Bella Sito
Wolfhezerweg 13, vroeger 37, te Oosterbeek.

Het adres wordt genoemd in het adresboek Oosterbeek in 1930 en 1940. Het pand is volgens de BAG gebouwd in 1919. Helaas de BAG klopt niet geheel, want in eerst 1923 gaat architect Willem Pieter Meijer te Arnhem, de lege kavel kopen van een projectontwikkelaar. De architect laat het huis op kavel B411 bouwen in 1923 en 1924. Daarna is in 1924, kadasterdienstjaar 1925. de familie de Vreede de eerste bewoner, eigenaar van deze woning.

Vreede Wolfheze
De woning wordt bewoond door de heer en mevrouw De Vreede - Mathijssen.

Meer over de Ritmeester de Vreede is te vinden bij het gedeelte over Oorlogslachtoffers. Want de ritmeester komt te overlijden als hij op Duite soldaten gaat schieten die tijdens de Market Garden dagen weer oprukken naar Wolfheze.

Het adres wordt ook niet meer genoemd in het adresboek 1948 van Oosterbeek. Helaas, want de weduwe Mathijssen blijft er wonen en gaat huwen met Pieter de Maret Tak (1890 - 1971). Ook de heer Maret Tak was al weduwnaar. M.J.H. Mathijsen overlijdt 4-2-1973 en wordt bij haar eerste man begraven.

In 1974 wordt het huis verkocht aan de blote eigenaar: de Stichting rust- en vakantiehuis van de Nederlandse bond voor ziekenverpleging te Oosterbeek. De vruchtgebruiker is in 1974 mw. Alida Mina van  Vliet.(1912-1993), de echtgenote van de burgemeester Dirk Matzer van Bloois (1907-1991), de burgemeester van Renkum in de jaren 1949-1973. Neem aan dat betrokkenen niet in gemeenschap van goeden waren gehuwd. 

Het huis wordt weer verkocht in 1979 aan Willem Johan Gerritsen, aannemer te Heelsum (Kadaster legger 9720), die het meteen weer doorverkoopt. Bron Archief Kadaster.
Wolfhezerweg 14, Oosterbeek

Zo vanaf 19xx woont hier Samuel John graaf van Limburg Stirum (1894-1963)
, samen met zijn echtgenote Anna Johanna Marie Smeekens. Hun huwelijk wordt middels een echtscheiding aangekondigd in de Nederlandsche staatscourant van 05-04-1941 beeindigd met ingang van 13 februari 1941. Het echtpaar was gehuwd op 22 januari 1924.
Als Cor Janse hiernaast

Zijn ouders waren Lodewijk Gaspard Adriaan Graaf van Limburg Stirum en Maria Elisabeth Reiniera van Suchtelen van De Haare die op Lichtenbeek tussen Oosterbeek en Arnhem woonden.
"Samuel John graaf van  (Vorden 1894 - Den Haag 1963) en zijn 3 jaar jongere eerste vrouw Aj.M.Smeekens benutten het pand aan de Wolfhezerweg als zomerwoning. Zij huwden in januari 1924. De graaf en zijn echtgenote hebben er omstreeks 1940, waarschijnlijk slechts af en toe en mogelijk niet samen, nog verblijf gehouden. Als Cavalerie-officier, hij was reserve 1ste luitenant, had hij vanzelfsprekend wat met paarden. Dirk Bos herinnert zich dat de paarden van de graaf in Hotel Wolfheze op stal stonden, en dat de graaf, 'een zuunegerd', veel in de bossen van Wolfheze reed. Dit huweiijk werd in mei 1941 ontbonden. Wellicht is het uitbiijven van een stamhouder in dit 17 jaar standgehouden huwelijk van invloed geweest. Het verschijnsel van scheiden en hertrouwen bij het uitblijven van de geboorte van een stamhouder komt men meer tegen bij de adel. Ook zijn tweede vrouw schonk hem geen zoon en viel derhalve in ongenade. In 1947 huwde de graaf ten derde male, nu met een Renkums meisje Dirkje van der Pol (dochter van Jacob van der Pol en Reintje Jansen). Ze trouwden in Den Haag, en hebben wellicht niet meer in onze streek gewoond". Bron Cor Janse; Blik omhoog; pagina 1259
Wolfhezerweg 16, Oosterbeek, ouder adres Wolfhezerweg 18.

Volgens de BAG gebouwd en betrokken in 1922.
Ook dit BAG jaartal zal wel weer niet kloppen. Op Veldwerkkaaart OTB B 415 is te lezen dat Antoon Markus een gedeelte van zijn kavel verkoopt aan dhr. Ogtrop, de directeur van de Tafelberg.

In 1923 heeft Antoon Markus (1870-1955), de bekende schilder op de Wolfhezerweg 16, waar het atelier met grindplaats en bankje aan de straatkant menigeen tot een kijkje in de schildersruimte achter de witte gevel met groene deur noodde. In 1915 was Antoon in de gemeente Renkum (Oosterbeek) gehuwd met de 18 jaar jongere Anna Balster (1888-1970 ) die hem twee kinderen schonk, Aline en Antoon.

Antoon Marcus

In 1924 betrekt Markus het speciaal voor hem gebouwde huis met atelier aan de Wolfhezerweg, in die tijd nummer 18 (heden 16), dochter Aaltje de eerste steen legt. Het pand is in feite niet meer dan een groot atelier. Wonen is er geen luxe. De muren zijn ťťn-steens en het atelier - de werkplaats zoals Markus het zelf noemt - vormt ťťn geheel met het woongedeelte. (bron) en een tekst van D.J. van Veelen in een boek over Markus.

Antoon Markus
Uit de Arnhemse courant van 21 aug 1923: Aan den weg naar Wolfheze, dien schilderachtigen weg door het dal onder de oude eiken en langs de heuvels met varens, is het nieuwe atelier van Antoon Markus gebouwd. Nu in den vol-zomertijd is het leven in de natuur daar rijk en goed. Zie hoe zijn zoontje, Toon als een zigeunerkind zoo bruin en naakt, springt tusschen de varens en hoe zijn dochterje Aaltje, gelukkig is met haar glazen pot, waarin een vlugge, glijdende hagedis probeert de vrijheid te herwinnen. En zie de moeder, die een zetel gemaakt heeft in een dalletje tusschen het eikenhout, en daar de boterham deelt voor het kroost, een gescheurde jurk van Aaltje maakt of de broek van den kleinen zigeuner. Maar in het stille, ruime atelier — 8 bij 12 is het, zegt de eigenaar met trots, werkt de schilder aan zijn nieuwe groote doek. Alleen als zijn geest even rusten wil, loopt hij ook de eiken en varens in en vertelt aan zijn kinderen de schoonheid van de glijdende hagedis. Het atelier is geschilderd in de kleuren van Sint-Lucas, blauw en wit. Het zijn ook de kleuren van mijn vaderstad, zegt Markus, die nooit kan nalaten van zijn liefde voor zijn geboortestad Arnhem te getuigen. Binnentredend worden wij getroffen door de ruimte en het licht, het noorderlicht, dat concentreerend valt in het midden van het atelier, maar dat ook de wanden sterk en gelijkmatig belicht. Deze wanden, behangen met tapijten, met even de onderbreking van schouw en pilasters, wijken terug en geven die mooie, rustige ruimte, waarin een schilderij staat als een ding op zich zelf. Het atelier is voor het publiek toegankelijk. Wandelaars naar Wolfhezen, die kennis willen maken met den schilder en zijn werk, zijn welkom. Echt welkom! Want Markus weet te recipieeren. Hij laat u rustig de schilderijen, de teekeningen bekijken, ja, hij zelf zal tijdens uw bezoek weggaan als hij zal merken, dat gij vrijuit zien en oordeelen wilt. Maar ook als hij uw liefde voor de kunst of voor de natuur kent, zal hij zich haasten om u in te lichten over vťťl. Want deze schilder is tegelijk een bereisd en 'uitnemend kunstkenner met een groote liefde voor de klassieke meesters en met vereering voor den tijd van Ruysdael en voor de school van (Barbizon. Nu is dat atelier geopend en de schilder is gelukkig. Want dit atelier is zijn bereikte ideaal. Hier kan hij eindelijk afstand nemen! Dat was zijn verlangen, jaren lang: Op de Geldersche Bloem met een atelier van 4 bij 5; aan den Zwarten weg, een atelier van 2Ĺ bij 3 met een slapend wiegekind tusschen de schilderijen; aan het Zaayerplein een atelier van 3 bij 4. In al die werkplaatsen zat hij en werkte, omdat hij werken moest door den innerlijken drang van zijn kunstenaarsgeest. Maar altijd leefde in dien gestagen arbeid het Verlangen: om aÔstand te kunnen nemen. En nu kan hij dat! Hij kan 10 meter voor zijn ezel terug loopen en zijn werk overzien in het zuiverste licht. En direct buiten zijn atelier kan hij de natuur overzien, die zijn liefde heeft en die in haar knoestige eiken, haar romantische wegen, heuvels en dalen zoo aanpast bij de romantiek van zijn vereerde meesters: Ruysdael en Daubigny. En bij zijn eigen richting. Dit atelier is in de eerste plaats een werkplaats, maar het is groot genoeg om in een gedeelte de rust en de concentratie te hebben van een expositiezaal. Zoo, in het invallend licht plaatst de schilder zijn werk vůůr u; het zijn deze fijne landschappen met de stilte en de romantisch teere stemming van vervloeide kleuren, zooals deze tegen den avond of in zilveren ochtendnevels kunnen zijn, grijs en zilverig-groen, warm doorgloeid in de luchten, stil vernevelend in het verschiet, in het dauw-fijne loover van wilgen of popels.   ......"

Na de bevrijding was er weinig meer van zijn eigen schilderijencollectie over, en ook van in andermans bezit zijnde werken overleefden vele doeken de oorlog niet. Volgens zijn zoon Toon jr: 'Mijn vader had hele mooie spullen. We hadden kunstboeken bij Zeilmaker ondergebracht en die waren er nog. De ouweheer Zeilmaker kende ik goed want die kwamen wel bij mijn vader en moeder op visite. Daar hadden we wel schilderijen aan verkocht. Er was niet veel schade aan ons huis, maar wel veel schilderijen weg. Ze sneden het schilderij eruit en gebruikten de lijst als brandhout.'. Bron: Cor Janse, Blik Omhoog, pagina 1259 e.v.

Antoon Markus
Voormalige villa Wolkenland. Destijds aan de Kasteelweg 41 Doorwerth.
Dit gedeelte van de Kasteelweg is weg.

Kasteelweg Doorwerth
Op deze kadasterkaart gemaakt in juli 1927 zie je voor het eerst enkele verkochte kavels waar gebouwd kan worden Wolkenland heeft kavel C 1889. Aan de noordkant van de VD Molenallee wordt dan ook gebouwd.

Villa Wolkenland zal dus rond 1927 gebouwd zijn. Vanaf 1928 was H.A. IJsselmuiden (geboren 13-10-1893) de eigenaar van Wolkenland.

Doorwerth Wolkenland
Volk en Vaderand 1934

De familie IJsselmuiden verbleef in 1940 in Nederlands IndiŽ en kwam om in de WWII.

Cor Janse schrijft in zijn boek: Blik Omhoog op pagina 1328: "De niet onbemiddelde eigenares, mej.W.van der Blom, zowel door het herbergen van "duikers" als financieel de illegaliteit steunde: Haar eenvoudige reeds bejaarde huishoudster zij geprezen. Reeds vanaf 1928 was A.H. IJsselmuiden eigenaar van Wolkenland, maar de familie verbleef in 1940 in Indie. IJsselmuiden kwam om in een Jappenkamp. Het huis stond toen onder beheer van zijn broer in Arnhem die het pand verhuurde. Dus zal mej.v.d.Blom een huurster zijn geweest. Maar wie zij was, en wat op Wolkenland is voorgevallen, en waarom de professor zelfmoord pleegde toen hij (tot over zijn oren) in de jodenhulp zat, blijft een raadsel".
Vermoedelijk is Cor Janse verkeerd geinformeerd. Er hebben geen onderduikers op Wolkenland verbleven.
Met "De Professor" wordt waarschijnlijk A.H. Blaauw bedoeld. De aan de Zonneheuvelweg in Oosterbeek woonachtige professor benam zichzelf van het leven in 1942. (Cor Janse; pagina1142) Hij had een broer, ex-kapitein van de KNSM, die in een pension in Oosterbeek verbleef.  Samen ondernamen ze illegale aktiviteiten. (Cor Janse, pag. 869 + 318) Kan geen relatie Blaauw en Wolkenland vinden.

In de periode van de WWII was mej. A.J. v.d. Blom waarschijnlijk huishoudster bij een professor die op Wolkenland woonde. Het gereconstrueerde Renkumse bevolkingsregister is hier niet duidelijk. Daarna wordt de villa weer gebruikt door de familie IJsselmuiden:

Doorwerth Wolkenland
Arnhemsche courant 1954
Op 14-8-1972 verkoopt W.A.H. IJsselmuiden (de broer uit Arnhem?) de villa Wolkenland aan de gemeente Renkum.

Wolkenland Doorwerth
Op deze veldwerkaart gemaakt op 16 feb 2007 van het Kadaster is te zien dat de villa Wolkenland blijft bestaan en dat het museum (rood) er tegenaan wordt gebouwd. Een hulpkaart uit 2006 geeft hetzelfde beeld.

Sinds 2006 staat er een gedeeltelijk nieuw pand, aan de Van der Molenallee 14. Hier is sinds 30 september 2006 het Apothekersmuseum Kisters gevestigd. De fam. H.J.G.M. Kisters - M. Ascherman woont al in Wolkenland in 1983, als de plannen voor meerdere gebouwen van "De Onderlinge Verz. of Waarborgmij, Medisch Sociale Voorzieningen" vorm beginnen te krijgen en de Kasteelweg daarvoor geofferd wordt.

De heer Kisters had een apotheek in Arnhem. Mw. Ascherman had een apotheek in Doorwerth. Samen begon men een museum met een bijzondere collectie apothekersbenodigdheden zoals opstanden, potten, doosjes ea. Bezoek het museum.
Voormalige Hoge Heerlijkheid Wolfswaard, in Wageningen Zoek zelf. Buren van de Hoge Heerlijkheid Doorwerth.
     Woonhuis, Utrechtse Straatweg 20 Heelsum De archtect F.A. Eschauzier realiseerde in 1921 de bouw, de aanbouw en een bank in de eetkamer in 1928 en een atelier voor Mevr Sypkes-Crielleard
Huize Woudlust, aan de Italiaanseweg, Doorwerth.

Afgebrand in september 1944.
Oorspronkelijke naam "Pretty Home". Nooit terug gebouwd. Samen met de Eikenhof aan de  westelijke toegang tot de Duno.
De Zaaier, voormalig cafť en verenigingsgebouw aan de Middenlaan 49 in Heveadorp.

Lag op de hoek van de Middenlaan en de Oude Oosterbeekseweg. Gebouwd in 1918. In 1937 voor Hfl. 4.100,= gekocht door "Vereeniging tot behartiging van Nederlandsche Hervormde Belangen Heveadorp" en tot na de oorlog o.a. in gebruik voor de zondagse eredienst.
Nadat te Doorwerth in augustus 1969 een nieuwe kerk met wijkgebouw in gebruik werd genomen zijn de activiteiten in 'De Zaaier' gestaakt en heeft de vereniging zich per 4 december van dat jaar opgeheven. Door oorlogshandelingen is de Zaaier beschadigd in 1944. In 1957 werd het een tijdelijke kerk van de Ned. Herv. Gemeente Doorwerth Heelsum. Buiten gebruik in 1958, in 1969 door de kerk verkocht en daarna als woonhuis in gebruik.
Zandenburg op Harten,  Renkum Zie hotels, pensions. e.d
Het voormalige Ziekenhuis I aan de 2de Molenweg in Oosterbeek

 In 1872 werd te Oosterbeek de vereniging "De Ziekenverpleging" opgericht. Het doel van deze vereniging was de behartiging van de gezondheidszorg in het algemeen, maar ook het beheer en de exploitatie van het gemeentelijke "ziekenhuis" aan de 2e Molenweg. te Oosterbeek. Men had hiertoe van de molenaar een drietal kamertjes gehuurd, waarin een viertal bedden. Juffrouw Gerritsen verpleegde hier voor een jaarsalaris van ƒ 104,- de patiŽnten. Enige tijd later kreeg zij hierbij versterking en werd de gemeenteveldwachter en diens vrouw in een nevenbetrekking aangesteld tot ziekenvader en ziekenmoeder.
"De jongeling, die op 21 Dec. jl. door eene machine in de suikerfabriek te Oosterbeek vreeslijk werd verminkt, heeft thans het ziekenhuis aldaar verlaten, zonder hinderlijke lichaamsgebreken te behouden, dank zij de goede behandeling en uitnemende verzorging". Uit Het nieuws van den dag van 29-01-1885

"Nog is ingekomen een rapport van den adj.insp over het ondoelmatige van het ziekenhuis te Oosterbeek; hij adviseert om dit te laten vervangen door een geschikter". Arnhemsche courant 1-9-1893

 Dit ziekenhuis heeft dienst gedaan tot 1900. In dat jaar werd namelijk een nieuw gebouwd ziekenhuis aan de Utrechtseweg geopend.
Het voormalige Ziekenhuis II aan de Utrechtseweg in Oosterbeek

Het ziekenhuis aan de 2de Molenweg heeft dienst gedaan tot 1900. In dat jaar werd namelijk een nieuw gebouwd ziekenhuis aan de Utrechtseweg geopend.

Ziekenhuis Oosterbeek

De aanbesteding van de bouw van het ziekenhuis Oosterbeek was in 1899. "Door Burg. en Weth. der gemeente Renkum is aanbesteed: het bouwen van een ziekenhuis te Oosterbeek. Van de 11 ingekomen biljetten was hoogste inschrijving van J. Rothuizen, te Doorwerth, voor ƒ13,484, en de laagste van Gebr. Frederiks, te Oosterbeek, voor ƒ 10,258, aan wie het werk is gegund". Nieuws van den Dag 23 9 1899

Ziekenhuis Oosterbeek
het ziekenhuis nadert de voltooing
"Oosterbeek, 10 Mei. Het door de gemeente gebouwde ziekenhuis aan den Utrechtschen straatweg nabij den weg naar den Oorsprong, is door de Vereeniging "De ziekenverpleging te Oosterbeek" in gebruik genomen. Binnenkort, als het ziekenhuis is ingericht, zal aan ieder belangstellende de gelegenheid worden gegeven, om het gebouw te bezichtigen. Een bezoek is dit nette gebouw zeer waard. Het bestaat uit twee onderdeelen, nl voor besmettelijke en andere zieken. Beide onderdeelen hebben een afzonderlijken toegang; wanneer eene besmettelijke zieke ter verpleging is opgenomen, zal de onderlinge communicatie worden afgesloten. Door den hoofdingang aan de straatwegzijde komt men in het voor gewone patiŽnten bestemde deel. Een glazen tochtpui scheidt het voorportaal van eene hooge in ruime vestibule. Rechts heeft men 2 ziekenzalen, elk bestemd voor 3 bedden, een badkamer, kasten, enz. Ter linkerzijde een groot vertrek en kuiken, ten gebruike van den concierge. Het daarachtergelegen, voor besmettelijke zieken bestemde gedeelte bestaat uit 2 kamers en een badkamer. De toegang is aan de zuidzijde van het gebouw. Langs een gemakkelijken bordestrap met scheplicht bereikt men den zolder, met een afgeschoten vertrek voor den concierge. De zolder strekt zich over het geheele gebouw uit en is zůů ruim, dat hij bij ongunstig weer als wandelplaats voor de patienten kan worden gebruikt. Ook kan hij desnoods als hulp-ziekenzaal dienst doen". Arnhemsche courant 11 5 1900
Ziekenhuis Wolfheze

In alle vertrekken, ook in de vestibule, kan worden gestookt. De muren en plafonds zijn wit gepleisterd, de muren met stuc-marmer lambriseering. De vloeren in de ziekenzalen zijn van Amerikaansch grenen geolied hout; in de badkamers , vestibule en privaten zijn granieten vloeren. Boven de vensters is aan de buitenzijde een nette tegelvulling aangebracht. Zoowel de architect, de gemeenteopzichter als de aannemers hebben eer met hun werk ingelegd

Ziekenhuis Oosterbeek

"Dhr. A. Hekkers en echtgenote worden in 1902 benoemd tot vader en moeder Ziekenhuis Oosterbeek". bron Oosterbeeksche courant 1902.

Arnhemsche courant: "Oosterbeek, 3 Febr. 1906. Door de politie alhier is in beslag genomen een lijkje van een pas geboren kind, en eenige kleertjes. De moeder, eene weduwe is reeds opgespoord en wordt in het ziekenhuis te Oosterbeek verpleegd. Men zegt, dat zij bekend heeft, het kindje door verstikking van het leven te hebben beroofd. Het lijkje is heden overgebracht naar Arnhem en ter beschikking der justitie gesteld"

Het ziekenhuis zal niet voldoende gebruikt zijn, want in 1909 werd het huis met omliggende grond verkocht aan de in het jaar daarvoor te Arnhem opgerichte „Vereniging tot het verzorgen, onderwijzen en opvoeden van zwakzinnige kinderen". Raadsvergadering 6 oktober 1909: Ziekenhuis Oosterbeek verkocht aan de J.P. Heijestichting. Het ziekenhuis werd hierna geheel omgebouwd en vergroot, en op 1 maart 1911 als J. P. Heye-Stichting in gebruik genomen.
Het voormalige Ziekenhuis in Renkum, aan de weg van Bellevue naar Kurhaus.

Maar, waar stond dit ziekenhuis dan wel precies? Het stond in ieder geval in de vroegere "Fluitersmaat", en wel op het terrein dat nu is ingesloten tussen de volgende wegen; het westelijk gedeelte van de Th. De Bockweg, - de Lindelaan, - en het westelijk deel van de Kuipersweg / Lindelaan. Op dit terrein stond later op het zuidelijk gedeelte de (inmiddels ook al weer gesloopte) Gelria Mavo, die plaats heeft gemaakt voor de woningen aan de "Maria Johanna Philipseweg". Op bovengenoemd terrein stond reeds in 1745 een grote boerderij. Want zo lezen we in een pachtovereenkomst uit dat jaar: "Hier pachte Jan Janssen van Beeckhuisen voor een bedrag van ƒ 600, ~ de hoeve, 2 gaandens boomgaard, berg, twee schaapskotten, 2 schuren, een schaapsdrift en het bouwland voor het huis." Dit alles bijeenbedroeg ca. 25 hectare land, wat voor die tijd een behoorlijk bezit was. Het geheel had de naam "De Bouwingh des Maats" gelegen in de Fluitersmaat. Verder wordt nog aangegeven dat de boerderij gelegen was op het noordelijkste gedeelte van de "Katsheuvel", op de hoge wal, daar waar de Reymerweg aansluit op de Th. de Bockweg. (dit is ongeveer bij de huidige woning Th. de Bockweg 40, t.o. de J. Tooropstraat). De boerderij was niet direct aan de weg gelegen Bekijken we de kadastrale kaart van 1832 dan zien we dat hierop de boerderij wordt weergegeven als een bebouwing welke geheel is omgeven door eikenhakhout. Eigenares is dan de weduwe van Otto Janssen. Omstreeks 1897 wordt de boerderij gemeentelijk eigendom, en gaat men over tot een gedeeltelijke sloop. Het overgebleven gedeelte wordt dan geschikt gemaakt als ziekenhuis met woning. (bron: Gezondheidszorg in 19e en het begin van de 20e eeuw. Algemeen en in onze gemeente". Door C. Burgsteyn. Echo's van zes dorpen HGR 2001 nr 3.

 In 1872 werd te Oosterbeek de vereniging "De Ziekenverpleging" opgericht. Het doel van deze vereniging was de behartiging van de gezondheidszorg in het algemeen, maar ook het beheer en de exploitatie van het gemeentelijke "ziekenhuis" aan de 2e Molenweg, te Oosterbeek. Inmiddels zijn de dorpen Renkum en Heelsum ook een ziekenhuis rijk. Want, zo lezen we in een gemeenteraadsverslag van 20 april 1899, dat de gemeenteraad van Renkum de rekening 1898 van het gemeenteziekenhuis (zijnde een barak) te Dorp Renkum goedkeurde. De inkomsten voor dat jaar (1898) waren ƒ276,95 terwijl als uitgaven een bedrag van ƒ 213 stond genoteerd. Er was dus een batig saldo van ƒ63,95. Hierbij moet worden opgemerkt dat de conciŽrge naast de huisvesting een salaris van ƒ4, ~ per week ontving. Vreemd genoeg wordt hier gesproken over een conciŽrge en niet van verpleger of ziekenvader. Ook wordt hier gesproken over een barak, terwijl het in werkelijkheid een gedeeltelijk gesloopte boerderij was, waarvan het overgebleven gedeelte geschikt was gemaakt als ziekenhuis. Het is dan naar onze begrippen maar een klein ziekenhuis, want het telt dan slechts twee bedden. Als de eerste ziekenverpleger werd ene Bokschoten aangenomen, die in het resterende gedeelte van de boerderij ging wonen met zijn moeder. Later werd dit tweetal opgevolgd door een zekere Anonymus, die werd aangenomen als beheerder en ziekenverpleger voor het, voor die dagen, zeer goede salaris van vier gulden per week, waarbij de huisvesting nog was inbegrepen.

Ziekenhuis Renkum

1 = kavel C 315, C316 en C361 van Alberta Hendrika van Roest
2 = kavel C358 en C359 van Jan van Roest
3 = hier C360, in 1853 kavel C374 van Berend Karman en C 392 van Albertus Peters.

1 = het huis gebouwd voor Albarta Hendrika van Roest, later hofstede, ziekenhuis, nu het gebied begrenst door Lindelaan, Kuijpersweg, de Van Ingenweg en Thťophile de Bockweg.

Ziekenhuis Renkum
Dezelfde kavel uit HisGis. In het rood de situatie in 1832 en in het grijs is 2019 te zien.

Het gedeelte met de daarop staande hofstede (ooit bewoond door Albarta Hendrika van Roest en haar echtgenotes) verkocht Wilhelmus Hubertus Hoedt junior in 1892 aan de Burgerlijke Gemeente Renkum, die er een ziekenhuis vestigde.

Cees Burgsteijn; Bomen over Renkum; 2006; pagina 12 e.v. "Wanneer de familie Beekhuizen deze boerderij heeft verlaten is mij onbekend, maar wel is zeker dat in 1872 er een zekere Bakker woonde. In 1898 was de boerderij in zeer vervallen staat en kwam in het bezit van de Gemeente. Deze ging over toteen gedeeltelijke sloop en verbouwde het restant tot het reeds eerder genoemde ziekenhuisje. Over dit ziekenhuisje is weinig bekend, maar zeker is wel dat de eerste beheerder een zekere Bokschoten was. Deze was van beroep ziekenverpleger en werd later opgevolgd door ene Jansonius".
Burgsteijn gebruikt informatie van Van Roest en Beekhuizen, die over bewoners schreven. De bewoner kan een huurder zijn, in het kadaster lees je over eigenaren. Vandaar de andere namen van personen

Wes Beekhuizen: Groen was mijn dorp; 1973; pagina 269: "De eerste beheerder hiervan was Bokschoten, een ziekenverpleger die daar met zijn moeder woonde en mijn ouders hadden meneer Jansonius nog gekend als de man die het ziekenhuisje aan de rand van de Fluitersmaat bestierde".

Het ziekenhuis wordt voor het eerst in de Arnhemsche courant genoemd in 1895. In Het nieuws van den dag van 06-12-1898 staat: Tot vader en moeder in het ziekenhuis te Renkum zjjn benoemd G. Kuypers en echtgenoote te Maarsen.

"Dhr. en mw. Kuipers vragen per 1 februari 1901 eervol ontslag als vader en moeder ziekenhuis". Oosterbeeksche Courant van 03-11-1900

Verkoop voormalig ziekenhuis aan de weg van Bellevue naar Kurhaus kad. Sectie C no. 1577 groot 2 ha 15 are 70 centiare. Opbrengst f 3.939,--. Eigenaars J. Jansen en Gebr. van Scherrenburg". Oosterbeeksche Courant 28-08 en 25-09-1909

Van Ingenweg rond 1920
Rechts achter de boerderij lag het ziekenhuis.

Het Ziekenhuis wordt ontruimd in mei 1909.
Verhuur van het voormalig Ziekenhuis Renkum aan de Rijksveldwachter.

Ziekenhuis Renkum

Andere bronnen: Historisch Genootschap Redichem. Echo's van 6 dorpen; 2001 nummer 3

Heemkunde Renkum, Heerlijkheid: Wonen aan de Utrechtseweg in het Renkumse deel van Heelsum; aflevering 4 van Truus Boekhoudt
Kinder Vakantie Colonie de Zilverberg, Kerklaan 50 Doorwerth.

KVC de Zilverberg Doorwerth
Zilverberg Doorwerth KVC
In een latere periode wordt dit de Jeugherberg Zilverberg, en vanf 1996 de NJHC Zilverberg. In de oorspronkelijke jeugdherberg gold een regel van geheelonthouding, niet roken, geen alcohol en waarschijnlijk geen seks, jongens en meisjes waren strikt gescheiden. In Doorwerth wordt alcohol toegestaan vanaf 1972, om toch klanten te kunnen blijven trekken. In 1996 zijn er lobby's en recreatieruimtes, slaapkamers voor twee, vier en acht personen. De jeugdherberg wordt een Stayokay. En gaat dicht in 2015. In 2017 gaat de gemeente toestaan dat er arbeidsmigranten worden gehuisvest. De buurt is het er niet mee eens. Vastgoedontwikkeling BV uit Rijssen is, in samenwerking met gemeente Renkum, bezig vanaf begin 2019, met de ontwikkeling van een nieuwbouwplan op deze locatie. Het plan gaat uit van sloop van de bestaande bebouwing en nieuwbouw van een kleinschalig zorghuis voor mensen met dementie en twaalf rijwoningen.
Landgoed de Zilverberg. Doorwerth. Meer over de landgoederen op de landgoederen website.
Buitengoed Zomerhof, straatweg naar Utrecht, Oosterbeek Zomerhof
Heemtuin “de Zomp”, Fangmanweg 43 / De Dam, Oosterbeek.

Ooit was dit gebied een siertuin van huis 't Zonneheem. Het Zonneheem is gebouwd in 1903 en was voordien gewoon een wei. Eerst na 1903 ontstaat een verbindingspad tussen de Fangmanweg en de Weverstraat, net ten noorden van Zonneheem. Misschien is daardoor de vijver van de Zomp ontstaan en zijn nieuwere vijvers bij Zonneheem zelf aangelegd. Sinds 1930 is dit gebied van 1/3 hectare eigendom van de gemeente Renkum. In 1935 laat de gemeente een weg (de Dam) aanleggen door het Zweiersdal, daardoor ontstaat eigenlijk de Zomp. In 1935 zijn werkelozen te werkgesteld in het kader van de werkverschaffing bij de verfraaiing van 't Zomp. In februari1940 valt het op dat alle wateren van Nederland, zelfs het IJsselmeer, zijn bevroren en gelijken op een woest poollandschap. Behalve De Zomp, die is geheel zonder ijs. Is dit verschijnsel te verklaren doordat de vijver wordt gevoed uit een in het Zweiersdal opborrelende bron. Andere bronnen voeden de vijvers van MariŽndaal en de Hemelse Berg. En op die vijvers kan gewoon worden geschaatst. De Zomp wordt gevoedt door een diepgelegen warmwaterbron. Met een temperatuur van  rond de10 graden Celsius, te koud voor een "Bad Oosterbeek", maar voor de vogels is het een eldorado. Eerst in 1957 vervalt er een woning in het gebied van de zomp en zie je de vijver van de Zomp ingetekend op de landkaart. In 1969 gaf dr. ir. H. Doing van de Landbouw Hogeschool Wageningen een advies voor een “heempark”. Eerst in 1982 kon heemtuin de Zomp voor het publiek opengesteld worden. Nadat in 1994 de gemeente het natuurgebiedje niet meer wilde onderhouden, hebben de vrijwilligers van de IVN het beheer van de Zomp in 1997 overgenomen. Sinds 1982 is de Zomp opengesteld voor het publiek.
Zonneheem en Zomp Oosterbeek GA
De Zomp en Zonneheem rond 1920, bron Gelders Archief
Huize Zonneheem, oud adres Weverstraat 103a, nu Fangmanweg 43 Oosterbeek.

Het Zonneheem is in 1907 gebouwd als zomerhuis, dependance bij Beekhof, door Evert Cornelis Ekker. Bij de BAG zie je 1903 als jaar van eerste bewoning.
Hier een verhaal van Joop van Zoelen uit 2007 over de geschiedenis van dit huis.
Villa Zonneheuvel. Italiaanseweg 2, Doorwerth

Oorspronkelijke naam “O Sole Mio”.

Het rietgedekte pand werd in 1944 verwoest. Op de fundering van het oude huis liet apotheker Biermasz uit Arnhem in 1953 een nieuwe woning bouwen
Aan de Italiaanseweg 2, Doorwerth woonde in  in 1942 de fam Coomans.
In 1958: K. A. Biermasz, de apotheker
Het Zonnehuis, Wolfhezerweg 25, Wolfheze. Vroeger adres Wolfhezerweg 45.

Deze villa werd in 1933 gebouwd (grond gekocht van Kees Ogterop, oa hotel Bilderberg + Wolfheze) door de heer Groeneveld uit Amsterdam. J. C. Groeneveld huwde er met J. M. W. Schroeder. Groeneveld woonde er tot 1938.

Arie Nootenboom (1897-1976), leraar aan de Chr. HBS (het Marnixgymnasium) te Rotterdam kocht het toen om te gebruiken als zomerverblijf. De heer Noteboom was gehuwd met G. Schoep en er waren 3 kinderen. Als leegstaand zomerverblijf  kon deze woonruimte in mei 1943 door de Duitsers gevorderd worden. Na de bevrijding werd het pand hoofdkwartier van de Wolfhezer Binnenlandse Strijdkrachten, maar die gaf het al spoedig vrij. De gemeente Renkum heeft het toen gevorderd om aan woningzoekenden toe te wijzen.

Daardoor kon het gezin Bech de villa betrekken. Door het overlijden van ds. W. Bech (1893-1945) (dominee op de Stichting 1929-1945) was de dienstwoning op de Stichting Wolfheze niet meer voor de familie beschikbaar.

Ruim tien jaar later eiste eigenaar Nootenboom zijn zomerhuis op, en moest de weduwe Bech - Elisabeth Anna van Kempen (1893-1979) er uit (de kinderen waren allang het huis uit). Zij overleed in 1979 in Bilthoven op 85-jarige leeftijd.

Nootenboom diende toen een claim in bij de gemeente wegens oorlogsschade en achterstallig onderhoud. Maar de gemeente was daar niet erg gevoelig voor. Ook bij de aanleg van de A50 klom Nootenboom in de pen. Deze autosnelweg ligt op luttele meters afstand van het huis, en veroorzaakt dag en nacht hinder bij het eens zo midden in de stille natuur gelegen pand. In 1976 woont de weduwe Nooteboom - Schoep er nog.
Zonnehuis Wolfheze
Villa Zonneweelde Julianastraat 12. Ouder adres Julianaweg 6a te Oosterbeek.

Voor het eerst bewoond in 1920. In 1924 komt de villa te koop: met schuur, erf en tuin, bevattende beneden: suite met groot en klein terras, kleine voorkamer, keuken, bijkeuken, W.C.'s, kelder met wijnhokken; boven: 1 grote en 4 kleinere kamers, badkamer met volledige installatie en W.C., benevens grote zolder. De villa is voorzien van gas, waterleiding, electr. licht, vaste waschtafels met warm en koud water. Van 1946 tot 1955 bewoond door de  glazenier J.A. Thunak. Thunak had vanaf 1940, samen met de Nooy een atelier aan de Ottoweg 2 in Heelsum.

Verkoop villa 'Zonneweelde' met schuur, erf en tuin Julianaweg 6a kad. Sectie D no.
4344 groot 15 are 1 ca. Oosterbeeksche Courant 11-10-1924
Zonneweelde Oosterbeek
 Landhuis Zonnewende,  Oosterbeek Zonnewende Oosterbeek
Huize Zonnewende, Nieuweweg 14, Renkum.
Zonnewende Renkum
Huize Zonnewende staat aan de linkerkant. Mevrouw Mees geeft er in 1910 Franse conversatie lessen.
"Naast Veldheim stond het villaatje Zonnewende van mevrouw Mees wiens dochter met dokter Haverkom van Rijsewijk getrouwd was. Na het overlijden van mevrouw Mees bewoonden de ouders van onze dorpsarts en diens broer Harry, de kunstschilder, het aardige huis aan de NieuweWeg. De oude Heer Haverkom van Rijsewijk was vele jaren directeur geweestvan het museum Boymans in Rotterdam". Uit Wes Beekhuizen; Groen was mijn dorp.

zonnewende renkum

Een ruimere beschrijving is te vinden in de HGR publicatie over alle woningen aan de Nieuweweg te Renkum
Villa Zorgvliet, Dorpsstraat 131, Renkum, gebouwd in 1851.

In de BAG wordt 1900 vermeld.

Zorgvliet
Een veldwerkkaart D 314 van het kadaster uit 1851. Bij Zorgvliet staat: nog niet bet. Het dienstjaar op een bijbehorende Veldwerkkaart is 1852, of te wel uit 1851.

Zorgvliet
Zorgvliet op kavel D 314 in 1851.

Zorgvliet
Zorgvliet in 1886. Kavel is 314 en de hele kavel is 814

Werd door de gezusters van der Zijden gebruikt als een pension. Vele advertenties verschijnen tussen 1905 en 1919.

Zorgvliet

Zorgvliet
In 1919 wordt het adres ook gebruikt door Mej. C.A.H.M Spier, die samen met de huisarts dr. Kersten een crowdfunding actie begint voor de TBC patiŽnt van R. te R.

Zorgvliet
De kavel van Zorgviet in 1923, de houtloods aan de linkerkant is hier nog niet gesplitst, verkocht. Wordt in 1923 gebouwd. Het pand heeft na 1886 aan de achterkant uitbouw gekregen.

Zorgvliet
De kavel van Zorgvliet in 1932. Aan de noordzijde is de Groenendaalseweg te zien. Het pand Dorpsstraat 143 is nog niet gebouwd want deze grond hoort hier nog bij Zorgvliet.
Zorgvliet
De kavel van Zorgvliet in 1941. Het adres Dorpsstraat 143 is wel gebouwd, doch staat niet aangegeven. In de tuin staat een loods en alles is dan van dhr. van Scherrenburg. Ook de kavels 1638 en 1637 ten noorden hiervan zijn van dhr van Scherrenburg.

Zorgvliet
De kavel van Zorgvliet is hier geel gearceerd en komt van een kadaster hulpkaart D 1669 uit 1951.

Zorgvliet
De kavel in 1970. RKM D 2254. Niet gewijzigd ten opzichte van 1951,

Verkocht in 2001, opgeknapt en omgedoopt naar Villa Muze.

Zorgvliet

Zie ook www.dorpsstraat141renkum.nl/

Weer te koop in 2021.
Villa Zuiderhof aan de Steijnweg 32 te Oosterbeek.
Tegenwoordig Braganca.
oude straatnaam Nieuwe stationsweg D 242.

In 1890 wordt de kavel C 1045 gesplitst in 1256 en 1257, er kunnen 2 woningen gebouwd worden. In 1899 wordt er een woning gebouwd. (OTB C 1500) Bij de BAG is als oorspronkelijk bouwjaar 1905 te vinden.

Oosterbeekse Courant: 24-07-1909; Verkoop villa "Zuiderhof" met erf en tuin Steijnweg D 242 kad. Sectie C no. 1500, 1501 groot 14 are 10 centiare. (Jvr. Rengers Hora Siccama).
In het bezit van de erven Jvr. A.M.C. van Hall - Rengers Hora Siccama (1831 - 1905). De villa wordt geveild in 1909.
Braganca
Zweiersdal (Zweierdal), Oosterbeek.

Het Zweiersdal is in Oosterbeek gelegen tussen de Weverstraat in het westen en de Van T. vd. Koogweg, de Fangmanweg en Ploegseweg in het oosten. Een leuke wandelroute voor een eerste indruk: neem, het bovenste gedeelte van de Molenberg, richting Weverstraat. Kost je 5 minuten. De Dam is een weg door het Zweiersdal. In het zuidelijke gedeelte is de Zomp en de Zuiderbeek, in het noordelijk gedeelte is het beekdal nog goed zichtbaar. Nog een kleine route, vanaf de Oude Kerk rechts van de vijver omhoog. Er zijn aanwonenden die het beekdal beschermen, er zijn anderen die hun tuin "verstenen". Dat is makkelijk in het onderhoud en de wateroverlast na een hoosbui komt weer bij anderen terecht.

Rond 1935 was er in het Zweiersdal "de Rotteval", een pad tussen de Fangmanweg en de Weverstraat. Bij Oud Oosterbeek is een sfeervolle prent te zien.

De Dam
Dr. Trenkler & Co

Zweiersdal  Oosterbeek
Opname uit 2016, met zicht op Villa Grada in het Zweiersdal.
Huize Zweiersdal, Weverstaat 60, Oosterbeek.

Gebouwd in 1875 volgens de BAG en een

 verkopende makelaar laat in 2019 weten dat het pand gebouwd is in 1873. En dat jaartal staat ook op de gevel.

Zweiersdal Oosterbeek
Weverstraat 60 Oosterbeek

C.H. Teeuwissen is in 1873 de eerste bewoner. (adresboek Oosterbeek) Hij was behanger, meubelmaker en verhuurde ook appartementen. In 1906 zien we A.Th. Bosman die er een pension begint. Het adres is dan Weverstraat E158, later C44, daarna Weverstraat 58 en sinds 1930 is het huidige nummer 60 in gebruik. In 1948 woont de weduwe Bosman er nog.
verdwenen wegen
Hessenwegen Een hessenweg werd gebruikt om in de Middeleeuwen met paard en wagen handel te vervoeren. De naam Hessenweg komt waarschijnlijk van de Hessen, zoals men toen de Duitse voerlieden noemde. Een Hessenweg is zeer breed. Men reed liever niet door de sporen en grote plassen die door andere karren gemaakt waren. In 1727 was er een klacht dat de ruimte die de hessenkarren in namen wel een kwartier gaans was en in de breedte alles overhoop reden. Hessenwegen meden de nederzettingen, want dat gaf beperkingen. In de omgeving van het kasteel Doorwerth is de hessenweg tussen Munster, Arnhem, Wolfheze, Barneveld en Utrecht nog te vinden. Neem op de Wolfhezerweg in Wolfheze ter hoogte van Hotel Wolfheze de oude Kloosterweg. Loop richting het westen en ga rechtdoor daar waar de verharde weg een bocht naar links maakt. Je gaat dan ten noorden van het Wolfhezer (Stratius) Rondeel over een historisch pad. Kijk met Google Earth naar dit pad. Koningswegen. De Koningswegen zijn aangelegd door Stadhouder Willem III in de 17de eeuw. Deze wegen hebben een vrijwel rechtlijnig verloop en mijden dorpen en nederzettingen. Over deze jachtwegen kon Willem III zich met zijn gevolg snel verplaatsen van het ene naar het andere jachtterrein. Vaak werden de wegen tegen de wil van de eigenaren aangelegd, reden waarom veel van deze wegen na de dood van Willem III weer verdwenen. Behouden bleef de Koningsweg tussen de Imbos (Rozendaal) en Papendal (sportcentrum). Tegenwoordig bekend als Schelmseweg (Arnhem). Bij Papendal was een aansluiting op de Koningsweg, tussen Doorwerth en Apeldoorn. Van Het kasteel over de Holleweg, waarschijnlijk de Kasteelweg (Doorwerth) naar Wolfheze, naar Papendal, over de Koningsweg, langs 's Kooningsjaght, naar Deelen en Het Loo in Apeldoorn. Willem III was bevriend met Jan van Arnhem, heer van kasteel Rosendael. En Willem III liet zich graag zien op Doorwerth. Voordat Paleis Het Loo gebouwd werd, had Willem III een oogje op Kasteel Doorwerth. De kasteelvrouwe Charlotte Amťlie de la TrťmouÔlle werkte echter niet mee.
Foutieve straatnamen Nederhoff,
Goldsteinpad
Willebrordweg. leuk om te googlen, komt alleen in Renkum voor.
informatie van anderen, gebruikte literatuur: websites, boeken

Historische links in de gemeente Renkum.
Gelders Erfgoed: Inspiratiebijeenkomst over landgoederen gemeente Renkum
Gelders Erfgoed: Gelders ArcadiŽ
GA = Gelders Archief
Delpher
De BAG
HisGis Gelderland
Het WOZ waardeloket
Renkumse landgoederen en buitenplaatsen, WUR 2012-2015 x
Waardestellend onderzoek Renkumse landgoederen 2015 x
Meer dan een groene Zoom. 2014
Visie landgoederen en buitenplaatsen - Gemeente Renkum 2013 x
Visie landgoederen en buitenplaatsen, Matices en kaarten, 2013 x
Renkumse buitenplaatsen in een nieuw perspectief, 2013
  The changing Estate Landscape of Renkum, 2012
Het Europese Erfgoed label WUR Tijs vd Brink 2012
Verborgen pracht, Verborgen Kracht, Gemeente Renkum 2011 x
Manifest Renkumse Landgoederen, 2011
Visie voor de Landgoederen, 2010,
Renkumse Buitenplaatsen in een nieuw perspectief, WUR
cultuur en erfgoed 2017-2020, Beleef het mee, Provincie Gelderland
buitenplaats in Nederland
Naamlijst van ingezetenen 1850 Oosterbeek
Wes Beekhuizen; Groen was mijn dorp; 1973.
Klaas Bouwer; De geschiedenis van bos en landschap van de Zuidwest-Veluwe; 2008
C. Burgsteyn en K. Heyers; Fotoboek van de dorpen Renkum en Heelsum, 1985
E.J. Demoed; Van een groene zoom aan een vaal kleed, 1953
H.C.J. Erkens (redactie); Zes dorpen in oorlog en verzet, 1984
Cor Janse. Blik, Omhoog 1987 - 1999
Patrick Jansen, Van heide tot lusthof. Landgoederen in het Renkums beekdal, 2012
P. Richter; Renkum en Heelsum in oude ansichten. 1975.
Hendrikus .H. van Roest, schreef in 1940 een boekje over bewoning van de Dorpsstraat. Hij woonde destijds zelf aan de Dorpstraat 114 met een smederij en haarden- en kachelhandel.
Ruud Schaafsma; De Renkumse en Heelsumse beekdalen, 2012.
Vereniging Gelre, meerdere uitgaven (Jaarboeken) vanaf 1898.
slechts een poging, verbeteringen en aanvullingen, graag naar m'n mailadres: